Code Code - Communicatie, ontwikkeling, dienstverlening en expertise http://www.code.thomasmore.be

Tijdens deze workshop gaan we dieper in op het uitvoeren van een verantwoorde differentiaaldiagnostiek bij meertalige jongeren: Zijn de lees- of spellingproblemen het gevolg van een leerstoornis of eerder te wijten aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands? We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige jongeren op een gefundeerde wijze kunnen onderzocht worden. We lichten de inzichten toe op basis van het totaalprofiel en illustreren dit aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige jongeren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/1http://www.code.thomasmore.be/kalender/1Tijdens deze workshop gaan we dieper in op het uitvoeren van een verantwoorde differentiaaldiagnostiek bij meertalige jongeren: Zijn de lees- of spellingproblemen het gevolg van een leerstoornis of eerder te wijten aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands? We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige jongeren op een gefundeerde wijze kunnen onderzocht worden. We lichten de inzichten toe op basis van het totaalprofiel en illustreren dit aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

]]>

Studeren met dyslexie in het hoger onderwijs is voor jongvolwassenen geen evidentie. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie is en wat dit voor jongvolwassenen in het hoger onderwijs betekent. Uit onderzoek blijkt immers dat deze inzichten de jongeren helpen om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, docenten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Vanuit enerzijds wetenschappelijke inzichten en anderzijds de uitwisseling van ervaring van de deelnemers, geven we aanknopingspunten mee voor ondersteuning thuis en op school. We zullen onder meer het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen bespreken. Daarnaast zullen we stilstaan bij de nodige onderwijs- en examenfaciliteiten. We gaan tevens in op hoe de jongere zelf met de ervaren moeilijkheden kan omgaan. Deze vorming richt zich zowel op jongvolwassenen met dyslexie en hun ouders als naar docenten die met hen in contact komen.

<![CDATA[Ondersteuning van jongvolwassenen met dyslexie (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/2http://www.code.thomasmore.be/kalender/2Studeren met dyslexie in het hoger onderwijs is voor jongvolwassenen geen evidentie. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie is en wat dit voor jongvolwassenen in het hoger onderwijs betekent. Uit onderzoek blijkt immers dat deze inzichten de jongeren helpen om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, docenten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Vanuit enerzijds wetenschappelijke inzichten en anderzijds de uitwisseling van ervaring van de deelnemers, geven we aanknopingspunten mee voor ondersteuning thuis en op school. We zullen onder meer het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen bespreken. Daarnaast zullen we stilstaan bij de nodige onderwijs- en examenfaciliteiten. We gaan tevens in op hoe de jongere zelf met de ervaren moeilijkheden kan omgaan. Deze vorming richt zich zowel op jongvolwassenen met dyslexie en hun ouders als naar docenten die met hen in contact komen.

]]>

'In deze vorming staan we stil bij het proces van tweedetaalverwerving. We bekijken de mogelijkheden tot taalstimulering in meertalige of anderstalige gezinnen. Daarbij hebben we aandacht voor elke taal binnen het gezin. Voor niet-geletterde ouders worden mogelijke alternatieven aangereikt om de talen toch voldoende te kunnen stimuleren. Doelstelling van de vorming is praktische tips mee te geven aan ouders om hen te ondersteunen in de begeleiding van meertalige kinderen. '

<![CDATA[Taalstimulering bij meertalige kinderen - ouders]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/3http://www.code.thomasmore.be/kalender/3'In deze vorming staan we stil bij het proces van tweedetaalverwerving. We bekijken de mogelijkheden tot taalstimulering in meertalige of anderstalige gezinnen. Daarbij hebben we aandacht voor elke taal binnen het gezin. Voor niet-geletterde ouders worden mogelijke alternatieven aangereikt om de talen toch voldoende te kunnen stimuleren. Doelstelling van de vorming is praktische tips mee te geven aan ouders om hen te ondersteunen in de begeleiding van meertalige kinderen. '

]]>

'In deze vorming staan we stil bij het proces van tweedetaalverwerving. We maken een onderscheid tussen simultane en successieve meertalige opvoeding. Daarna bekijken we de mogelijkheden tot taalstimulering in meertalige of anderstalige gezinnen. Daarbij is er de nodige aandacht voor elke taal binnen het gezin. Voor niet-geletterde ouders worden mogelijke alternatieven aangereikt om de talen toch voldoende te kunnen stimuleren. Doelstelling van de vorming is praktische tips mee te geven aan ouders en hulpverleners om hen te ondersteunen in de begeleiding van meertalige kinderen. '

<![CDATA[Taalstimulering bij meertalige kinderen - hulpverleners]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/4http://www.code.thomasmore.be/kalender/4'In deze vorming staan we stil bij het proces van tweedetaalverwerving. We maken een onderscheid tussen simultane en successieve meertalige opvoeding. Daarna bekijken we de mogelijkheden tot taalstimulering in meertalige of anderstalige gezinnen. Daarbij is er de nodige aandacht voor elke taal binnen het gezin. Voor niet-geletterde ouders worden mogelijke alternatieven aangereikt om de talen toch voldoende te kunnen stimuleren. Doelstelling van de vorming is praktische tips mee te geven aan ouders en hulpverleners om hen te ondersteunen in de begeleiding van meertalige kinderen. '

]]>

Taalontwikkelend lesgeven is aandacht besteden aan taalcompetenties binnen vakken/opleidingsonderdelen zonder aan niveauverlaging te doen. Opdat leerlingen/studenten ondersteund zouden worden in hun (vak)taalverwerving wordt er daarom in het eerste deel van deze vorming gepleit voor een integratie van vakinhoud en schooltaalvaardigheid. Vanuit deze taak- en taalgerichte context maken we in het tweede deel van de vorming de koppeling naar taal anders evalueren. Taalevaluatie kan immers met behulp van authentieke, realistische taaltaken doorheen het schooljaar/academiejaar gebeuren en daarbij deel uitmaken van het onderwijs en aangepast worden aan de leerlingen/studenten.

<![CDATA[Taalontwikkelend lesgeven en taal anders evalueren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/5http://www.code.thomasmore.be/kalender/5Taalontwikkelend lesgeven is aandacht besteden aan taalcompetenties binnen vakken/opleidingsonderdelen zonder aan niveauverlaging te doen. Opdat leerlingen/studenten ondersteund zouden worden in hun (vak)taalverwerving wordt er daarom in het eerste deel van deze vorming gepleit voor een integratie van vakinhoud en schooltaalvaardigheid. Vanuit deze taak- en taalgerichte context maken we in het tweede deel van de vorming de koppeling naar taal anders evalueren. Taalevaluatie kan immers met behulp van authentieke, realistische taaltaken doorheen het schooljaar/academiejaar gebeuren en daarbij deel uitmaken van het onderwijs en aangepast worden aan de leerlingen/studenten.

]]>

In deze vorming ligt de focus op het omgaan met dyscalculie op school en in de klas. In een eerste deel komt een algemeen kader aan bod met betrekking tot rekenvaardigheden in het algemeen en dyscalculie in het bijzonder. Er wordt tevens stilgestaan bij de specifieke kenmerken van dyscalculie bij jongvolwassenen. In een tweede deel gaan we dieper in op specifieke aandachtspunten op school en in de klas, zowel op het vlak van instructie als op het vlak van evaluatie. Het belang daarvan wordt geïllustreerd aan de hand van een casus.

<![CDATA[Omgaan met dyscalculie in het secundair onderwijs: Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/6http://www.code.thomasmore.be/kalender/6In deze vorming ligt de focus op het omgaan met dyscalculie op school en in de klas. In een eerste deel komt een algemeen kader aan bod met betrekking tot rekenvaardigheden in het algemeen en dyscalculie in het bijzonder. Er wordt tevens stilgestaan bij de specifieke kenmerken van dyscalculie bij jongvolwassenen. In een tweede deel gaan we dieper in op specifieke aandachtspunten op school en in de klas, zowel op het vlak van instructie als op het vlak van evaluatie. Het belang daarvan wordt geïllustreerd aan de hand van een casus.

]]>
In de begeleiding van kinderen met dyslexie botsen we als ouder of als leerkracht vaak op tekorten. Deze vorming gaat in op wat dyslexie is en wat de diagnose betekent voor het kind en de omgeving. We willen steun bieden door ervaringen te delen en mogelijke knelpunten te bespreken. Van daaruit en op basis van wetenschappelijke inzichten formuleren we specifieke adviezen voor de begeleiding van een kind met dyslexie. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten. Daarnaast bespreken we onderwerpen als onderwijsfaciliteiten en studiekeuze. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht. <![CDATA[Ondersteuning van kinderen met dyslexie (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/7http://www.code.thomasmore.be/kalender/7In deze vorming bespreken we de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een algemeen kader en de bespreking van de verschillende fasen binnen de diagnostiek gaan we actief aan de slag. Dit doen we aan de hand van verschillende casussen. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose dyscalculie al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en testresultaten. Op basis van een sterkte-zwakte analyse maken we de link met adviezen voor het kind en zijn omgeving.<![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie bij kinderen van het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/8http://www.code.thomasmore.be/kalender/8

In deze vorming over taalbeleid ligt de focus op taal als communicatiemiddel op school/in de hogeschool/universiteit en als leermiddel bij alle vakken. We vertrekken vanuit het belang van een gemeenschappelijke taalvisie die gedragen wordt door een volledig team. Aan de hand van een theoretisch kader bekijken we de optimalisatiemogelijkheden van het onderwijsleerklimaat voor alle betrokkenen. Met behulp van instrumenten voor een analyse van de beginsituatie ten slotte, gaan we concreet inzoomen op de onderwijscontext, zodat we zicht krijgen op hoe we de integratie tussen school/hogeschool en omgeving kunnen verbeteren en taal nooit een struikelblok is.

<![CDATA[Taalbeleid ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/9http://www.code.thomasmore.be/kalender/9In deze vorming over taalbeleid ligt de focus op taal als communicatiemiddel op school/in de hogeschool/universiteit en als leermiddel bij alle vakken. We vertrekken vanuit het belang van een gemeenschappelijke taalvisie die gedragen wordt door een volledig team. Aan de hand van een theoretisch kader bekijken we de optimalisatiemogelijkheden van het onderwijsleerklimaat voor alle betrokkenen. Met behulp van instrumenten voor een analyse van de beginsituatie ten slotte, gaan we concreet inzoomen op de onderwijscontext, zodat we zicht krijgen op hoe we de integratie tussen school/hogeschool en omgeving kunnen verbeteren en taal nooit een struikelblok is.

]]>
In deze vorming bespreken we de diagnostische cyclus bij jongeren met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een algemeen kader en de bespreking van de verschillende fasen binnen de diagnostiek gaan we actief aan de slag. Dit doen we aan de hand van verschillende casussen. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van de jongere en de hulpvraag. Vervolgens bekijken we in welke situaties de diagnose ‘dyscalculie’ al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en testresultaten. Op basis van een sterkte-zwakte analyse maken we de link met adviezen voor de jongere en zijn omgeving.<![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie bij jongeren van het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/10http://www.code.thomasmore.be/kalender/10

In de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie botsen we als hulpverlener en als leerkracht vaak op (bijkomende) lees- en spellingmoeilijkheden in vreemde talen. In deze vorming leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt. Tot slot gaan we ook in op de mogelijkheden tot begeleiding. Er worden enkele digitale hulpmiddelen aangereikt, alsook methodes om de vreemde taalverwerving voor dyslectische leerlingen gestructureerder te laten verlopen.

<![CDATA[Dyslexie en vreemde talen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/12http://www.code.thomasmore.be/kalender/12In de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie botsen we als hulpverlener en als leerkracht vaak op (bijkomende) lees- en spellingmoeilijkheden in vreemde talen. In deze vorming leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt. Tot slot gaan we ook in op de mogelijkheden tot begeleiding. Er worden enkele digitale hulpmiddelen aangereikt, alsook methodes om de vreemde taalverwerving voor dyslectische leerlingen gestructureerder te laten verlopen.

]]>

Heel wat jongvolwassenen met dyslexie ervaren specifieke problemen gedurende hun studies en hebben bijgevolg nood aan specifieke ondersteuning. Het huidige onderzoek wil werkzame en niet-werkzame aspecten van ondersteuning en interventie in kaart brengen door middel van semi-gestructureerde interviews met de jongvolwassene zelf, met zijn ouder(s), studiebegeleider en hulpverlener. Ondersteuning op maat blijkt een belangrijke nood te zijn, naast de beschikbaarheid van correcte informatie als noodzakelijke voorwaarde voor begrip op school. Bovendien blijkt dat het gebruik van software vaak verhinderd wordt door een aantal barrières. In deze presentatie worden alle resultaten uiteengezet en staan we ook stil bij de implicaties voor de praktijk.

<![CDATA[Ondersteuning van jongvolwassenen met dyslexie: Werkzame en niet-werkzame aspecten van interventie en ondersteuning volgens jongvolwassenen met dyslexie, ouders, hulpverleners en studiebegeleiders.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/15http://www.code.thomasmore.be/kalender/15Heel wat jongvolwassenen met dyslexie ervaren specifieke problemen gedurende hun studies en hebben bijgevolg nood aan specifieke ondersteuning. Het huidige onderzoek wil werkzame en niet-werkzame aspecten van ondersteuning en interventie in kaart brengen door middel van semi-gestructureerde interviews met de jongvolwassene zelf, met zijn ouder(s), studiebegeleider en hulpverlener. Ondersteuning op maat blijkt een belangrijke nood te zijn, naast de beschikbaarheid van correcte informatie als noodzakelijke voorwaarde voor begrip op school. Bovendien blijkt dat het gebruik van software vaak verhinderd wordt door een aantal barrières. In deze presentatie worden alle resultaten uiteengezet en staan we ook stil bij de implicaties voor de praktijk.

]]>
Tijdens deze workshop gaan we dieper in op het uitvoeren van een verantwoorde differentiaaldiagnostiek bij meertalige kinderen: Zijn de lees- of spellingproblemen het gevolg van een leerstoornis of eerder te wijten aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands? We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een gefundeerde wijze kunnen onderzocht worden. We lichten de inzichten toe op basis van het totaalprofiel en illustreren dit aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden. <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/16http://www.code.thomasmore.be/kalender/16

'Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakte profiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen. '

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij jongeren van het secundair en hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/18http://www.code.thomasmore.be/kalender/18'Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakte profiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen. '

]]>

Dyscalculie is een leerstoornis die minder bekend is dan dyslexie. In deze vorming gaan we dieper in op wat dyscalculie is en wat dit betekent voor een kind uit het lager onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten en het uitwisselen van ervaringen van de deelnemers, bespreken we verschillende adviezen voor ouders en leerkrachten. Enerzijds staan we stil bij de rol van de ouders, o.a. door handvatten aan te reiken om over de problematiek met kinderen te praten. Anderzijds staan we stil bij het omgaan met kinderen met dyslexie in een schoolse context. Hierbij komen onder andere het inzetten van stimulerende, compenserende en dispenserende maatregelen aan bod.

<![CDATA[Ondersteuning van kinderen met dyscalculie (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/23http://www.code.thomasmore.be/kalender/23Dyscalculie is een leerstoornis die minder bekend is dan dyslexie. In deze vorming gaan we dieper in op wat dyscalculie is en wat dit betekent voor een kind uit het lager onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten en het uitwisselen van ervaringen van de deelnemers, bespreken we verschillende adviezen voor ouders en leerkrachten. Enerzijds staan we stil bij de rol van de ouders, o.a. door handvatten aan te reiken om over de problematiek met kinderen te praten. Anderzijds staan we stil bij het omgaan met kinderen met dyslexie in een schoolse context. Hierbij komen onder andere het inzetten van stimulerende, compenserende en dispenserende maatregelen aan bod.

]]>

Deze vorming spitst zich toe op de begeleiding en ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs. We staan kort stil bij het beleid op het niveau van de school. Hiernaast wordt voornamelijk ingegaan op praktische richtlijnen voor leerkrachten en studiebegeleiders. We hebben o.a. aandacht voor volgende onderwerpen: Welke onderwijs- en examenfaciliteiten kunnen toegekend worden aan jongeren met dyslexie? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden? Is compensatie/dispensatie in elke situatie zinvol? Daarnaast wordt het gebruik van compenserende software (zoals voorleessoftware) gedemonstreerd. Ook de rol van de (vak)leerkracht en tips voor lessen, cursussen en presentaties worden uitgebreid bediscussieerd en besproken.

<![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van leerlingen met dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/27http://www.code.thomasmore.be/kalender/27Deze vorming spitst zich toe op de begeleiding en ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs. We staan kort stil bij het beleid op het niveau van de school. Hiernaast wordt voornamelijk ingegaan op praktische richtlijnen voor leerkrachten en studiebegeleiders. We hebben o.a. aandacht voor volgende onderwerpen: Welke onderwijs- en examenfaciliteiten kunnen toegekend worden aan jongeren met dyslexie? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden? Is compensatie/dispensatie in elke situatie zinvol? Daarnaast wordt het gebruik van compenserende software (zoals voorleessoftware) gedemonstreerd. Ook de rol van de (vak)leerkracht en tips voor lessen, cursussen en presentaties worden uitgebreid bediscussieerd en besproken.

]]>

In deze vorming gaan we in op wat dyscalculie is en wat dit betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Deze informatie blijkt essentieel te zijn om inzicht te krijgen in de problematiek en hiermee om te gaan. Vanuit wetenschappelijke inzichten en het uitwisselen van ervaringen van deelnemers, bekijken we hoe we als ouder en als leerkracht deze jongeren kunnen ondersteunen. We geven enerzijds adviezen omtrent onderwijs- en examenfaciliteiten die in het onderwijs kunnen worden ingezet. Anderzijds bespreken we hoe de jongere zelf kan omgaan met deze moeilijkheden en wat de rol van de ouders hierbij kan zijn.

<![CDATA[Ondersteuning van jongeren met dyscalculie (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/28http://www.code.thomasmore.be/kalender/28In deze vorming gaan we in op wat dyscalculie is en wat dit betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Deze informatie blijkt essentieel te zijn om inzicht te krijgen in de problematiek en hiermee om te gaan. Vanuit wetenschappelijke inzichten en het uitwisselen van ervaringen van deelnemers, bekijken we hoe we als ouder en als leerkracht deze jongeren kunnen ondersteunen. We geven enerzijds adviezen omtrent onderwijs- en examenfaciliteiten die in het onderwijs kunnen worden ingezet. Anderzijds bespreken we hoe de jongere zelf kan omgaan met deze moeilijkheden en wat de rol van de ouders hierbij kan zijn.

]]>

'Intelligentie wordt vaak gemeten aan de hand van intelligentietests waarbij taal een centrale rol speelt. Voor de doelgroep van meertaligen kunnen we hierdoor een vertekend beeld krijgen van het vaardigheidsprofiel. Met het oog op een onderbouwde sterkte-zwakte analyse in de diagnostiek van leerstoornissen bij meertaligen is het essentieel om verschillende aspecten van het cognitieve vaardigheidsprofiel in kaart te brengen naast de logopedische testing. Op basis van het Catell-Horn-Carrol (CHC)-model, een multidisciplinaire benadering van de cognitieve vaardigheden, plaatsen we intelligentie in een ruimer perspectief. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de principes van het CHC-model, waarbij we de verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden toelichten. Vervolgens worden de sterktes en zwaktes, verkregen vanuit het CHC-model, gekoppeld aan adviezen-op-maat voor meertaligen met een leerstoornis.'

<![CDATA[Cognitief vaardigheidsprofiel anders bekeken - de implementatie van het CHC-model binnen de diagnostiek van leerstoornissen bij meertaligen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/29http://www.code.thomasmore.be/kalender/29'Intelligentie wordt vaak gemeten aan de hand van intelligentietests waarbij taal een centrale rol speelt. Voor de doelgroep van meertaligen kunnen we hierdoor een vertekend beeld krijgen van het vaardigheidsprofiel. Met het oog op een onderbouwde sterkte-zwakte analyse in de diagnostiek van leerstoornissen bij meertaligen is het essentieel om verschillende aspecten van het cognitieve vaardigheidsprofiel in kaart te brengen naast de logopedische testing. Op basis van het Catell-Horn-Carrol (CHC)-model, een multidisciplinaire benadering van de cognitieve vaardigheden, plaatsen we intelligentie in een ruimer perspectief. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de principes van het CHC-model, waarbij we de verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden toelichten. Vervolgens worden de sterktes en zwaktes, verkregen vanuit het CHC-model, gekoppeld aan adviezen-op-maat voor meertaligen met een leerstoornis.'

]]>

Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongere voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis, zijn implicaties en mogelijkheden tot compensatie. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, docenten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten, waarbij onder andere onderwijs- en examenfaciliteiten en studiekeuze worden besproken. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

<![CDATA[Ondersteuning van jongeren met dyslexie (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/30http://www.code.thomasmore.be/kalender/30Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongere voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis, zijn implicaties en mogelijkheden tot compensatie. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, docenten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten, waarbij onder andere onderwijs- en examenfaciliteiten en studiekeuze worden besproken. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 1 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/32http://www.code.thomasmore.be/kalender/32TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 2 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/33http://www.code.thomasmore.be/kalender/33TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een korte bespreking van de verschillende fasen binnen de handelingsgerichte diagnostiek gaan we actief aan de slag aan de hand van een casus. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij kinderen van het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/35http://www.code.thomasmore.be/kalender/35In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een korte bespreking van de verschillende fasen binnen de handelingsgerichte diagnostiek gaan we actief aan de slag aan de hand van een casus. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 3 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/36http://www.code.thomasmore.be/kalender/36TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

In deze workshop vertrekken we vanuit de principes van een handelingsgerichte diagnostiek. We doorlopen alle fasen en illustreren aan de hand van een casus. In een interactieve werkvorm stellen we samen een sterkte-zwakteprofiel op. We duiden hierbij op mogelijke verbanden tussen de behaalde testresultaten en wijzen op valkuilen bij het interpreteren van de gegevens. Op basis van het opgestelde profiel formuleren we in overleg adviezen op maat van de cliënt.

<![CDATA[Werken vanuit een totaalprofiel in de handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie: een praktische leidraad voor hulpverleners]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/38http://www.code.thomasmore.be/kalender/38In deze workshop vertrekken we vanuit de principes van een handelingsgerichte diagnostiek. We doorlopen alle fasen en illustreren aan de hand van een casus. In een interactieve werkvorm stellen we samen een sterkte-zwakteprofiel op. We duiden hierbij op mogelijke verbanden tussen de behaalde testresultaten en wijzen op valkuilen bij het interpreteren van de gegevens. Op basis van het opgestelde profiel formuleren we in overleg adviezen op maat van de cliënt.

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 4 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/39http://www.code.thomasmore.be/kalender/39TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 5 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/42http://www.code.thomasmore.be/kalender/42TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

De ondersteuning van kinderen met dyslexie situeert zich zowel op individueel niveau als op klasniveau. In deze vorming richten we ons voornamelijk op de ondersteuning en begeleiding in klasverband. Welke instructiebehoefte heeft een kind met dyslexie? Welke didactische materialen kunnen gehanteerd worden tijdens de lessen? Welke STICORDI-maatregelen kunnen toegekend worden aan kinderen met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden en is dit in elke situatie zinvol? We geven hierbij een aantal aandachtspunten waarmee de deelnemers aan de slag kunnen bij overleg op school. Naast de ondersteuning in klasverband, halen we kort aan hoe een kwaliteitsvolle remediërende behandeling eruit ziet. Daarnaast wordt ook het gebruik van compenserende software (zoals voorleessoftware) gedemonstreerd.

<![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van leerlingen met dyslexie in het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/43http://www.code.thomasmore.be/kalender/43De ondersteuning van kinderen met dyslexie situeert zich zowel op individueel niveau als op klasniveau. In deze vorming richten we ons voornamelijk op de ondersteuning en begeleiding in klasverband. Welke instructiebehoefte heeft een kind met dyslexie? Welke didactische materialen kunnen gehanteerd worden tijdens de lessen? Welke STICORDI-maatregelen kunnen toegekend worden aan kinderen met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden en is dit in elke situatie zinvol? We geven hierbij een aantal aandachtspunten waarmee de deelnemers aan de slag kunnen bij overleg op school. Naast de ondersteuning in klasverband, halen we kort aan hoe een kwaliteitsvolle remediërende behandeling eruit ziet. Daarnaast wordt ook het gebruik van compenserende software (zoals voorleessoftware) gedemonstreerd.

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 6 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/46http://www.code.thomasmore.be/kalender/46TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

We leven in een multiculturele samenleving wat inhoudt dat niet iedereen onze taal spreekt. Dit kan de communicatie op cruciale momenten bemoeilijken, zo ook in de hulpverlening. Sociaal tolken kunnen de brug slaan tussen de taal van de cliënt en de taal van de hulpverlener. In deze vorming bespreken we de voordelen van de samenwerking met een tolk in het diagnostisch proces. We staan eveneens stil bij de knelpunten die kunnen optreden. Specifieke aandacht gaat uit naar de mogelijke rol van de tolk binnen het diagnostisch onderzoek.

<![CDATA[Werken met sociaal tolken binnen de diagnostiek van taal- en leerstoornissen bij meertaligen: pro's en contra's]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/48http://www.code.thomasmore.be/kalender/48We leven in een multiculturele samenleving wat inhoudt dat niet iedereen onze taal spreekt. Dit kan de communicatie op cruciale momenten bemoeilijken, zo ook in de hulpverlening. Sociaal tolken kunnen de brug slaan tussen de taal van de cliënt en de taal van de hulpverlener. In deze vorming bespreken we de voordelen van de samenwerking met een tolk in het diagnostisch proces. We staan eveneens stil bij de knelpunten die kunnen optreden. Specifieke aandacht gaat uit naar de mogelijke rol van de tolk binnen het diagnostisch onderzoek.

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 7 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/49http://www.code.thomasmore.be/kalender/49TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 8 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/53http://www.code.thomasmore.be/kalender/53TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

<![CDATA[TypTien les 9 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/55http://www.code.thomasmore.be/kalender/55TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

]]>

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

<![CDATA[TypTien les 10 (kinderen)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/56http://www.code.thomasmore.be/kalender/56TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien bestaat uit 10 lessen. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 18/01/2012 (TypTien: schrijf hier in voor les 1 tot 10)

 

]]>
In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen hier aan bod.<![CDATA[Workshop 1 voor studenten van het secundair Onderwijs met dyslexie: Psycho-educatie dyslexie (wat is dyslexie en wat betekent dat voor mij?)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/57http://www.code.thomasmore.be/kalender/57Deze workshop behandelt het maken van een korte- en lange termijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken. Je krijgt ook tips om de lessen beter voorbereid te volgen.<![CDATA[Workshop 2 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie: Timemanagement en het volgen van lessen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/58http://www.code.thomasmore.be/kalender/58In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken. <![CDATA[Workshop 3 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie: Lezen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/59http://www.code.thomasmore.be/kalender/59In deze workshop leer je op welke manier je leerstof kan verwerken en instuderen. Ook hier komt het gebruik van digitale hulpmiddelen uitgebreid aan bod. Je krijgt hiervoor een laptop ter beschikking. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook de workshop m.b.t. lezen hebt gevolgd.<![CDATA[Workshop 4 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie: Studerend lezen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/60http://www.code.thomasmore.be/kalender/60In deze workshop kan je alle mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook technieken om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier rkijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen<![CDATA[Workshop 5 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie: Schrijven]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/61http://www.code.thomasmore.be/kalender/61In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen hier aan bod.<![CDATA[Workshop 1 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Psycho-educatie dyslexie (wat is dyslexie en wat betekent dat voor mij?)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/62http://www.code.thomasmore.be/kalender/62Deze workshop behandelt het maken van een korte- en lange termijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken. Je krijgt ook tips om de lessen beter voorbereid te volgen.<![CDATA[Workshop 2 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Timemanagement en het volgen van lessen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/63http://www.code.thomasmore.be/kalender/63In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken. <![CDATA[Workshop 3 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie:Lezen en begrijpen van leerstof]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/64http://www.code.thomasmore.be/kalender/64In deze workshop leer je op welke manier je leerstof kan verwerken en instuderen. Ook hier komt het gebruik van digitale hulpmiddelen uitgebreid aan bod. Je krijgt hiervoor een laptop ter beschikking. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook de workshop m.b.t. lezen hebt gevolgd.<![CDATA[Workshop 4 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Studeren van leerstof]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/65http://www.code.thomasmore.be/kalender/65In deze workshop kan je alle mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook technieken om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier krijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen<![CDATA[Workshop 5 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Schrijven]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/66http://www.code.thomasmore.be/kalender/66

Dag 1 van het tweedaags ADHD symposium. Hier belichten we de wetenschappelijke verantwoorde diagnostiek van ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief aan de hand van zowel theoretisch opgevatte, plenaire presentaties als meer praktijkgerichte state-of-the-art, parallelle sessies over kinderen, adolescenten en volwassenen. Hiertoe zijn er bijdragen van prof. dr. Jan Buitelaar (Radboud Universiteit Nijmegen), prof. dr. Marina Danckaerts (UPC Gasthuisberg, K.U.Leuven), dr. Jurgen Lemiere (UPC Gasthuisberg, K.U.Leuven), dr. Inge Antrop (Universitair Ziekenhuis Gent) en Code-medewerkers zoals dr. Steven Stes en dr. Kristien Felix.

De deelnameprijs bedraagt 90 euro voor 1 dag en 165 euro voor beide dagen. Accreditering voor artsen is aanvaard.

Wenst u meer informatie over dit symposium? Klik dan hier om naar de algemene symposiumwebsite te gaan.
Wenst u meteen in te schrijven? Inschrijvingen voor dit evenement zijn afgesloten.

<![CDATA[Tweedaags ADHD symposium]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/67http://www.code.thomasmore.be/kalender/67Dag 1 van het tweedaags ADHD symposium. Hier belichten we de wetenschappelijke verantwoorde diagnostiek van ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief aan de hand van zowel theoretisch opgevatte, plenaire presentaties als meer praktijkgerichte state-of-the-art, parallelle sessies over kinderen, adolescenten en volwassenen. Hiertoe zijn er bijdragen van prof. dr. Jan Buitelaar (Radboud Universiteit Nijmegen), prof. dr. Marina Danckaerts (UPC Gasthuisberg, K.U.Leuven), dr. Jurgen Lemiere (UPC Gasthuisberg, K.U.Leuven), dr. Inge Antrop (Universitair Ziekenhuis Gent) en Code-medewerkers zoals dr. Steven Stes en dr. Kristien Felix.

De deelnameprijs bedraagt 90 euro voor 1 dag en 165 euro voor beide dagen. Accreditering voor artsen is aanvaard.

Wenst u meer informatie over dit symposium? Klik dan hier om naar de algemene symposiumwebsite te gaan.
Wenst u meteen in te schrijven? Inschrijvingen voor dit evenement zijn afgesloten.

]]>

Dag 2 van het tweedaags ADHD symposium, Hier focussen we op de diagnostiek, behandeling en reïntegratie van volwassenen met ADHD. In een reeks plenaire presentaties ligt de nadruk hier primair op de effectiviteit van het zorgaanbod voor ADHD in de volwassenheid. Hiertoe zijn er bijdragen van o.a. dr. Sandra Kooij (PsyQ), prof. dr. Dirk De Wachter (UPC Kortenberg, K.U.Leuven), prof. dr. Saskia van der Oord (K.U.Leuven) en Code-medewerkers zoals dr. Dieter Baeyens en dr. Steven Stes.

De deelnameprijs bedraagt 90 euro voor 1 dag en 165 euro voor beide dagen. Accreditering voor artsen is aanvaard.

Wenst u meer informatie over dit symposium? Klik dan hier om naar de algemene symposiumwebsite te gaan.
Wenst u meteen in te schrijven? Inschrijvingen voor dit evenement zijn afgesloten.

<![CDATA[Tweedaags ADHD symposium]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/68http://www.code.thomasmore.be/kalender/68Dag 2 van het tweedaags ADHD symposium, Hier focussen we op de diagnostiek, behandeling en reïntegratie van volwassenen met ADHD. In een reeks plenaire presentaties ligt de nadruk hier primair op de effectiviteit van het zorgaanbod voor ADHD in de volwassenheid. Hiertoe zijn er bijdragen van o.a. dr. Sandra Kooij (PsyQ), prof. dr. Dirk De Wachter (UPC Kortenberg, K.U.Leuven), prof. dr. Saskia van der Oord (K.U.Leuven) en Code-medewerkers zoals dr. Dieter Baeyens en dr. Steven Stes.

De deelnameprijs bedraagt 90 euro voor 1 dag en 165 euro voor beide dagen. Accreditering voor artsen is aanvaard.

Wenst u meer informatie over dit symposium? Klik dan hier om naar de algemene symposiumwebsite te gaan.
Wenst u meteen in te schrijven? Inschrijvingen voor dit evenement zijn afgesloten.

]]>

Tijdens deze lezing krijg je meer inzicht in de kenmerken en de symptomen van ADHD. Je krijgt een ruim aanbod aan faciliteiten en compenserende maatregelen aangereikt die je in de de klas kunt hanteren. Hierbij krijg je meer toelichting over zowel kinderen als adolescenten, vermits de stoornis in beide leeftijdscategorieën vaak een andere uitingsvorm heeft. Bijgevolg leer je voor elke leeftijdscategorie een andere aanpak formuleren.

<![CDATA[ADHD in het onderwijs : faciliteiten en compenserende maatregelen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/69http://www.code.thomasmore.be/kalender/69Tijdens deze lezing krijg je meer inzicht in de kenmerken en de symptomen van ADHD. Je krijgt een ruim aanbod aan faciliteiten en compenserende maatregelen aangereikt die je in de de klas kunt hanteren. Hierbij krijg je meer toelichting over zowel kinderen als adolescenten, vermits de stoornis in beide leeftijdscategorieën vaak een andere uitingsvorm heeft. Bijgevolg leer je voor elke leeftijdscategorie een andere aanpak formuleren.

]]>

Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. Tijdens deze studiedag focussen we daarom exclusief op diagnostiek van ADHD in de kindertijd met expliciete aandacht voor de leeftijdsspecifieke verschijningsvorm van de stoornis en de frequent voorkomende comorbide stoornissen. Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD in deze leeftijdsfase garanderen. In het eerste, korte deel overlopen we de meest recente inzichten uit wetenschappelijk onderzoek op vlak van symptoomkenmerken, beperkingen en comorbiditeiten. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek en differentiaaldiagnostiek van ADHD.

<![CDATA[Diagnostiek van ADHD in de kindertijd: richtlijnen, instrumenten en tips voor een wetenschappelijk verantwoorde (differentiaal)diagnostiek.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/70http://www.code.thomasmore.be/kalender/70Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. Tijdens deze studiedag focussen we daarom exclusief op diagnostiek van ADHD in de kindertijd met expliciete aandacht voor de leeftijdsspecifieke verschijningsvorm van de stoornis en de frequent voorkomende comorbide stoornissen. Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD in deze leeftijdsfase garanderen. In het eerste, korte deel overlopen we de meest recente inzichten uit wetenschappelijk onderzoek op vlak van symptoomkenmerken, beperkingen en comorbiditeiten. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek en differentiaaldiagnostiek van ADHD.

]]>

Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. Tijdens deze studiedag focussen we daarom exclusief op diagnostiek van ADHD in de volwassenheid met explciete aandacht voor de leeftijdsspecifieke verschijningsvorm van de stoornis en de frequent voorkomende comorbide stoornissen. Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD in deze leeftijdsfase garanderen. In het eerste, korte deel overlopen we de meest recente inzichten uit wetenschappelijk onderzoek op vlak van symptoomevolutie, beperkingen en comorbiditeiten. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek en differentiaaldiagnostiek van ADHD.

<![CDATA[Diagnostiek van ADHD in de volwassenheid: richtlijnen, instrumenten en tips voor een wetenschappelijk verantwoorde (differentiaal)diagnostiek.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/71http://www.code.thomasmore.be/kalender/71Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. Tijdens deze studiedag focussen we daarom exclusief op diagnostiek van ADHD in de volwassenheid met explciete aandacht voor de leeftijdsspecifieke verschijningsvorm van de stoornis en de frequent voorkomende comorbide stoornissen. Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD in deze leeftijdsfase garanderen. In het eerste, korte deel overlopen we de meest recente inzichten uit wetenschappelijk onderzoek op vlak van symptoomevolutie, beperkingen en comorbiditeiten. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek en differentiaaldiagnostiek van ADHD.

]]>
In deze presentatie schetsen we de meerwaarde voor een diagnostische aanpak die uitgaat van een totaalprofiel. Daarbij is een casus het startpunt. Vertrekkende vanuit de hulpvraag wordt de diagnostische cyclus doorlopen waarbij de principes van de handelingsgerichte diagnostiek worden toegepast. Gezien het onderzoek steeds gericht is op een bruikbaar en individueel aangepast advies, is een sterkte-zwakteanalyse hierbij onontbeerlijk. Bij dit aspect zullen we dan ook uitgebreid stilstaan. Aan de hand van de klachtenanalyse en onderzoeksresultaten stellen we een individueel totaalprofiel op en bekijken we welke adviezen er op maat van het kind/de jongvolwassene kunnen geformuleerd worden. We sluiten de presentatie af met enkele concrete richtlijnen in dit verband.<![CDATA[De meerwaarde van een totaalprofiel in de handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie bij kinderen en/of jongvolwassenen.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/76http://www.code.thomasmore.be/kalender/76In deze sessie wordt het normale rekenproces besproken, met aandacht voor de rekenvoorwaarden en het aanvankelijk rekenen. Vervolgens krijgen de deelnemers een theoretisch kader over dyscalculie aangereikt. Dyscalculie is een leerstoornis die veel minder bekend is dan dyslexie. Toch komt dyscalculie vaak voor. Er wordt ingegaan op de risicosignalen voor dyscalculie op kleuterleeftijd, de kenmerken van dyscalculie in de lagere school en in het secundair onderwijs. We bespreken de gangbare criteria om de diagnose dyscalculie te stellen. Ook de huidige discussie omtrent de subtypering van dyscalculie komt hierbij aan bod. We geven eveneens een overzicht van de verschillende verklaringsmodellen van dyscalculie. <![CDATA[Algemeen kader van dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/77http://www.code.thomasmore.be/kalender/77Tijdens deze sessie wordt de diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en de daaruit voortvloeiende advisering besproken. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Afhankelijk van de leeftijd van het kind zijn er heel wat testinstrumenten om rekenmoeilijkheden zowel op een kwantitatieve als een kwalitatieve manier in kaart te brengen. Aan de hand van een casus wordt het diagnostisch proces geïllustreerd. Op basis van intakegegevens selecteren we de geschikte testinstrumenten, aangepast aan leeftijd en hulpvraag. Na enkele overwegingen bij diagnosestelling worden a.d.h.v. een sterkte-zwakteanalyse adviezen m.b.t. begeleiding en ondersteuning opgesteld.<![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie in het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/78http://www.code.thomasmore.be/kalender/78Dyscalculie is een stoornis die niet verdwijnt eenmaal jongeren de overstap maken naar het secundair onderwijs. De inhoud van deze sessie is analoog aan die van sessie 2, maar is specifiek toegespitst op jongeren van het secundair onderwijs. Aan de hand van een casus worden alle fasen van de handelingsgerichte diagnostiek toegelicht, waarbij het testinstrumentarium kritisch wordt geanalyseerd en besproken. We staan ook uitgebreid stil bij de foutenanalyse die dient te gebeuren bij alle onderdelen van het rekenen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel gebeurt aan de hand van anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten van de casus. <![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/79http://www.code.thomasmore.be/kalender/79In deze sessie wordt, net als bij de sessie rond begeleiding bij dyslexie, ingegaan op de ondersteuning en begeleiding van kinderen met dyscalculie. Volgende aandachtspunten m.b.t. de begeleiding in klasverband komen aan bod: specifieke instructiebehoeften van kinderen met dyscalculie, didactische materialen, STICORDI-maatregelen en de selectie ervan, differentiatie van de leerstof. Naast de ondersteuning in klasverband wordt ook ingegaan op criteria voor een kwaliteitsvolle individuele remediëring. <![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van kinderen met dyscalculie (lager onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/80http://www.code.thomasmore.be/kalender/80De inhoud van deze sessie is analoog aan die van sessie 4, maar de inhoud wordt specifiek toegespitst op de doelgroep van jongeren van het secundair onderwijs. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen wordt uitgebreid bediscussieerd en besproken. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze van het hoger onderwijs.<![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van jongeren met dyscalculie (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/81http://www.code.thomasmore.be/kalender/81Tijdens deze vorming gaan we in op het diagnostisch proces dat wordt doorlopen bij jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden uit het secundair onderwijs. Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast bespreken we het testinstrumentarium bij deze doelgroep (zowel -16 als +16) en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen (bv. IDAA en Gl&tschr). We bespreken tevens de visie van CODE rond attestering van dyslexie bij jongeren van het secundair onderwijs. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakte profiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de handelingsgerichte diagnostische cyclus doorlopen. <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij jongeren van het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/82http://www.code.thomasmore.be/kalender/82Tijdens deze vorming gaan we dieper in op het uitvoeren van een verantwoorde differentiaaldiagnostiek bij meertaligen. Vooraf staan we kort stil bij enkele belangrijke principes van meertalige ontwikkeling. Daarna gaan we in op de volgende vraag: Zijn de lees- of spellingproblemen het gevolg van een leerstoornis of zijn deze eerder te wijten aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands? We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertaligen op een verantwoorde manier kunnen onderzocht worden. Op basis van een totaalprofiel geven we een antwoord op bovenstaande vraag. Deze inzichten worden toegelicht en geïllustreerd aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden. <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/83http://www.code.thomasmore.be/kalender/83maandag 29/08/2011 (10-13u): workshops 1 en 2; dinsdag 30/08/2011 (10-13u): workshop 3 en 4 (deel 1); woensdag 31/08/2011 (10-13u): workshop 4 (deel 2) en 5 <![CDATA[Workshopreeks 1-5 te Oud-Turnhout van 29/08/2011 t.e.m. 31/08/2011 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/84http://www.code.thomasmore.be/kalender/84Deze workshopreeks omvat alles workshops (1-5) die in de week van 22/08/2011 worden aangeboden voor studenten van het secundair onderwijs (5e en 6e jaar) met dyslexie. De inhoud per workshop vindt u terug in onze kalender bij de specifieke workshops 'meer info'. Indien u alle workshops wenst te volgen kan u hier voor de volledige reeks inschrijven.<![CDATA[Workshopreeks 1-5 van 22/08/2011 t.e.m. 26/08/2011 voor studenten van het secundair onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/87http://www.code.thomasmore.be/kalender/87Deze workshopreeks omvat alles workshops (1-5) die in de week van 12/09/2011 worden aangeboden voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie. De inhoud per workshop vindt u terug in onze kalender bij de specifieke workshops 'meer info'. Indien u alle workshops wenst te volgen kan u hier voor de volledige reeks inschrijven.<![CDATA[Workshopreeks 1-5 van 12/09/2011 t.e.m. 16/09/2011 voor studenten uit het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/88http://www.code.thomasmore.be/kalender/88

Deze workshopreeks omvat alles workshops (1-7) die in de eerste semester worden aangeboden voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie. - Workshop 1 Psycho-educatie: 10/10/2011 - Workshop 2 Timemanagement: 17/10/2011 - Workshop 3 Lezen en begrijpen van leerstof: 24/10/2011 - Workshop 4 Studerend van leerstof: 31/10/2011 - Workshop 5 Schrijven: 7/11/2011 - Workshop 6 Geïntegreerde opdracht: 21/11/2011 - Workshop 7 Examens: 5/12/2011 De inhoud per workshop vindt u terug in onze kalender bij de specifieke workshops onder 'meer info'. Indien u alle workshops wenst te volgen kan u hier voor de volledige reeks inschrijven.

<![CDATA[Workshopreeks 1-7 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie (van 10/10/2011 tot 05/12/2011)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/89http://www.code.thomasmore.be/kalender/89Deze workshopreeks omvat alles workshops (1-7) die in de eerste semester worden aangeboden voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie. - Workshop 1 Psycho-educatie: 10/10/2011 - Workshop 2 Timemanagement: 17/10/2011 - Workshop 3 Lezen en begrijpen van leerstof: 24/10/2011 - Workshop 4 Studerend van leerstof: 31/10/2011 - Workshop 5 Schrijven: 7/11/2011 - Workshop 6 Geïntegreerde opdracht: 21/11/2011 - Workshop 7 Examens: 5/12/2011 De inhoud per workshop vindt u terug in onze kalender bij de specifieke workshops onder 'meer info'. Indien u alle workshops wenst te volgen kan u hier voor de volledige reeks inschrijven.

]]>

In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen hier aan bod.

<![CDATA[Workshop 1 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Psycho-educatie dyslexie (wat is dyslexie en wat betekent dat voor mij?)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/90http://www.code.thomasmore.be/kalender/90In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen hier aan bod.

]]>

Deadline inschrijving: 13/10/2011

Deze workshop behandelt het maken van een korte- en lange termijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken. Je krijgt ook tips om de lessen beter voorbereid te volgen.

<![CDATA[Workshop 2 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Timemanagement]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/91http://www.code.thomasmore.be/kalender/91Deadline inschrijving: 13/10/2011

Deze workshop behandelt het maken van een korte- en lange termijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken. Je krijgt ook tips om de lessen beter voorbereid te volgen.

]]>

Deadline inschrijvingen: 19/10/2011

In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

<![CDATA[Workshop 3 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Lezen en begrijpen van leerstof]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/92http://www.code.thomasmore.be/kalender/92Deadline inschrijvingen: 19/10/2011

In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

]]>

Deadline inschrijvingen: 19/10/2011

In deze workshop leer je op welke manier je leerstof kan verwerken en instuderen. Ook hier komt het gebruik van digitale hulpmiddelen uitgebreid aan bod. Je krijgt hiervoor een laptop ter beschikking. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook de workshop m.b.t. lezen hebt gevolgd.

<![CDATA[Workshop 4 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: studeren van leerstof]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/93http://www.code.thomasmore.be/kalender/93Deadline inschrijvingen: 19/10/2011

In deze workshop leer je op welke manier je leerstof kan verwerken en instuderen. Ook hier komt het gebruik van digitale hulpmiddelen uitgebreid aan bod. Je krijgt hiervoor een laptop ter beschikking. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook de workshop m.b.t. lezen hebt gevolgd.

]]>

Deadline inschrijvingen: 30/10/2011

In deze workshop kan je alle mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook technieken om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier krijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen

<![CDATA[Workshop 5 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Schrijven]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/94http://www.code.thomasmore.be/kalender/94Deadline inschrijvingen: 30/10/2011

In deze workshop kan je alle mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook technieken om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier krijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen

]]>

Deadline inschrijvingen: 30/10/2011

In deze workshop leer je alle vaardigheden van workshop 3, 4 en 5 toepassen op je eigen ‘moeilijke’ leerstof: a.d.h.v. je opgestelde studieplan leer je de leerstof verwerken. Je krijgt opnieuw een laptop ter beschikking om de toepassing vlot te laten verlopen. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook workshop 3, 4 en 5 hebt gevolgd.

<![CDATA[Workshop 6 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Geïntegreerde opdracht]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/95http://www.code.thomasmore.be/kalender/95Deadline inschrijvingen: 30/10/2011

In deze workshop leer je alle vaardigheden van workshop 3, 4 en 5 toepassen op je eigen ‘moeilijke’ leerstof: a.d.h.v. je opgestelde studieplan leer je de leerstof verwerken. Je krijgt opnieuw een laptop ter beschikking om de toepassing vlot te laten verlopen. Deze workshop kan je enkel volgen als je ook workshop 3, 4 en 5 hebt gevolgd.

]]>

Deadline 27/11/2011 inschrijvingen:

In deze workshop staan we stil bij de voorbereiding op de komende examenperiode. De verschillende soorten (schriftelijke) examens en hun specifieke voorbereiding komen hierbij aan bod. Ook eventuele sociaal-emotionele moeilijkheden zoals stress en faalangst kunnen hierbij aan bod komen.

<![CDATA[Workshop 7 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie: Examens]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/96http://www.code.thomasmore.be/kalender/96Deadline 27/11/2011 inschrijvingen:

In deze workshop staan we stil bij de voorbereiding op de komende examenperiode. De verschillende soorten (schriftelijke) examens en hun specifieke voorbereiding komen hierbij aan bod. Ook eventuele sociaal-emotionele moeilijkheden zoals stress en faalangst kunnen hierbij aan bod komen.

]]>
In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de diir van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip). <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/97http://www.code.thomasmore.be/kalender/97

Deadline inschrijvingen: 6/11/2011

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de diir van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

<![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/98http://www.code.thomasmore.be/kalender/98Deadline inschrijvingen: 6/11/2011

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de diir van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

]]>

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

<![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/99http://www.code.thomasmore.be/kalender/99In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

]]>

In de begeleiding van kinderen met dyslexie botsen we als ouder of als leerkracht vaak op tekorten. Deze vorming gaat in op wat dyslexie is en wat de diagnose betekent voor het kind en de omgeving. We willen steun bieden door ervaringen te delen en mogelijke knelpunten te bespreken. Van daaruit en op basis van wetenschappelijke inzichten formuleren we specifieke adviezen voor de begeleiding van een kind met dyslexie. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten. Daarnaast bespreken we onderwerpen als sticordi-maatregelen en studiekeuze. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

<![CDATA[Ondersteuning van kinderen met dyslexie in het lager onderwijs (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/100http://www.code.thomasmore.be/kalender/100In de begeleiding van kinderen met dyslexie botsen we als ouder of als leerkracht vaak op tekorten. Deze vorming gaat in op wat dyslexie is en wat de diagnose betekent voor het kind en de omgeving. We willen steun bieden door ervaringen te delen en mogelijke knelpunten te bespreken. Van daaruit en op basis van wetenschappelijke inzichten formuleren we specifieke adviezen voor de begeleiding van een kind met dyslexie. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten. Daarnaast bespreken we onderwerpen als sticordi-maatregelen en studiekeuze. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

]]>

Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongere voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis, de implicaties en mogelijkheden tot compensatie. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, leerkrachten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten, waarbij onder andere onderwijs- en examenfaciliteiten en studiekeuze worden besproken. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

<![CDATA[Ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs (psycho-educatie)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/101http://www.code.thomasmore.be/kalender/101Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongere voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis, de implicaties en mogelijkheden tot compensatie. Daarnaast is het belangrijk dat ook de omgeving (ouders, leerkrachten) wordt ingelicht, zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. In deze vorming gaan we in op wat dyslexie betekent voor jongeren uit het secundair onderwijs. Op basis van wetenschappelijke inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Zo zullen we stilstaan bij de rol van ouders en leerkrachten, waarbij onder andere onderwijs- en examenfaciliteiten en studiekeuze worden besproken. Ook het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen wordt praktisch toegelicht.

]]>

Psycho-educatie is een onontbeerlijke stap in de behandeling van dyslexie. Hieronder verstaan we enerzijds het duiden van dyslexie in al zijn facetten: klinische manifestaties, diagnostiek en behandeling. Anderzijds betekent het ook dat we advies en steun verlenen aan het kind en zijn omgeving. Tijdens deze interactieve vormingssessie bekijken we hoe we als logopedist psycho-educatie kunnen voorzien voor kinderen met dyslexie en hun omgeving. We gaan dieper in op de verschillende manieren om dyslexie bespreekbaar te maken tijdens de logopedische therapie. Daarnaast bespreken we eveneens hoe we, op basis van wetenschappelijke inzichten en de ervaringen van de deelnemers, ouders en leerkrachten kunnen ondersteunen in de begeleiding van kinderen met dyslexie.

<![CDATA[Psycho-educatie voor kinderen met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/102http://www.code.thomasmore.be/kalender/102Psycho-educatie is een onontbeerlijke stap in de behandeling van dyslexie. Hieronder verstaan we enerzijds het duiden van dyslexie in al zijn facetten: klinische manifestaties, diagnostiek en behandeling. Anderzijds betekent het ook dat we advies en steun verlenen aan het kind en zijn omgeving. Tijdens deze interactieve vormingssessie bekijken we hoe we als logopedist psycho-educatie kunnen voorzien voor kinderen met dyslexie en hun omgeving. We gaan dieper in op de verschillende manieren om dyslexie bespreekbaar te maken tijdens de logopedische therapie. Daarnaast bespreken we eveneens hoe we, op basis van wetenschappelijke inzichten en de ervaringen van de deelnemers, ouders en leerkrachten kunnen ondersteunen in de begeleiding van kinderen met dyslexie.

]]>

Psycho-educatie is een onontbeerlijke stap in de behandeling van jongeren met dyslexie. Het is noodzakelijk dat de jongere inzicht krijgt in zijn problematiek, zodat hij met zijn moeilijkheden beter kan omgaan. Enerzijds verstaan we onder psycho-educatie het duiden van dyslexie in al zijn facetten: klinische manifestaties, diagnostiek en behandeling. Anderzijds betekent psycho-educatie ook dat we advies en steun verlenen aan de jongere en zijn omgeving. Tijdens deze interactieve vormingssessie bekijken we hoe we als logopedist psycho-educatie kunnen voorzien voor jongeren met dyslexie en hun omgeving. We gaan dieper in op de verschillende manieren om dyslexie bespreekbaar te maken tijdens de logopedische therapie. Daarnaast bespreken we eveneens hoe we, op basis van wetenschappelijke inzichten en de ervaringen van de deelnemers, ouders en leerkrachten kunnen ondersteunen in de begeleiding van jongeren met dyslexie.

<![CDATA[Psycho-educatie voor jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/103http://www.code.thomasmore.be/kalender/103Psycho-educatie is een onontbeerlijke stap in de behandeling van jongeren met dyslexie. Het is noodzakelijk dat de jongere inzicht krijgt in zijn problematiek, zodat hij met zijn moeilijkheden beter kan omgaan. Enerzijds verstaan we onder psycho-educatie het duiden van dyslexie in al zijn facetten: klinische manifestaties, diagnostiek en behandeling. Anderzijds betekent psycho-educatie ook dat we advies en steun verlenen aan de jongere en zijn omgeving. Tijdens deze interactieve vormingssessie bekijken we hoe we als logopedist psycho-educatie kunnen voorzien voor jongeren met dyslexie en hun omgeving. We gaan dieper in op de verschillende manieren om dyslexie bespreekbaar te maken tijdens de logopedische therapie. Daarnaast bespreken we eveneens hoe we, op basis van wetenschappelijke inzichten en de ervaringen van de deelnemers, ouders en leerkrachten kunnen ondersteunen in de begeleiding van jongeren met dyslexie.

]]>
<![CDATA[Meertalige ontwikkeling en taalstimulering]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/104http://www.code.thomasmore.be/kalender/104

TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien omvat 10 lessen. Deze lessen vinden plaats vanaf januari 2012 op woensdagnamiddag van 14u tot 15u. De lessen zijn gepland op volgende dagen:

−18 januari

−1, 15 en 29 februari

−14 en 28 maart

−2, 16 en 30 mei

Inschrijven kan hier voor de volledige reeks tot 10 januari.

<![CDATA[TypTien: Schrijf hier in voor les 1 tot 10]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/105http://www.code.thomasmore.be/kalender/105TypTien is een speelse, kindvriendelijke manier om kinderen met moeilijkheden op het vlak van spelling of schrijfmotoriek te leren typen.

In het dagelijkse leven neemt de computer meer en meer een centrale rol in, ook in het lager onderwijs. Om te schrijven op de computer moet je twee vaardigheden beheersen: enerzijds correct spellen en anderzijds vlot typen. Kinderen met dyslexie hebben het vaak moeilijk met spellen. Dit vergt zoveel extra aandacht van hen, waardoor het aangewezen is dat het typen geautomatiseerd kan verlopen. Blind typen zal bovendien een troef zijn, indien ze in hun verdere schoolloopbaan compenserende software gaan gebruiken.

De klassieke typemethodes zijn doorgaans niet geschikt voor kinderen met dyslexie omwille van de gestelde tijdsdruk. Ook voor kinderen met schrijfmotorische problemen is tijdsdruk een struikelblok bij het leren typen. TypTien heeft als doel al deze kinderen wél te leren typen, zij het zonder tijdsdruk en via een specifieke aanpak.

In TypTien wordt aan elke letter een woord of symbool gekoppeld en aan elke vinger een kleur. Op deze manier kan de positie van letters beter onthouden worden. De letters worden bovendien aan elkaar gekoppeld in zinnetjes waar de kinderen vlot mee overweg kunnen. Deze zinnetjes omvatten steeds de letters die je met één vinger typt en die bovendien met eenzelfde kleur op het toetsenbord worden weergegeven.

Via speelse oefeningen spreekt TypTien verschillende zintuigen en leerkanalen aan om alle toetsen te leren gebruiken en het typen te automatiseren zonder dat hier tijdsdruk aan te pas komt!

TypTien omvat 10 lessen. Deze lessen vinden plaats vanaf januari 2012 op woensdagnamiddag van 14u tot 15u. De lessen zijn gepland op volgende dagen:

−18 januari

−1, 15 en 29 februari

−14 en 28 maart

−2, 16 en 30 mei

Inschrijven kan hier voor de volledige reeks tot 10 januari.

]]>

De inhoud van deze sessie is analoog aan de sessie van ondersteuning en begeleiding van kinderen met dyslexie, maar de inhoud wordt specifiek toegespitst op de doelgroep van jongeren van het secundair onderwijs. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen wordt uitgebreid bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komt aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze van het hoger onderwijs.

<![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van jongeren met dyslexie – secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/107http://www.code.thomasmore.be/kalender/107De inhoud van deze sessie is analoog aan de sessie van ondersteuning en begeleiding van kinderen met dyslexie, maar de inhoud wordt specifiek toegespitst op de doelgroep van jongeren van het secundair onderwijs. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen wordt uitgebreid bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komt aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze van het hoger onderwijs.

]]>

Om aanspraak te maken op onderwijs- en examenfaciliteiten moeten leerlingen met dyslexie en/of dyscalculie de diagnose meestal staven aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Vanuit de handelingsgerichte diagnostiek wordt naast een onderkennende diagnose aandacht besteed aan een advies op maat. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet alle scholen en/of leerkrachten hiervoor open staan. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Diagnostische centra, CLB’s, logopedisten, … stuiten dan ook vaak op weerstand wanneer zij trachten de scholen warm te maken voor deze individueel aangepaste maatregelen. Anderzijds kunnen zij ook begrip opbrengen voor de moeilijke situatie waarin de scholen verkeren op dit vlak.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen leerkrachten, directie en diagnostici van mening wisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen.  Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

<![CDATA[Dyslexie/dyscalculie: Van attest naar aangepaste ondersteuning in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/108http://www.code.thomasmore.be/kalender/108Om aanspraak te maken op onderwijs- en examenfaciliteiten moeten leerlingen met dyslexie en/of dyscalculie de diagnose meestal staven aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Vanuit de handelingsgerichte diagnostiek wordt naast een onderkennende diagnose aandacht besteed aan een advies op maat. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet alle scholen en/of leerkrachten hiervoor open staan. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Diagnostische centra, CLB’s, logopedisten, … stuiten dan ook vaak op weerstand wanneer zij trachten de scholen warm te maken voor deze individueel aangepaste maatregelen. Anderzijds kunnen zij ook begrip opbrengen voor de moeilijke situatie waarin de scholen verkeren op dit vlak.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen leerkrachten, directie en diagnostici van mening wisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen.  Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

]]>

In deze sessie maken de studentenbegeleiders kennis met de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen en worden de software- en begeleidingsmogelijkheden voor deze studenten aangeraakt

<![CDATA[Dyslexie in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/109http://www.code.thomasmore.be/kalender/109In deze sessie maken de studentenbegeleiders kennis met de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen en worden de software- en begeleidingsmogelijkheden voor deze studenten aangeraakt

]]>

De cel leerstoornissen van CODE, expertisecentrum van Lessius Antwerpen dat een brug slaat tussen wetenschappelijk onderzoek en hulpverlening-op-maat, staat o.a. in voor onderbouwde diagnostiek en begeleiding-op-maat voor leerlingen met dyslexie. Op basis van het diagnostisch onderzoek dat werd uitegvoerd bij een leerling van het secundair onderwijs, belichten we in een case-study de meerwaarde van een individuele sterkte-zwakte analyse. Deze analyse kan belangrijke aanknopingspunten bieden voor advies m.b.t. begeleiding (binnen en/of buiten de school) en onderwijs- en examenfaciliteiten-op-maat. We staan uitgebreid stil bij het traject dat de leerling doorliep na de diagnose dyslexie. Daarbij hebben we oog voor de geboden begeleiding, de concrete aanpak binnen de school en knelpunten die in de praktijk naar voren kwamen.

<![CDATA[Dyslexie in het secundair onderwijs: van diagnose tot begeleiding. Een case-study]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/110http://www.code.thomasmore.be/kalender/110De cel leerstoornissen van CODE, expertisecentrum van Lessius Antwerpen dat een brug slaat tussen wetenschappelijk onderzoek en hulpverlening-op-maat, staat o.a. in voor onderbouwde diagnostiek en begeleiding-op-maat voor leerlingen met dyslexie. Op basis van het diagnostisch onderzoek dat werd uitegvoerd bij een leerling van het secundair onderwijs, belichten we in een case-study de meerwaarde van een individuele sterkte-zwakte analyse. Deze analyse kan belangrijke aanknopingspunten bieden voor advies m.b.t. begeleiding (binnen en/of buiten de school) en onderwijs- en examenfaciliteiten-op-maat. We staan uitgebreid stil bij het traject dat de leerling doorliep na de diagnose dyslexie. Daarbij hebben we oog voor de geboden begeleiding, de concrete aanpak binnen de school en knelpunten die in de praktijk naar voren kwamen.

]]>

In het eerste deel van de vorming wordt kort ingegaan op het theoretisch kader van leerstoornissen. We bespreken de definities van dyslexie en dyscalculie en de criteria om deze diagnoses te stellen. We gaan kort in op de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie, omdat dit kader noodzakelijk is om onderzoeksverslagen te interpreteren.

In het tweede deel leggen we een aantal casussen voor van dossiers die Lessiusstudenten hebben voorgelegd voor de aanvraag van examenfaciliteiten. We passen de criteria toe om deze attesten al dan niet te aanvaarden. Vervolgens verdelen de medewerkers zich in kleine groepjes om een aantal zelf meegebrachte casussen te bespreken en de criteria te bekijken.

 

<![CDATA[Attestering van leerstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/111http://www.code.thomasmore.be/kalender/111In het eerste deel van de vorming wordt kort ingegaan op het theoretisch kader van leerstoornissen. We bespreken de definities van dyslexie en dyscalculie en de criteria om deze diagnoses te stellen. We gaan kort in op de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie, omdat dit kader noodzakelijk is om onderzoeksverslagen te interpreteren.

In het tweede deel leggen we een aantal casussen voor van dossiers die Lessiusstudenten hebben voorgelegd voor de aanvraag van examenfaciliteiten. We passen de criteria toe om deze attesten al dan niet te aanvaarden. Vervolgens verdelen de medewerkers zich in kleine groepjes om een aantal zelf meegebrachte casussen te bespreken en de criteria te bekijken.

 

]]>

Tijdens deze vormingssessie bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs. Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/112http://www.code.thomasmore.be/kalender/112Tijdens deze vormingssessie bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

]]>

Tijdens deze vormingssessie bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs. Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/113http://www.code.thomasmore.be/kalender/113Tijdens deze vormingssessie bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

]]>

Wat is dyslexie en wat betekent dyslexie voor jongeren? Hoe kunnen we jongeren met dyslexie nog beter ondersteunen? Die cruciale vragen vormden de aanleiding voor het boek 'Jongvolwassenen met dyslexie: diagnostiek en begeleiding in wetenschap en praktijk'. Astrid Geudens en Ellen Meersschaert gaan in op enkele centrale thema’s in het boek, vertaald naar de klaspraktijk. 

<![CDATA[Dyslexie bij jongeren: van wetenschap naar klaspraktijk ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/114http://www.code.thomasmore.be/kalender/114Wat is dyslexie en wat betekent dyslexie voor jongeren? Hoe kunnen we jongeren met dyslexie nog beter ondersteunen? Die cruciale vragen vormden de aanleiding voor het boek 'Jongvolwassenen met dyslexie: diagnostiek en begeleiding in wetenschap en praktijk'. Astrid Geudens en Ellen Meersschaert gaan in op enkele centrale thema’s in het boek, vertaald naar de klaspraktijk. 

]]>

We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich bij leerlingen van het secundair onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het secundair onderwijs.

Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticorid-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. Aan de hand van een aantal korte casussen geven we tips over het toekennen van sticordi-maatregelen, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie en dyscalculie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/115http://www.code.thomasmore.be/kalender/115We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich bij leerlingen van het secundair onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het secundair onderwijs.

Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticorid-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. Aan de hand van een aantal korte casussen geven we tips over het toekennen van sticordi-maatregelen, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

]]>

Deze vorming wordt onderverdeeld in twee parallelsessies, nl. één over dyslexie en één over dyscalculie. De inhoud van beide vormingen wordt op dezelfde manier opgebouwd:

We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich bij leerlingen van het secundair onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het secundair onderwijs.

Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie en dyscalculie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/116http://www.code.thomasmore.be/kalender/116Deze vorming wordt onderverdeeld in twee parallelsessies, nl. één over dyslexie en één over dyscalculie. De inhoud van beide vormingen wordt op dezelfde manier opgebouwd:

We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich bij leerlingen van het secundair onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het secundair onderwijs.

Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

]]>

We bespreken in deze sessie de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Bij deze criteria geven we ook enkele kritische bemerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden eveneens toegelicht en besproken.

De ondersteuning van kinderen met leerstoornissen kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticorid-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het basisonderwijs kunnen behalen.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen de deelnemers meningen uitwisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. We bekijken eveneens de wettelijke bepalingen rond het toekennen van maatregelen aan kinderen met leerstoornissen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen. Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

<![CDATA[Schoolse begeleiding voor kinderen met dyslexie en dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/117http://www.code.thomasmore.be/kalender/117We bespreken in deze sessie de huidige inzichten over dyslexie en dyscalculie: hoe uit dyslexie/dyscalculie zich, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring van dyslexie/dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Bij deze criteria geven we ook enkele kritische bemerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden eveneens toegelicht en besproken.

De ondersteuning van kinderen met leerstoornissen kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticorid-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met leerstoornissen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het basisonderwijs kunnen behalen.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen de deelnemers meningen uitwisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. We bekijken eveneens de wettelijke bepalingen rond het toekennen van maatregelen aan kinderen met leerstoornissen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen. Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

]]>

In deze workshop bespreken we het sterkte-zwakteprofiel van een student met dyslexie van de derde graad secundair onderwijs. We bekijken welke sterke en zwakke vaardigheden uit de voorgeschiedenis en het diagnostisch onderzoek naar voren komen. Op basis van deze analyse gaan we op zoek naar gericht advies op het vlak van hulpmiddelen, strategieën en begeleiding. Hierbij bekijken we hoe de student zijn sterke vaardigheden kan inzetten om zo goed mogelijk om te gaan met de ervaren moeilijkheden.

<![CDATA[Ondersteuning van studenten met dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/118http://www.code.thomasmore.be/kalender/118In deze workshop bespreken we het sterkte-zwakteprofiel van een student met dyslexie van de derde graad secundair onderwijs. We bekijken welke sterke en zwakke vaardigheden uit de voorgeschiedenis en het diagnostisch onderzoek naar voren komen. Op basis van deze analyse gaan we op zoek naar gericht advies op het vlak van hulpmiddelen, strategieën en begeleiding. Hierbij bekijken we hoe de student zijn sterke vaardigheden kan inzetten om zo goed mogelijk om te gaan met de ervaren moeilijkheden.

]]>

Eerst wordt een vergelijking gemaakt tussen het oude en het nieuwe AVI-sytsteem, qua toetsmappen en qua AVI-niveaus. Vervolgens wordt er dieper ingegaan op de toetsmappen Technisch Lezen en op de toetsmap AVI/DMT. De voor- en nadelen van het nieuwe AVI-systeem worden geschetst. Enkele veelgestelde vragen worden beantwoord en concrete tips worden meegegeven. We staan ook stil bij de basisbedoeling van AVI en reserveren tijd voor vragen en discussie.

<![CDATA[Het nieuwe AVI-systeem]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/119http://www.code.thomasmore.be/kalender/119Eerst wordt een vergelijking gemaakt tussen het oude en het nieuwe AVI-sytsteem, qua toetsmappen en qua AVI-niveaus. Vervolgens wordt er dieper ingegaan op de toetsmappen Technisch Lezen en op de toetsmap AVI/DMT. De voor- en nadelen van het nieuwe AVI-systeem worden geschetst. Enkele veelgestelde vragen worden beantwoord en concrete tips worden meegegeven. We staan ook stil bij de basisbedoeling van AVI en reserveren tijd voor vragen en discussie.

]]>

We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie bij anderstaligen binnen het NT2-onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/120http://www.code.thomasmore.be/kalender/120We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

]]>

We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie bij anderstaligen binnen het NT2-onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/121http://www.code.thomasmore.be/kalender/121We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

]]>

We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie bij anderstaligen binnen het NT2-onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/122http://www.code.thomasmore.be/kalender/122We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

]]>

We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie bij anderstaligen binnen het NT2-onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/123http://www.code.thomasmore.be/kalender/123We vertrekken vanuit de definitie van dyslexie en belichten de specifieke moeilijkheden die anderstaligen ervaren. Van daaruit bespreken we aanknopingspunten voor aanpak binnen het NT2-onderwijs. We staan zowel stil bij tips rond de opbouw van de lessen en powerpoints, als bij het opstellen van een toegankelijke cursus. Deze tips worden steeds verduidelijkt aan de hand van concrete voorbeelden.

]]>

We zetten de specifieke moeilijkheden die meertalige kinderen ondervinden bij het leren lezen en spellen op een rijtje. We belichten de moeilijkheden vanuit de meertalige context van Joodse kinderen en duiden op de verschillen in talen. Van hieruit analyseren we het huidige testmateriaal op een kritische manier en stellen we een mogelijk kader op voor verantwoorde diagnostiek. Het stellen van een goede differentiaaldiagnose vormt een grote uitdaging waarbij verschillende vragen dienen beantwoord te worden: Gaat het om een taalverschil of een taalstoornis? Gaat het om dyslexie of een lees- en spellingachterstand ten gevolge van mondelinge taalmoeilijkheden? Gaat het om een combinatie van taalverschil/taalstoornis en dyslexie?

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/124http://www.code.thomasmore.be/kalender/124We zetten de specifieke moeilijkheden die meertalige kinderen ondervinden bij het leren lezen en spellen op een rijtje. We belichten de moeilijkheden vanuit de meertalige context van Joodse kinderen en duiden op de verschillen in talen. Van hieruit analyseren we het huidige testmateriaal op een kritische manier en stellen we een mogelijk kader op voor verantwoorde diagnostiek. Het stellen van een goede differentiaaldiagnose vormt een grote uitdaging waarbij verschillende vragen dienen beantwoord te worden: Gaat het om een taalverschil of een taalstoornis? Gaat het om dyslexie of een lees- en spellingachterstand ten gevolge van mondelinge taalmoeilijkheden? Gaat het om een combinatie van taalverschil/taalstoornis en dyslexie?

]]>
<![CDATA[Taalbeleid en taalontwikkelend lesgeven]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/125http://www.code.thomasmore.be/kalender/125

In deze sessie belichten we de belangrijkste principes van meertalige communicatie. We staan stil bij het normale ontwikkelingsverloop en geven aan hoe de taalontwikkeling op een goede manier gestimuleerd kan worden.

<![CDATA[Meertalige taalontwikkeling ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/126http://www.code.thomasmore.be/kalender/126In deze sessie belichten we de belangrijkste principes van meertalige communicatie. We staan stil bij het normale ontwikkelingsverloop en geven aan hoe de taalontwikkeling op een goede manier gestimuleerd kan worden.

]]>

In een tweede deel bekijken we de bouwstenen van een goed taalbeleid en wordt de evaluatie van taalontwikkeling verhelderd.

<![CDATA[Taalbeleid]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/127http://www.code.thomasmore.be/kalender/127In een tweede deel bekijken we de bouwstenen van een goed taalbeleid en wordt de evaluatie van taalontwikkeling verhelderd.

]]>

Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. Vanuit onze praktijkervaring proberen we deze moeilijkheden zo goed mogelijk in kaart te brengen. Bij aanhoudende moeilijkheden rijst dikwijls de vraag of deze leerlingen te kampen hebben met een leerstoornis. Belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is dan ook of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking gebeurt aan de hand van een aantal casussen die stap voor stap zullen worden opgebouwd. Er wordt gekozen voor een interactieve werkvorm waarin dialoog centraal staat.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/128http://www.code.thomasmore.be/kalender/128Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. Vanuit onze praktijkervaring proberen we deze moeilijkheden zo goed mogelijk in kaart te brengen. Bij aanhoudende moeilijkheden rijst dikwijls de vraag of deze leerlingen te kampen hebben met een leerstoornis. Belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is dan ook of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking gebeurt aan de hand van een aantal casussen die stap voor stap zullen worden opgebouwd. Er wordt gekozen voor een interactieve werkvorm waarin dialoog centraal staat.

]]>

De ondersteuning van kinderen met dyslexie kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. Welke instructiebehoefte heeft een kind met dyslexie? Welke didactische materialen kunnen gehanteerd worden tijdens de lessen? Welke STICORDI-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden en is dit in elke situatie zinvol? We geven hierbij een aantal aandachtspunten waarmee de deelnemers aan de slag kunnen bij overleg met leerkrachten en zorgcoördinatoren. Naast de ondersteuning in klasverband, halen we kort aan hoe een kwaliteitsvolle remediërende behandeling eruit ziet en welke criteria kunnen gehanteerd worden om een gespecialiseerde behandeling te evalueren bij een eventuele doorverwijzing. Daarnaast wordt ook het gebruik van compenserende software (zoals o.a. voorleessoftware) gedemonstreerd.

<![CDATA[Ondersteuning en begeleiding van kinderen met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/129http://www.code.thomasmore.be/kalender/129De ondersteuning van kinderen met dyslexie kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. Welke instructiebehoefte heeft een kind met dyslexie? Welke didactische materialen kunnen gehanteerd worden tijdens de lessen? Welke STICORDI-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Op welke manier kan leerstof gedifferentieerd worden en is dit in elke situatie zinvol? We geven hierbij een aantal aandachtspunten waarmee de deelnemers aan de slag kunnen bij overleg met leerkrachten en zorgcoördinatoren. Naast de ondersteuning in klasverband, halen we kort aan hoe een kwaliteitsvolle remediërende behandeling eruit ziet en welke criteria kunnen gehanteerd worden om een gespecialiseerde behandeling te evalueren bij een eventuele doorverwijzing. Daarnaast wordt ook het gebruik van compenserende software (zoals o.a. voorleessoftware) gedemonstreerd.

]]>
<![CDATA[Dyslexie en vreemde talen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/131http://www.code.thomasmore.be/kalender/131<![CDATA[Dyslexie en vreemde talen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/132http://www.code.thomasmore.be/kalender/132

Belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige jongeren is of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige jongeren op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan voor de begeleiding achteraf. De uitwerking gebeurt aan de hand van een casus die in de diepte wordt uitgewerkt.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij anderstalige jongeren uit het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/133http://www.code.thomasmore.be/kalender/133Belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige jongeren is of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een holistische aanpak waarbinnen meertalige jongeren op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan voor de begeleiding achteraf. De uitwerking gebeurt aan de hand van een casus die in de diepte wordt uitgewerkt.

]]>

In deze sessie schetsen we een algemeen kader van meertalige taalontwikkeling. We staan stil bij de verschillende vormen van meertaligheid en bespreken hierbij het normale ontwikkelingsverloop. Aan de hand van stellingen gaan we dieper in op enkele misvattingen rond meertalige opvoeding. Het belang van de goede ontwikkeling van de moedertaal komt hierbij naar boven.

<![CDATA[Meertalige taalontwikkeling]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/136http://www.code.thomasmore.be/kalender/136In deze sessie schetsen we een algemeen kader van meertalige taalontwikkeling. We staan stil bij de verschillende vormen van meertaligheid en bespreken hierbij het normale ontwikkelingsverloop. Aan de hand van stellingen gaan we dieper in op enkele misvattingen rond meertalige opvoeding. Het belang van de goede ontwikkeling van de moedertaal komt hierbij naar boven.

]]>

In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

<![CDATA[Algemeen kader van dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/137http://www.code.thomasmore.be/kalender/137In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

]]>

In deze sessie richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een korte bespreking van de verschillende fasen binnen de handelingsgerichte diagnostiek gaan we actief aan de slag aan de hand van een casus. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan leeftijd en hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden. Deze adviezen komen hoofdzakelijk in de volgende sessies aan bod.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie (lager onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/138http://www.code.thomasmore.be/kalender/138In deze sessie richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Na een korte bespreking van de verschillende fasen binnen de handelingsgerichte diagnostiek gaan we actief aan de slag aan de hand van een casus. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan leeftijd en hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden. Deze adviezen komen hoofdzakelijk in de volgende sessies aan bod.

]]>

De inhoud van deze sessie is analoog aan die van sessie 2, maar wordt specifiek toegespitst op de diagnostiek van dyslexie in het secundair onderwijs. Ondanks recente aandacht voor de problematiek, blijven er nog steeds lacunes op gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij de doelgroep van jongeren van het secundair onderwijs. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we eerst de aandachtspunten bij de anamnese bij jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met sterkte-zwakte profiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

<![CDATA[Diagnostiek van dyslexie (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/139http://www.code.thomasmore.be/kalender/139De inhoud van deze sessie is analoog aan die van sessie 2, maar wordt specifiek toegespitst op de diagnostiek van dyslexie in het secundair onderwijs. Ondanks recente aandacht voor de problematiek, blijven er nog steeds lacunes op gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij de doelgroep van jongeren van het secundair onderwijs. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we eerst de aandachtspunten bij de anamnese bij jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met sterkte-zwakte profiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

]]>

Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongvolwassene voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis. Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert de jongvolwassene voor de eventuele behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, docenten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Gedurende deze vorming gaan we in op psycho-educatie bij jongvolwassenen uit het hoger onderwijs. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor ondersteuning thuis en begeleiding op school. We zullen ondermeer het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen bespreken. Daarnaast zullen we stilstaan bij de nodige onderwijs- en examenfaciliteiten. Deze studiedag richt zich zowel naar jongvolwassenen met dyslexie en hun ouders als naar docenten die met hen in contact komen.

<![CDATA[Psycho-educatie bij dyslexie voor jongvolwassenen uit het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/140http://www.code.thomasmore.be/kalender/140Wanneer de diagnose dyslexie gesteld wordt, is het essentieel dat de jongvolwassene voldoende uitleg en informatie krijgt over de leerstoornis. Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert de jongvolwassene voor de eventuele behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, docenten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Gedurende deze vorming gaan we in op psycho-educatie bij jongvolwassenen uit het hoger onderwijs. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor ondersteuning thuis en begeleiding op school. We zullen ondermeer het gebruik van voorleessoftware en andere digitale hulpmiddelen bespreken. Daarnaast zullen we stilstaan bij de nodige onderwijs- en examenfaciliteiten. Deze studiedag richt zich zowel naar jongvolwassenen met dyslexie en hun ouders als naar docenten die met hen in contact komen.

]]>

Om aanspraak te maken op STCORDI-maatregelen moeten leerlingen met dyslexie en/of dyscalculie de diagnose meestal staven aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Vanuit de handelingsgerichte diagnostiek wordt naast een onderkennende diagnose aandacht besteed aan een advies op maat. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet alle scholen en/of leerkrachten hiervoor open staan. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Diagnostische centra, CLB’s, logopedisten, … stuiten dan ook vaak op weerstand wanneer zij trachten de scholen warm te maken voor deze individueel aangepaste maatregelen. Anderzijds kunnen zij ook begrip opbrengen voor de moeilijke situatie waarin de scholen verkeren op dit vlak.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen leerkrachten, zorgcoördinatoren, directie en diagnostici van mening wisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen.  Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

<![CDATA[Dyslexie/dyscalculie: Van attest naar aangepaste ondersteuning op de lagere school]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/142http://www.code.thomasmore.be/kalender/142Om aanspraak te maken op STCORDI-maatregelen moeten leerlingen met dyslexie en/of dyscalculie de diagnose meestal staven aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Vanuit de handelingsgerichte diagnostiek wordt naast een onderkennende diagnose aandacht besteed aan een advies op maat. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat niet alle scholen en/of leerkrachten hiervoor open staan. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Diagnostische centra, CLB’s, logopedisten, … stuiten dan ook vaak op weerstand wanneer zij trachten de scholen warm te maken voor deze individueel aangepaste maatregelen. Anderzijds kunnen zij ook begrip opbrengen voor de moeilijke situatie waarin de scholen verkeren op dit vlak.

In deze interactieve sessie trachten we visies omtrent de attestering van dyslexie en dyscalculie vanuit verschillende actoren samen te brengen om van daaruit tot aanbevelingen te komen m.b.t. ondersteuning op school. Als startpunt kunnen leerkrachten, zorgcoördinatoren, directie en diagnostici van mening wisselen over de voor- en nadelen van deze individueel aangepaste maatregelen. Ook het toekomstig leerzorgkader kan binnen de discussie worden opgenomen.  Vanuit die dialoog willen we samen tot haalbare adviezen komen.

]]>

Wanneer de diagnose dyscalculie gesteld wordt, is het essentieel dat kinderen voldoende uitleg en informatie krijgen over de leerstoornis. Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert het kind voor de behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, leerkrachten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Gedurende deze vorming gaan we in op psycho-educatie bij dyscalculie voor kinderen uit het lager onderwijs. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Deze studiedag richt zich zowel naar ouders van kinderen met dyscalculie als naar leerkrachten die met hen in contact komen.

<![CDATA[Psycho-educatie bij dyscalculie voor kinderen uit het basisonderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/143http://www.code.thomasmore.be/kalender/143Wanneer de diagnose dyscalculie gesteld wordt, is het essentieel dat kinderen voldoende uitleg en informatie krijgen over de leerstoornis. Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert het kind voor de behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, leerkrachten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Gedurende deze vorming gaan we in op psycho-educatie bij dyscalculie voor kinderen uit het lager onderwijs. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor begeleiding thuis en op school. Deze studiedag richt zich zowel naar ouders van kinderen met dyscalculie als naar leerkrachten die met hen in contact komen.

]]>

Tijdens deze sessie schetsen we kort het theoretisch kader van dyslexie. Verder wordt ingegaan op de klinische manifestaties van dyslexie bij jongvolwassenen. Vandaaruit bekijken we praktische handvaten om als begeleider om te gaan met studenten met dyslexie. Enerzijds bekijken we hierbij richtlijnen om studenten met dyslexie te begeleiden tijdens hun studieproces (zowel op vlak van lezen/studeren als op vlak van schrijven). We demonstreren een aantal technische hulpmiddelen en geven een overzicht van gratis te downloaden software. Anderzijds komen aandachtspunten bij het sociaal-emotioneel functioneren van deze studenten aan bod.

<![CDATA[Omgaan met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/144http://www.code.thomasmore.be/kalender/144Tijdens deze sessie schetsen we kort het theoretisch kader van dyslexie. Verder wordt ingegaan op de klinische manifestaties van dyslexie bij jongvolwassenen. Vandaaruit bekijken we praktische handvaten om als begeleider om te gaan met studenten met dyslexie. Enerzijds bekijken we hierbij richtlijnen om studenten met dyslexie te begeleiden tijdens hun studieproces (zowel op vlak van lezen/studeren als op vlak van schrijven). We demonstreren een aantal technische hulpmiddelen en geven een overzicht van gratis te downloaden software. Anderzijds komen aandachtspunten bij het sociaal-emotioneel functioneren van deze studenten aan bod.

]]>

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

<![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/145http://www.code.thomasmore.be/kalender/145In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

]]>

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

Inschrijven kan tot 11 april.

<![CDATA[Workshop Sprint voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/146http://www.code.thomasmore.be/kalender/146In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

Inschrijven kan tot 11 april.

]]>

In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

Inschrijven kan tot 15 mei.

<![CDATA[Workshop Sprint voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/147http://www.code.thomasmore.be/kalender/147In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

Inschrijven kan tot 15 mei.

]]>

Tijdens de eerste begeleidingssessie maken de ouders en begeleider kennis met elkaar. Zo krijgen we zicht op de individuele situaties en hoe de verschillende talen in de gezinnen een plaats krijgen. We bespreken de betekenis en het belang van de moedertaal binnen het gezin.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

<![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: sessie 1]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/149http://www.code.thomasmore.be/kalender/149Tijdens de eerste begeleidingssessie maken de ouders en begeleider kennis met elkaar. Zo krijgen we zicht op de individuele situaties en hoe de verschillende talen in de gezinnen een plaats krijgen. We bespreken de betekenis en het belang van de moedertaal binnen het gezin.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

]]>

In sessie 2 geven we aan de hand van stellingen ouders inzicht in de meertalige taalontwikkeling van hun kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. De factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands, worden ook besproken.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

<![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: sessie 2]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/150http://www.code.thomasmore.be/kalender/150In sessie 2 geven we aan de hand van stellingen ouders inzicht in de meertalige taalontwikkeling van hun kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. De factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands, worden ook besproken.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

]]>

In sessie 3 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

<![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: sessie 3]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/151http://www.code.thomasmore.be/kalender/151In sessie 3 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

]]>

In sessie 4 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

<![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: sessie 4]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/152http://www.code.thomasmore.be/kalender/152In sessie 4 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

]]>

Met de ouders bespreken we in sessie 5 welke adviezen zij reeds toepassen en wat de moeilijkheden zijn binnen de meertalige taalontwikkeling.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

<![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: sessie 5]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/153http://www.code.thomasmore.be/kalender/153Met de ouders bespreken we in sessie 5 welke adviezen zij reeds toepassen en wat de moeilijkheden zijn binnen de meertalige taalontwikkeling.

De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 15/05/2012 (Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

]]>

Tijdens het eerste deel van de vorming wordt het theoretisch kader geschetst omtrent het klinisch beeld van ADHD en ASS in de jongvolwassenheid. Daarnaast komt ook de impact op verder studeren aan bod.

In het tweede deel worden de resultaten van het faciliteitenonderzoek toegelicht.

 

<![CDATA[Omgaan metstudenten met ADHD en ASS in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/154http://www.code.thomasmore.be/kalender/154Tijdens het eerste deel van de vorming wordt het theoretisch kader geschetst omtrent het klinisch beeld van ADHD en ASS in de jongvolwassenheid. Daarnaast komt ook de impact op verder studeren aan bod.

In het tweede deel worden de resultaten van het faciliteitenonderzoek toegelicht.

 

]]>

IN deze sessie worden deelenmers bewust gemaakt van het belang van psycho-educatie en de plaats hiervan in de behandeling van ADHD. Het wetenschappelijk onderzoek omtrent de effectiviteit van psycho-educatie wordt toeglicht, alsook concrete handvaten hoe psycho-educatie kan georganiseerd worden voor mensen met ADHD en hun (ruime) omgeving.

<![CDATA[Psycho-educatie bij (jong)volwassenen met ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/155http://www.code.thomasmore.be/kalender/155IN deze sessie worden deelenmers bewust gemaakt van het belang van psycho-educatie en de plaats hiervan in de behandeling van ADHD. Het wetenschappelijk onderzoek omtrent de effectiviteit van psycho-educatie wordt toeglicht, alsook concrete handvaten hoe psycho-educatie kan georganiseerd worden voor mensen met ADHD en hun (ruime) omgeving.

]]>
  1. Inleiding

          ADHD: Geschiedenis, fenomenologie en middelenmisbruik
                               

  1. Diagnostiek van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek

          Aandachtspunten bij diagnostiek: Comorbiditeit en differentiaaldiagnostiek
          
Classificerende diagnostiek van ADHD: Anamnese, Screenings- en diagnostisch instrumentarium en casuïstiek
          Sterkte-zwakte analyse: Neuropsychologische inzichten gekaderd in het CHC-model
 

          Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel I)
          Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel II)
          Evidence based practice: Niet-medicamenteuze behandeling van ADHD
 

  1. Behandeling van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek
<![CDATA[Middelenmisbruik bij ADHD in de volwassenheid.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/156http://www.code.thomasmore.be/kalender/156
  • Inleiding
  •           ADHD: Geschiedenis, fenomenologie en middelenmisbruik
                                   

    1. Diagnostiek van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek

              Aandachtspunten bij diagnostiek: Comorbiditeit en differentiaaldiagnostiek
              
    Classificerende diagnostiek van ADHD: Anamnese, Screenings- en diagnostisch instrumentarium en casuïstiek
              Sterkte-zwakte analyse: Neuropsychologische inzichten gekaderd in het CHC-model
     

              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel I)
              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel II)
              Evidence based practice: Niet-medicamenteuze behandeling van ADHD
     

    1. Behandeling van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek
    ]]>
    1. Inleiding

              ADHD: Geschiedenis, fenomenologie en middelenmisbruik
                                   

    1. Diagnostiek van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek

              Aandachtspunten bij diagnostiek: Comorbiditeit en differentiaaldiagnostiek
              
    Classificerende diagnostiek van ADHD: Anamnese, Screenings- en diagnostisch instrumentarium en casuïstiek
              Sterkte-zwakte analyse: Neuropsychologische inzichten gekaderd in het CHC-model

              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel I)
              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel II)
              Evidence based practice: Niet-medicamenteuze behandeling van ADHD

    1. Behandeling van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek
    <![CDATA[Middelenmisbruik bij ADHD in de volwassenheid.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/157http://www.code.thomasmore.be/kalender/157
  • Inleiding
  •           ADHD: Geschiedenis, fenomenologie en middelenmisbruik
                                   

    1. Diagnostiek van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek

              Aandachtspunten bij diagnostiek: Comorbiditeit en differentiaaldiagnostiek
              
    Classificerende diagnostiek van ADHD: Anamnese, Screenings- en diagnostisch instrumentarium en casuïstiek
              Sterkte-zwakte analyse: Neuropsychologische inzichten gekaderd in het CHC-model

              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel I)
              Evidence based practice: Medicamenteuze behandeling van ADHD (deel II)
              Evidence based practice: Niet-medicamenteuze behandeling van ADHD

    1. Behandeling van ADHD bij (jong)volwassenen met een verslavingsproblematiek
    ]]>

    Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. De diagnostiek van ADHD wordt echter op tenminste twee domeinen bemoeilijkt. Ten eerste variëren de aandachtsproblemen, hyperactiviteit en impulsiviteit sterk van leeftijd tot leeftijd. Ten tweede vertoont tot 70 procent van de jongeren met ADHD ook een deel van of zelfs een volledig symptoombeeld van andere stoornissen zoals oppositioneel opstandige gedragsstoornis, antisociale gedragsstoornis, leerproblemen en motorische problemen. Deze comorbiditeiten stellen bijkomende uitdagingen aan de diagnostiek van ADHD.

    In het eerste deel van deze studiedag bekijken we vanuit een ontwikkelingsperspectief (namelijk kindertijd, adolescentie en volwassenheid) de comorbiditeiten van ADHD. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van de drie ontwikkelingsfasen: Hoe kunnen we comorbide stoornissen onderscheiden van ADHD? Welke disciplines dienen hiervoor een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valied? Welke invloed heeft leeftijd op de differentiaaldiagnose? Een dergelijke grondige analyse wil  een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    <![CDATA[Comorbiditeit en differentiaaldiagnostiek bij ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/158http://www.code.thomasmore.be/kalender/158Een betrouwbaar diagnostisch proces is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle behandeling. De diagnostiek van ADHD wordt echter op tenminste twee domeinen bemoeilijkt. Ten eerste variëren de aandachtsproblemen, hyperactiviteit en impulsiviteit sterk van leeftijd tot leeftijd. Ten tweede vertoont tot 70 procent van de jongeren met ADHD ook een deel van of zelfs een volledig symptoombeeld van andere stoornissen zoals oppositioneel opstandige gedragsstoornis, antisociale gedragsstoornis, leerproblemen en motorische problemen. Deze comorbiditeiten stellen bijkomende uitdagingen aan de diagnostiek van ADHD.

    In het eerste deel van deze studiedag bekijken we vanuit een ontwikkelingsperspectief (namelijk kindertijd, adolescentie en volwassenheid) de comorbiditeiten van ADHD. In het tweede deel gaan we interactief en aan de hand van casuïstiek de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van de drie ontwikkelingsfasen: Hoe kunnen we comorbide stoornissen onderscheiden van ADHD? Welke disciplines dienen hiervoor een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valied? Welke invloed heeft leeftijd op de differentiaaldiagnose? Een dergelijke grondige analyse wil  een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    ]]>

    In het secundair onderwijs raakt de kennis over dyslexie meer en meer verspreid. Heel wat scholen bieden dyslectici reeds redelijke aanpassingen, meestal in termen van gestandaardiseerde onderwijs- en examenfaciliteiten. We moeten er echter over waken dat er niet wordt voorbijgegaan aan de eigenheid en noden van elke afzonderlijke leerling.

    Zorg-op-maat impliceert een brede kijk: oog voor de lees- en spellingmoeilijkheden van de dyslectische leerling, maar evenzeer aandacht voor zijn sterke kanten, mogelijke samenhangende emotionele aspecten en beïnvloedende factoren vanuit de omgeving. Doorheen de workshop maken we, aan de hand van praktische oefeningen, de meerwaarde van een multidisciplinaire kijk én aanpak duidelijk.

    <![CDATA[Zorg-op-maat voor de dyslectische leerling vanuit een multidisciplinaire benadering]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/159http://www.code.thomasmore.be/kalender/159In het secundair onderwijs raakt de kennis over dyslexie meer en meer verspreid. Heel wat scholen bieden dyslectici reeds redelijke aanpassingen, meestal in termen van gestandaardiseerde onderwijs- en examenfaciliteiten. We moeten er echter over waken dat er niet wordt voorbijgegaan aan de eigenheid en noden van elke afzonderlijke leerling.

    Zorg-op-maat impliceert een brede kijk: oog voor de lees- en spellingmoeilijkheden van de dyslectische leerling, maar evenzeer aandacht voor zijn sterke kanten, mogelijke samenhangende emotionele aspecten en beïnvloedende factoren vanuit de omgeving. Doorheen de workshop maken we, aan de hand van praktische oefeningen, de meerwaarde van een multidisciplinaire kijk én aanpak duidelijk.

    ]]>

    Ondanks het toenemend aantal meertalige kinderen in het basisonderwijs blijven er hardnekkige misverstanden bestaan over meertalig opvoeden. Leerkrachten, maar ook hulpverleners, blijven vaak met twijfels achter over het proces van taalontwikkeling bij meertalige kinderen. In deze vorming lichten we het normale ontwikkelingsverloop toe en staan we stil bij enkele heersende misvattingen. In de namiddag focussen we op een verantwoorde diagnostiek van taalontwikkelingsstoornissen bij meertalige kinderen. We bespreken een werkwijze rekening houdend met het totaalprofiel van het kind en lichten enkele valkuilen toe. Aansluitend reiken we enkele handvatten tot begeleiding aan. We hanteren een interactieve werkvorm en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

    <![CDATA[Meertalige ontwikkeling: verloop, misvattingen en diagnostiek van taalstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/161http://www.code.thomasmore.be/kalender/161Ondanks het toenemend aantal meertalige kinderen in het basisonderwijs blijven er hardnekkige misverstanden bestaan over meertalig opvoeden. Leerkrachten, maar ook hulpverleners, blijven vaak met twijfels achter over het proces van taalontwikkeling bij meertalige kinderen. In deze vorming lichten we het normale ontwikkelingsverloop toe en staan we stil bij enkele heersende misvattingen. In de namiddag focussen we op een verantwoorde diagnostiek van taalontwikkelingsstoornissen bij meertalige kinderen. We bespreken een werkwijze rekening houdend met het totaalprofiel van het kind en lichten enkele valkuilen toe. Aansluitend reiken we enkele handvatten tot begeleiding aan. We hanteren een interactieve werkvorm en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

    ]]>
    <![CDATA[Workshop "Voordelen van en vooroordelen over tweetaligheid, met een focus op tweetaligheid in een gebarentaal en een gesproken taal"]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/162http://www.code.thomasmore.be/kalender/162

    Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak
    op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in
    de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en
    spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten
    zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een
    holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier
    kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de
    deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking
    gebeurt aan de hand van een aantal casussen. Er wordt gekozen voor een
    interactieve werkvorm.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/163http://www.code.thomasmore.be/kalender/163Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak
    op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in
    de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en
    spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten
    zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een
    holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier
    kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de
    deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking
    gebeurt aan de hand van een aantal casussen. Er wordt gekozen voor een
    interactieve werkvorm.

    ]]>

    Als diagnosticus in de meertalige diagnostiek bots je vaak op een aantal problemen. Je stelt je bijvoorbeeld de vraag of de lees- of spellingsmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands. In deze vorming bieden we een theoretisch kader aan van waaruit je te werk kan gaan in de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen. We lichten het verloop toe aan de hand van een volledig uitgewerkte casus. Aandachtspunten voor de afname en interpretatie van de testgegevens worden in de verf gezet. Tot slot geven we een aanzet tot het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel van een individuele cliënt, van waaruit adviezen-op-maat kunnen worden geformuleerd.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertaligen (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/164http://www.code.thomasmore.be/kalender/164Als diagnosticus in de meertalige diagnostiek bots je vaak op een aantal problemen. Je stelt je bijvoorbeeld de vraag of de lees- of spellingsmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalvaardigheid in het Nederlands. In deze vorming bieden we een theoretisch kader aan van waaruit je te werk kan gaan in de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen. We lichten het verloop toe aan de hand van een volledig uitgewerkte casus. Aandachtspunten voor de afname en interpretatie van de testgegevens worden in de verf gezet. Tot slot geven we een aanzet tot het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel van een individuele cliënt, van waaruit adviezen-op-maat kunnen worden geformuleerd.

    ]]>

    In deze workshop leer je de kennis die je opdeed over de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen (zie sessie 1: ‘Diagnostiek van dyslexie bij meertaligen: theoretisch kader en aanpak’, voormiddag) om te zetten in de praktijk. Aan de hand van casusmateriaal ga je in kleine groepjes zelf aan de slag: je bekijkt de intakegegevens kritisch en bepaalt in groep welke testafnames noodzakelijk zijn. Ook de mondelinge taalbeheersing krijgt hierbij de nodige aandacht. Vervolgens leer je samen een sterkte-zwakteprofiel opstellen van waaruit je adviezen-op-maat formuleert. Nadien koppel je deze bevindingen in grote groep terug, waarna we discussiëren over de meerwaarde van een dergelijke aanpak. Voor deze opdrachten word je nauw begeleid door de spreker.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertaligen: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/165http://www.code.thomasmore.be/kalender/165In deze workshop leer je de kennis die je opdeed over de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen (zie sessie 1: ‘Diagnostiek van dyslexie bij meertaligen: theoretisch kader en aanpak’, voormiddag) om te zetten in de praktijk. Aan de hand van casusmateriaal ga je in kleine groepjes zelf aan de slag: je bekijkt de intakegegevens kritisch en bepaalt in groep welke testafnames noodzakelijk zijn. Ook de mondelinge taalbeheersing krijgt hierbij de nodige aandacht. Vervolgens leer je samen een sterkte-zwakteprofiel opstellen van waaruit je adviezen-op-maat formuleert. Nadien koppel je deze bevindingen in grote groep terug, waarna we discussiëren over de meerwaarde van een dergelijke aanpak. Voor deze opdrachten word je nauw begeleid door de spreker.

    ]]>

    Je volgde eerder de sessies ‘theoretisch kader en aanpak’ (sessie 1, 20.11.2012, 9u30-12u30) en de ‘verdiepende workshop’ (sessie 2, 20.11.2012, 13u30-16u30) over de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen. Tijdens deze sessie gaan we in op je ervaringen in de praktijk na de gevolgde vormingen. We geven antwoorden op je vragen en de problemen waar je op botst. Daarnaast krijg je suggesties voor verbetering van je eigen praktijk. Opdat we alle vragen zouden kunnen bundelen, vragen we je om deze vooraf door te sturen naar charlotte.mostaert@lessius.eu (voor 07.01.2013).

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertaligen: supervisie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/166http://www.code.thomasmore.be/kalender/166Je volgde eerder de sessies ‘theoretisch kader en aanpak’ (sessie 1, 20.11.2012, 9u30-12u30) en de ‘verdiepende workshop’ (sessie 2, 20.11.2012, 13u30-16u30) over de diagnostiek van dyslexie bij meertaligen. Tijdens deze sessie gaan we in op je ervaringen in de praktijk na de gevolgde vormingen. We geven antwoorden op je vragen en de problemen waar je op botst. Daarnaast krijg je suggesties voor verbetering van je eigen praktijk. Opdat we alle vragen zouden kunnen bundelen, vragen we je om deze vooraf door te sturen naar charlotte.mostaert@lessius.eu (voor 07.01.2013).

    ]]>

    Tijdens deze studiedag doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingsmoeilijkheden. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie al dan niet kunnen stellen.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie bij kinderen en jongeren (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/167http://www.code.thomasmore.be/kalender/167Tijdens deze studiedag doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingsmoeilijkheden. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie al dan niet kunnen stellen.

    ]]>

    In deze verdiepende workshop leer je de kennis over diagnostiek van dyslexie (zie vorming in de voormiddag) toe te passen op een aantal verschillende casussen. In kleine groep ga je aan de slag met intakegegevens en onderzoeksresultaten van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie. Je leert een sterkte-zwakteprofiel op te stellen, dat als basis dient om individuele adviezen te formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie bij kinderen en jongeren: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/168http://www.code.thomasmore.be/kalender/168In deze verdiepende workshop leer je de kennis over diagnostiek van dyslexie (zie vorming in de voormiddag) toe te passen op een aantal verschillende casussen. In kleine groep ga je aan de slag met intakegegevens en onderzoeksresultaten van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie. Je leert een sterkte-zwakteprofiel op te stellen, dat als basis dient om individuele adviezen te formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    ]]>

    Voor de handelingsgerichte diagnostiek van dyscalculie moet een breed scala aan rekenvaardigheden in kaart worden gebracht. Tijdens deze studiedag krijg je een model aangereikt om het bestaande testinstrumentarium te analyseren en in te zetten tijdens diagnostisch onderzoek. Dit model biedt eveneens een houvast voor de kwantitatieve en kwalitatieve analyses van de rekenvaardigheden. Deze analyses zijn enerzijds essentieel voor de diagnosestelling van dyscalculie, anderzijds leer je op basis van deze analyses adviezen op maat te formuleren en de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van elk kind of jongere.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en jongeren (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/169http://www.code.thomasmore.be/kalender/169Voor de handelingsgerichte diagnostiek van dyscalculie moet een breed scala aan rekenvaardigheden in kaart worden gebracht. Tijdens deze studiedag krijg je een model aangereikt om het bestaande testinstrumentarium te analyseren en in te zetten tijdens diagnostisch onderzoek. Dit model biedt eveneens een houvast voor de kwantitatieve en kwalitatieve analyses van de rekenvaardigheden. Deze analyses zijn enerzijds essentieel voor de diagnosestelling van dyscalculie, anderzijds leer je op basis van deze analyses adviezen op maat te formuleren en de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van elk kind of jongere.

    ]]>

    Het doel van deze verdiepende workshop is om je eigen ervaringen met diagnostiek van dyscalculie en de kennis die je opdeed tijdens de vorming in de voormiddag, toe te passen in de praktijk. We bespreken in kleine groepen een aantal casussen, vertrekkende vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel op te stellen. Dit profiel gebruik je om te discussiëren met andere deelnemers over de individueel aangepaste adviezen. Hierbij is voldoende tijd voorzien om in te gaan op vragen van de deelnemers.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en jongeren: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/170http://www.code.thomasmore.be/kalender/170Het doel van deze verdiepende workshop is om je eigen ervaringen met diagnostiek van dyscalculie en de kennis die je opdeed tijdens de vorming in de voormiddag, toe te passen in de praktijk. We bespreken in kleine groepen een aantal casussen, vertrekkende vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel op te stellen. Dit profiel gebruik je om te discussiëren met andere deelnemers over de individueel aangepaste adviezen. Hierbij is voldoende tijd voorzien om in te gaan op vragen van de deelnemers.

    ]]>

    Het voorkomen van comorbiditeit tussen ADHD en dyslexie blijkt niet gering te zijn. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de huidige wetenschappelijke inzichten in dyslexie en ADHD. Op basis daarvan bespreken we de (differentiaal)diagnostiek van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. Het CHC-model vormt hierbij de rode draad. Op basis van een sterkte-zwakteanalyse bespreken we eveneens aanknopingspunten voor de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en ADHD.

    <![CDATA[Dyslexie en ADHD (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/171http://www.code.thomasmore.be/kalender/171Het voorkomen van comorbiditeit tussen ADHD en dyslexie blijkt niet gering te zijn. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de huidige wetenschappelijke inzichten in dyslexie en ADHD. Op basis daarvan bespreken we de (differentiaal)diagnostiek van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. Het CHC-model vormt hierbij de rode draad. Op basis van een sterkte-zwakteanalyse bespreken we eveneens aanknopingspunten voor de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en ADHD.

    ]]>

    De kennis die je opdeed tijdens de vorming in de voormiddag leer je toe te passen in deze verdiepende workshop. In kleine groepjes bestuderen we een aantal casussen van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. We bespreken intakegegevens en onderzoeksresultaten om van daaruit een differentiaaldiagnose te stellen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel komt hierbij aan bod, alsook het bespreken van individueel aangepaste adviezen en begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en/of ADHD. Het uitwisselen van eigen ervaringen met andere deelnemers en de sprekers vormt hierbij een meerwaarde.

    <![CDATA[Dyslexie en ADHD: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/172http://www.code.thomasmore.be/kalender/172De kennis die je opdeed tijdens de vorming in de voormiddag leer je toe te passen in deze verdiepende workshop. In kleine groepjes bestuderen we een aantal casussen van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. We bespreken intakegegevens en onderzoeksresultaten om van daaruit een differentiaaldiagnose te stellen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel komt hierbij aan bod, alsook het bespreken van individueel aangepaste adviezen en begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en/of ADHD. Het uitwisselen van eigen ervaringen met andere deelnemers en de sprekers vormt hierbij een meerwaarde.

    ]]>

    De Interactieve Dyslexietest Amsterdam-Antwerpen is een nieuw computergestuurd testinstrument voor de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen (16+). Het richt zich op het basisfenomeen van dyslexie: ernstige lees- en/of spellingsproblemen op woordniveau. De kerncompetenties lezen en spellen worden gemeten aan de hand van flitstaken waarin woorden (zowel Nederlands als Engels) en pseudowoorden voor korte tijd worden aangeboden en zo beroep doen op geautomatiseerde processen. Uit onderzoek blijkt immers dat jongvolwassenen meer moeilijkheden ondervinden met snelheid dan met accuratesse.

    Tijdens deze vorming leer je de mogelijkheden van het instrument kennen en leer je het in te zetten in de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen. We bekijken eveneens hoe dit instrument een aanvulling vormt op het reeds bestaande testinstrumentarium voor jongvolwassenen met dyslexie. Klik hier alvast voor meer informatie over de IDAA.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen: Interactieve Dyslexietest Amsterdam-Antwerpen of IDAA (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/173http://www.code.thomasmore.be/kalender/173De Interactieve Dyslexietest Amsterdam-Antwerpen is een nieuw computergestuurd testinstrument voor de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen (16+). Het richt zich op het basisfenomeen van dyslexie: ernstige lees- en/of spellingsproblemen op woordniveau. De kerncompetenties lezen en spellen worden gemeten aan de hand van flitstaken waarin woorden (zowel Nederlands als Engels) en pseudowoorden voor korte tijd worden aangeboden en zo beroep doen op geautomatiseerde processen. Uit onderzoek blijkt immers dat jongvolwassenen meer moeilijkheden ondervinden met snelheid dan met accuratesse.

    Tijdens deze vorming leer je de mogelijkheden van het instrument kennen en leer je het in te zetten in de diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen. We bekijken eveneens hoe dit instrument een aanvulling vormt op het reeds bestaande testinstrumentarium voor jongvolwassenen met dyslexie. Klik hier alvast voor meer informatie over de IDAA.

    ]]>

    Tijdens deze verdiepende workshop leer je de onderzoeksresultaten van de IDAA toe te passen op een aantal casussen van jongvolwassenen met een vermoeden van dyslexie. De kennis die je opdeed tijdens de voormiddag vormt hierbij het uitgangspunt. In kleine groepjes leer je de onderzoeksresultaten te interpreteren en van daaruit een sterkte-zwakteprofiel op te stellen. We bespreken hierbij in welke situaties een diagnose dyslexie kan gesteld worden en welke adviezen we kunnen geven aan jongeren met lees- en/of spellingsmoeilijkheden.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen: Interactieve Dyslexietest Amsterdam-Antwerpen of IDAA: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/174http://www.code.thomasmore.be/kalender/174Tijdens deze verdiepende workshop leer je de onderzoeksresultaten van de IDAA toe te passen op een aantal casussen van jongvolwassenen met een vermoeden van dyslexie. De kennis die je opdeed tijdens de voormiddag vormt hierbij het uitgangspunt. In kleine groepjes leer je de onderzoeksresultaten te interpreteren en van daaruit een sterkte-zwakteprofiel op te stellen. We bespreken hierbij in welke situaties een diagnose dyslexie kan gesteld worden en welke adviezen we kunnen geven aan jongeren met lees- en/of spellingsmoeilijkheden.

    ]]>

    In de classificerende diagnostiek van ADHD bij kinderen en jongeren staat het belang en de plaats van intelligentie- en neuropsychologisch onderzoek vaak ter discussie. Dergelijke tests lijken primair hun meerwaarde te hebben in de uitwerking van een persoonlijke sterkte-zwakteanalyse en de aansluitende adviesvorming. In deze vorming wordt het CHC-model (Catell-Horn-Carroll) aangeboden als een kader om informatie uit intelligentie- en neuropsychologische testen te analyseren en op die manier specifieke cognitieve vaardigheden van kinderen en jongeren zuiver in kaart te brengen als basis voor advies-op-maat.

    <![CDATA[Sterkte-zwakteanalyse in de diagnostiek van ADHD bij kinderen en jongeren: van cognitief vaardigheidsprofiel tot gericht advies (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/175http://www.code.thomasmore.be/kalender/175In de classificerende diagnostiek van ADHD bij kinderen en jongeren staat het belang en de plaats van intelligentie- en neuropsychologisch onderzoek vaak ter discussie. Dergelijke tests lijken primair hun meerwaarde te hebben in de uitwerking van een persoonlijke sterkte-zwakteanalyse en de aansluitende adviesvorming. In deze vorming wordt het CHC-model (Catell-Horn-Carroll) aangeboden als een kader om informatie uit intelligentie- en neuropsychologische testen te analyseren en op die manier specifieke cognitieve vaardigheden van kinderen en jongeren zuiver in kaart te brengen als basis voor advies-op-maat.

    ]]>

    In deze interactieve workshop leer je aan de hand van verschillende casussen de theoretische kennis van de voormiddagsessie, toe te passen. Aan de hand van resultaten op verschillende subtests wordt stap voor stap het cognitief vaardigheidsprofiel vormgegeven. Gecombineerd met taken rond executieve functies en aanvullende vragenlijsten trachten we een zo volledig mogelijk zicht te krijgen op het cognitieve functioneren van het kind/de jongere.

    <![CDATA[Sterkte-zwakteanalyse in de diagnostiek van ADHD bij kinderen en jongeren: van cognitief vaardigheidsprofiel tot gericht advies: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/176http://www.code.thomasmore.be/kalender/176In deze interactieve workshop leer je aan de hand van verschillende casussen de theoretische kennis van de voormiddagsessie, toe te passen. Aan de hand van resultaten op verschillende subtests wordt stap voor stap het cognitief vaardigheidsprofiel vormgegeven. Gecombineerd met taken rond executieve functies en aanvullende vragenlijsten trachten we een zo volledig mogelijk zicht te krijgen op het cognitieve functioneren van het kind/de jongere.

    ]]>

    Plannen en organiseren verlopen voor jongeren met ADHD vaak moeizaam. Deze vaardigheden worden met het toenemen van de leeftijd hoe langer hoe belangrijker bij het volgen van onderwijs en het studeren. Tijdens deze vorming bespreken we tests en vragenlijsten die worden gebruikt om een sterkte-zwakteanalyse van het executief functioneren op te stellen. Daarnaast maak je uitgebreid kennis met de evidence based training die werd ontwikkeld op maat van jongeren met ADHD om plannings- en organisatievaardigheden te verbeteren. In deze cognitief gedragstherapeutische training ligt het accent op plannings- en organisatievaardigheden, maar ook op het herstructureren van disfunctionele gedachten.

    <![CDATA[Planning- en organisatievaardigheden bij jongeren met ADHD: van sterkte-zwakteanalyse naar begeleiding (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/177http://www.code.thomasmore.be/kalender/177Plannen en organiseren verlopen voor jongeren met ADHD vaak moeizaam. Deze vaardigheden worden met het toenemen van de leeftijd hoe langer hoe belangrijker bij het volgen van onderwijs en het studeren. Tijdens deze vorming bespreken we tests en vragenlijsten die worden gebruikt om een sterkte-zwakteanalyse van het executief functioneren op te stellen. Daarnaast maak je uitgebreid kennis met de evidence based training die werd ontwikkeld op maat van jongeren met ADHD om plannings- en organisatievaardigheden te verbeteren. In deze cognitief gedragstherapeutische training ligt het accent op plannings- en organisatievaardigheden, maar ook op het herstructureren van disfunctionele gedachten.

    ]]>

    In deze interactieve workshop worden de theoretische aspecten van de sessie in de voormiddag toegepast en ingeoefend aan de hand van casusmateriaal. De vertaling wordt gemaakt van inzichten uit een sterkte-zwakteanalyse naar adviesverlening en het uitwerken van een begeleidingsplan. Het uitwisselen van eigen ervaringen met andere deelnemers en de spreker vormt hierbij een meerwaarde.

    <![CDATA[Planning- en organisatievaardigheden bij jongeren met ADHD: van sterkte-zwakteanalyse naar begeleiding: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/178http://www.code.thomasmore.be/kalender/178In deze interactieve workshop worden de theoretische aspecten van de sessie in de voormiddag toegepast en ingeoefend aan de hand van casusmateriaal. De vertaling wordt gemaakt van inzichten uit een sterkte-zwakteanalyse naar adviesverlening en het uitwerken van een begeleidingsplan. Het uitwisselen van eigen ervaringen met andere deelnemers en de spreker vormt hierbij een meerwaarde.

    ]]>

    Jongeren en (jong)volwassenen met een Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (kortweg ADHD) zijn niet meer weg te denken uit het onderwijs. Elke leerkracht/docent zal vroeg of laat in zijn/haar klas geconfronteerd worden met de stoornis. Er wordt dan ook van leerkrachten/docenten verwacht dat zij weten wat ADHD betekent, hoe deze stoornis zich kan uiten en vooral hoe ze het best met jongeren en (jong)volwassenen met ADHD kunnen omgaan. We gaan in op de kenmerken en symptomen van ADHD en besteden ruimschoots aandacht aan faciliteiten en compenserende maatregelen die in de klas kunnen gehanteerd worden. We gaan hierbij in op zowel jongeren als (jong)volwassenen, vermits de stoornis in beide leeftijdscategorieën vaak een andere uitingsvorm heeft en bijgevolg dan ook een andere aanpak vraagt.

    <![CDATA[ADHD in het secundair en hoger onderwijs: faciliteiten, compenserende maatregelen en ondersteuningstips]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/179http://www.code.thomasmore.be/kalender/179Jongeren en (jong)volwassenen met een Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (kortweg ADHD) zijn niet meer weg te denken uit het onderwijs. Elke leerkracht/docent zal vroeg of laat in zijn/haar klas geconfronteerd worden met de stoornis. Er wordt dan ook van leerkrachten/docenten verwacht dat zij weten wat ADHD betekent, hoe deze stoornis zich kan uiten en vooral hoe ze het best met jongeren en (jong)volwassenen met ADHD kunnen omgaan. We gaan in op de kenmerken en symptomen van ADHD en besteden ruimschoots aandacht aan faciliteiten en compenserende maatregelen die in de klas kunnen gehanteerd worden. We gaan hierbij in op zowel jongeren als (jong)volwassenen, vermits de stoornis in beide leeftijdscategorieën vaak een andere uitingsvorm heeft en bijgevolg dan ook een andere aanpak vraagt.

    ]]>

    Meertaligheid wordt vaak gezien als een nadeel en een oorzaak van leerachterstand op school. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop heersen echter heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij de verschillende soorten meertaligheid. Op die manier wordt duidelijk dat meertalig zijn ook een troef is.

    <![CDATA[Meertalige taalontwikkeling: inzichten in het normale ontwikkelingsverloop (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/180http://www.code.thomasmore.be/kalender/180Meertaligheid wordt vaak gezien als een nadeel en een oorzaak van leerachterstand op school. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop heersen echter heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij de verschillende soorten meertaligheid. Op die manier wordt duidelijk dat meertalig zijn ook een troef is.

    ]]>

    Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over de meertalige opvoeding. Zij stellen zich vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Als hulpverlener kan je deze ouders begeleiden. Aandacht voor alle talen waar het kind mee in contact komt, vormt hierbij een belangrijke peiler.

    Tijdens deze vorming krijg je adviezen aangereikt om ouders te begeleiden in de taalontwikkeling van hun kinderen. De inhoud van deze sessies steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies voor ouders binnen Code.

    <![CDATA[Ouderbegeleiding bij meertalige opvoeding: praktische tips en aanpak (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/181http://www.code.thomasmore.be/kalender/181Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over de meertalige opvoeding. Zij stellen zich vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Als hulpverlener kan je deze ouders begeleiden. Aandacht voor alle talen waar het kind mee in contact komt, vormt hierbij een belangrijke peiler.

    Tijdens deze vorming krijg je adviezen aangereikt om ouders te begeleiden in de taalontwikkeling van hun kinderen. De inhoud van deze sessies steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies voor ouders binnen Code.

    ]]>

    Het aantal meertalige kinderen in de logopedische praktijk neemt toe. Onderzoek toont echter aan dat heel wat logopedisten vragen hebben bij het uitvoeren van taaldiagnostiek bij meertalige kinderen. Tijdens deze sessie krijg je inzicht in een verantwoorde diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen. Aan de hand van een stappenplan maak je kennis met de belangrijkste principes van het diagnostisch proces en leer je aandacht hebben voor elke taal waarmee het kind in aanraking komt. Dit proces wordt toegelicht aan de hand van één volledig uitgewerkte casus. Tot slot geven we een aanzet tot het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel van een individuele cliënt, van waaruit adviezen-op-maat kunnen worden geformuleerd.

    <![CDATA[Diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/182http://www.code.thomasmore.be/kalender/182Het aantal meertalige kinderen in de logopedische praktijk neemt toe. Onderzoek toont echter aan dat heel wat logopedisten vragen hebben bij het uitvoeren van taaldiagnostiek bij meertalige kinderen. Tijdens deze sessie krijg je inzicht in een verantwoorde diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen. Aan de hand van een stappenplan maak je kennis met de belangrijkste principes van het diagnostisch proces en leer je aandacht hebben voor elke taal waarmee het kind in aanraking komt. Dit proces wordt toegelicht aan de hand van één volledig uitgewerkte casus. Tot slot geven we een aanzet tot het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel van een individuele cliënt, van waaruit adviezen-op-maat kunnen worden geformuleerd.

    ]]>

    In deze workshop leer je de kennis die je opdeed over de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen (zie voormiddagsessie: Diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen: theoretisch kader en aanpak) om te zetten in de praktijk. Aan de hand van casusmateriaal ga je in kleine groepjes zelf aan de slag: je bekijkt de intakegegevens kritisch en bepaalt in groep welke testafnames noodzakelijk of wenselijk zijn. Je hebt hierbij aandacht voor elke taal waarmee het kind in contact komt. Vervolgens leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen van waaruit je adviezen-op-maat formuleert. Nadien koppel je deze bevindingen in grote groep terug, waarna we discussiëren over de meerwaarde van een dergelijke aanpak. Voor deze opdrachten word je nauw begeleid door de spreker.

    <![CDATA[Diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen: verdiepende workshop (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/183http://www.code.thomasmore.be/kalender/183In deze workshop leer je de kennis die je opdeed over de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen (zie voormiddagsessie: Diagnostiek van taalstoornissen bij meertalige kinderen: theoretisch kader en aanpak) om te zetten in de praktijk. Aan de hand van casusmateriaal ga je in kleine groepjes zelf aan de slag: je bekijkt de intakegegevens kritisch en bepaalt in groep welke testafnames noodzakelijk of wenselijk zijn. Je hebt hierbij aandacht voor elke taal waarmee het kind in contact komt. Vervolgens leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen van waaruit je adviezen-op-maat formuleert. Nadien koppel je deze bevindingen in grote groep terug, waarna we discussiëren over de meerwaarde van een dergelijke aanpak. Voor deze opdrachten word je nauw begeleid door de spreker.

    ]]>

    In het eerste deel van de vorming wordt kort ingegaan op het theoretisch kader van leerstoornissen. We bespreken de definities van dyslexie en dyscalculie en de criteria om deze diagnoses te stellen. We gaan kort in op de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie, omdat dit kader noodzakelijk is om onderzoeksverslagen te interpreteren.

    In het tweede deel leggen we een aantal anonieme casussen voor van dossiers die Lessiusstudenten hebben voorgelegd voor de aanvraag van examenfaciliteiten. We passen de criteria toe om deze attesten al dan niet te aanvaarden. Vervolgens kunnen de deelnemers een aantal zelf meegebrachte casussen bespreken en de criteria bekijken.

    <![CDATA[Attestering van leerstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/184http://www.code.thomasmore.be/kalender/184In het eerste deel van de vorming wordt kort ingegaan op het theoretisch kader van leerstoornissen. We bespreken de definities van dyslexie en dyscalculie en de criteria om deze diagnoses te stellen. We gaan kort in op de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie, omdat dit kader noodzakelijk is om onderzoeksverslagen te interpreteren.

    In het tweede deel leggen we een aantal anonieme casussen voor van dossiers die Lessiusstudenten hebben voorgelegd voor de aanvraag van examenfaciliteiten. We passen de criteria toe om deze attesten al dan niet te aanvaarden. Vervolgens kunnen de deelnemers een aantal zelf meegebrachte casussen bespreken en de criteria bekijken.

    ]]>

    Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak
    op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in
    de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en
    spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten
    zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een
    holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier
    kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de
    deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking
    gebeurt aan de hand van een aantal casussen. Er wordt gekozen voor een
    interactieve werkvorm.

     

    Inschrijven kan via volgende link: http://www.foyer.be/spip.php?page=article&id_article=10252&lang=nl&id_rubrique=1486

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/185http://www.code.thomasmore.be/kalender/185Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak
    op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in
    de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en
    spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis of dat deze eerder te wijten
    zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands. We omschrijven een
    holistische aanpak waarbinnen meertalige kinderen op een verantwoorde manier
    kunnen worden onderzocht en bieden praktische handvatten aan waarmee de
    deelnemers tijdens de vorming actief mee aan de slag kunnen gaan. De uitwerking
    gebeurt aan de hand van een aantal casussen. Er wordt gekozen voor een
    interactieve werkvorm.

     

    Inschrijven kan via volgende link: http://www.foyer.be/spip.php?page=article&id_article=10252&lang=nl&id_rubrique=1486

    ]]>

    De ondersteuning van leerlingen met dyslexie kan binnen het secundair onderwijs plaatsvinden op verschillende niveaus (schoolniveau, klasniveau, individueel niveau). Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is. We doen dit aan de hand van concrete voorbeelden en voorzien ook voldoende tijd voor interactie en overleg.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/186http://www.code.thomasmore.be/kalender/186De ondersteuning van leerlingen met dyslexie kan binnen het secundair onderwijs plaatsvinden op verschillende niveaus (schoolniveau, klasniveau, individueel niveau). Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is. We doen dit aan de hand van concrete voorbeelden en voorzien ook voldoende tijd voor interactie en overleg.

    ]]>

    Wereldwijd is meertaligheid eerder regel dan uitzondering. Ook in Vlaanderen neemt het aantal meertalige kinderen toe. Zo spreekt 10 tot 15% van de schoollopende kinderen thuis een andere taal dan het Nederlands. In steden als Gent en Antwerpen loopt dat aantal op tot vier op tien. Toch blijven er hardnekkige misverstanden bestaan over meertalig opgroeien. Leerkrachten blijven vaak met twijfels achter over het proces van taalverwerving bij meertalige kinderen.

     

    Tijdens deze studiedag lichten we het normale ontwikkelingsverloop toe en staan we stil bij enkele heersende misvattingen. Na de middag focussen we op taalstimulatie en mogelijkheden voor begeleiding in de klas. Hierbij bekijken we hoe de thuistaal als troef kan worden ingezet. We hanteren een interactieve werkvorm en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

    <![CDATA[Meertaligheid in het onderwijs: achtergrondinformatie en aanknopingspunten voor begeleiding]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/187http://www.code.thomasmore.be/kalender/187Wereldwijd is meertaligheid eerder regel dan uitzondering. Ook in Vlaanderen neemt het aantal meertalige kinderen toe. Zo spreekt 10 tot 15% van de schoollopende kinderen thuis een andere taal dan het Nederlands. In steden als Gent en Antwerpen loopt dat aantal op tot vier op tien. Toch blijven er hardnekkige misverstanden bestaan over meertalig opgroeien. Leerkrachten blijven vaak met twijfels achter over het proces van taalverwerving bij meertalige kinderen.

     

    Tijdens deze studiedag lichten we het normale ontwikkelingsverloop toe en staan we stil bij enkele heersende misvattingen. Na de middag focussen we op taalstimulatie en mogelijkheden voor begeleiding in de klas. Hierbij bekijken we hoe de thuistaal als troef kan worden ingezet. We hanteren een interactieve werkvorm en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden.

    ]]>
    <![CDATA[Detection of literacy problems in educational domain of adult second language learners]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/188http://www.code.thomasmore.be/kalender/188

     

     

    In onze maatschappij is het goed om veel talen te kennen. Dit biedt veel mogelijkheden op persoonlijk en maatschappelijk vlak. Meertalig opvoeden is echter niet vanzelfsprekend. Ouders ervaren vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Zij vinden het belangrijk dat hun kinderen het Nederlands, de schooltaal, goed kennen in functie van hun verdere toekomst. Toch willen ze thuis communiceren in een taal waar zij zich comfortabel bij voelen. De moedertaal speelt dus ook een belangrijke rol. Ouders stellen zich bijgevolg vragen over hoe ze hun kind het best meertalig kunnen opvoeden.

     

    Code, een expertisecentrum van de Groep Gezondheid & Welzijn van Lessius, organiseert daarom vijf interactieve begeleidingssessies. Hierin willen we ouders bewust maken van het belang van hun moedertaal. In deze sessies geven we praktische tips over hoe ouders binnen hun meertalige opvoeding kunnen omgaan met hun thuistaal en met het Nederlands.

    De sessies gaan telkens door van 19.30-21.00 op volgende data:


    • dinsdag 15 mei 2012
    • dinsdag 22 mei 2012
    • dinsdag 5 juni 2012
    • dinsdag 12 juni 2012
    • dinsdag 11 september 2012

     

    <![CDATA[Taalbegeleiding en taalstimulering voor ouders van meertalige kinderen: Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5 ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/189http://www.code.thomasmore.be/kalender/189 

     

    In onze maatschappij is het goed om veel talen te kennen. Dit biedt veel mogelijkheden op persoonlijk en maatschappelijk vlak. Meertalig opvoeden is echter niet vanzelfsprekend. Ouders ervaren vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Zij vinden het belangrijk dat hun kinderen het Nederlands, de schooltaal, goed kennen in functie van hun verdere toekomst. Toch willen ze thuis communiceren in een taal waar zij zich comfortabel bij voelen. De moedertaal speelt dus ook een belangrijke rol. Ouders stellen zich bijgevolg vragen over hoe ze hun kind het best meertalig kunnen opvoeden.

     

    Code, een expertisecentrum van de Groep Gezondheid & Welzijn van Lessius, organiseert daarom vijf interactieve begeleidingssessies. Hierin willen we ouders bewust maken van het belang van hun moedertaal. In deze sessies geven we praktische tips over hoe ouders binnen hun meertalige opvoeding kunnen omgaan met hun thuistaal en met het Nederlands.

    De sessies gaan telkens door van 19.30-21.00 op volgende data:


    • dinsdag 15 mei 2012
    • dinsdag 22 mei 2012
    • dinsdag 5 juni 2012
    • dinsdag 12 juni 2012
    • dinsdag 11 september 2012

     

    ]]>

    Background
    Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies and internships. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support, from the viewpoints of young adults with dyslexia, their parents, tutors, and therapists.
    Method(s)
    In a first study, we investigated how these different parties involved experience various aspects of support. To this aim, all participants (24 young adults with dyslexia, 20 parents, 17 tutors and 5 therapists) took part in a semi-structured interview. The interviews concerned different themes: the impact of the learning disorder on studies and daily life, effective and ineffective aspects of therapy and support, and further needs with respect to support.
    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was developed on the basis of the topics brought forward in the interviews: compensatory strategies, computer and software use, support at home and at school, impact of the learning disorder and history of therapy. At the moment, the questionnaire is being administered to young adults with dyslexia.
    Result(s)
    Although young adults are receiving support, both at home and at school, they still experience needs. One of the most frequently and most intensely formulated needs was individually adapted support: individualised tutoring and accommodations. Furthermore, knowledge about dyslexia is seen as a prerequisite for understanding and acceptance by teachers and tutors. These findings, obtained in the interviews, will be linked to those presently being gathered with the questionnaires.
    Conclusion/take home message
    Implications of the present findings for evidence-based support of young adults with dyslexia will be discussed.

    <![CDATA[Support of young adults with dyslexia: what is effective according to young adults, parents, tutors, and therapists?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/190http://www.code.thomasmore.be/kalender/190Background
    Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies and internships. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support, from the viewpoints of young adults with dyslexia, their parents, tutors, and therapists.
    Method(s)
    In a first study, we investigated how these different parties involved experience various aspects of support. To this aim, all participants (24 young adults with dyslexia, 20 parents, 17 tutors and 5 therapists) took part in a semi-structured interview. The interviews concerned different themes: the impact of the learning disorder on studies and daily life, effective and ineffective aspects of therapy and support, and further needs with respect to support.
    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was developed on the basis of the topics brought forward in the interviews: compensatory strategies, computer and software use, support at home and at school, impact of the learning disorder and history of therapy. At the moment, the questionnaire is being administered to young adults with dyslexia.
    Result(s)
    Although young adults are receiving support, both at home and at school, they still experience needs. One of the most frequently and most intensely formulated needs was individually adapted support: individualised tutoring and accommodations. Furthermore, knowledge about dyslexia is seen as a prerequisite for understanding and acceptance by teachers and tutors. These findings, obtained in the interviews, will be linked to those presently being gathered with the questionnaires.
    Conclusion/take home message
    Implications of the present findings for evidence-based support of young adults with dyslexia will be discussed.

    ]]>

    Because arithmetical difficulties are not always recognized during elementary school, the field needs diagnostic tools for (young) adults. The number of instruments available for this population is nevertheless scarce and for the existing instruments standards for (young) adults are often lacking. Moreover, time pressure is a crucial factor in the diagnostics of dyscalculia in that age group. To give directions to the support of young adults with dyscalculia, teachers and therapists also need to have a clear picture of the weak and strong arithmetical abilities. To that aim, an overall picture of the different arithmetical abilities is necessary.
    We present the Arithmetical Skills Profile, a diagnostic tool that consists of two major parts. The first part offers a profound investigation of the basic arithmetical abilities (arithmetical fact knowledge, procedural knowledge and performance, conceptual knowledge and the integration of these topics). The second part aims at detailed and individualized recommendations by analyzing daily life skills related to arithmetic, and possible ways of compensation.
    In a pilot study we already observed a significant difference (F(1, 110) = 6.18, p<.05) between the scores of participants without and with dyscalculia (or a history of interventions for arithmetical difficulties), although in a restricted sample (n=140, of whom 15 experienced arithmetical problems).
    In the present study we present the results of a large sample of 6th graders (secondary education), the reference group. Findings about the validity (using criteria such as having a dyscalculia diagnosis or not) and (test-retest) reliability of the instrument will also be presented.

    <![CDATA[Dyscalculia in young adulthood: The Arithmetical Skills Profile as a starting point for support]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/191http://www.code.thomasmore.be/kalender/191Because arithmetical difficulties are not always recognized during elementary school, the field needs diagnostic tools for (young) adults. The number of instruments available for this population is nevertheless scarce and for the existing instruments standards for (young) adults are often lacking. Moreover, time pressure is a crucial factor in the diagnostics of dyscalculia in that age group. To give directions to the support of young adults with dyscalculia, teachers and therapists also need to have a clear picture of the weak and strong arithmetical abilities. To that aim, an overall picture of the different arithmetical abilities is necessary.
    We present the Arithmetical Skills Profile, a diagnostic tool that consists of two major parts. The first part offers a profound investigation of the basic arithmetical abilities (arithmetical fact knowledge, procedural knowledge and performance, conceptual knowledge and the integration of these topics). The second part aims at detailed and individualized recommendations by analyzing daily life skills related to arithmetic, and possible ways of compensation.
    In a pilot study we already observed a significant difference (F(1, 110) = 6.18, p<.05) between the scores of participants without and with dyscalculia (or a history of interventions for arithmetical difficulties), although in a restricted sample (n=140, of whom 15 experienced arithmetical problems).
    In the present study we present the results of a large sample of 6th graders (secondary education), the reference group. Findings about the validity (using criteria such as having a dyscalculia diagnosis or not) and (test-retest) reliability of the instrument will also be presented.

    ]]>

    Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies and internships. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support, from the viewpoints of young adults with dyslexia, their parents, tutors, and therapists.
    In a first study, we investigated how these different parties involved experience various aspects of support. To this aim, all participants (24 young adults with dyslexia, 20 parents, 17 tutors and 5 therapists) took part in a semi-structured interview. The interviews concerned different themes: the impact of the learning disorder on studies and daily life, effective and ineffective aspects of therapy and support, and further needs with respect to support.
    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was developed on the basis of the topics brought forward in the interviews: compensatory strategies, computer and software use, support at home and at school, impact of the learning disorder and history of therapy. At the moment, the questionnaire is being administered to young adults with dyslexia.
    Our first study showed that, although young adults are receiving support, both at home and at school, they still experience needs. One of the most frequently and most intensely formulated needs was individually adapted support: individualised tutoring and accommodations. Furthermore, knowledge about dyslexia is seen as a prerequisite for understanding and acceptance by teachers and tutors. These findings, obtained in the interviews, will be linked to those presently being gathered with the questionnaires and implications of the present findings for evidence-based support of young adults with dyslexia will be discussed.

    <![CDATA[Symposium 'Dyslexia in Higher Education' met eigen bijdrage 'Support of young adults with dyslexia: what is effective according to young adults, parents, tutors, and therapists?']]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/192http://www.code.thomasmore.be/kalender/192Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies and internships. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support, from the viewpoints of young adults with dyslexia, their parents, tutors, and therapists.
    In a first study, we investigated how these different parties involved experience various aspects of support. To this aim, all participants (24 young adults with dyslexia, 20 parents, 17 tutors and 5 therapists) took part in a semi-structured interview. The interviews concerned different themes: the impact of the learning disorder on studies and daily life, effective and ineffective aspects of therapy and support, and further needs with respect to support.
    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was developed on the basis of the topics brought forward in the interviews: compensatory strategies, computer and software use, support at home and at school, impact of the learning disorder and history of therapy. At the moment, the questionnaire is being administered to young adults with dyslexia.
    Our first study showed that, although young adults are receiving support, both at home and at school, they still experience needs. One of the most frequently and most intensely formulated needs was individually adapted support: individualised tutoring and accommodations. Furthermore, knowledge about dyslexia is seen as a prerequisite for understanding and acceptance by teachers and tutors. These findings, obtained in the interviews, will be linked to those presently being gathered with the questionnaires and implications of the present findings for evidence-based support of young adults with dyslexia will be discussed.

    ]]>

    Recent research shows that number transcoding is an important building block for more complex numerical and arithmetical abilities (Moeller, Pixner, Zuber, Kaufmann & Nuerk, 2011). It is thus important to evaluate number transcoding as part of the diagnostic assessment of dyscalculia. Transcoding problems have indeed been found in children with dyscalculia (van Loosbroek, Dirkx, Hulstijn & Janssen, 2008). The present study aimed to investigate (1) whether young adults with dyscalculia experience transcoding problems, and (2) the relation between number transcoding and working memory performance in this particular group.  To this aim, 20 young adults with dyscalculia and a matched control group were tested on four number transcoding tasks: a number dictation task (verbal to Arabic), reading Arabic digits aloud, calculator use with visual input, and calculator use with auditory input. We also included measures of intelligence (Kaufman Adolescent and Adult Intelligence Test) and working memory (digit span forward and backward). Compared to the control group, young adults with dyscalculia made significantly more errors on all transcoding tasks, except calculator use with visual input. They also showed a weaker performance on both working memory tasks, but no significant correlations with transcoding performance. In this presentation we will give an overview of the results and consider implications for future research and for the diagnostic assessment of dyscalculia.

    <![CDATA[Number transcoding in young adults with dyscalculia: An exploratory study.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/193http://www.code.thomasmore.be/kalender/193Recent research shows that number transcoding is an important building block for more complex numerical and arithmetical abilities (Moeller, Pixner, Zuber, Kaufmann & Nuerk, 2011). It is thus important to evaluate number transcoding as part of the diagnostic assessment of dyscalculia. Transcoding problems have indeed been found in children with dyscalculia (van Loosbroek, Dirkx, Hulstijn & Janssen, 2008). The present study aimed to investigate (1) whether young adults with dyscalculia experience transcoding problems, and (2) the relation between number transcoding and working memory performance in this particular group.  To this aim, 20 young adults with dyscalculia and a matched control group were tested on four number transcoding tasks: a number dictation task (verbal to Arabic), reading Arabic digits aloud, calculator use with visual input, and calculator use with auditory input. We also included measures of intelligence (Kaufman Adolescent and Adult Intelligence Test) and working memory (digit span forward and backward). Compared to the control group, young adults with dyscalculia made significantly more errors on all transcoding tasks, except calculator use with visual input. They also showed a weaker performance on both working memory tasks, but no significant correlations with transcoding performance. In this presentation we will give an overview of the results and consider implications for future research and for the diagnostic assessment of dyscalculia.

    ]]>

    Background
    Dyslexia and dyscalculia are lifelong learning disorders. Therefore, there is a need for evidence-based diagnostics and therapy for all age groups (children, adolescents and adults). Because of a lack of clarity about the amount of therapists working with the different age groups and the approach to diagnostic examination and therapy, we developed an easily accessible online search engine (www.codelessius.eu/desocialekaart), which offers detailed information about each registered therapist. This tool can help professionals to refer clients more efficiently and help the broader public to find a therapist.
    Method(s)
    So far, we retrieved data from 104 (dyslexia) and 98 (dyscalculia) therapists. This amount is constantly increasing, as further therapists can register. All therapists filled out a questionnaire, inquiring contact information, whether they have experience with one or more age groups, whether they are working in a multidisciplinary team, and the approach to diagnostics and therapy for the different age groups.
    Result(s)
    Generally, the number of registered therapists is about the same for both learning disorders. However, a different picture emerges when age group is taken into account: the amount of therapists working with adolescents and adults is relatively high for dyslexia, but not for dyscalculia. Although only half of the therapists work in a multidisciplinary team, most of them base their diagnostic approach for dyslexia on evidence-based criteria. However, for dyscalculia, this was only the case for children. The approach to therapy was similar for both learning disorders. Detailed results will be presented on the poster.
    Conclusion/take home message
    In Flanders, diagnostics as well as therapy are based on evidence-based criteria, although more so for dyslexia than for dyscalculia. Besides, differences between age groups are observed and some aspects (e.g., communication and cooperation with the teacher) remain neglected.

    <![CDATA[Evidence-based diagnostics and therapy of dyslexia and dyscalculia: Exploring the situation in Flanders.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/194http://www.code.thomasmore.be/kalender/194Background
    Dyslexia and dyscalculia are lifelong learning disorders. Therefore, there is a need for evidence-based diagnostics and therapy for all age groups (children, adolescents and adults). Because of a lack of clarity about the amount of therapists working with the different age groups and the approach to diagnostic examination and therapy, we developed an easily accessible online search engine (www.codelessius.eu/desocialekaart), which offers detailed information about each registered therapist. This tool can help professionals to refer clients more efficiently and help the broader public to find a therapist.
    Method(s)
    So far, we retrieved data from 104 (dyslexia) and 98 (dyscalculia) therapists. This amount is constantly increasing, as further therapists can register. All therapists filled out a questionnaire, inquiring contact information, whether they have experience with one or more age groups, whether they are working in a multidisciplinary team, and the approach to diagnostics and therapy for the different age groups.
    Result(s)
    Generally, the number of registered therapists is about the same for both learning disorders. However, a different picture emerges when age group is taken into account: the amount of therapists working with adolescents and adults is relatively high for dyslexia, but not for dyscalculia. Although only half of the therapists work in a multidisciplinary team, most of them base their diagnostic approach for dyslexia on evidence-based criteria. However, for dyscalculia, this was only the case for children. The approach to therapy was similar for both learning disorders. Detailed results will be presented on the poster.
    Conclusion/take home message
    In Flanders, diagnostics as well as therapy are based on evidence-based criteria, although more so for dyslexia than for dyscalculia. Besides, differences between age groups are observed and some aspects (e.g., communication and cooperation with the teacher) remain neglected.

    ]]>

     

    Workshop | Maandag 27 augustus

     

    Voormiddag | Psycho-educatie en timemanagement

    In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen aan bod.

    We staan vervolgens stil bij het maken van een korte- en langetermijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken.

     

    Namiddag | Begrijpend en studeren lezen (deel 1)

    In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

    Workshop | Dinsdag 28 augustus

    Voormiddag | Begrijpend lezen en studeren (deel 2)

    In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

     

    Namiddag | Schrijven

    In deze workshop kan je heel wat mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier krijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen.

     

    <![CDATA[Zomerworkshops voor studenten van het 5e en 6e jaar secundair onderwijs met dyslexie op 27 en 28 augustus]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/195http://www.code.thomasmore.be/kalender/195 

    Workshop | Maandag 27 augustus

     

    Voormiddag | Psycho-educatie en timemanagement

    In deze workshop krijg je meer inzicht in wat dyslexie is. Je leert ook je eigen sterke en zwakke punten beter kennen. Ook sociaal-emotionele aspecten komen aan bod.

    We staan vervolgens stil bij het maken van een korte- en langetermijnplanning. Dit is belangrijk om je studies zo efficiënt mogelijk aan te pakken.

     

    Namiddag | Begrijpend en studeren lezen (deel 1)

    In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

    Workshop | Dinsdag 28 augustus

    Voormiddag | Begrijpend lezen en studeren (deel 2)

    In deze workshop leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren. Je krijgt een laptop ter beschikking om alle digitale hulpmiddelen uit te proberen. We gaan in deze workshop dieper in op het gebruik van voorleessoftware. Er wordt ook stilgestaan bij het studeren zonder hulpmiddelen. Hiertoe worden bepaalde technieken aangeleerd. Je stelt een individueel studieplan op. Dit is gebaseerd op je eigen sterke/zwakke vaardigheden en de ervaringen die je opdoet met de hulpmiddelen en de technieken.

     

    Namiddag | Schrijven

    In deze workshop kan je heel wat mogelijkheden uitproberen om je spellingmoeilijkheden te compenseren. Je leert ook om het schrijven van verslagen en papers beter te laten verlopen. Ook hier krijg je een laptop ter beschikking om de digitale hulpmiddelen uit te proberen.

     

    ]]>

    Tijdens deze vorming wordt de CELF-4-NL (Semel, E., Wiig, E.H., & Secord, W.A.; Nederlandse bewerking door Kort, W., Compaan, E., Schittekatte, M., & Dekker, P., 2008) voorgesteld als diagnostisch instrument. We overlopen de verschillende testonderdelen en bespreken hoe deze een beeld kunnen schetsen van de (algemene) taalvaardigheid in het Nederlands. We formuleren eveneens suggesties voor een meer flexibele afname bij meertalige kinderen en staven deze werkwijze aan de hand van wetenschappelijke onderzoeksresultaten. Bij de bespreking van de CELF-4-NL hebben we zowel aandacht voor de pluspunten als voor de knelpunten van de test. De focus ligt op de bruikbaarheid van de test binnen het buitengewoon onderwijs, meer bepaald op de adviezen die vanuit de testafname kunnen worden geformuleerd voor de leerkrachten.

    <![CDATA[Het gebruik van de CELF-4-NL in het buitengewoon onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/196http://www.code.thomasmore.be/kalender/196Tijdens deze vorming wordt de CELF-4-NL (Semel, E., Wiig, E.H., & Secord, W.A.; Nederlandse bewerking door Kort, W., Compaan, E., Schittekatte, M., & Dekker, P., 2008) voorgesteld als diagnostisch instrument. We overlopen de verschillende testonderdelen en bespreken hoe deze een beeld kunnen schetsen van de (algemene) taalvaardigheid in het Nederlands. We formuleren eveneens suggesties voor een meer flexibele afname bij meertalige kinderen en staven deze werkwijze aan de hand van wetenschappelijke onderzoeksresultaten. Bij de bespreking van de CELF-4-NL hebben we zowel aandacht voor de pluspunten als voor de knelpunten van de test. De focus ligt op de bruikbaarheid van de test binnen het buitengewoon onderwijs, meer bepaald op de adviezen die vanuit de testafname kunnen worden geformuleerd voor de leerkrachten.

    ]]>

    In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    <![CDATA[De inzet van STICORDI-maatregelen in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/197http://www.code.thomasmore.be/kalender/197In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    ]]>

    Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat dyslectici ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt.

    <![CDATA[Orthodidactiek van vreemde talen: theoretisch kader]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/198http://www.code.thomasmore.be/kalender/198Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat dyslectici ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt.

    ]]>

    We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyscalculie: hoe uit dyscalculie zich bij leerlingen van het lager onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van kinderen met dyscalculie in het lager onderwijs.

    Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met dyscalculie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dit niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

    <![CDATA[Omgaan met dyscalculie in het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/199http://www.code.thomasmore.be/kalender/199We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyscalculie: hoe uit dyscalculie zich bij leerlingen van het lager onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyscalculie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van kinderen met dyscalculie in het lager onderwijs.

    Deze ondersteuning kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. Tijdens deze vorming bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij kinderen met dyscalculie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Een aanvraag voor sticordi-maatregelen moet meestal gestaafd worden aan de hand van een attest en bijhorend onderzoeksverslag. Idealiter worden de maatregelen dan ook individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dit niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

    ]]>

    Meertaligheid wordt vaak gezien als een nadeel en een oorzaak van leerachterstand op school. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bij meertalige kinderen heersen echter heel wat misvattingen over meertalige opvoeding. In deze vorming gaan we dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij enkele heersende misvattingen over meertaligheid op school. We bespreken ook enkele aandachtspunten van diagnostisch onderzoek bij meertalige kinderen (bv. bij afname van taal- en intelligentietests) en wijzen hierbij op het belang van een genuanceerde interpretatie van de behaalde resultaten. In de namiddag focussen we voornamelijk op de mogelijkheden voor taalstimulatie op school, met aandacht voor de verschillende thuistalen van de kinderen. Zo wordt duidelijk dat meertaligheid in de klas ook een troef kan zijn.

     

    <![CDATA[Meertaligheid in de klas]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/200http://www.code.thomasmore.be/kalender/200Meertaligheid wordt vaak gezien als een nadeel en een oorzaak van leerachterstand op school. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bij meertalige kinderen heersen echter heel wat misvattingen over meertalige opvoeding. In deze vorming gaan we dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij enkele heersende misvattingen over meertaligheid op school. We bespreken ook enkele aandachtspunten van diagnostisch onderzoek bij meertalige kinderen (bv. bij afname van taal- en intelligentietests) en wijzen hierbij op het belang van een genuanceerde interpretatie van de behaalde resultaten. In de namiddag focussen we voornamelijk op de mogelijkheden voor taalstimulatie op school, met aandacht voor de verschillende thuistalen van de kinderen. Zo wordt duidelijk dat meertaligheid in de klas ook een troef kan zijn.

     

    ]]>

    Tijdens deze sessie vertrekken we vanuit de ervaringen van de studenten en krijgen ze meer inzicht in wat dyslexie is en wat dit voor hen kan betekenen tijdens hun studies in het hoger onderwijs. We bespreken hierbij ook een aantal populaire ideeën en misverstanden over dyslexie.

    Verder wordt de sessie toegespitst op het ondersteuningsaanbod en komen de verschillende mogelijkheden tot begeleiding aan bod. Er worden ook een aantal concrete tips m.b.t. hulpmiddelen bij het studeren toegelicht, bijvoorbeeld:

    • Cursusmateriaal lezen m.b.v. Sprint
    • Cursusmateriaal instuderen m.b.v. Sprint
    • Cursusmateriaal structureren, begrijpen en instuderen
    • Tips bij het schrijven van verslagen, papers e.d.
    • Aandachtspunten bij examens
    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/201http://www.code.thomasmore.be/kalender/201Tijdens deze sessie vertrekken we vanuit de ervaringen van de studenten en krijgen ze meer inzicht in wat dyslexie is en wat dit voor hen kan betekenen tijdens hun studies in het hoger onderwijs. We bespreken hierbij ook een aantal populaire ideeën en misverstanden over dyslexie.

    Verder wordt de sessie toegespitst op het ondersteuningsaanbod en komen de verschillende mogelijkheden tot begeleiding aan bod. Er worden ook een aantal concrete tips m.b.t. hulpmiddelen bij het studeren toegelicht, bijvoorbeeld:

    • Cursusmateriaal lezen m.b.v. Sprint
    • Cursusmateriaal instuderen m.b.v. Sprint
    • Cursusmateriaal structureren, begrijpen en instuderen
    • Tips bij het schrijven van verslagen, papers e.d.
    • Aandachtspunten bij examens
    ]]>

    Tijdens de gastcolleges van 7 en 21 november bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs. Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/202http://www.code.thomasmore.be/kalender/202Tijdens de gastcolleges van 7 en 21 november bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

    ]]>

    Tijdens de gastcolleges van 7 en 21 november bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs. Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/203http://www.code.thomasmore.be/kalender/203Tijdens de gastcolleges van 7 en 21 november bekijken we het huidige wetenschappelijke kader van dyslexie: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    De ondersteuning van jongeren met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken hierbij voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor lessen, cursussen en presentaties, en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken. Ook de mogelijkheden van compenserende software in het secundair onderwijs komen aan bod. Verder wordt ook even stilgestaan bij een eventuele studiekeuze in het hoger onderwijs.

    ]]>

    Voor intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen proberen hulpverleners vaak de (anders)talige invloed uit te schakelen door te kiezen voor een non-verbale intelligentietest. Is het uitschakelen van taal binnen intelligentieonderzoek echter zinvol en is het überhaupt mogelijk? Geven non-verbale intelligentietests wel een correct beeld van iemands cognitief functioneren?  Wetenschappelijk onderzoek toont immers heel wat beperkingen aan bij deze tests. In deze vorming willen wij die tekorten duiden en een alternatief aanbieden op basis van het Cattell-Horn-Carroll-model (CHC-model). Dit model beschrijft een veel breder palet van cognitieve vaardigheden dan een standaard intelligentietest meet. Dit leidt in de praktijk tot een multidisciplinaire, crossbatterij benadering van intelligentieonderzoek, waarin subtests uit intelligentietests en taaltests elkaar kunnen aanvullen. Intelligentieonderzoek op basis van het CHC-model leidt tot een duidelijke sterkte-zwakteanalyse van het kind. Daarnaast kan het bijdragen tot advies en interventies op maat bij allochtone kinderen met taal- en leerstoornissen.

    We starten deze interactieve vorming met een theoretisch kader en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden. In de namiddag gaan we in kleine groepen actief aan de slag met casusmateriaal.

    <![CDATA[Intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen: een aanpak op maat ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/205http://www.code.thomasmore.be/kalender/205Voor intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen proberen hulpverleners vaak de (anders)talige invloed uit te schakelen door te kiezen voor een non-verbale intelligentietest. Is het uitschakelen van taal binnen intelligentieonderzoek echter zinvol en is het überhaupt mogelijk? Geven non-verbale intelligentietests wel een correct beeld van iemands cognitief functioneren?  Wetenschappelijk onderzoek toont immers heel wat beperkingen aan bij deze tests. In deze vorming willen wij die tekorten duiden en een alternatief aanbieden op basis van het Cattell-Horn-Carroll-model (CHC-model). Dit model beschrijft een veel breder palet van cognitieve vaardigheden dan een standaard intelligentietest meet. Dit leidt in de praktijk tot een multidisciplinaire, crossbatterij benadering van intelligentieonderzoek, waarin subtests uit intelligentietests en taaltests elkaar kunnen aanvullen. Intelligentieonderzoek op basis van het CHC-model leidt tot een duidelijke sterkte-zwakteanalyse van het kind. Daarnaast kan het bijdragen tot advies en interventies op maat bij allochtone kinderen met taal- en leerstoornissen.

    We starten deze interactieve vorming met een theoretisch kader en illustreren aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden. In de namiddag gaan we in kleine groepen actief aan de slag met casusmateriaal.

    ]]>

    Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over de meertalige opvoeding. Zij stellen zich vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Als hulpverlener kan je deze ouders begeleiden.  Een belangrijke voorwaarde is een goede kennis van de meertalige taalverwerving. We gaan daarom dieper in op het normale taalontwikkelingsverloop bij meertalige kinderen. Aansluitend krijg je als hulpverlener praktische adviezen om ouders te begeleiden in de taalontwikkeling van hun kinderen (0 tot 6 jaar) en de rol die je hierbij kan opnemen. Via een interactieve sessie verlangen we participatie van de deelnemers; aan de hand van casussen zal je de theorie omzetten in de praktijk en probeer je adviezen op maat van de ouders, gericht op hun specifieke vraag, te formuleren. Aandacht voor alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke peiler.

    <![CDATA[Ouderbegeleiding voor taalstimulering bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/206http://www.code.thomasmore.be/kalender/206Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over de meertalige opvoeding. Zij stellen zich vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Als hulpverlener kan je deze ouders begeleiden.  Een belangrijke voorwaarde is een goede kennis van de meertalige taalverwerving. We gaan daarom dieper in op het normale taalontwikkelingsverloop bij meertalige kinderen. Aansluitend krijg je als hulpverlener praktische adviezen om ouders te begeleiden in de taalontwikkeling van hun kinderen (0 tot 6 jaar) en de rol die je hierbij kan opnemen. Via een interactieve sessie verlangen we participatie van de deelnemers; aan de hand van casussen zal je de theorie omzetten in de praktijk en probeer je adviezen op maat van de ouders, gericht op hun specifieke vraag, te formuleren. Aandacht voor alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke peiler.

    ]]>

     

    In onze maatschappij is het goed om veel talen te kennen. Dit biedt veel mogelijkheden op persoonlijk en maatschappelijk vlak. Meertalig opvoeden is echter niet vanzelfsprekend. Ouders ervaren vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Zij vinden het belangrijk dat hun kinderen het Nederlands, de schooltaal, goed kennen in functie van hun verdere toekomst. Toch willen ze thuis communiceren in een taal waar zij zich comfortabel bij voelen. De moedertaal speelt dus ook een belangrijke rol. Ouders stellen zich bijgevolg vragen over hoe ze hun kind het best meertalig kunnen opvoeden.

     

    Code, een expertisecentrum van de Groep Gezondheid & Welzijn van Lessius, organiseert daarom vijf interactieve begeleidingssessies. Hierin willen we ouders bewust maken van het belang van hun moedertaal. In deze sessies geven we praktische tips over hoe ouders binnen hun meertalige opvoeding kunnen omgaan met hun thuistaal en met het Nederlands.

    De sessies gaan telkens door van 9u30 tot 11u00 op volgende data:

    • woensdag 7 november 2012
    • woensdag 21 november 2012
    • woensdag 5 december 2012
    • woensdag 21 december 2012
    • woensdag 23 januari 2013

    Inschrijven kan enkel voor een volledige reeks.

     

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5 ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/207http://www.code.thomasmore.be/kalender/207

     

    In onze maatschappij is het goed om veel talen te kennen. Dit biedt veel mogelijkheden op persoonlijk en maatschappelijk vlak. Meertalig opvoeden is echter niet vanzelfsprekend. Ouders ervaren vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Zij vinden het belangrijk dat hun kinderen het Nederlands, de schooltaal, goed kennen in functie van hun verdere toekomst. Toch willen ze thuis communiceren in een taal waar zij zich comfortabel bij voelen. De moedertaal speelt dus ook een belangrijke rol. Ouders stellen zich bijgevolg vragen over hoe ze hun kind het best meertalig kunnen opvoeden.

     

    Code, een expertisecentrum van de Groep Gezondheid & Welzijn van Lessius, organiseert daarom vijf interactieve begeleidingssessies. Hierin willen we ouders bewust maken van het belang van hun moedertaal. In deze sessies geven we praktische tips over hoe ouders binnen hun meertalige opvoeding kunnen omgaan met hun thuistaal en met het Nederlands.

    De sessies gaan telkens door van 9u30 tot 11u00 op volgende data:

    • woensdag 7 november 2012
    • woensdag 21 november 2012
    • woensdag 5 december 2012
    • woensdag 21 december 2012
    • woensdag 23 januari 2013

    Inschrijven kan enkel voor een volledige reeks.

     

    ]]>

    Tijdens de eerste begeleidingssessie maken de ouders en begeleider kennis met elkaar. Zo krijgen we zicht op de individuele situaties en hoe de verschillende talen in de gezinnen een plaats krijgen. We bespreken de betekenis en het belang van de moedertaal binnen het gezin.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 1]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/208http://www.code.thomasmore.be/kalender/208Tijdens de eerste begeleidingssessie maken de ouders en begeleider kennis met elkaar. Zo krijgen we zicht op de individuele situaties en hoe de verschillende talen in de gezinnen een plaats krijgen. We bespreken de betekenis en het belang van de moedertaal binnen het gezin.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    ]]>

    In sessie 2 geven we aan de hand van stellingen ouders inzicht in de meertalige taalontwikkeling van hun kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. De factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands, worden ook besproken.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 2]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/209http://www.code.thomasmore.be/kalender/209In sessie 2 geven we aan de hand van stellingen ouders inzicht in de meertalige taalontwikkeling van hun kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. De factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands, worden ook besproken.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders: schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    ]]>

    In sessie 3 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 3]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/210http://www.code.thomasmore.be/kalender/210In sessie 3 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    ]]>

    In sessie 4 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meeratlig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 4]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/211http://www.code.thomasmore.be/kalender/211In sessie 4 formuleren we aan de hand van voorbeelden adviezen die ouders kunnen toepassen om hun kinderen een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van hun kind.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meeratlig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    ]]>

    Met de ouders bespreken we in sessie 5 welke adviezen zij reeds toepassen en wat de moeilijkheden zijn binnen de meertalige taalontwikkeling.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 5]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/212http://www.code.thomasmore.be/kalender/212Met de ouders bespreken we in sessie 5 welke adviezen zij reeds toepassen en wat de moeilijkheden zijn binnen de meertalige taalontwikkeling.

    De ouderbegeleidingssessies bestaan uit vijf sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 07.11.2012 (Meertalig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor sessie 1 tot 5)

    ]]>

    Tijdens de workshops bekijken we de risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden bij dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs. De ondersteuning van deze leerlingen met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor de lessen  en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs: adviezen voor leerkrachten]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/213http://www.code.thomasmore.be/kalender/213Tijdens de workshops bekijken we de risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden bij dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs. De ondersteuning van deze leerlingen met dyslexie in het secundair onderwijs kan zowel plaatsvinden op individueel niveau als op klasniveau. We bespreken voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband. De rol van de (vak)leerkracht, tips voor de lessen  en het toekennen van compenserende en dispenserende maatregelen worden bediscussieerd en besproken.

    ]]>

    We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie: hoe uit dyslexie zich bij studenten van het hoger onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het hoger onderwijs.

    De vorming spitst zich toe op de begeleiding en ondersteuning van jongeren met dyslexie in het hoger onderwijs. We staan kort stil bij het beleid op het niveau van de school. Hiernaast wordt voornamelijk ingegaan op praktische richtlijnen voor leerkrachten en studiebegeleiders. We hebben o.a. aandacht voor volgende topics: Welke onderwijs- en examenfaciliteiten kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie? Is het toekennen van faciliteiten in elke situatie gerechtvaardigd en zinvol? Daarnaast wordt het gebruik van compenserende software (zoals o.a. voorleessoftware) gedemonstreerd. Ook de rol van de (vak)leerkracht en tips voor lessen, cursussen en presentaties worden vervolgens uitgebreid bediscussieerd en besproken.

    <![CDATA[Omgaan met studenten met dyslexie in het secundair en hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/214http://www.code.thomasmore.be/kalender/214We bespreken tijdens deze vorming heel kort de huidige inzichten over dyslexie: hoe uit dyslexie zich bij studenten van het hoger onderwijs, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring en de diagnostiek van dyslexie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Deze inzichten vormen de basis voor de ondersteuning van jongeren met leerstoornissen in het hoger onderwijs.

    De vorming spitst zich toe op de begeleiding en ondersteuning van jongeren met dyslexie in het hoger onderwijs. We staan kort stil bij het beleid op het niveau van de school. Hiernaast wordt voornamelijk ingegaan op praktische richtlijnen voor leerkrachten en studiebegeleiders. We hebben o.a. aandacht voor volgende topics: Welke onderwijs- en examenfaciliteiten kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie? Is het toekennen van faciliteiten in elke situatie gerechtvaardigd en zinvol? Daarnaast wordt het gebruik van compenserende software (zoals o.a. voorleessoftware) gedemonstreerd. Ook de rol van de (vak)leerkracht en tips voor lessen, cursussen en presentaties worden vervolgens uitgebreid bediscussieerd en besproken.

    ]]>

    In deze sessie wordt gefocust op het wetenschappelijk kader van dyscalculie. Om dyscalculie te begrijpen is het echter cruciaal om zicht te krijgen op de typische rekenontwikkeling en de verschillende rekenvaardigheden die daarin verworven dienen te worden. Dit komt aan bod in het eerste deel van de sessie. In het tweede deel bespreken we de definitie(s), criteria en kenmerken van dyscalculie en staan we kort stil bij een aantal comorbide stoornissen, de prevalentie van dyscalculie en de controverse rond subtypes van dyscalculie. Tot slot wordt de wetenschappelijke stand van zaken rond mogelijke oorzaken van dyscalculie besproken. Deze kennis en inzichten vormen de basis voor een wetenschappelijk verantwoorde diagnostiek van dyscalculie.

    <![CDATA[Wetenschappelijk kader van dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/215http://www.code.thomasmore.be/kalender/215In deze sessie wordt gefocust op het wetenschappelijk kader van dyscalculie. Om dyscalculie te begrijpen is het echter cruciaal om zicht te krijgen op de typische rekenontwikkeling en de verschillende rekenvaardigheden die daarin verworven dienen te worden. Dit komt aan bod in het eerste deel van de sessie. In het tweede deel bespreken we de definitie(s), criteria en kenmerken van dyscalculie en staan we kort stil bij een aantal comorbide stoornissen, de prevalentie van dyscalculie en de controverse rond subtypes van dyscalculie. Tot slot wordt de wetenschappelijke stand van zaken rond mogelijke oorzaken van dyscalculie besproken. Deze kennis en inzichten vormen de basis voor een wetenschappelijk verantwoorde diagnostiek van dyscalculie.

    ]]>

    Tijdens deze sessie doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden volgens de principes van de handelingsgerichte diagnostiek. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie al dan niet kunnen stellen. Dit doen we aan de hand van een aantal casussen.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/216http://www.code.thomasmore.be/kalender/216Tijdens deze sessie doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden volgens de principes van de handelingsgerichte diagnostiek. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie al dan niet kunnen stellen. Dit doen we aan de hand van een aantal casussen.

    ]]>

    Wanneer de diagnose dyslexie en/of dyscalculie gesteld wordt, is het essentieel dat kinderen en jongeren voldoende uitleg en informatie krijgen over deze leerstoornis(sen). Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Het is een vorm van informatievoorziening die het kind en zijn omgeving inzicht geeft in zijn problematiek, de wijze waarop men het probleem kan accepteren en hoe men ermee kan omgaan. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert het kind of de jongere voor de behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Tijdens deze sessie bekijken we welke materialen er voorhanden zijn voor de psycho-educatie van dyslexie en dyscalculie en hoe dit kan ingezet worden tijdens de behandeling van kinderen en jongeren met leerstoornissen. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, leerkrachten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Ook hier bekijken we de verschillende mogelijkheden om de omgeving zo goed mogelijk in te lichten over de stoornis, impact, onderzoek en behandeling.

    <![CDATA[Psycho-educatie bij leerstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/217http://www.code.thomasmore.be/kalender/217Wanneer de diagnose dyslexie en/of dyscalculie gesteld wordt, is het essentieel dat kinderen en jongeren voldoende uitleg en informatie krijgen over deze leerstoornis(sen). Psycho-educatie is een onmisbare stap binnen de behandeling. Het is een vorm van informatievoorziening die het kind en zijn omgeving inzicht geeft in zijn problematiek, de wijze waarop men het probleem kan accepteren en hoe men ermee kan omgaan. Uit onderzoek blijkt dat psycho-educatie helpt om alles in het juiste perspectief te plaatsen. Het motiveert het kind of de jongere voor de behandeling en vergemakkelijkt het aanvaardingsproces. Tijdens deze sessie bekijken we welke materialen er voorhanden zijn voor de psycho-educatie van dyslexie en dyscalculie en hoe dit kan ingezet worden tijdens de behandeling van kinderen en jongeren met leerstoornissen. Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving (ouders, leerkrachten) ook wordt ingelicht zodat hun inzicht in de problematiek verhoogt. Ook hier bekijken we de verschillende mogelijkheden om de omgeving zo goed mogelijk in te lichten over de stoornis, impact, onderzoek en behandeling.

    ]]>

    In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    <![CDATA[Theoretisch kader van dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/218http://www.code.thomasmore.be/kalender/218In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 07/11/2012

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/219http://www.code.thomasmore.be/kalender/219In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 07/11/2012

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 19/11/2012

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/220http://www.code.thomasmore.be/kalender/220In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 19/11/2012

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thoms More Antwerpen kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 26/11/2012

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/221http://www.code.thomasmore.be/kalender/221In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thoms More Antwerpen kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 26/11/2012

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 05/12/2012

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/222http://www.code.thomasmore.be/kalender/222In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

     

    Uiterste inschrijfdatum: 05/12/2012

    ]]>

    (Voormiddag) Het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD staat centraal. Er wordt aangegeven welke de verklaringsmodellen van ADHD zijn en op welke manier risico- en protectieve factoren een invloed hebben op de genetische kwetsbaarheid voor de stoornis. We gaan in op het ontstaan van ADHD en de voorlopers in de peuter- en kleutertijd. De prevalentie komt aan bod en enkele mythes worden aangepakt.

    (Namiddag) We gaan in op wat screening van ADHD kan inhouden. We geven hierbij een overzicht van de meest gebruikte (screenings)vragenlijsten en diagnostische interviews die bij de diagnostiek van ADHD gebruikt worden. We kijken kritisch naar de validiteit en betrouwbaarheid van deze instrumenten aan de hand van Commissie Testaangelegenheden (COTAN) van het Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP) zonder hierbij de Vlaamse context uit het oog te verliezen. We gaan kort in op ons eigen recent genormeerde screeningsinstrument. Verder geven we een overzicht van wat internationale richtlijnen voorschrijven inzake classificerende diagnostiek van ADHD en gaan hierbij na welke informatie door welke disciplines en aan de hand van welke instrumenten moet worden verzameld.

    <![CDATA[Etiologie van ADHD en screening en classificerende diagnostiek bij ADHD ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/223http://www.code.thomasmore.be/kalender/223(Voormiddag) Het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD staat centraal. Er wordt aangegeven welke de verklaringsmodellen van ADHD zijn en op welke manier risico- en protectieve factoren een invloed hebben op de genetische kwetsbaarheid voor de stoornis. We gaan in op het ontstaan van ADHD en de voorlopers in de peuter- en kleutertijd. De prevalentie komt aan bod en enkele mythes worden aangepakt.

    (Namiddag) We gaan in op wat screening van ADHD kan inhouden. We geven hierbij een overzicht van de meest gebruikte (screenings)vragenlijsten en diagnostische interviews die bij de diagnostiek van ADHD gebruikt worden. We kijken kritisch naar de validiteit en betrouwbaarheid van deze instrumenten aan de hand van Commissie Testaangelegenheden (COTAN) van het Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP) zonder hierbij de Vlaamse context uit het oog te verliezen. We gaan kort in op ons eigen recent genormeerde screeningsinstrument. Verder geven we een overzicht van wat internationale richtlijnen voorschrijven inzake classificerende diagnostiek van ADHD en gaan hierbij na welke informatie door welke disciplines en aan de hand van welke instrumenten moet worden verzameld.

    ]]>

    (Voormiddag) We bekijken de verschillende stoornissen die naast en/of samen met ADHD kunnen voorkomen. Er wordt een overzicht gegeven van de kenmerken van ADHD die ook aan andere stoornissen kunnen doen denken. We bekijken welke (betrouwbare en valide) instrumenten voorhanden zijn om een goede differentiaaldiagnostiek te verzekeren.

    (Namiddag) We gaan in op de sterkte-zwakte analyse die bij onderzoek naar ADHD nuttig kan zijn om het intellectuele functioneren van iemand in kaart te brengen. We werken hierbij vanuit het CHC-model. Dit model gaat uit van een brede kijk op intelligentie, waarbij verschillende nauwe cognitieve vaardigheden naast elkaar worden gelegd om een beeld te krijgen op ‘de intelligentie ‘. We denken hierbij aan visuele informatieverwerking, reactiesnelheid, fluid intelligence, korte termijn geheugen enz. We geven aan welke subtests van gekende intelligentie- en andere tests kunnen gebruikt worden om het CHC-model vorm te geven. Aan de hand van deze gegevens kunnen we een sterkte-zwakte analyse opmaken die ook in het adviesgesprek aan bod komt. We overlopen ook de andere onderdelen van het adviesgesprek na een onderzoek naar ADHD.

    <![CDATA[Differentiaaldiagnostiek, sterkte-zwakte analyse (a.d.h.v. het CHC-model) en adviesgesprek bij ADHD ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/224http://www.code.thomasmore.be/kalender/224(Voormiddag) We bekijken de verschillende stoornissen die naast en/of samen met ADHD kunnen voorkomen. Er wordt een overzicht gegeven van de kenmerken van ADHD die ook aan andere stoornissen kunnen doen denken. We bekijken welke (betrouwbare en valide) instrumenten voorhanden zijn om een goede differentiaaldiagnostiek te verzekeren.

    (Namiddag) We gaan in op de sterkte-zwakte analyse die bij onderzoek naar ADHD nuttig kan zijn om het intellectuele functioneren van iemand in kaart te brengen. We werken hierbij vanuit het CHC-model. Dit model gaat uit van een brede kijk op intelligentie, waarbij verschillende nauwe cognitieve vaardigheden naast elkaar worden gelegd om een beeld te krijgen op ‘de intelligentie ‘. We denken hierbij aan visuele informatieverwerking, reactiesnelheid, fluid intelligence, korte termijn geheugen enz. We geven aan welke subtests van gekende intelligentie- en andere tests kunnen gebruikt worden om het CHC-model vorm te geven. Aan de hand van deze gegevens kunnen we een sterkte-zwakte analyse opmaken die ook in het adviesgesprek aan bod komt. We overlopen ook de andere onderdelen van het adviesgesprek na een onderzoek naar ADHD.

    ]]>

    (Voormiddag) Voortbouwend op de vorige sessie gaan we na welke compenserende maatregelen nuttig kunnen zijn bij ADHD afgaand op de sterkte-zwakte analyse. We bekijken welke onderwijs- en examenfaciliteiten naar voor komen uit recent eigen onderzoek en hoe deze worden ervarendoor studenten met ADHD. 

    (Namiddag) We gaan dieper in op begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen en hoe deze best bij verschillende leeftijdscategorieën worden geïmplementeerd. Daarnaast bekijken we hoe training in planning en organisatie vorm krijgt en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn. Hierbij focussen we zowel op het niveau van de jongere, de klascontext als de school.

    <![CDATA[Compenserende maatregelen in functie van sterkte-zwakte analyse en begeleiding bij ADHD (psycho-educatie en planning-organisatie) ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/225http://www.code.thomasmore.be/kalender/225(Voormiddag) Voortbouwend op de vorige sessie gaan we na welke compenserende maatregelen nuttig kunnen zijn bij ADHD afgaand op de sterkte-zwakte analyse. We bekijken welke onderwijs- en examenfaciliteiten naar voor komen uit recent eigen onderzoek en hoe deze worden ervarendoor studenten met ADHD. 

    (Namiddag) We gaan dieper in op begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen en hoe deze best bij verschillende leeftijdscategorieën worden geïmplementeerd. Daarnaast bekijken we hoe training in planning en organisatie vorm krijgt en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn. Hierbij focussen we zowel op het niveau van de jongere, de klascontext als de school.

    ]]>

    Huidige wetenschappelijke kader van ADHD: Hier staat het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD centraal. Er wordt aangegeven welke de verklaringsmodellen van ADHD zijn en op welke manier risico- en protectieve factoren een invloed hebben op de genetische kwetsbaarheid voor de stoornis. We gaan in op het ontstaan van ADHD en de voorlopers in de peuter- en kleutertijd. De prevalentie komt aan bod en enkele mythes worden aangepakt.

    Screening, classificerende diagnostiek en sterkte-zwakte analyse (a.d.h.v. het CHC-model): We gaan in op wat screening van ADHD kan inhouden. We geven een overzicht van wat internationale richtlijnen voorschrijven inzake classificerende diagnostiek van ADHD en gaan hierbij na welke informatie door welke disciplines en aan de hand van welke instrumenten moet worden verzameld. We gaan in op de sterkte-zwakte analyse die bij onderzoek naar ADHD nuttig kan zijn om het intellectuele functioneren van iemand in kaart te brengen. We werken hierbij vanuit het CHC-model. Aan de hand van deze gegevens kunnen we een sterkte-zwakte analyse opmaken die ook in het adviesgesprek aan bod komt.

    Compenserende maatregelen in functie van sterkte-zwakte analyse: We gaan na welke compenserende maatregelen nuttig kunnen zijn bij ADHD afgaand op de sterkte-zwakte analyse. We bekijken welke onderwijs- en examenfaciliteiten naar voor komen uit recent eigen onderzoek en hoe deze worden ervaren door studenten met ADHD.

    Begeleiding bij ADHD (psycho-educatie en planning-organisatie): Hier gaan we dieper in op begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen en hoe deze best bij verschillende leeftijdscategorieën worden geïmplementeerd. Daarnaast bekijken we hoe training in planning en organisatie vorm krijgt en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn. Hierbij focussen we zowel op het niveau van de jongere, de klascontext als de school.

    <![CDATA[Omgaan met ADHD in het secundair onderwijs. Wetenschappelijk kader en adviezen voor leerkrachten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/226http://www.code.thomasmore.be/kalender/226Huidige wetenschappelijke kader van ADHD: Hier staat het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD centraal. Er wordt aangegeven welke de verklaringsmodellen van ADHD zijn en op welke manier risico- en protectieve factoren een invloed hebben op de genetische kwetsbaarheid voor de stoornis. We gaan in op het ontstaan van ADHD en de voorlopers in de peuter- en kleutertijd. De prevalentie komt aan bod en enkele mythes worden aangepakt.

    Screening, classificerende diagnostiek en sterkte-zwakte analyse (a.d.h.v. het CHC-model): We gaan in op wat screening van ADHD kan inhouden. We geven een overzicht van wat internationale richtlijnen voorschrijven inzake classificerende diagnostiek van ADHD en gaan hierbij na welke informatie door welke disciplines en aan de hand van welke instrumenten moet worden verzameld. We gaan in op de sterkte-zwakte analyse die bij onderzoek naar ADHD nuttig kan zijn om het intellectuele functioneren van iemand in kaart te brengen. We werken hierbij vanuit het CHC-model. Aan de hand van deze gegevens kunnen we een sterkte-zwakte analyse opmaken die ook in het adviesgesprek aan bod komt.

    Compenserende maatregelen in functie van sterkte-zwakte analyse: We gaan na welke compenserende maatregelen nuttig kunnen zijn bij ADHD afgaand op de sterkte-zwakte analyse. We bekijken welke onderwijs- en examenfaciliteiten naar voor komen uit recent eigen onderzoek en hoe deze worden ervaren door studenten met ADHD.

    Begeleiding bij ADHD (psycho-educatie en planning-organisatie): Hier gaan we dieper in op begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen en hoe deze best bij verschillende leeftijdscategorieën worden geïmplementeerd. Daarnaast bekijken we hoe training in planning en organisatie vorm krijgt en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn. Hierbij focussen we zowel op het niveau van de jongere, de klascontext als de school.

    ]]>

    In deze navorming wordt een overzicht geboden van de verschillende ontwikkelingsstoornissen (ADHD, ASS, ...) en hun belangrijkste kenmerken. Deze problemen worden vanuit de specifieke bril van het onderwijzend personeeel (leerkrachten, ondersteunend personeel) bekeken. Hun rol in het opsporen en de begeleiding van jongeren met ontwikkelingsstoornissen wordt toegelicht. Aan de hand van stoornisspecifieke begeleidingsplannen proberen we concrete handvaten te bieden die op klasniveau kunnen worden toegepast.

    <![CDATA[Ontwikkelingsstoornissen en de rol van het onderwijzend personeel]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/227http://www.code.thomasmore.be/kalender/227In deze navorming wordt een overzicht geboden van de verschillende ontwikkelingsstoornissen (ADHD, ASS, ...) en hun belangrijkste kenmerken. Deze problemen worden vanuit de specifieke bril van het onderwijzend personeeel (leerkrachten, ondersteunend personeel) bekeken. Hun rol in het opsporen en de begeleiding van jongeren met ontwikkelingsstoornissen wordt toegelicht. Aan de hand van stoornisspecifieke begeleidingsplannen proberen we concrete handvaten te bieden die op klasniveau kunnen worden toegepast.

    ]]>

    Er wordt een overzicht gegeven van recente wetenschappelijke inzichten over dyslexie bij jongvolwassenen (+ 16 jaar). Niet alleen internationale resultaten, maar vooral bevindingen vanuit recent onderzoek in Vlaanderen worden besproken.  Vanuit de theoretische inzichten wordt een algemeen sterkte-zwakteprofiel van jongeren met dyslexie opgesteld. Vanuit dit profiel wordt een begeleidingsvoorstel en plan van aanpak voor jongeren met dyslexie uitgewerkt dat inzetbaar is in verschillende (leer)contexten: thuis, in de klas, tijdens individuele studiebegeleiding en therapie. Hoewel de aanpak vanuit het probleem dyslexie zal worden opgebouwd, is het inzetbaar voor álle jongeren met leerproblemen (jongeren met en zonder ontwikkelingsstoornissenleerstoornissen zoals dyscalulie, ADHD, DCD en ASS).

    Deze navorming is toegankelijk voor al wie in contact komt met jongeren (vanaf 16 jaar) met leerproblemen: ouders, (GOn-)leerkrachten en zorgcoördinatoren uit het secundair onderwijs, CLB-medewerkers, docenten en trajectbegeleiders uit het hoger onderwijs, logopedisten, psychologen en (ortho)pedagogen. Er wordt geen specifieke voorkennis van de deelnemers verwacht.

    <![CDATA[Studeren met dyslexie: hoe pak je het aan?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/228http://www.code.thomasmore.be/kalender/228Er wordt een overzicht gegeven van recente wetenschappelijke inzichten over dyslexie bij jongvolwassenen (+ 16 jaar). Niet alleen internationale resultaten, maar vooral bevindingen vanuit recent onderzoek in Vlaanderen worden besproken.  Vanuit de theoretische inzichten wordt een algemeen sterkte-zwakteprofiel van jongeren met dyslexie opgesteld. Vanuit dit profiel wordt een begeleidingsvoorstel en plan van aanpak voor jongeren met dyslexie uitgewerkt dat inzetbaar is in verschillende (leer)contexten: thuis, in de klas, tijdens individuele studiebegeleiding en therapie. Hoewel de aanpak vanuit het probleem dyslexie zal worden opgebouwd, is het inzetbaar voor álle jongeren met leerproblemen (jongeren met en zonder ontwikkelingsstoornissenleerstoornissen zoals dyscalulie, ADHD, DCD en ASS).

    Deze navorming is toegankelijk voor al wie in contact komt met jongeren (vanaf 16 jaar) met leerproblemen: ouders, (GOn-)leerkrachten en zorgcoördinatoren uit het secundair onderwijs, CLB-medewerkers, docenten en trajectbegeleiders uit het hoger onderwijs, logopedisten, psychologen en (ortho)pedagogen. Er wordt geen specifieke voorkennis van de deelnemers verwacht.

    ]]>

    We bekijken de kenmerken van leerlingen met ADHD, waarbij we zowel aandacht hebben voor de sterktes als voor de moeilijkheden en noden van een leerling met ADHD in het secundair onderwijs. We gaan na welke interventies leerkrachten kunnen toepassen om het gedrag van de leerling mogelijk te beïnvloeden. We staan stil bij de mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten en compenserende maatregelen.

    <![CDATA[Omgaan met leerlingen met ADHD in het secundair onderwijs: adviezen voor leerkrachten]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/229http://www.code.thomasmore.be/kalender/229We bekijken de kenmerken van leerlingen met ADHD, waarbij we zowel aandacht hebben voor de sterktes als voor de moeilijkheden en noden van een leerling met ADHD in het secundair onderwijs. We gaan na welke interventies leerkrachten kunnen toepassen om het gedrag van de leerling mogelijk te beïnvloeden. We staan stil bij de mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten en compenserende maatregelen.

    ]]>

    Op een actieve manier komen studenten te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruit ziet.

    Over dyslexie bestaan heel wat mythes en misvattingen, maar wat zegt de wetenschap hierover? Hoe onderzoekt men of iemand dyslexie heeft of niet? Op een actieve manier kom je te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruitziet. 

    <![CDATA[Wetenschap in de kijker; Activiteit: 'Wegwijs in de wetenschap over dyslexie']]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/230http://www.code.thomasmore.be/kalender/230Op een actieve manier komen studenten te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruit ziet.

    Over dyslexie bestaan heel wat mythes en misvattingen, maar wat zegt de wetenschap hierover? Hoe onderzoekt men of iemand dyslexie heeft of niet? Op een actieve manier kom je te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruitziet. 

    ]]>

    Op een actieve manier komen studenten te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruit ziet.

    Over dyslexie bestaan heel wat mythes en misvattingen, maar wat zegt de wetenschap hierover? Hoe onderzoekt men of iemand dyslexie heeft of niet? Op een actieve manier kom je te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruitziet. 

    <![CDATA[Wetenschap in de kijker; Activiteit: 'Wegwijs in de wetenschap over dyslexie']]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/231http://www.code.thomasmore.be/kalender/231Op een actieve manier komen studenten te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruit ziet.

    Over dyslexie bestaan heel wat mythes en misvattingen, maar wat zegt de wetenschap hierover? Hoe onderzoekt men of iemand dyslexie heeft of niet? Op een actieve manier kom je te weten wat dyslexie is en hoe wetenschappelijk onderbouwde diagnostiek van dyslexie eruitziet. 

    ]]>

    Kinderen met dyslexie ervaren vaak moeilijkheden om schoolse leerstof te verwerken. Om deze leerlingen te helpen, bieden heel wat scholen ondersteuning en zelfs compenserende maatregelen aan. Vaak wordt echter over het hoofd gezien dat dyslexie niet enkel een impact heeft op het schoolse functioneren, maar ook daarbuiten. Ook ouders stellen zich de vraag hoe ze hun kind het beste kunnen helpen; in zijn/haar vrije tijd kan een kind met dyslexie eveneens op moeilijkheden botsen. In deze vorming bekijken we in de eerste plaats wat dyslexie is en hoe deze leerstoornis zich uit. Daarna gaan we uitgebreid in op de ondersteuning die je kinderen met dyslexie thuis en in de vrije tijd kan bieden, uitgaande van de moeilijkheden die ze (kunnen) ervaren. Een interactieve werkvorm, waarbij van gedachten gewisseld kan worden tussen de ouders en de spreker, wordt hierbij vooropgesteld.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie thuis en in de vrije tijd]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/232http://www.code.thomasmore.be/kalender/232Kinderen met dyslexie ervaren vaak moeilijkheden om schoolse leerstof te verwerken. Om deze leerlingen te helpen, bieden heel wat scholen ondersteuning en zelfs compenserende maatregelen aan. Vaak wordt echter over het hoofd gezien dat dyslexie niet enkel een impact heeft op het schoolse functioneren, maar ook daarbuiten. Ook ouders stellen zich de vraag hoe ze hun kind het beste kunnen helpen; in zijn/haar vrije tijd kan een kind met dyslexie eveneens op moeilijkheden botsen. In deze vorming bekijken we in de eerste plaats wat dyslexie is en hoe deze leerstoornis zich uit. Daarna gaan we uitgebreid in op de ondersteuning die je kinderen met dyslexie thuis en in de vrije tijd kan bieden, uitgaande van de moeilijkheden die ze (kunnen) ervaren. Een interactieve werkvorm, waarbij van gedachten gewisseld kan worden tussen de ouders en de spreker, wordt hierbij vooropgesteld.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 02/02/2013

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/233http://www.code.thomasmore.be/kalender/233In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 02/02/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 05/03/2013

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/234http://www.code.thomasmore.be/kalender/234In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 05/03/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 06/05/2013

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/235http://www.code.thomasmore.be/kalender/235In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 06/05/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 14/05/2013

    <![CDATA[Workshop Sprint voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/236http://www.code.thomasmore.be/kalender/236In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 14/05/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 05/02/2013

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/237http://www.code.thomasmore.be/kalender/237In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 05/02/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 02/03/2013

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/238http://www.code.thomasmore.be/kalender/238In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 02/03/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 06/05/2013

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/239http://www.code.thomasmore.be/kalender/239In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 06/05/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 14/05/2013

    <![CDATA[Workshop Kurzweil3000 voor studenten van het hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/240http://www.code.thomasmore.be/kalender/240In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Lessius kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 14/05/2013

    ]]>

    Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe kan men hiermee best omgaan in de klas? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Welke problemen kunnen er opduiken gedurende de schoolloopbaan van een kind? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    <![CDATA[Omgaan met meertaligheid]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/241http://www.code.thomasmore.be/kalender/241Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe kan men hiermee best omgaan in de klas? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Welke problemen kunnen er opduiken gedurende de schoolloopbaan van een kind? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    ]]>

    Dyslexie en specifieke taalontwikkelingsstoornissen (SLI) komen vaak samen voor. In deze lezing wordt besproken welke factoren deze overlap kunnen veroorzaken en welke vaardigheden lees- en spellingproblemen kunnen voorspellen bij kinderen met SLI. Tot slot wordt dieper ingegaan op de consequenties voor diagnostiek en therapie.

    <![CDATA[Comorbiditeiten: dyslexie en SLI]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/242http://www.code.thomasmore.be/kalender/242Dyslexie en specifieke taalontwikkelingsstoornissen (SLI) komen vaak samen voor. In deze lezing wordt besproken welke factoren deze overlap kunnen veroorzaken en welke vaardigheden lees- en spellingproblemen kunnen voorspellen bij kinderen met SLI. Tot slot wordt dieper ingegaan op de consequenties voor diagnostiek en therapie.

    ]]>

    Code biedt een workshopreeks aan voor jongeren met dyslexie. In het hoger secundair en hoger onderwijs kan het verwerken van grotere pakketten leerstof een extra struikelblok vormen. In deze workshops leer je een eigen studiemethode ontwikkelen, aangepast aan je specifieke lees- en/of spellingmoeilijkheden. Het doel van deze workshops is tweeledig, enerzijds willen we het inzicht in je eigen sterke en zwakkere vaardigheden vergroten en anderzijds werken we samen om je studeervaardigheden te verbeteren en te compenseren. We doen dit aan de hand van je eigen studiemateriaal.

    De workshopreeks bestaat uit zeven sessies van telkens twee uur. Deze sessies zullen doorgaan gedurende de periode 22/01/2013 - 28/03/2013 telkens op dinsdag -en/of donderdagavond.

    De uiterste inschrijfdatum voor deze workshops is 20/12/2012. Inschrijven kan via code@lessius.eu of via  03 241 08 09.

     

     

    Workshopreeks:

    Workshop 1: wat is dyslexie en wat betekent dat voor mij (psycho-educatie)

    • Leer je eigen sterke en zwakke punten beter kennen.
    • Blijf op de hoogte van wat de wetenschap weet over dyslexie (oorzaken, mogelijke gevolgen,…).

    Workshop 2: timemanagement

    • Leer hoe je een korte- en langetermijnplanning kan opstellen. Dit is belangrijk om je studies efficiënt aan te pakken.

    Workshop 3: lezen en begrijpen van leerstof

    • Leer je leesmoeilijkheden te compenseren zonder en met hulpmiddelen.

    Workshop 4: lezen en begrijpen van leerstof

    • Leer je leesmoeilijkheden te compenseren zonder en met hulpmiddelen.
    • Deze workshop kan je enkel volgen als je workshop 3 gevolgd hebt.

    Workshop 5: studeren van leerstof

    • Leer op welke manier je efficiënt leerstof kan verwerken en instuderen zonder en met hulpmiddelen.
    • Deze workshop kan je enkel volgen als je workshop 3 en 4 gevolgd hebt.

    Workshop 6: examens

    • Leer hoe je je examens goed kan voorbereiden en aanpakken.

    Workshop 7: schrijven

    • Maak kennis met allerhande technieken en hulpmiddelen om het spellen en schrijven beter te doen verlopen.
    <![CDATA[Start nieuwe reeks: Begeleidingsprogramma voor jongeren vanaf 16 jaar met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/243http://www.code.thomasmore.be/kalender/243Code biedt een workshopreeks aan voor jongeren met dyslexie. In het hoger secundair en hoger onderwijs kan het verwerken van grotere pakketten leerstof een extra struikelblok vormen. In deze workshops leer je een eigen studiemethode ontwikkelen, aangepast aan je specifieke lees- en/of spellingmoeilijkheden. Het doel van deze workshops is tweeledig, enerzijds willen we het inzicht in je eigen sterke en zwakkere vaardigheden vergroten en anderzijds werken we samen om je studeervaardigheden te verbeteren en te compenseren. We doen dit aan de hand van je eigen studiemateriaal.

    De workshopreeks bestaat uit zeven sessies van telkens twee uur. Deze sessies zullen doorgaan gedurende de periode 22/01/2013 - 28/03/2013 telkens op dinsdag -en/of donderdagavond.

    De uiterste inschrijfdatum voor deze workshops is 20/12/2012. Inschrijven kan via code@lessius.eu of via  03 241 08 09.

     

     

    Workshopreeks:

    Workshop 1: wat is dyslexie en wat betekent dat voor mij (psycho-educatie)

    • Leer je eigen sterke en zwakke punten beter kennen.
    • Blijf op de hoogte van wat de wetenschap weet over dyslexie (oorzaken, mogelijke gevolgen,…).

    Workshop 2: timemanagement

    • Leer hoe je een korte- en langetermijnplanning kan opstellen. Dit is belangrijk om je studies efficiënt aan te pakken.

    Workshop 3: lezen en begrijpen van leerstof

    • Leer je leesmoeilijkheden te compenseren zonder en met hulpmiddelen.

    Workshop 4: lezen en begrijpen van leerstof

    • Leer je leesmoeilijkheden te compenseren zonder en met hulpmiddelen.
    • Deze workshop kan je enkel volgen als je workshop 3 gevolgd hebt.

    Workshop 5: studeren van leerstof

    • Leer op welke manier je efficiënt leerstof kan verwerken en instuderen zonder en met hulpmiddelen.
    • Deze workshop kan je enkel volgen als je workshop 3 en 4 gevolgd hebt.

    Workshop 6: examens

    • Leer hoe je je examens goed kan voorbereiden en aanpakken.

    Workshop 7: schrijven

    • Maak kennis met allerhande technieken en hulpmiddelen om het spellen en schrijven beter te doen verlopen.
    ]]>

    In het academiejaar 2012-2013 worden er opnieuw workshops rond begrijpend lezen en studeren georganiseerd voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs. Door deze workshops te volgen, neem je tegelijk deel aan het wetenschappelijk onderzoek waarin de werkzaamheid van de workshops verder onderzocht wordt. Hierdoor kan je op dit moment kosteloos deelnemen aan de workshops. Door je deelname aan dit onderzoek kunnen we de inhoud van de workshops verder verfijnen en nog beter afstemmen op de noden van jongeren met dyslexie.

    • We starten met een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie voor jou betekent.
    • In de volgende workshops gaan we samen na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren.
    • Op basis van voorgaande zaken leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren.
    • Er wordt geoefend met je eigen studiemateriaal.
    • Je stelt een individueel studieplan op, gebaseerd op je ervaringen met de hulpmiddelen en je eigen sterke en zwakke kanten.

    De workshops zijn bedoeld voor alle studenten van het hoger onderwijs (hogeschool en universiteit), die bovendien:

    • een diagnose dyslexie hebben zonder bijkomende diagnoses;
    • problemen ondervinden met begrijpend en studerend lezen;
    • gemotiveerd zijn om hier iets aan te veranderen;
    • willen meewerken aan wetenschappelijk onderzoek.

    Praktische informatie

    • De workshops gaan door in kleine groepen van minimum vier en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De timing en locatie zijn in onderling overleg af te spreken.
    • Elke workshopreeks bestaat uit vijf sessies. De tijdsduur is afhankelijk van de sessie:
      sessie 1: 3 uur
      sessie 2: 3,5 uur
      sessie 3: 2,5 uur
      sessie 4: 2,5 uur
      sessie 5: 2 uur

    Aangezien de workshops kaderen binnen onderzoek hebben we een aantal verwachtingen van de deelnemers:

    • je neemt deel aan de volledige reeks;
    • voor en na elke workshop en na de volledige reeks vul je een aantal vragenlijsten in;
    • je volgt geen andere studiebegeleiding zolang de workshops nog lopen;
    • het is mogelijk dat je voor de aanvang van de workshops 2 x 1 uur moet langskomen buiten je opgegeven periode.

    Wij garanderen op onze beurt dat alle verzamelde gegevens vertrouwelijk worden behandeld.

    Inschrijven voor deze begeleiding kan kosteloos tot:

    • 11/02/2013 voor periode 3 en 4 (maart/april; april/mei)

    Inschrijven kan via: code@lessius.eu of 03/241.08.09

    Lees ook onze folder.

    <![CDATA[Start nieuwe reeks: Begeleidingsprogramma voor studenten hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/244http://www.code.thomasmore.be/kalender/244In het academiejaar 2012-2013 worden er opnieuw workshops rond begrijpend lezen en studeren georganiseerd voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs. Door deze workshops te volgen, neem je tegelijk deel aan het wetenschappelijk onderzoek waarin de werkzaamheid van de workshops verder onderzocht wordt. Hierdoor kan je op dit moment kosteloos deelnemen aan de workshops. Door je deelname aan dit onderzoek kunnen we de inhoud van de workshops verder verfijnen en nog beter afstemmen op de noden van jongeren met dyslexie.

    • We starten met een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie voor jou betekent.
    • In de volgende workshops gaan we samen na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren.
    • Op basis van voorgaande zaken leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren.
    • Er wordt geoefend met je eigen studiemateriaal.
    • Je stelt een individueel studieplan op, gebaseerd op je ervaringen met de hulpmiddelen en je eigen sterke en zwakke kanten.

    De workshops zijn bedoeld voor alle studenten van het hoger onderwijs (hogeschool en universiteit), die bovendien:

    • een diagnose dyslexie hebben zonder bijkomende diagnoses;
    • problemen ondervinden met begrijpend en studerend lezen;
    • gemotiveerd zijn om hier iets aan te veranderen;
    • willen meewerken aan wetenschappelijk onderzoek.

    Praktische informatie

    • De workshops gaan door in kleine groepen van minimum vier en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De timing en locatie zijn in onderling overleg af te spreken.
    • Elke workshopreeks bestaat uit vijf sessies. De tijdsduur is afhankelijk van de sessie:
      sessie 1: 3 uur
      sessie 2: 3,5 uur
      sessie 3: 2,5 uur
      sessie 4: 2,5 uur
      sessie 5: 2 uur

    Aangezien de workshops kaderen binnen onderzoek hebben we een aantal verwachtingen van de deelnemers:

    • je neemt deel aan de volledige reeks;
    • voor en na elke workshop en na de volledige reeks vul je een aantal vragenlijsten in;
    • je volgt geen andere studiebegeleiding zolang de workshops nog lopen;
    • het is mogelijk dat je voor de aanvang van de workshops 2 x 1 uur moet langskomen buiten je opgegeven periode.

    Wij garanderen op onze beurt dat alle verzamelde gegevens vertrouwelijk worden behandeld.

    Inschrijven voor deze begeleiding kan kosteloos tot:

    • 11/02/2013 voor periode 3 en 4 (maart/april; april/mei)

    Inschrijven kan via: code@lessius.eu of 03/241.08.09

    Lees ook onze folder.

    ]]>

    In het academiejaar 2012-2013 worden er opnieuw workshops rond begrijpend lezen en studeren georganiseerd voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs. Door deze workshops te volgen, neem je tegelijk deel aan het wetenschappelijk onderzoek waarin de werkzaamheid van de workshops verder onderzocht wordt. Hierdoor kan je op dit moment kosteloos deelnemen aan de workshops. Door je deelname aan dit onderzoek kunnen we de inhoud van de workshops verder verfijnen en nog beter afstemmen op de noden van jongeren met dyslexie.

    • We starten met een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie voor jou betekent.
    • In de volgende workshops gaan we samen na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren.
    • Op basis van voorgaande zaken leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren.
    • Er wordt geoefend met je eigen studiemateriaal.
    • Je stelt een individueel studieplan op, gebaseerd op je ervaringen met de hulpmiddelen en je eigen sterke en zwakke kanten.

    De workshops zijn bedoeld voor alle studenten van het hoger onderwijs (hogeschool en universiteit), die bovendien:

    • een diagnose dyslexie hebben zonder bijkomende diagnoses;
    • problemen ondervinden met begrijpend en studerend lezen;
    • gemotiveerd zijn om hier iets aan te veranderen;
    • willen meewerken aan wetenschappelijk onderzoek.

    Praktische informatie

    • De workshops gaan door in kleine groepen van minimum vier en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De timing en locatie zijn in onderling overleg af te spreken.
    • Elke workshopreeks bestaat uit vijf sessies. De tijdsduur is afhankelijk van de sessie:
      sessie 1: 3 uur
      sessie 2: 3,5 uur
      sessie 3: 2,5 uur
      sessie 4: 2,5 uur
      sessie 5: 2 uur

    Aangezien de workshops kaderen binnen onderzoek hebben we een aantal verwachtingen van de deelnemers:

    • je neemt deel aan de volledige reeks;
    • voor en na elke workshop en na de volledige reeks vul je een aantal vragenlijsten in;
    • je volgt geen andere studiebegeleiding zolang de workshops nog lopen;
    • het is mogelijk dat je voor de aanvang van de workshops 2 x 1 uur moet langskomen buiten je opgegeven periode.

    Wij garanderen op onze beurt dat alle verzamelde gegevens vertrouwelijk worden behandeld.

    Inschrijven voor deze begeleiding kan kosteloos tot:

    • 18/02/2013 voor periode 3 en 4 (maart/april; april/mei)

    Inschrijven kan via: code@lessius.eu of 03/241.08.09

    Lees ook onze folder.

    <![CDATA[Start nieuwe reeks: Begeleidingsprogramma voor studenten hoger onderwijs met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/245http://www.code.thomasmore.be/kalender/245In het academiejaar 2012-2013 worden er opnieuw workshops rond begrijpend lezen en studeren georganiseerd voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs. Door deze workshops te volgen, neem je tegelijk deel aan het wetenschappelijk onderzoek waarin de werkzaamheid van de workshops verder onderzocht wordt. Hierdoor kan je op dit moment kosteloos deelnemen aan de workshops. Door je deelname aan dit onderzoek kunnen we de inhoud van de workshops verder verfijnen en nog beter afstemmen op de noden van jongeren met dyslexie.

    • We starten met een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie voor jou betekent.
    • In de volgende workshops gaan we samen na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren.
    • Op basis van voorgaande zaken leer je verschillende hulpmiddelen gebruiken om je leesmoeilijkheden te compenseren.
    • Er wordt geoefend met je eigen studiemateriaal.
    • Je stelt een individueel studieplan op, gebaseerd op je ervaringen met de hulpmiddelen en je eigen sterke en zwakke kanten.

    De workshops zijn bedoeld voor alle studenten van het hoger onderwijs (hogeschool en universiteit), die bovendien:

    • een diagnose dyslexie hebben zonder bijkomende diagnoses;
    • problemen ondervinden met begrijpend en studerend lezen;
    • gemotiveerd zijn om hier iets aan te veranderen;
    • willen meewerken aan wetenschappelijk onderzoek.

    Praktische informatie

    • De workshops gaan door in kleine groepen van minimum vier en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De timing en locatie zijn in onderling overleg af te spreken.
    • Elke workshopreeks bestaat uit vijf sessies. De tijdsduur is afhankelijk van de sessie:
      sessie 1: 3 uur
      sessie 2: 3,5 uur
      sessie 3: 2,5 uur
      sessie 4: 2,5 uur
      sessie 5: 2 uur

    Aangezien de workshops kaderen binnen onderzoek hebben we een aantal verwachtingen van de deelnemers:

    • je neemt deel aan de volledige reeks;
    • voor en na elke workshop en na de volledige reeks vul je een aantal vragenlijsten in;
    • je volgt geen andere studiebegeleiding zolang de workshops nog lopen;
    • het is mogelijk dat je voor de aanvang van de workshops 2 x 1 uur moet langskomen buiten je opgegeven periode.

    Wij garanderen op onze beurt dat alle verzamelde gegevens vertrouwelijk worden behandeld.

    Inschrijven voor deze begeleiding kan kosteloos tot:

    • 18/02/2013 voor periode 3 en 4 (maart/april; april/mei)

    Inschrijven kan via: code@lessius.eu of 03/241.08.09

    Lees ook onze folder.

    ]]>

     

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    De sessies vinden plaats op volgende data:

     

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin

     

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/246http://www.code.thomasmore.be/kalender/246 

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    De sessies vinden plaats op volgende data:

     

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin

     

    ]]>

     

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    Meertalige ouders kunnen bovendien aansluiten bij een extra, optionele sessie met tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In een terugkomsessie bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart. Deze laatste sessie is ook optioneel. 

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin

     

    • Optioneel: Woensdag 27/03/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling

    OF

     

    • Optioneel: Woensdag 22/05/2013: Evaluatie
    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders: Schrijf hier in voor 3 sessies + 1 extra sessie.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/247http://www.code.thomasmore.be/kalender/247 

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    Meertalige ouders kunnen bovendien aansluiten bij een extra, optionele sessie met tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In een terugkomsessie bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart. Deze laatste sessie is ook optioneel. 

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin

     

    • Optioneel: Woensdag 27/03/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling

    OF

     

    • Optioneel: Woensdag 22/05/2013: Evaluatie
    ]]>

     

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    Meertalige ouders kunnen bovendien aansluiten bij een extra, optionele sessie met tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In een terugkomsessie bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart. Deze laatste sessie is ook optioneel. 

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 27/03/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin
    • Woensdag 22/05/2013: Evaluatie
    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders: Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/248http://www.code.thomasmore.be/kalender/248 

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder ervaar je vaak moeilijkheden bij het maken van de juiste taalkeuze. Je vindt het belangrijk dat je kind in functie van zijn verdere toekomst het Nederlands, de schooltaal, goed kent. Toch wil je thuis communiceren in een taal waarin je jezelf comfortabel voelt, je eigen moedertaal. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIk-onderwijsondersteuning). De basisreeks bestaat uit drie sessies. In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder praktische tips hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden.

    Meertalige ouders kunnen bovendien aansluiten bij een extra, optionele sessie met tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In een terugkomsessie bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart. Deze laatste sessie is ook optioneel. 

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 13/03/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/03/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 27/03/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling
    • Woensdag 17/04/2013: Taalstimulering binnen het gezin
    • Woensdag 22/05/2013: Evaluatie
    ]]>

    We bekijken hoe de verschillende talen in je gezin een plaats krijgen. We bespreken ook de betekenis en het belang van de moedertaal.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 1]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/249http://www.code.thomasmore.be/kalender/249We bekijken hoe de verschillende talen in je gezin een plaats krijgen. We bespreken ook de betekenis en het belang van de moedertaal.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    ]]>

    We geven je als ouder inzicht in de taalontwikkeling van je kind. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Sessie 2]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/250http://www.code.thomasmore.be/kalender/250We geven je als ouder inzicht in de taalontwikkeling van je kind. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    ]]>

    We geven je als ouder inzicht in de meertalige taalontwikkeling van je kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven, waaronder deze sessie. Om deze sessie te volgen kun je enkel inschrijven voor een volledige reeks van 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. extra sessie meertaligheid]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/251http://www.code.thomasmore.be/kalender/251We geven je als ouder inzicht in de meertalige taalontwikkeling van je kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven, waaronder deze sessie. Om deze sessie te volgen kun je enkel inschrijven voor een volledige reeks van 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    ]]>

     

    Een rijke taalomgeving is essentieel voor de taalontwikkeling van je kind. We geven je als ouder concrete adviezen die je kan toepassen om je kind(eren) een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van je kind.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders (sessie 3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/252http://www.code.thomasmore.be/kalender/252 

    Een rijke taalomgeving is essentieel voor de taalontwikkeling van je kind. We geven je als ouder concrete adviezen die je kan toepassen om je kind(eren) een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van je kind.

    De begeleidingsreeks bestaat uit drie sessies. Optioneel kun je nog voor twee extra sessies inschrijven. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks van 3, 4 of 5 sessies via de kalender op datum 13.03.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hierin voor 3 sessies + 1 extra sessie OF (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf hier in voor 3 sessies + 2 extra sessies.

    ]]>

     

    Na enkele weken bespreken we jou welke adviezen je al toepast en op welke moeilijkheden je botst. We zoeken samen verder naar oplossingen.
    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Extra sessie: evaluatie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/253http://www.code.thomasmore.be/kalender/253 

    Na enkele weken bespreken we jou welke adviezen je al toepast en op welke moeilijkheden je botst. We zoeken samen verder naar oplossingen.
    ]]>

    Onze huidige samenleving kent een grote culturele en talige diversiteit. Veel inwoners van Vlaanderen (en specifiek van Zele) hebben een andere moedertaal dan het Nederlands. Voor deze ouders is het niet altijd gemakkelijk om hun kinderen meertalig op te voeden. Enerzijds vinden ze het belangrijk dat hun kinderen hun moedertaal spreken, anderzijds is de ontwikkeling van het Nederlands ook belangrijk in functie van schools succes. In deze vorming bepleiten we het belang van taalstimulatie in alle talen die het kind moet leren, met aandacht voor een positieve houding ten opzichte van al deze talen. Meertaligheid kan immers (cognitieve) voordelen opleveren, op voorwaarde dat de taalbeheersing in elke taal goed is. We geven hiervoor concrete tips mee aan de ouders en illustreren aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    <![CDATA[Meertalig opvoeden: tips voor ouders]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/254http://www.code.thomasmore.be/kalender/254Onze huidige samenleving kent een grote culturele en talige diversiteit. Veel inwoners van Vlaanderen (en specifiek van Zele) hebben een andere moedertaal dan het Nederlands. Voor deze ouders is het niet altijd gemakkelijk om hun kinderen meertalig op te voeden. Enerzijds vinden ze het belangrijk dat hun kinderen hun moedertaal spreken, anderzijds is de ontwikkeling van het Nederlands ook belangrijk in functie van schools succes. In deze vorming bepleiten we het belang van taalstimulatie in alle talen die het kind moet leren, met aandacht voor een positieve houding ten opzichte van al deze talen. Meertaligheid kan immers (cognitieve) voordelen opleveren, op voorwaarde dat de taalbeheersing in elke taal goed is. We geven hiervoor concrete tips mee aan de ouders en illustreren aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    ]]>

    Tijdens deze sessie wordt de diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en de daaruit voortvloeiende advisering besproken. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Afhankelijk van de leeftijd van het kind zijn er heel wat testinstrumenten om rekenmoeilijkheden zowel op een kwantitatieve als een kwalitatieve manier in kaart te brengen. Aan de hand van een casus wordt het diagnostisch proces geïllustreerd. Op basis van intakegegevens selecteren we de geschikte testinstrumenten, aangepast aan leeftijd en hulpvraag. Na enkele overwegingen bij diagnosestelling worden a.d.h.v. een sterkte-zwakteanalyse adviezen m.b.t. begeleiding en ondersteuning opgesteld.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/255http://www.code.thomasmore.be/kalender/255Tijdens deze sessie wordt de diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en de daaruit voortvloeiende advisering besproken. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek. Afhankelijk van de leeftijd van het kind zijn er heel wat testinstrumenten om rekenmoeilijkheden zowel op een kwantitatieve als een kwalitatieve manier in kaart te brengen. Aan de hand van een casus wordt het diagnostisch proces geïllustreerd. Op basis van intakegegevens selecteren we de geschikte testinstrumenten, aangepast aan leeftijd en hulpvraag. Na enkele overwegingen bij diagnosestelling worden a.d.h.v. een sterkte-zwakteanalyse adviezen m.b.t. begeleiding en ondersteuning opgesteld.

    ]]>

    In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, voorkomen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    <![CDATA[Dyslexie: theoretisch kader]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/256http://www.code.thomasmore.be/kalender/256In de eerste sessie wordt het normale lees- en spellingproces overlopen. Hierbij leggen we de nadruk op het aanvankelijk technisch lezen en spellen, waarbij essentiële begrippen die noodzakelijk zijn om dyslexie in al zijn facetten te vatten, worden toegelicht. Vanuit dit kader wordt de leerstoornis dyslexie besproken: risicosignalen, voorkomen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden uitgebreid toegelicht.

    ]]>

    In deze sessie wordt de typische ontwikkeling van rekenvaardigheden besproken, met aandacht voor de voorbereidende rekenvaardigheden (het aanvankelijk rekenen), specifieke, aanvullende en compenserende rekenvaardigheden. Er wordt een theoretisch kader aangereikt dat gebaseerd is op recente wetenschappelijke inzichten. Vertrekkend vanuit dit kader wordt de theorie rond dyscalculie toegelicht. Dyscalculie is een leerstoornis die veel minder bekend is dan dyslexie. Toch komt dyscalculie vaak voor. Er wordt ingegaan op de risicosignalen voor dyscalculie op kleuterleeftijd, de kenmerken van dyscalculie in de lagere school en in het secundair onderwijs. We bespreken de gangbare criteria om de diagnose dyscalculie te stellen. Ook de huidige discussie omtrent de subtypering van dyscalculie komt hierbij aan bod. We geven eveneens een overzicht van de verschillende verklaringsmodellen van dyscalculie.

    <![CDATA[Dyscalculie: theoretisch kader]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/257http://www.code.thomasmore.be/kalender/257In deze sessie wordt de typische ontwikkeling van rekenvaardigheden besproken, met aandacht voor de voorbereidende rekenvaardigheden (het aanvankelijk rekenen), specifieke, aanvullende en compenserende rekenvaardigheden. Er wordt een theoretisch kader aangereikt dat gebaseerd is op recente wetenschappelijke inzichten. Vertrekkend vanuit dit kader wordt de theorie rond dyscalculie toegelicht. Dyscalculie is een leerstoornis die veel minder bekend is dan dyslexie. Toch komt dyscalculie vaak voor. Er wordt ingegaan op de risicosignalen voor dyscalculie op kleuterleeftijd, de kenmerken van dyscalculie in de lagere school en in het secundair onderwijs. We bespreken de gangbare criteria om de diagnose dyscalculie te stellen. Ook de huidige discussie omtrent de subtypering van dyscalculie komt hierbij aan bod. We geven eveneens een overzicht van de verschillende verklaringsmodellen van dyscalculie.

    ]]>

    Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les nemen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat leerlingen met dyslexie ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt. We geven tevens enkele praktische tips mee voor de begeleiding van leerlingen met dyslexie op het vlak van vreemde talen.

    <![CDATA[Dyslexie en vreemde talen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/258http://www.code.thomasmore.be/kalender/258Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les nemen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat leerlingen met dyslexie ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt. We geven tevens enkele praktische tips mee voor de begeleiding van leerlingen met dyslexie op het vlak van vreemde talen.

    ]]>

    In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, zoals leerlingen met dyslexie en dyscalculie, op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    <![CDATA[Dyslexie en dyscalculie: van attest naar ondersteuning op school]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/259http://www.code.thomasmore.be/kalender/259In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, zoals leerlingen met dyslexie en dyscalculie, op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    ]]>

    De ondersteuning van leerlingen met dyslexie kan binnen het secundair onderwijs plaatsvinden op verschillende niveaus (schoolniveau, klasniveau, individueel niveau). Vanuit een kort theoretisch kader bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

    <![CDATA[Omgaan met dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/260http://www.code.thomasmore.be/kalender/260De ondersteuning van leerlingen met dyslexie kan binnen het secundair onderwijs plaatsvinden op verschillende niveaus (schoolniveau, klasniveau, individueel niveau). Vanuit een kort theoretisch kader bespreken we voornamelijk de ondersteuning en begeleiding in klasverband, met name de toekenning van sticordi-maatregelen. Welke sticordi-maatregelen kunnen toegekend worden bij jongeren met dyslexie en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, afhankelijk van de sterke en zwakkere punten van de leerling. De praktijk leert echter dat dat niet steeds zo eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee en daarnaast leeft de bezorgdheid of deze leerlingen hun getuigschrift van het secundair onderwijs kunnen behalen. We bekijken hoe het toekennen van sticordi-maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van de faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

    ]]>

    In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Op basis van intakegegevens van een casus selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie in het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/261http://www.code.thomasmore.be/kalender/261In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Op basis van intakegegevens van een casus selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

    ]]>

    Tijdens de vorming focussen we op leerlingen met leerstoornissen in het secundair onderwijs. We staan stil bij volgende vragen: Welke leerstoornissen kunnen we onderscheiden en komen deze vandaag meer voor dan vroeger? Wat zijn precies de moeilijkheden die studenten met een leerstoornis ervaren in het secundair onderwijs? Hebben alle leerlingen die veel spelfouten maken dyslexie? Volstaat het om leerlingen met dyscalculie een rekenmachine te laten gebruiken? We bekijken enkele mogelijkheden tot begeleiding en ondersteuning in de klas. 

    <![CDATA[Leerlingen met leerstoornissen in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/262http://www.code.thomasmore.be/kalender/262Tijdens de vorming focussen we op leerlingen met leerstoornissen in het secundair onderwijs. We staan stil bij volgende vragen: Welke leerstoornissen kunnen we onderscheiden en komen deze vandaag meer voor dan vroeger? Wat zijn precies de moeilijkheden die studenten met een leerstoornis ervaren in het secundair onderwijs? Hebben alle leerlingen die veel spelfouten maken dyslexie? Volstaat het om leerlingen met dyscalculie een rekenmachine te laten gebruiken? We bekijken enkele mogelijkheden tot begeleiding en ondersteuning in de klas. 

    ]]>

    Diagnostiek in het lager onderwijs (vervolg van 29/01/2013)

    In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Op basis van intakegegevens van een casus selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

     

    Diagnostiek in het secundair onderwijs

    Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakteprofiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

     

     

     

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie in het lager en secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/263http://www.code.thomasmore.be/kalender/263Diagnostiek in het lager onderwijs (vervolg van 29/01/2013)

    In deze vorming richten we ons op de diagnostiek van dyslexie bij kinderen. We bespreken de diagnostische cyclus bij kinderen met lees- en spellingmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Op basis van intakegegevens van een casus selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Bij de bespreking van de onderzoeksresultaten staan we stil bij de kwalitatieve analyses van de lees- en spellingfouten. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten. Aan de hand van deze gegevens wordt eveneens een sterkte-zwakteprofiel opgesteld, van waaruit gerichte adviezen m.b.t. sticordi-maatregelen, schoolse ondersteuning, therapeutische begeleiding, enz. gedistilleerd worden.

     

    Diagnostiek in het secundair onderwijs

    Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakteprofiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

     

     

     

    ]]>

    De vorming start met de theoretische basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). De verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden worden belicht. We overlopen welke testmaterialen bruikbaar zijn en welke subtests in dit model ingepast kunnen worden om tot een cognitief vaardigheidsprofiel te komen. We overlopen hoe de resultaten geïnterpreteerd kunnen worden en hoe vanuit het CHC-model een sterkte-zwakteanalyse opgesteld kan worden. Het uiteindelijke doel is het koppelen van concrete adviezen aan de sterkte-zwakteanalyse vanuit een handelingsgericht werkkader.

    <![CDATA[Het CHC-model: een bredere kijk op intelligentie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/264http://www.code.thomasmore.be/kalender/264De vorming start met de theoretische basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). De verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden worden belicht. We overlopen welke testmaterialen bruikbaar zijn en welke subtests in dit model ingepast kunnen worden om tot een cognitief vaardigheidsprofiel te komen. We overlopen hoe de resultaten geïnterpreteerd kunnen worden en hoe vanuit het CHC-model een sterkte-zwakteanalyse opgesteld kan worden. Het uiteindelijke doel is het koppelen van concrete adviezen aan de sterkte-zwakteanalyse vanuit een handelingsgericht werkkader.

    ]]>

    Voor leerlingen met leer- en ontwikkelingsstoornissen, maar ook voor taalzwakke en anderstalige leerlingen vormen moderne vreemde talen op de lagere en middelbare school vaak een struikelblok. Deze leerlingen ervaren nood aan een goede ondersteuning bij het verwerven van de spellinginhouden, de schrijfvaardigheid, het technisch en begrijpend lezen, de uitspraak en het inprenten van woorden en grammaticaregels. Met deze vorming reiken we vanuit de praktijk, maar steeds gestoeld op recente wetenschappelijke bevindingen, heel wat concrete tips en adviezen aan voor leerkrachten, zorgcoördinatoren, CLB’s, etc. Naast specifieke tips voor instructie en remediëring voor de lees-, schrijf-, spreek-, en luistervaardigheid wordt ook specifiek advies voor evaluatie gegeven.

     

    <![CDATA[Didactiek van moderne vreemde talen voor leerlingen met leermoeilijkheden]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/265http://www.code.thomasmore.be/kalender/265Voor leerlingen met leer- en ontwikkelingsstoornissen, maar ook voor taalzwakke en anderstalige leerlingen vormen moderne vreemde talen op de lagere en middelbare school vaak een struikelblok. Deze leerlingen ervaren nood aan een goede ondersteuning bij het verwerven van de spellinginhouden, de schrijfvaardigheid, het technisch en begrijpend lezen, de uitspraak en het inprenten van woorden en grammaticaregels. Met deze vorming reiken we vanuit de praktijk, maar steeds gestoeld op recente wetenschappelijke bevindingen, heel wat concrete tips en adviezen aan voor leerkrachten, zorgcoördinatoren, CLB’s, etc. Naast specifieke tips voor instructie en remediëring voor de lees-, schrijf-, spreek-, en luistervaardigheid wordt ook specifiek advies voor evaluatie gegeven.

     

    ]]>

    Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakteprofiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

    (vervolg van 19/02/2013)

    <![CDATA[Diagnostiek van dyslexie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/266http://www.code.thomasmore.be/kalender/266Ondanks recente aandacht voor de problematiek van dyslexie bij jongeren en volwassenen, blijven er nog steeds lacunes op het gebied van een wetenschappelijk onderbouwde en gefundeerde diagnose bij deze doelgroep. Na een aantal kritische bedenkingen bij de criteria voor diagnosestelling bespreken we in deze vorming eerst de aandachtspunten bij de anamnese van jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden. Daarnaast komen de hiaten in het testinstrumentarium bij deze doelgroep aan bod en gaan we dieper in op huidige initiatieven die op dit vlak worden ondernomen. Vervolgens schetsen we het belang van een aangepaste omkadering voor de doelgroep. De onderbouwde diagnose met een sterkte-zwakteprofiel is een belangrijke basis om begeleiding en faciliteiten te adviseren. Tijdens deze sessie wordt een casus in de diepte uitgewerkt en worden alle fasen van de diagnostische cyclus doorlopen.

    (vervolg van 19/02/2013)

    ]]>

    In deze sessie wordt het normale rekenproces besproken, met aandacht voor het aanvankelijk rekenen. Vervolgens krijgen de deelnemers een theoretisch kader over dyscalculie aangereikt. Dyscalculie is een leerstoornis die veel minder bekend is dan dyslexie. Toch komt dyscalculie vaak voor. Er wordt ingegaan op de risicosignalen voor dyscalculie op kleuterleeftijd, de kenmerken van dyscalculie in de lagere school en in het secundair onderwijs. We bespreken de gangbare criteria om de diagnose te stellen. Ook de huidige discussie omtrent de subtypering van dyscalculie komt hierbij aan bod. We geven eveneens een overzicht van de verschillende verklaringsmodellen van dyscalculie.

    Aansluitend wordt een korte inleiding gegeven op diagnostiek van dyscalculie in het lager onderwijs. Dit onderwerp wordt verder uitgediept op 26 maart 2013.

    <![CDATA[Theoretisch kader van dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/267http://www.code.thomasmore.be/kalender/267In deze sessie wordt het normale rekenproces besproken, met aandacht voor het aanvankelijk rekenen. Vervolgens krijgen de deelnemers een theoretisch kader over dyscalculie aangereikt. Dyscalculie is een leerstoornis die veel minder bekend is dan dyslexie. Toch komt dyscalculie vaak voor. Er wordt ingegaan op de risicosignalen voor dyscalculie op kleuterleeftijd, de kenmerken van dyscalculie in de lagere school en in het secundair onderwijs. We bespreken de gangbare criteria om de diagnose te stellen. Ook de huidige discussie omtrent de subtypering van dyscalculie komt hierbij aan bod. We geven eveneens een overzicht van de verschillende verklaringsmodellen van dyscalculie.

    Aansluitend wordt een korte inleiding gegeven op diagnostiek van dyscalculie in het lager onderwijs. Dit onderwerp wordt verder uitgediept op 26 maart 2013.

    ]]>

    In deze sessie bespreken we de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Na een algemeen kader en de bespreking van de verschillende fasen binnen de diagnostiek gaan we actief aan de slag. Dit doen we aan de hand van verschillende casussen. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose dyscalculie al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en testresultaten. Op basis van een sterkte-zwakte analyse maken we de link met adviezen voor het kind en zijn omgeving.

    <![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie in het lager onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/268http://www.code.thomasmore.be/kalender/268In deze sessie bespreken we de diagnostische cyclus bij kinderen met rekenmoeilijkheden op basis van de handelingsgerichte diagnostiek en het CHC-model. Na een algemeen kader en de bespreking van de verschillende fasen binnen de diagnostiek gaan we actief aan de slag. Dit doen we aan de hand van verschillende casussen. Op basis van intakegegevens selecteren we geschikte testinstrumenten, aangepast aan de leeftijd van het kind en de hulpvraag. Vervolgens bekijken we in welke situaties we de diagnose dyscalculie al dan niet kunnen stellen, rekening houdend met de anamnestische gegevens en testresultaten. Op basis van een sterkte-zwakte analyse maken we de link met adviezen voor het kind en zijn omgeving.

    ]]>

    Dyscalculie is een stoornis die niet verdwijnt eenmaal jongeren de overstap maken naar het secundair onderwijs. De inhoud van deze sessie is analoog aan die van de vorige sessie, maar is specifiek toegespitst op jongeren van het secundair onderwijs. Aan de hand van een casus worden alle fasen van de handelingsgerichte diagnostiek toegelicht, waarbij het testinstrumentarium kritisch wordt geanalyseerd en besproken. We staan ook uitgebreid stil bij de foutenanalyse die dient te gebeuren bij alle onderdelen van het rekenen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel gebeurt aan de hand van anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten van de casus.

     

    <![CDATA[Diagnostiek van dyscalculie in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/269http://www.code.thomasmore.be/kalender/269Dyscalculie is een stoornis die niet verdwijnt eenmaal jongeren de overstap maken naar het secundair onderwijs. De inhoud van deze sessie is analoog aan die van de vorige sessie, maar is specifiek toegespitst op jongeren van het secundair onderwijs. Aan de hand van een casus worden alle fasen van de handelingsgerichte diagnostiek toegelicht, waarbij het testinstrumentarium kritisch wordt geanalyseerd en besproken. We staan ook uitgebreid stil bij de foutenanalyse die dient te gebeuren bij alle onderdelen van het rekenen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel gebeurt aan de hand van anamnestische gegevens en onderzoeksresultaten van de casus.

     

    ]]>

    Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het inderdaad te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Als leerkracht en begeleider van de school en opvang kan je deze ouders begeleiden. Aandacht voor de taalstimulering van alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. Tijdens deze workshop laten we je aan de hand van stellingen kritisch nadenken over meertalig opvoeden. Aansluitend geven we meer achtergrondinformatie en tips om alle talen te stimuleren. Deze tips worden geconcretiseerd aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    <![CDATA[Stimuleren van een rijk en gevarieerd taalaanbod bij meertalige gezinnen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/270http://www.code.thomasmore.be/kalender/270Ouders van meertalige kinderen worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het inderdaad te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Als leerkracht en begeleider van de school en opvang kan je deze ouders begeleiden. Aandacht voor de taalstimulering van alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. Tijdens deze workshop laten we je aan de hand van stellingen kritisch nadenken over meertalig opvoeden. Aansluitend geven we meer achtergrondinformatie en tips om alle talen te stimuleren. Deze tips worden geconcretiseerd aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    ]]>

    In deze sessie wordt het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD geschetst. We gaan in op de subtypes van ADHD en de verschijningsvormen ervan doorheen de levensloop. De prevalentie komt aan bod en enkele misverstanden worden bediscussieerd.

    Verder bekijken we welke onderwijs- en examenfaciliteiten aangewezen zijn bij studenten met ADHD. We baseren ons hiervoor op resultaten vanuit recent eigen onderzoek.

    Daarnaast gaan we in op de begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen. Daarnaast bekijken we de basisprincipes van een planning- en organisatietraining voor studenten met ADHD in het hoger onderwijs en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn.

    <![CDATA[Omgaan met ADHD in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/271http://www.code.thomasmore.be/kalender/271In deze sessie wordt het theoretische kader van de ontwikkelingsstoornis ADHD geschetst. We gaan in op de subtypes van ADHD en de verschijningsvormen ervan doorheen de levensloop. De prevalentie komt aan bod en enkele misverstanden worden bediscussieerd.

    Verder bekijken we welke onderwijs- en examenfaciliteiten aangewezen zijn bij studenten met ADHD. We baseren ons hiervoor op resultaten vanuit recent eigen onderzoek.

    Daarnaast gaan we in op de begeleiding bij ADHD. Een eerste noodzakelijke stap hierbij is psycho-educatie. We gaan na welke elementen hierin aan bod moeten komen. Daarnaast bekijken we de basisprincipes van een planning- en organisatietraining voor studenten met ADHD in het hoger onderwijs en welke hulpmiddelen hierbij voorhanden zijn.

    ]]>

    Tijdens de workshop bekijken we de toepassingsmogelijkheden van de voorleessoftware Sprint Plus (Sprinto usb-sticks) en Kurzweil 3000 in het hoger onderwijs. De verschillende functies voor het voorlezen, schrijven en studeren van tekstmateriaal komen in beide programma’s in dezelfde volgorde aan bod, waardoor de gelijkenissen en verschillen duidelijk worden. De deelnemers gaan zelf aan de slag met de softwareprogramma’s. We bespreken eveneens wat de aandachtspunten zijn bij het inzetten van deze softwareprogramma’s als onderwijs- of examenfaciliteit.

    <![CDATA[Het gebruik van Sprint Plus en Kurzweil 3000 in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/272http://www.code.thomasmore.be/kalender/272Tijdens de workshop bekijken we de toepassingsmogelijkheden van de voorleessoftware Sprint Plus (Sprinto usb-sticks) en Kurzweil 3000 in het hoger onderwijs. De verschillende functies voor het voorlezen, schrijven en studeren van tekstmateriaal komen in beide programma’s in dezelfde volgorde aan bod, waardoor de gelijkenissen en verschillen duidelijk worden. De deelnemers gaan zelf aan de slag met de softwareprogramma’s. We bespreken eveneens wat de aandachtspunten zijn bij het inzetten van deze softwareprogramma’s als onderwijs- of examenfaciliteit.

    ]]>

    Voor intelligentieonderzoek bij anders- en meertalige kinderen grijpen hulpverleners vaak naar non-verbale intelligentietests. Wetenschappelijk onderzoek toont echter aan dat deze niet volstaan en bovendien grote beperkingen in zich dragen. In deze vorming bieden wij een alternatief op basis van het internationaal breed gehanteerde Cattell-Horn-Carroll-model (CHC-model), dat een veel breder palet van cognitieve vaardigheden beschrijft dan een standaard intelligentietest meet. Dit leidt in de praktijk tot een multidisciplinaire, cross-batterij benadering van intelligentieonderzoek, waarin subtests uit verschillende intelligentietests en taaltests elkaar kunnen aanvullen. Selectie van de subtests gebeurt zodanig dat beïnvloeding door een anderstalige of andere culturele achtergrond beperkt blijft. Intelligentieonderzoek op basis van het CHC-model draagt bij tot advies en interventies op maat bij anders- en meertalige kinderen met taal- en leerproblemen.

    <![CDATA[Intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen: een cross-batterij benadering op basis van het CHC-model]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/273http://www.code.thomasmore.be/kalender/273Voor intelligentieonderzoek bij anders- en meertalige kinderen grijpen hulpverleners vaak naar non-verbale intelligentietests. Wetenschappelijk onderzoek toont echter aan dat deze niet volstaan en bovendien grote beperkingen in zich dragen. In deze vorming bieden wij een alternatief op basis van het internationaal breed gehanteerde Cattell-Horn-Carroll-model (CHC-model), dat een veel breder palet van cognitieve vaardigheden beschrijft dan een standaard intelligentietest meet. Dit leidt in de praktijk tot een multidisciplinaire, cross-batterij benadering van intelligentieonderzoek, waarin subtests uit verschillende intelligentietests en taaltests elkaar kunnen aanvullen. Selectie van de subtests gebeurt zodanig dat beïnvloeding door een anderstalige of andere culturele achtergrond beperkt blijft. Intelligentieonderzoek op basis van het CHC-model draagt bij tot advies en interventies op maat bij anders- en meertalige kinderen met taal- en leerproblemen.

    ]]>

    Tijdens de workshop bekijken we de toepassingsmogelijkheden van de voorleessoftware Sprint in het secundair onderwijs. We bespreken hoe Sprint kan ingezet worden als onderwijs- en examenfaciliteit en welke omkadering hiervoor nodig is. De deelnemers gaan aan de slag met de Sprinto usb-sticks en ontdekken de verschillende functies van Sprint, Sprinter, SprintPDF en Skippy bij het voorlezen, het studeren en het schrijven van teksten.

    <![CDATA[De gebruiksmogelijkheden van Sprint in de ondersteuning van leerlingen met dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/274http://www.code.thomasmore.be/kalender/274Tijdens de workshop bekijken we de toepassingsmogelijkheden van de voorleessoftware Sprint in het secundair onderwijs. We bespreken hoe Sprint kan ingezet worden als onderwijs- en examenfaciliteit en welke omkadering hiervoor nodig is. De deelnemers gaan aan de slag met de Sprinto usb-sticks en ontdekken de verschillende functies van Sprint, Sprinter, SprintPDF en Skippy bij het voorlezen, het studeren en het schrijven van teksten.

    ]]>

    We bespreken in deze voormiddagsessie de huidige inzichten over dyslexie: hoe uit dyslexie zich, hoe vaak komt het voor, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring van dyslexie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Een aantal veel voorkomende misvattingen over dyslexie wordt eveneens toegelicht en besproken.

    Vervolgens gaan we in op het wettelijk kader omtrent de begeleiding voor leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften. We maken hierbij de koppeling naar STICORDI-maatregelen. We bespreken tevens de meerwaarde van deze maatregelen, maar stippen ook aandachtspunten aan en hebben oog voor de praktische haalbaarheid. Binnen de compenserende maatregelen staan we specifiek stil bij het gebruik van voorleessoftware.

    In de namiddag volgen nog twee verdiepende sessies rond het thema, een eerste toegespitst op het lager onderwijs, een tweede op het secundair onderwijs.

    <![CDATA[Aan de slag met dyslexie in de klas]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/275http://www.code.thomasmore.be/kalender/275We bespreken in deze voormiddagsessie de huidige inzichten over dyslexie: hoe uit dyslexie zich, hoe vaak komt het voor, hoe zit het met de discussie omtrent de definiëring van dyslexie en wat zijn de criteria om de diagnose te stellen? Een aantal veel voorkomende misvattingen over dyslexie wordt eveneens toegelicht en besproken.

    Vervolgens gaan we in op het wettelijk kader omtrent de begeleiding voor leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften. We maken hierbij de koppeling naar STICORDI-maatregelen. We bespreken tevens de meerwaarde van deze maatregelen, maar stippen ook aandachtspunten aan en hebben oog voor de praktische haalbaarheid. Binnen de compenserende maatregelen staan we specifiek stil bij het gebruik van voorleessoftware.

    In de namiddag volgen nog twee verdiepende sessies rond het thema, een eerste toegespitst op het lager onderwijs, een tweede op het secundair onderwijs.

    ]]>

    In deze vorming, waar steeds ruimte wordt gelaten voor vragen, staat de overgang van het lager naar het secundair onderwijs voor leerlingen met een leerstoornis (dyslexie of dyscalculie) centraal. We vertrekken kort vanuit een verantwoorde diagnostiek en attestering van beide leerstoornissen. Hieraan gekoppeld hebben we aandacht voor het wettelijk kader rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften op school. We situeren STICORDI maatregelen in het secundair onderwijs, en hebben hierbij zowel oog voor de noodzakelijke ondersteuning voor leerlingen met een leerstoornis als voor de praktische haalbaarheid voor leerkrachten. Op basis van deze zaken krijgen ouders handvaten voor het uitkiezen van een gepaste school voor hun zoon/dochter.

    <![CDATA[Ondersteuning voor dyslexie in het secundair onderwijs: wat kan je als ouder verwachten?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/276http://www.code.thomasmore.be/kalender/276In deze vorming, waar steeds ruimte wordt gelaten voor vragen, staat de overgang van het lager naar het secundair onderwijs voor leerlingen met een leerstoornis (dyslexie of dyscalculie) centraal. We vertrekken kort vanuit een verantwoorde diagnostiek en attestering van beide leerstoornissen. Hieraan gekoppeld hebben we aandacht voor het wettelijk kader rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften op school. We situeren STICORDI maatregelen in het secundair onderwijs, en hebben hierbij zowel oog voor de noodzakelijke ondersteuning voor leerlingen met een leerstoornis als voor de praktische haalbaarheid voor leerkrachten. Op basis van deze zaken krijgen ouders handvaten voor het uitkiezen van een gepaste school voor hun zoon/dochter.

    ]]>

    We starten met een bespreking van de leerstoornis dyslexie: risicosignalen, voorkomen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden toegelicht.

    Na het inleidende gedeelte gaan we dieper in op de moeilijkheden bij het leren van een vreemde taal voor dyslectische leerlingen. We nemen het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat leerlingen met dyslexie ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Meer specifiek zullen we ons toeleggen op de moeilijkheden bij het aanleren van Nederlands als vreemde taal. We geven tevens enkele praktische tips mee voor de begeleiding van leerlingen met dyslexie op het vlak van vreemde talen en het algemeen zorgkader rond onderwijs- en examenfaciliteiten.

     

    <![CDATA[Dyslexie en de didactiek van moderne vreemde talen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/277http://www.code.thomasmore.be/kalender/277We starten met een bespreking van de leerstoornis dyslexie: risicosignalen, voorkomen, klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden komen aan bod, alsook de discussie omtrent de definiëring (beschrijvende/verklarende definities) van dyslexie.  Hierbij bespreken we eveneens de huidige criteria om de diagnose te stellen, met enkele kritische opmerkingen. Een aantal veel voorkomende misvattingen omtrent dyslexie die leven bij kinderen, jongeren en hun ouders worden toegelicht.

    Na het inleidende gedeelte gaan we dieper in op de moeilijkheden bij het leren van een vreemde taal voor dyslectische leerlingen. We nemen het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat leerlingen met dyslexie ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Meer specifiek zullen we ons toeleggen op de moeilijkheden bij het aanleren van Nederlands als vreemde taal. We geven tevens enkele praktische tips mee voor de begeleiding van leerlingen met dyslexie op het vlak van vreemde talen en het algemeen zorgkader rond onderwijs- en examenfaciliteiten.

     

    ]]>

    Heel wat leerkrachten kampen met vragen over de (schoolse) ontwikkeling van meertalige leerlingen. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bestaan er heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we daarom dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij verschillende vormen van meertaligheid. Deze inzichten zullen leerkrachten helpen om meer realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van het meertalige kind. Daarenboven besteden we aandacht aan het formuleren van correct advies ten aanzien van ouders die hun kind meertalig opvoeden.

    In de namiddag maken we de koppeling naar de concrete schoolse context. We bieden tools aan die je als leerkracht helpen bij het creëren van een krachtige leeromgeving, met aandacht voor de verschillende thuistalen van de leerlingen. Ook een effectieve communicatie met ouders van meertalige kinderen komt aan bod. We staan onder meer stil bij ouderbetrokkenheid en het overwinnen van de taalbarrières.

    Inschrijven kan via volgende link: www.valoria.be  --> vormingenreeks diversiteit

    <![CDATA[Omgaan met meertaligheid in het onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/278http://www.code.thomasmore.be/kalender/278Heel wat leerkrachten kampen met vragen over de (schoolse) ontwikkeling van meertalige leerlingen. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bestaan er heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we daarom dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij verschillende vormen van meertaligheid. Deze inzichten zullen leerkrachten helpen om meer realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van het meertalige kind. Daarenboven besteden we aandacht aan het formuleren van correct advies ten aanzien van ouders die hun kind meertalig opvoeden.

    In de namiddag maken we de koppeling naar de concrete schoolse context. We bieden tools aan die je als leerkracht helpen bij het creëren van een krachtige leeromgeving, met aandacht voor de verschillende thuistalen van de leerlingen. Ook een effectieve communicatie met ouders van meertalige kinderen komt aan bod. We staan onder meer stil bij ouderbetrokkenheid en het overwinnen van de taalbarrières.

    Inschrijven kan via volgende link: www.valoria.be  --> vormingenreeks diversiteit

    ]]>

    De effectiviteit aantonen van interventies voor leesproblemen is één zaak, maar hoe bereik je dat de verschillende settings voor onderwijs en begeleiding die beproefde interventies ook succesvol kunnen implementeren? Waar zitten de grootste belemmeringen en hoe haal je die weg? Op die vragen zal dr. Esther Steenbeek–Planting ingaan in haar lezing ‘Succesfactoren en aandachtspunten bij implementatie van begeleidingsinitiatieven voor leesproblemen'.

    Inschrijven kan tot 7 juni 2013.

    <![CDATA[‘Succesfactoren en aandachtspunten bij implementatie van begeleidingsinitiatieven voor leesproblemen’, lezing door dr. Esther Steenbeek-Planting]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/279http://www.code.thomasmore.be/kalender/279De effectiviteit aantonen van interventies voor leesproblemen is één zaak, maar hoe bereik je dat de verschillende settings voor onderwijs en begeleiding die beproefde interventies ook succesvol kunnen implementeren? Waar zitten de grootste belemmeringen en hoe haal je die weg? Op die vragen zal dr. Esther Steenbeek–Planting ingaan in haar lezing ‘Succesfactoren en aandachtspunten bij implementatie van begeleidingsinitiatieven voor leesproblemen'.

    Inschrijven kan tot 7 juni 2013.

    ]]>

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIK-onderwijsondersteuning). In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In de daaropvolgende sessie (sessie 4) krijg je praktische tips aangereikt hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden. In een terugkomsessie (sessie 5) bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart.

     

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 06/11/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/11/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 04/12/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling
    • Woensdag 18/12/2013: Taalstimulering binnen het gezin
    • Woensdag 29/01/2013: Terugkomsessie
    Indien meertalige ouders het Nederlands onvoldoende beheersen, kunnen zij vrijblijvend een tolk meebrengen.

     

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies (GRATIS). ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/280http://www.code.thomasmore.be/kalender/280

    Opvoeden betekent ook talig opvoeden. Het belang van een kwalitatief goed taalaanbod voor de ontwikkeling van de moedertaal, maar ook voor andere talen, werd meermaals aangetoond. Als ouder stel je je echter de vraag hoe je in dit aanbod kan voorzien. Nog complexer wordt het wanneer je kind opgroeit in een meertalige context. Als ouder kamp je dus met vele vragen hoe je je kind het beste opvoedt in een rijke taalomgeving.

    Code organiseert daarom interactieve begeleidingssessies rond talig opvoeden voor ouders. De sessies werden uitgewerkt aan de hand van de programma's TaalGEZINd (Foyer) en TOLK Praten met je kind (KLIK-onderwijsondersteuning) en TOLK Vertel het aan je kind (KLIK-onderwijsondersteuning). In een eerste sessie willen we je bewust maken van je moedertaal en het belang hiervan. In een tweede sessie geven we meer uitleg over de taalontwikkeling van je kind. Er gaat hierbij eveneens aandacht naar de verschillende vormen en belangrijke aspecten van een meeralige taalontwikkeling. In een derde sessie krijg je als ouder tips en adviezen rond taalontwikkeling in een meertalige context. In de daaropvolgende sessie (sessie 4) krijg je praktische tips aangereikt hoe je een rijke taalomgeving aan je kind kan bieden. In een terugkomsessie (sessie 5) bespreken we welke adviezen je als ouder reeds toepast en welke moeilijkheden je hierbij ervaart.

     

    De sessies vinden plaats op volgende data:

    • Woensdag 06/11/2013: Belang van de moedertaal
    • Woensdag 20/11/2013: Inzicht in de (meertalige) taalontwikkeling
    • Woensdag 04/12/2013: Tips en adviezen, specifiek voor een meertalige taalontwikkeling
    • Woensdag 18/12/2013: Taalstimulering binnen het gezin
    • Woensdag 29/01/2013: Terugkomsessie
    Indien meertalige ouders het Nederlands onvoldoende beheersen, kunnen zij vrijblijvend een tolk meebrengen.

     

    ]]>

    In de eerste sessie bekijken we hoe de verschillende talen in je gezin een plaats krijgen. We bespreken ook de betekenis en het belang van de moedertaal.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden - begeleiding voor ouders (sessie 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/283http://www.code.thomasmore.be/kalender/283In de eerste sessie bekijken we hoe de verschillende talen in je gezin een plaats krijgen. We bespreken ook de betekenis en het belang van de moedertaal.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    ]]>

    We geven je als ouder inzicht in de taalontwikkeling van je kind. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden - begeleiding voor ouders (sessie 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/284http://www.code.thomasmore.be/kalender/284We geven je als ouder inzicht in de taalontwikkeling van je kind. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    ]]>
    Een rijke taalomgeving is essentieel voor de taalontwikkeling van je kind. We geven je als ouder concrete adviezen die je kan toepassen om je kind(eren) een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van je kind.
     
    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.
    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden - begeleiding voor ouders (sessie 4)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/285http://www.code.thomasmore.be/kalender/285Een rijke taalomgeving is essentieel voor de taalontwikkeling van je kind. We geven je als ouder concrete adviezen die je kan toepassen om je kind(eren) een rijke taalomgeving te bieden. We focussen op het belang van spel en speelgoed bij de taalontwikkeling met aandacht voor de interesses van je kind.
     
    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.
    ]]>

    We geven je als ouder inzicht in de meertalige taalontwikkeling van je kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden- begeleiding voor ouders (sessie 3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/286http://www.code.thomasmore.be/kalender/286We geven je als ouder inzicht in de meertalige taalontwikkeling van je kind. Een meertalige taalontwikkeling verschilt immers van een eentalige taalontwikkeling. We bespreken daarbij ook de factoren die een invloed hebben op de taalvaardigheid, zowel in de thuistaal als in het Nederlands.

    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013: (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

    ]]>
    Na enkele weken bespreken we met jou welke adviezen je al toepast en op welke moeilijkheden je botst. We zoeken samen verder naar oplossingen.
     
    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013:  (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

     

    <![CDATA[(Meer)talig opvoeden - begeleiding voor ouders (sessie 5)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/287http://www.code.thomasmore.be/kalender/287Na enkele weken bespreken we met jou welke adviezen je al toepast en op welke moeilijkheden je botst. We zoeken samen verder naar oplossingen.
     
    De begeleidingsreeks bestaat uit 5 sessies. Inschrijven kan enkel voor de volledige reeks via de kalender op datum 06.11.2013:  (Meer)talig opvoeden: begeleiding voor ouders. Schrijf in voor de reeks van 5 sessies.

     

    ]]>

    Gezien het aantal inschrijvingen beslisten we om deze verdiepende workshop te integreren in het voormiddagprogramma. (18.02.2014)

    <![CDATA[ADHD bij adolescenten en jongvolwassenen: van sterkte-zwakteanalyse naar begeleiding: verdiepende workshop (namiddag) - GEÏNTEGREERD IN VOORMIDDAG]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/289http://www.code.thomasmore.be/kalender/289Gezien het aantal inschrijvingen beslisten we om deze verdiepende workshop te integreren in het voormiddagprogramma. (18.02.2014)

    ]]>

    Plannen en organiseren verloopt voor jongeren met ADHD vaak moeizaam. In de adolescentie neemt het belang van deze executieve functies toe als gevolg van hogere eisen op vlak van onderwijs, studeren en zelfstandigheid.

    Tijdens deze vorming bespreken we tests en vragenlijsten die worden gebruikt om een sterkte-zwakteanalyse van het executief functioneren op te stellen. We gaan  hier actief mee aan de slag aan de hand van casusmateriaal van Code. We bespreken ook de plaats van deze neuropsychologische tests binnen de diagnostiek.

    Daarnaast trachten de deelnemers zelf adviezen te formuleren en reiken we handvatten aan om adolescenten en jongvolwassenen te begeleiden bij het versterken van deze vaardigheden.

    Er wordt ingegaan op effectieve behandelvormen, voorwaarden voor zinvolle psycho-educatie (zowel individueel als in groep) en technieken en motiverende gespreksvaardigheden zoals toegepast in de planning- en organisatietraining. We oefenen de aangereikte principes in aan de hand van rollenspelen

    De inhoud van deze sessies steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies van de planning- en organisatietraining voor studenten hoger onderwijs binnen Code. 

    <![CDATA[ADHD bij adolescenten en jongvolwassenen: van sterkte-zwakteanalyse naar begeleiding (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/290http://www.code.thomasmore.be/kalender/290Plannen en organiseren verloopt voor jongeren met ADHD vaak moeizaam. In de adolescentie neemt het belang van deze executieve functies toe als gevolg van hogere eisen op vlak van onderwijs, studeren en zelfstandigheid.

    Tijdens deze vorming bespreken we tests en vragenlijsten die worden gebruikt om een sterkte-zwakteanalyse van het executief functioneren op te stellen. We gaan  hier actief mee aan de slag aan de hand van casusmateriaal van Code. We bespreken ook de plaats van deze neuropsychologische tests binnen de diagnostiek.

    Daarnaast trachten de deelnemers zelf adviezen te formuleren en reiken we handvatten aan om adolescenten en jongvolwassenen te begeleiden bij het versterken van deze vaardigheden.

    Er wordt ingegaan op effectieve behandelvormen, voorwaarden voor zinvolle psycho-educatie (zowel individueel als in groep) en technieken en motiverende gespreksvaardigheden zoals toegepast in de planning- en organisatietraining. We oefenen de aangereikte principes in aan de hand van rollenspelen

    De inhoud van deze sessies steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies van de planning- en organisatietraining voor studenten hoger onderwijs binnen Code. 

    ]]>

    Deze vorming richt zich tot iedereen die in contact komt met autisme en hierin graag meer inzicht wil. Je komt meer te weten over de achtergrond van autisme en autismespectrumstoornissen, de oorzaken en gevolgen van autisme, en de (gedrags)kenmerken volgens de nieuwste wetenschappelijke inzichten. We proberen een correct beeld te schetsen van personen met autisme en willen voorbijgaan aan clichés en frequente misvattingen. Ten slotte krijg je concrete tips aangereikt voor de begeleiding van en de communicatie met personen met autisme.

    <![CDATA[Autismespectrumstoornissen: een inleiding]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/291http://www.code.thomasmore.be/kalender/291Deze vorming richt zich tot iedereen die in contact komt met autisme en hierin graag meer inzicht wil. Je komt meer te weten over de achtergrond van autisme en autismespectrumstoornissen, de oorzaken en gevolgen van autisme, en de (gedrags)kenmerken volgens de nieuwste wetenschappelijke inzichten. We proberen een correct beeld te schetsen van personen met autisme en willen voorbijgaan aan clichés en frequente misvattingen. Ten slotte krijg je concrete tips aangereikt voor de begeleiding van en de communicatie met personen met autisme.

    ]]>

    Er bestaat in Vlaanderen weinig wetenschappelijk onderzoek over normaal begaafde jongvolwassenen met ASS. Jongvolwassenheid wordt echter gekenmerkt door belangrijke overgangsmomenten die mensen met ASS voor extra uitdagingen stellen: denk bijvoorbeeld aan hogere studies of de zoektocht naar een baan. In deze workshop richten wij ons in de eerste plaats op het diagnostisch proces bij jongvolwassenen met ASS. We respecteren de categorische diagnostiek op basis van de gouden standaard (ADOS en ADI-R), maar pleiten daarnaast voor het gebruik van handelingsgerichte instrumenten. Die brengen de specifieke sterktes en zwaktes van jongeren met ASS in kaart. We focussen hierbij niet alleen op intelligentie- en neuropsychologische testen (volgens het Cattell-Horn-Carroll-model), maar ook op metacognitief vaardigheids- en persoonlijkheidsonderzoek. Deze analyse dient als basis voor een cliëntgericht advies-op-maat, waardoor overgangsmomenten beter kunnen worden ondersteund.

    <![CDATA[Sterkte-zwakteanalyse in de diagnostiek van autismespectrumstoornissen bij jongvolwassenen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/292http://www.code.thomasmore.be/kalender/292Er bestaat in Vlaanderen weinig wetenschappelijk onderzoek over normaal begaafde jongvolwassenen met ASS. Jongvolwassenheid wordt echter gekenmerkt door belangrijke overgangsmomenten die mensen met ASS voor extra uitdagingen stellen: denk bijvoorbeeld aan hogere studies of de zoektocht naar een baan. In deze workshop richten wij ons in de eerste plaats op het diagnostisch proces bij jongvolwassenen met ASS. We respecteren de categorische diagnostiek op basis van de gouden standaard (ADOS en ADI-R), maar pleiten daarnaast voor het gebruik van handelingsgerichte instrumenten. Die brengen de specifieke sterktes en zwaktes van jongeren met ASS in kaart. We focussen hierbij niet alleen op intelligentie- en neuropsychologische testen (volgens het Cattell-Horn-Carroll-model), maar ook op metacognitief vaardigheids- en persoonlijkheidsonderzoek. Deze analyse dient als basis voor een cliëntgericht advies-op-maat, waardoor overgangsmomenten beter kunnen worden ondersteund.

    ]]>

    In deze vorming krijg je een duidelijk beeld van de typische rekenontwikkeling. Inzicht in het normale ontwikkelingsverloop verhoogt het inzicht in de moeilijkheden die kinderen en jongeren met dyscalculie ervaren. We formuleren een antwoord op de volgende vragen: over welke definitie bestaat er een consensus? Wat zijn de recente bevindingen rond de impact van dyscalculie op kinderen en jongvolwassenen? Bestaat er eensgezindheid over de oorzaak van dyscalculie en welke gevolgen heeft dit voor de praktijk? Het wetenschappelijk kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor meer verdiepende en praktische sessies rond diagnostiek en begeleiding van dyscalculie.

    <![CDATA[Recente wetenschappelijke inzichten in dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/293http://www.code.thomasmore.be/kalender/293In deze vorming krijg je een duidelijk beeld van de typische rekenontwikkeling. Inzicht in het normale ontwikkelingsverloop verhoogt het inzicht in de moeilijkheden die kinderen en jongeren met dyscalculie ervaren. We formuleren een antwoord op de volgende vragen: over welke definitie bestaat er een consensus? Wat zijn de recente bevindingen rond de impact van dyscalculie op kinderen en jongvolwassenen? Bestaat er eensgezindheid over de oorzaak van dyscalculie en welke gevolgen heeft dit voor de praktijk? Het wetenschappelijk kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor meer verdiepende en praktische sessies rond diagnostiek en begeleiding van dyscalculie.

    ]]>

    Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 17 oktober 2013; maximaal 30 deelnemers.

    Wat is de huidige stand van zaken omtrent dyslexie? Hoe uit dyslexie zich bij kinderen en jongeren, en hoe interpreteren we de definitie op een correcte manier? Wat is het onderscheid met andere leer- of gedrags- en ontwikkelingsstoornissen? Hoe ver staat het met het onderzoek naar de oorzaken van dyslexie? Kunnen we aan preventie doen bij kleuters die risicosignalen vertonen? En welke implicaties heeft dat voor de praktijk?

    Deze vorming wil een antwoord bieden op deze vragen door een overzicht te geven van de huidige stand van zaken. We koppelen dit aan inzichten in de normale lees- en spellingsontwikkeling. Dit kader biedt een vertrekpunt voor de verdere verdiepende en praktische sessies rond diagnostiek en begeleiding van dyslexie.

     

    <![CDATA[Recente wetenschappelijke inzichten in dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/294http://www.code.thomasmore.be/kalender/294

    Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 17 oktober 2013; maximaal 30 deelnemers.

    Wat is de huidige stand van zaken omtrent dyslexie? Hoe uit dyslexie zich bij kinderen en jongeren, en hoe interpreteren we de definitie op een correcte manier? Wat is het onderscheid met andere leer- of gedrags- en ontwikkelingsstoornissen? Hoe ver staat het met het onderzoek naar de oorzaken van dyslexie? Kunnen we aan preventie doen bij kleuters die risicosignalen vertonen? En welke implicaties heeft dat voor de praktijk?

    Deze vorming wil een antwoord bieden op deze vragen door een overzicht te geven van de huidige stand van zaken. We koppelen dit aan inzichten in de normale lees- en spellingsontwikkeling. Dit kader biedt een vertrekpunt voor de verdere verdiepende en praktische sessies rond diagnostiek en begeleiding van dyslexie.

     

    ]]>

    Tijdens deze studiedag doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen met zowel lees- en spellings- als rekenmoeilijkheden. We bespreken de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostisch testinstrumentarium. Je krijgt een overzicht van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij kinderen uit het lager onderwijs. We maken zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve analyse van de lees-, spellings- en rekenvaardigheden. Deze analyses zijn essentieel voor diagnosestelling en vormen de basis om adviezen op maat te formuleren. We maken tijdens de studiedag ook ruimte voor eigen ervaringen en praktische toepassingen. In kleine groepen bespreken we enkele casussen, vertrekkende vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/295http://www.code.thomasmore.be/kalender/295Tijdens deze studiedag doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen met zowel lees- en spellings- als rekenmoeilijkheden. We bespreken de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostisch testinstrumentarium. Je krijgt een overzicht van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij kinderen uit het lager onderwijs. We maken zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve analyse van de lees-, spellings- en rekenvaardigheden. Deze analyses zijn essentieel voor diagnosestelling en vormen de basis om adviezen op maat te formuleren. We maken tijdens de studiedag ook ruimte voor eigen ervaringen en praktische toepassingen. In kleine groepen bespreken we enkele casussen, vertrekkende vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    ]]>

    Deze studiedag is op dezelfde manier opgebouwd als de studiedag rond handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij kinderen (05.12.2013), maar spitst zich toe op jongeren uit het secundair onderwijs. Ook hier doorlopen we de diagnostische cyclus bij jongeren met zowel lees-, spellings- als rekenmoeilijkheden. We bespreken de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en overlopen de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie. We maken zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve analyse van lees-, spellings- en rekenvaardigheden. Deze analyses zijn essentieel voor diagnosestelling en vormen de beste basis om adviezen op maat te formuleren. We maken tijdens de studiedag ook ruimte voor eigen ervaringen en praktische toepassingen. In kleine groepen worden enkele casussen besproken, waarbij we vertrekken vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij jongeren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/296http://www.code.thomasmore.be/kalender/296Deze studiedag is op dezelfde manier opgebouwd als de studiedag rond handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie en dyscalculie bij kinderen (05.12.2013), maar spitst zich toe op jongeren uit het secundair onderwijs. Ook hier doorlopen we de diagnostische cyclus bij jongeren met zowel lees-, spellings- als rekenmoeilijkheden. We bespreken de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en overlopen de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie en dyscalculie. We maken zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve analyse van lees-, spellings- en rekenvaardigheden. Deze analyses zijn essentieel voor diagnosestelling en vormen de beste basis om adviezen op maat te formuleren. We maken tijdens de studiedag ook ruimte voor eigen ervaringen en praktische toepassingen. In kleine groepen worden enkele casussen besproken, waarbij we vertrekken vanuit intakegegevens en onderzoeksresultaten. Op basis hiervan leer je een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren. Het uitwisselen van ervaringen met andere deelnemers en de spreker is hierbij een meerwaarde.

    ]]>

    Ondersteunende software geeft kinderen en jongeren met dyslexie nieuwe kansen op schools succes. Deze kansen worden pas ten volle benut wanneer men ondersteunende software aanbiedt op een doordachte manier. Welke hulpmiddelen bestaan er en vooral: hoe kunnen deze compenserend en /of remediërend worden ingezet binnen een therapeutisch kader? Wat leert recent onderzoek ons hierover? Hoe kan deze software aangewend worden tijdens lessen of examens? Waarop kun je je baseren om een goede selectie te maken binnen het bestaande aanbod en op maat van de leerling? Tijdens deze studiedag maak je kennis met de verschillende hulpmiddelen, hun voor- en nadelen en aandachtspunten bij het gebruik. Het blijft niet bij een kennismaking; in de namiddag kun je zelf aan de slag met deze hulpmiddelen op basis van concreet casusmateriaal.

    <![CDATA[Begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie aan de hand van ondersteunende software]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/297http://www.code.thomasmore.be/kalender/297Ondersteunende software geeft kinderen en jongeren met dyslexie nieuwe kansen op schools succes. Deze kansen worden pas ten volle benut wanneer men ondersteunende software aanbiedt op een doordachte manier. Welke hulpmiddelen bestaan er en vooral: hoe kunnen deze compenserend en /of remediërend worden ingezet binnen een therapeutisch kader? Wat leert recent onderzoek ons hierover? Hoe kan deze software aangewend worden tijdens lessen of examens? Waarop kun je je baseren om een goede selectie te maken binnen het bestaande aanbod en op maat van de leerling? Tijdens deze studiedag maak je kennis met de verschillende hulpmiddelen, hun voor- en nadelen en aandachtspunten bij het gebruik. Het blijft niet bij een kennismaking; in de namiddag kun je zelf aan de slag met deze hulpmiddelen op basis van concreet casusmateriaal.

    ]]>

    In deze sessie gaan we in op factoren die het proces van aanvankelijk lezen en spellen versterken. We staan stil bij o.a. directe instructieprincipes, een gerichte aanpak voor voorbereidend lezen en spellen, de centrale rol van ‘woordspecifieke kennis’, effectieve vormen van differentiatie... We ronden de sessie af met handvatten voor een krachtig leesbeleid op school. Doelstelling van de sessie is niet om concreet oefenmateriaal aan te reiken maar om een kader te bieden en wetenschappelijke inzichten te vertalen naar de dagelijkse praktijk.

    <![CDATA["Leren lezen is zoveel meer": suggesties voor effectief lees- en spellingonderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/298http://www.code.thomasmore.be/kalender/298In deze sessie gaan we in op factoren die het proces van aanvankelijk lezen en spellen versterken. We staan stil bij o.a. directe instructieprincipes, een gerichte aanpak voor voorbereidend lezen en spellen, de centrale rol van ‘woordspecifieke kennis’, effectieve vormen van differentiatie... We ronden de sessie af met handvatten voor een krachtig leesbeleid op school. Doelstelling van de sessie is niet om concreet oefenmateriaal aan te reiken maar om een kader te bieden en wetenschappelijke inzichten te vertalen naar de dagelijkse praktijk.

    ]]>

    Ontwikkelingsdysfasie en dyslexie zijn twee verschillende stoornissen die toch heel wat gemeenschappelijke kenmerken hebben. Bovendien komen ze vaak samen voor. Dit bemoeilijkt de differentiaaldiagnostiek tussen beide stoornissen. In deze vorming bespreken we recente studies die de overlap tussen ontwikkelingsdysfasie en dyslexie trachten te verklaren. We lichten toe welke factoren de overlap tussen ontwikkelingsdysfasie en dyslexie kunnen veroorzaken en welke kenmerken bij kinderen met ontwikkelingsdysfasie al op kleuterleeftijd signalen vormen voor een risico op lees- en spellingmoeilijkheden. Aan de hand van concrete oefeningen gaan we dieper in op aandachtspunten bij de differentiaaldiagnostiek, zowel bij kinderen als jongeren. Tot slot bekijken we de implicaties van de recente inzichten voor advies, therapie en het hanteren van hulpmiddelen.

    <![CDATA[Differentiaaldiagnostiek tussen ontwikkelingsdysfasie en dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/299http://www.code.thomasmore.be/kalender/299Ontwikkelingsdysfasie en dyslexie zijn twee verschillende stoornissen die toch heel wat gemeenschappelijke kenmerken hebben. Bovendien komen ze vaak samen voor. Dit bemoeilijkt de differentiaaldiagnostiek tussen beide stoornissen. In deze vorming bespreken we recente studies die de overlap tussen ontwikkelingsdysfasie en dyslexie trachten te verklaren. We lichten toe welke factoren de overlap tussen ontwikkelingsdysfasie en dyslexie kunnen veroorzaken en welke kenmerken bij kinderen met ontwikkelingsdysfasie al op kleuterleeftijd signalen vormen voor een risico op lees- en spellingmoeilijkheden. Aan de hand van concrete oefeningen gaan we dieper in op aandachtspunten bij de differentiaaldiagnostiek, zowel bij kinderen als jongeren. Tot slot bekijken we de implicaties van de recente inzichten voor advies, therapie en het hanteren van hulpmiddelen.

    ]]>

    Heel wat ouders hebben twijfels bij het meertalig opvoeden van hun kinderen. Ook leerkrachten en therapeuten kampen met vragen over de (schoolse) ontwikkeling van meertalige leerlingen. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bestaan er heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we daarom dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij verschillende vormen van meertaligheid. Deze inzichten zullen ouders en andere betrokken begeleiders (leerkrachten, therapeuten, …) helpen om meer realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van het meertalige kind.

    <![CDATA[Meertalige taalontwikkeling: recente inzichten in het normale ontwikkelingsverloop]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/300http://www.code.thomasmore.be/kalender/300Heel wat ouders hebben twijfels bij het meertalig opvoeden van hun kinderen. Ook leerkrachten en therapeuten kampen met vragen over de (schoolse) ontwikkeling van meertalige leerlingen. Door gebrek aan kennis over het normale taalontwikkelingsverloop bestaan er heel wat misvattingen over meertalig opvoeden. In deze vorming gaan we daarom dieper in op dit normale ontwikkelingsverloop en staan we stil bij verschillende vormen van meertaligheid. Deze inzichten zullen ouders en andere betrokken begeleiders (leerkrachten, therapeuten, …) helpen om meer realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van het meertalige kind.

    ]]>

    Intelligentie wordt vaak gemeten aan de hand van intelligentietests waarbij taal een centrale rol speelt. Voor de doelgroep van meertaligen kunnen we hierdoor een vertekend beeld krijgen van het vaardigheidsprofiel. Met het oog op een onderbouwde sterkte-zwakteanalyse is het essentieel om verschillende aspecten van het cognitieve vaardigheidsprofiel in kaart te brengen. Op basis van het Cattell-Horn-Carroll (CHC)-model, een multidisciplinaire benadering van de cognitieve vaardigheden, plaatsen we intelligentie in een ruimer perspectief. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de principes van het CHC-model, waarbij we de verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden toelichten. Verder kaderen we ook de meerwaarde van intelligentieonderzoek binnen de diagnostiek van leerstoornissen bij meertaligen en bespreken we hoe we het CHC-model invullen voor deze doelgroep. Concreet koppelen we vervolgens de sterktes en zwaktes, verkregen vanuit het CHC-model, aan adviezen-op-maat.

    <![CDATA[Intelligentieonderzoek bij meertaligen: aanpak en meerwaarde binnen de diagnostiek van leerstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/301http://www.code.thomasmore.be/kalender/301Intelligentie wordt vaak gemeten aan de hand van intelligentietests waarbij taal een centrale rol speelt. Voor de doelgroep van meertaligen kunnen we hierdoor een vertekend beeld krijgen van het vaardigheidsprofiel. Met het oog op een onderbouwde sterkte-zwakteanalyse is het essentieel om verschillende aspecten van het cognitieve vaardigheidsprofiel in kaart te brengen. Op basis van het Cattell-Horn-Carroll (CHC)-model, een multidisciplinaire benadering van de cognitieve vaardigheden, plaatsen we intelligentie in een ruimer perspectief. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de principes van het CHC-model, waarbij we de verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden toelichten. Verder kaderen we ook de meerwaarde van intelligentieonderzoek binnen de diagnostiek van leerstoornissen bij meertaligen en bespreken we hoe we het CHC-model invullen voor deze doelgroep. Concreet koppelen we vervolgens de sterktes en zwaktes, verkregen vanuit het CHC-model, aan adviezen-op-maat.

    ]]>

    Elke ouder wil zijn/haar kinderen een goede taalbasis geven. Voor ouders van meertalige kinderen vormt dit een extra uitdaging. Zij willen dat hun kind het Nederlands goed beheerst in functie van de schoolresultaten, maar ook de moedertaal is belangrijk voor hen. Zij worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over meertalige opvoeding. Ze stellen zich dan ook vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Ook ouders van eentalige kinderen wensen meer inzicht in de normale taalontwikkeling en tips om taal te stimuleren. Daarom krijg je tijdens deze studiedag adviezen om als hulpverlener deze ouders te begeleiden. Aandacht voor alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. De inhoud van deze vorming steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies voor ouders binnen Code. Deze sessies werden uitgewerkt aan de hand van begeleidingsprogramma’s zoals TaalGEZINd (Foyer), TOLK (KLIK-ondersteuning) en eigen verworven inzichten.

    <![CDATA[Ouderbegeleiding bij (meer)talig opvoeden: praktische tips en aanpak]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/302http://www.code.thomasmore.be/kalender/302Elke ouder wil zijn/haar kinderen een goede taalbasis geven. Voor ouders van meertalige kinderen vormt dit een extra uitdaging. Zij willen dat hun kind het Nederlands goed beheerst in functie van de schoolresultaten, maar ook de moedertaal is belangrijk voor hen. Zij worden dagelijks geconfronteerd met misvattingen en vooroordelen over meertalige opvoeding. Ze stellen zich dan ook vaak vragen over hoe ze hun kind best meertalig kunnen opvoeden. Ook ouders van eentalige kinderen wensen meer inzicht in de normale taalontwikkeling en tips om taal te stimuleren. Daarom krijg je tijdens deze studiedag adviezen om als hulpverlener deze ouders te begeleiden. Aandacht voor alle talen waarmee het kind in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. De inhoud van deze vorming steunt op de inzichten verworven bij de begeleidingssessies voor ouders binnen Code. Deze sessies werden uitgewerkt aan de hand van begeleidingsprogramma’s zoals TaalGEZINd (Foyer), TOLK (KLIK-ondersteuning) en eigen verworven inzichten.

    ]]>

    Hoewel steeds meer studenten met een functiebeperking doorstromen naar het hoger onderwijs, schieten in de huidige onderwijscontext standaard onderwijs- en examenfaciliteiten vaak tekort. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten een functiebeperking, waarvan de grootste groep studenten de diagnose ADHD, ASS, dyscalculie of dyslexie kreeg. Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, heeft deze groep van studenten nood aan geïndividualiseerde aanpassingen die de participatie kunnen verhogen.

    In deze vorming gaan we in op mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten waar studenten hoger onderwijs beroep op kunnen doen. Op basis van een onderzoeksproject dat peilt naar de noden van studenten met een functiebeperking in het hoger onderwijs, komen we tot een aantal parameters die in rekening gebracht worden bij de selectie van faciliteiten. Deze parameters kunnen zowel persoons- als omgevingsgebonden zijn, zoals de aard en de ernst van de stoornis en de opleidingsspecifieke competenties. Op basis van deze parameters wordt een selectie van faciliteiten op maat van de student toegekend. Naast deze geïndividualiseerde faciliteiten gaan we tijdens de vorming eveneens in op de ervaren effectiviteit van deze faciliteiten en geven we enkele praktische tips mee voor het implementeren van deze effectieve faciliteiten.

    <![CDATA[Ondersteuning van studenten met ADHD, ASS en leerstoornissen in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/303http://www.code.thomasmore.be/kalender/303Hoewel steeds meer studenten met een functiebeperking doorstromen naar het hoger onderwijs, schieten in de huidige onderwijscontext standaard onderwijs- en examenfaciliteiten vaak tekort. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten een functiebeperking, waarvan de grootste groep studenten de diagnose ADHD, ASS, dyscalculie of dyslexie kreeg. Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, heeft deze groep van studenten nood aan geïndividualiseerde aanpassingen die de participatie kunnen verhogen.

    In deze vorming gaan we in op mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten waar studenten hoger onderwijs beroep op kunnen doen. Op basis van een onderzoeksproject dat peilt naar de noden van studenten met een functiebeperking in het hoger onderwijs, komen we tot een aantal parameters die in rekening gebracht worden bij de selectie van faciliteiten. Deze parameters kunnen zowel persoons- als omgevingsgebonden zijn, zoals de aard en de ernst van de stoornis en de opleidingsspecifieke competenties. Op basis van deze parameters wordt een selectie van faciliteiten op maat van de student toegekend. Naast deze geïndividualiseerde faciliteiten gaan we tijdens de vorming eveneens in op de ervaren effectiviteit van deze faciliteiten en geven we enkele praktische tips mee voor het implementeren van deze effectieve faciliteiten.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 18/10/2013

    <![CDATA[Softwaretraining Sprint Plus]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/304http://www.code.thomasmore.be/kalender/304In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 18/10/2013

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 26/11/2013.

    <![CDATA[Softwaretraining Sprint Plus]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/305http://www.code.thomasmore.be/kalender/305In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 26/11/2013.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 24/02/2014.

    <![CDATA[Softwaretraining Sprint Plus]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/306http://www.code.thomasmore.be/kalender/306In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Sprint Plus. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 24/02/2014.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 4/11/2013.

    <![CDATA[Softwaretraining Kurzweil 3000]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/307http://www.code.thomasmore.be/kalender/307In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 4/11/2013.

    ]]>

    Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 22 april 2014; maximaal 40 deelnemers.

    De prevalentie van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen is vergelijkbaar met die bij eentalige kinderen. Steeds meer kinderen met een andere thuistaal komen dan ook in de logopedische hulpverlening terecht. Daar staan we voor de uitdaging een verantwoorde diagnose te stellen en te discrimineren tussen kinderen die een achterstand vertonen in één taal en kinderen die een taalstoornis hebben. Tijdens deze studiedag belichten we in de voormiddag het belang van een multidisciplinaire aanpak in het diagnosticeren van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen. Je leert hierbij rekening te houden met elke taal die het kind verwerft, ook al spreek je deze taal zelf niet. Daarnaast maak je kennis met alternatieve onderzoeksmethoden die geschikt zijn voor gebruik bij meertalige kinderen. We bespreken hierbij onder andere testmodificaties en principes van dynamisch onderzoek.

    <![CDATA[Diagnostiek van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen: een uitdaging voor de logopedische praktijk (voormiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/308http://www.code.thomasmore.be/kalender/308Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 22 april 2014; maximaal 40 deelnemers.

    De prevalentie van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen is vergelijkbaar met die bij eentalige kinderen. Steeds meer kinderen met een andere thuistaal komen dan ook in de logopedische hulpverlening terecht. Daar staan we voor de uitdaging een verantwoorde diagnose te stellen en te discrimineren tussen kinderen die een achterstand vertonen in één taal en kinderen die een taalstoornis hebben. Tijdens deze studiedag belichten we in de voormiddag het belang van een multidisciplinaire aanpak in het diagnosticeren van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen. Je leert hierbij rekening te houden met elke taal die het kind verwerft, ook al spreek je deze taal zelf niet. Daarnaast maak je kennis met alternatieve onderzoeksmethoden die geschikt zijn voor gebruik bij meertalige kinderen. We bespreken hierbij onder andere testmodificaties en principes van dynamisch onderzoek.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 01/12/2013.

    <![CDATA[Softwaretraining Kurzweil 3000]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/309http://www.code.thomasmore.be/kalender/309In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 01/12/2013.

    ]]>

    In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 27/02/2014.

    <![CDATA[Softwaretraining Kurzweil 3000]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/310http://www.code.thomasmore.be/kalender/310In deze workshop maak je kennis met het voorleesprogramma Kurzweil3000. Met deze software kan je teksten in het Nederlands en in vreemde talen laten voorlezen. Het programma kan je ook helpen bij het schrijven van teksten en het samenvatten van de leerstof. Tijdens deze sessie leer je alle functies van het programma gebruiken. Studenten van Thomas More kunnen het programma ook gratis ontlenen tijdens de duur van hun studies. Daarvoor kan je contact opnemen met Stip (www.lessius.eu/stip).

    Uiterste inschrijfdatum: 27/02/2014.

    ]]>

    Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 22 april 2014; maximaal 40 deelnemers.

    In de namiddag gaan we actief aan de slag met casusmateriaal uit het expertisecentrum Code. Je kunt de namiddagsessie enkel volgen indien je deze in combinatie met de voormiddagsessie volgt. Deelnemers van de studiedag ‘Diagnostiek bij meertaligheid: de logopedische aanpak kritisch in vraag’ van vorig academiejaar worden eveneens toegelaten.

     

    <![CDATA[Diagnostiek van spraak- en taalstoornissen bij meertalige kinderen: een uitdaging voor de logopedische praktijk (namiddag)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/311http://www.code.thomasmore.be/kalender/311Deze vorming wordt georganiseerd in samenwerking met de opleiding Logopedie en audiologie van Thomas More. Inschrijven kan tot 22 april 2014; maximaal 40 deelnemers.

    In de namiddag gaan we actief aan de slag met casusmateriaal uit het expertisecentrum Code. Je kunt de namiddagsessie enkel volgen indien je deze in combinatie met de voormiddagsessie volgt. Deelnemers van de studiedag ‘Diagnostiek bij meertaligheid: de logopedische aanpak kritisch in vraag’ van vorig academiejaar worden eveneens toegelaten.

     

    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000 of Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs. Inschrijven is mogelijk tot 12.10.2013.

    Je kan de sessies volgen in het eerste semester, op dinsdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Studiewijzer: 29/10/2013 - 05/11/2013 - 12/11/2013 - 19/11/2013

     

     

    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/312http://www.code.thomasmore.be/kalender/312In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000 of Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs. Inschrijven is mogelijk tot 12.10.2013.

    Je kan de sessies volgen in het eerste semester, op dinsdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Studiewijzer: 29/10/2013 - 05/11/2013 - 12/11/2013 - 19/11/2013

     

     

    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Studiewijzer:

    • dinsdag 27/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 28/08/2013 (10u-12u) 
    • woensdag 18/09/2013 (14u-16u) 
    • woensdag 25/09/2013 (14u-16u)
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/313http://www.code.thomasmore.be/kalender/313In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Studiewijzer:

    • dinsdag 27/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 28/08/2013 (10u-12u) 
    • woensdag 18/09/2013 (14u-16u) 
    • woensdag 25/09/2013 (14u-16u)
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Schrijfwijzer:

    • donderdag 29/08/2013 (10u-12u)
    • vrijdag 30/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 02/10/2013 (14u-16u)
    • woensdag 09/10/2013 (14u-16u)
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/314http://www.code.thomasmore.be/kalender/314In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Schrijfwijzer:

    • donderdag 29/08/2013 (10u-12u)
    • vrijdag 30/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 02/10/2013 (14u-16u)
    • woensdag 09/10/2013 (14u-16u)
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Studiewijzer:

    • dinsdag 27/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 28/08/2013 (10u-12u) 
    • woensdag 18/09/2013 (14u-16u) 
    • woensdag 25/09/2013 (14u-16u)

    Schrijfwijzer:

    • donderdag 29/08/2013 (10u-12u)
    • vrijdag 30/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 02/10/2013 (14u-16u)
    • woensdag 09/10/2013 (14u-16u)
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/315http://www.code.thomasmore.be/kalender/315In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 16.08.2013.

    De sessies gaan door op volgende momenten:

    Zelfwijzer:

    • maandag 26/08/2013 (10u-12u)

    Studiewijzer:

    • dinsdag 27/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 28/08/2013 (10u-12u) 
    • woensdag 18/09/2013 (14u-16u) 
    • woensdag 25/09/2013 (14u-16u)

    Schrijfwijzer:

    • donderdag 29/08/2013 (10u-12u)
    • vrijdag 30/08/2013 (10u-12u)
    • woensdag 02/10/2013 (14u-16u)
    • woensdag 09/10/2013 (14u-16u)
    ]]>

     

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Studiewijzer:

    • 22/01/2014
    • 29/01/2014
    • 12/02/2014
    • 19/02/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/316http://www.code.thomasmore.be/kalender/316 

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Studiewijzer:

    • 22/01/2014
    • 29/01/2014
    • 12/02/2014
    • 19/02/2014
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs. Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Schrijfwijzer:

    • 26/02/2014
    • 12/03/2014
    • 19/03/2014
    • 26/03/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/317http://www.code.thomasmore.be/kalender/317In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs. Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Schrijfwijzer:

    • 26/02/2014
    • 12/03/2014
    • 19/03/2014
    • 26/03/2014
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

     

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Studiewijzer:

    • 22/01/2014
    • 29/01/2014
    • 12/02/2014
    • 19/02/2014

    Schrijfwijzer:

    • 26/02/2014
    • 12/03/2014
    • 19/03/2014
    • 26/03/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/318http://www.code.thomasmore.be/kalender/318In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

     

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 05.01.2014.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14u tot 16u:

    Zelfwijzer:

    • 15/01/2014

    Studiewijzer:

    • 22/01/2014
    • 29/01/2014
    • 12/02/2014
    • 19/02/2014

    Schrijfwijzer:

    • 26/02/2014
    • 12/03/2014
    • 19/03/2014
    • 26/03/2014
    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/319http://www.code.thomasmore.be/kalender/319Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/320http://www.code.thomasmore.be/kalender/320Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/321http://www.code.thomasmore.be/kalender/321Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.  

     

    REEKS 1: 28/03/2014 (sessie 1 van 9u30 tot 12u30), 01/04/2014 (sessie 2 van 9u30 tot 12u30), 01/04/2014 (sessie 3 van 13u30 tot 16u30)

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (reeks 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/322http://www.code.thomasmore.be/kalender/322Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.  

     

    REEKS 1: 28/03/2014 (sessie 1 van 9u30 tot 12u30), 01/04/2014 (sessie 2 van 9u30 tot 12u30), 01/04/2014 (sessie 3 van 13u30 tot 16u30)

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/324http://www.code.thomasmore.be/kalender/324Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.  

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/325http://www.code.thomasmore.be/kalender/325Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.  

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/326http://www.code.thomasmore.be/kalender/326Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

     

    REEKS 2: 22/04/2014 (sessie 1 van 9u30 tot 12u30), 25/04/2014 (sessie 2 van 9u30 tot 12u30), 25/04/2014 (sessie 3 van 13u30 tot 16u30)

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (reeks 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/327http://www.code.thomasmore.be/kalender/327Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma ‘Wijzer op weg. Studeren & dyslexie’ voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.

    Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid).

    Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier.

     

    REEKS 2: 22/04/2014 (sessie 1 van 9u30 tot 12u30), 25/04/2014 (sessie 2 van 9u30 tot 12u30), 25/04/2014 (sessie 3 van 13u30 tot 16u30)

    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 12.10.2013.

    De sessies gaan door op dinsdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Schrijfwijzer: 26/11/2013 - 03/12/2013 - 10/12/2013 - 17/12/2013
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/328http://www.code.thomasmore.be/kalender/328In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 12.10.2013.

    De sessies gaan door op dinsdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Schrijfwijzer: 26/11/2013 - 03/12/2013 - 10/12/2013 - 17/12/2013
    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van al deze workshops is bedoeld voor studenten die hun studie- en schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven kan tot 12.10.2013.

    De sessies gaan door op dinsdagnamiddag, van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Studiewijzer: 29/10/2013 - 05/11/2013 - 12/11/2013 - 19/11/2013
    • Schrijfwijzer: 26/11/2013 - 03/12/2013 - 10/12/2013 - 17/12/2013
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/329http://www.code.thomasmore.be/kalender/329In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van al deze workshops is bedoeld voor studenten die hun studie- en schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven kan tot 12.10.2013.

    De sessies gaan door op dinsdagnamiddag, van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 22/10/2013
    • Studiewijzer: 29/10/2013 - 05/11/2013 - 12/11/2013 - 19/11/2013
    • Schrijfwijzer: 26/11/2013 - 03/12/2013 - 10/12/2013 - 17/12/2013
    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000 of Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 10.02.2014.

    De sessies gaan door op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Studiewijzer: 27/02/2014 - 06/03/2014 - 13/03/2014 - 20/03/2013

     

     

    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/330http://www.code.thomasmore.be/kalender/330In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000 of Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 10.02.2014.

    De sessies gaan door op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Studiewijzer: 27/02/2014 - 06/03/2014 - 13/03/2014 - 20/03/2013

     

     

    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 10.02.2014.

    De sessies gaan door op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Schrijfwijzer: 27/03/2014 - 03/04/2014 - 24/04/2014 - 08/05/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/331http://www.code.thomasmore.be/kalender/331In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven is mogelijk tot 10.02.2014.

    De sessies gaan door op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Schrijfwijzer: 27/03/2014 - 03/04/2014 - 24/04/2014 - 08/05/2014
    ]]>

    In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie.

    Wijzer op weg bestaat uit verschillende modules en is bedoeld voor studenten die hun studie- en schrijfvaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven kan tot 10.02.2014.

    De sessies vinden plaats op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Studiewijzer: 27/02/2014 - 06/03/2014 - 13/03/2014 - 20/03/2014
    • Schrijfwijzer: 27/03/2014 - 03/04/2014 - 24/04/2014 - 08/05/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (hoger onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/332http://www.code.thomasmore.be/kalender/332In het academiejaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie.

    Wijzer op weg bestaat uit verschillende modules en is bedoeld voor studenten die hun studie- en schrijfvaardigheden willen verbeteren:

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit op je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Inschrijven kan tot 10.02.2014.

    De sessies vinden plaats op donderdagnamiddag van 14u tot 16u:

    • Zelfwijzer: 20/02/2014
    • Studiewijzer: 27/02/2014 - 06/03/2014 - 13/03/2014 - 20/03/2014
    • Schrijfwijzer: 27/03/2014 - 03/04/2014 - 24/04/2014 - 08/05/2014
    ]]>

    Logopedisten worden binnen hun praktijk steeds meer geconfronteerd met meertalige kinderen. Wanneer deze kinderen aangemeld worden met lees- en spellingsmoeilijkheden staan hulpverleners vaak voor een uitdagende vraag: zijn de aangemelde lees- en/of spellingsmoeilijkheden het gevolg van een leerstoornis of zijn deze moeilijkheden eerder te wijten aan een onvoldoende Nederlandse taalvaardigheid?

    Deze studiedag focust vooreerst op het theoretisch kader van waaruit je als logopedist kan vertrekken. Aan de hand van een uitgewerkte casus gaan we dieper in op de verschillende stappen binnen de diagnostische procedure. We staan stil bij de keuze van de tests en interpretatie van de testgegevens. Vervolgens illustreren we hoe deze verzamelde testgegevens kunnen worden vertaald in een sterkte-zwakteprofiel (gebaseerd op een SWOT-analyse) met als ultieme doel: een onderbouwd advies-op-maat.

    Tijdens het tweede deel van de studiedag gaan de cursisten in kleine groepen zelf aan de slag. Vertrekkende vanuit een aantal intakegegevens, beslissen ze welke testafnames noodzakelijk zijn. Onder begeleiding van de sprekers wordt een sterkte-zwakteprofiel opgesteld dat aansluitend vertaald kan worden in advies-op-maat. We eindigen deze studiedag met een groepsdiscussie over de meerwaarde van een dergelijke stapsgewijze aanpak.

    <![CDATA[Dyslexie bij meertaligen: een diagnostische leidraad]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/333http://www.code.thomasmore.be/kalender/333Logopedisten worden binnen hun praktijk steeds meer geconfronteerd met meertalige kinderen. Wanneer deze kinderen aangemeld worden met lees- en spellingsmoeilijkheden staan hulpverleners vaak voor een uitdagende vraag: zijn de aangemelde lees- en/of spellingsmoeilijkheden het gevolg van een leerstoornis of zijn deze moeilijkheden eerder te wijten aan een onvoldoende Nederlandse taalvaardigheid?

    Deze studiedag focust vooreerst op het theoretisch kader van waaruit je als logopedist kan vertrekken. Aan de hand van een uitgewerkte casus gaan we dieper in op de verschillende stappen binnen de diagnostische procedure. We staan stil bij de keuze van de tests en interpretatie van de testgegevens. Vervolgens illustreren we hoe deze verzamelde testgegevens kunnen worden vertaald in een sterkte-zwakteprofiel (gebaseerd op een SWOT-analyse) met als ultieme doel: een onderbouwd advies-op-maat.

    Tijdens het tweede deel van de studiedag gaan de cursisten in kleine groepen zelf aan de slag. Vertrekkende vanuit een aantal intakegegevens, beslissen ze welke testafnames noodzakelijk zijn. Onder begeleiding van de sprekers wordt een sterkte-zwakteprofiel opgesteld dat aansluitend vertaald kan worden in advies-op-maat. We eindigen deze studiedag met een groepsdiscussie over de meerwaarde van een dergelijke stapsgewijze aanpak.

    ]]>

    Dyscalculie is een leerstoornis die ongeveer even vaak voorkomt als dyslexie, maar veel minder bekend is. Toch kan de impact van dyscalculie zeer groot zijn. Tijdens deze infoavond bekijken we de impact van dyscalculie op het schoolse leven en op het dagelijkse leven. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor de begeleiding. We bespreken hoe ouders deze kinderen thuis kunnen ondersteunen, hoe leerkrachten kunnen omgaan met dyscalculie in de klas en welke elementen voor hulpverleners cruciaal zijn binnen een rekentherapie.

    <![CDATA[Dyscalculie? Daar hadden we niet op gerekend!]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/334http://www.code.thomasmore.be/kalender/334Dyscalculie is een leerstoornis die ongeveer even vaak voorkomt als dyslexie, maar veel minder bekend is. Toch kan de impact van dyscalculie zeer groot zijn. Tijdens deze infoavond bekijken we de impact van dyscalculie op het schoolse leven en op het dagelijkse leven. Op basis van deze inzichten geven we aanknopingspunten mee voor de begeleiding. We bespreken hoe ouders deze kinderen thuis kunnen ondersteunen, hoe leerkrachten kunnen omgaan met dyscalculie in de klas en welke elementen voor hulpverleners cruciaal zijn binnen een rekentherapie.

    ]]>

    In deze vorming, waar steeds ruimte wordt gelaten voor vragen, maken we leerkrachten bewust hoe anderstalige leerlingen en leerlingen met een zwakke taalbasis complexe instructietaal ervaren. We belichten vervolgens de basisprincipes van taalontwikkelend lesgeven. Daarnaast reiken we ook praktische tips aan over het omgaan met instructietaal in de klas, gebaseerd op de verworven inzichten rond taalontwikkelend lesgeven. We geven concrete voorbeelden uit alle graden van het lager onderwijs.

    <![CDATA[Omgaan met instructietaal in het buitengewoon lager onderwijs (type 1 en 8)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/335http://www.code.thomasmore.be/kalender/335In deze vorming, waar steeds ruimte wordt gelaten voor vragen, maken we leerkrachten bewust hoe anderstalige leerlingen en leerlingen met een zwakke taalbasis complexe instructietaal ervaren. We belichten vervolgens de basisprincipes van taalontwikkelend lesgeven. Daarnaast reiken we ook praktische tips aan over het omgaan met instructietaal in de klas, gebaseerd op de verworven inzichten rond taalontwikkelend lesgeven. We geven concrete voorbeelden uit alle graden van het lager onderwijs.

    ]]>

    Jongeren en (jong)volwassenen met een Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (kortweg ADHD) zijn niet meer weg te denken uit het onderwijs. Elke leerkracht/docent zal vroeg of laat in zijn/haar klas geconfronteerd worden met de stoornis. Er wordt dan ook van leerkrachten/docenten verwacht dat zij weten wat ADHD betekent, hoe deze stoornis zich kan uiten en vooral hoe ze het best met jongeren en (jong)volwassenen met ADHD kunnen omgaan. We gaan in op de kenmerken en symptomen van ADHD en besteden ruimschoots aandacht aan faciliteiten en compenserende maatregelen die in de klas kunnen gehanteerd worden.

    <![CDATA[ADHD, een tijdsfenomeen of meer?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/336http://www.code.thomasmore.be/kalender/336Jongeren en (jong)volwassenen met een Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (kortweg ADHD) zijn niet meer weg te denken uit het onderwijs. Elke leerkracht/docent zal vroeg of laat in zijn/haar klas geconfronteerd worden met de stoornis. Er wordt dan ook van leerkrachten/docenten verwacht dat zij weten wat ADHD betekent, hoe deze stoornis zich kan uiten en vooral hoe ze het best met jongeren en (jong)volwassenen met ADHD kunnen omgaan. We gaan in op de kenmerken en symptomen van ADHD en besteden ruimschoots aandacht aan faciliteiten en compenserende maatregelen die in de klas kunnen gehanteerd worden.

    ]]>

    In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, specifiek dyslexie en dyscalculie, op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    <![CDATA[Leerlingen met leerstoornissen in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/337http://www.code.thomasmore.be/kalender/337In deze les gaan we in op de ondersteuning voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, specifiek dyslexie en dyscalculie, op school- en klasniveau. We vertrekken vanuit het beleid in Vlaanderen rond het omgaan met leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. We bekijken hoe dit beleid kan geïmplementeerd worden op school en welke aandachtspunten hierbij in het achterhoofd moeten worden gehouden (bv. beleid gedragen door alle leerkrachten, communicatie hierover,…). In een volgende stap maken we dit beleid concreter aan de hand van STICORDI-maatregelen. In ideale omstandigheden worden deze maatregelen individueel aangepast aan de sterke en zwakke vaardigheden van de leerling. De praktijk leert ons echter dat dit niet altijd eenvoudig is. Individueel aangepaste maatregelen brengen immers heel wat praktische implicaties met zich mee. Aan de hand van een aantal concrete voorbeelden zoeken we samen met de studenten naar aangepaste maatregelen voor leerlingen, die tegelijk haalbaar zijn voor de leerkracht. We besteden hierbij zowel aandacht aan het stimuleren en differentiëren als aan het compenseren en dispenseren. Tot slot staan we stil bij de vraag of het toekennen van STICORDI-maatregelen het behalen van een getuigschrift van het secundair onderwijs in de weg kan staan.

    ]]>

    In deze les zoomen we in op de stoornis ontwikkelingsdysfasie: we bespreken de definitie en kenmerken en duiden op mogelijke signalen die je als leerkracht kan herkennen. Het verschil met een vertraagde spraak- en taalontwikkeling wordt eveneens gekaderd. Het grootste deel van de tijd spenderen we aan de omgang met leerlingen met ontwikkelingsdysfasie in het onderwijs. We geven hierbij specifieke tips en aandachtspunten voor leerkrachten uit het lager en secundair onderwijs.

    <![CDATA[Omgaan met leerlingen met ontwikkelingsdysfasie in het onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/338http://www.code.thomasmore.be/kalender/338In deze les zoomen we in op de stoornis ontwikkelingsdysfasie: we bespreken de definitie en kenmerken en duiden op mogelijke signalen die je als leerkracht kan herkennen. Het verschil met een vertraagde spraak- en taalontwikkeling wordt eveneens gekaderd. Het grootste deel van de tijd spenderen we aan de omgang met leerlingen met ontwikkelingsdysfasie in het onderwijs. We geven hierbij specifieke tips en aandachtspunten voor leerkrachten uit het lager en secundair onderwijs.

    ]]>

    Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat dyslectici ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt.

    <![CDATA[Orthodidactiek van vreemde talen: theoretisch kader]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/340http://www.code.thomasmore.be/kalender/340Binnen het reguliere secundair onderwijs komt elke jongere in contact met vreemde talen. Jongeren met dyslexie ervaren het aanleren van vreemde talen vaak als een extra struikelblok. Zij ervaren immers moeilijkheden in het Nederlands, die ook in de vreemde talen optreden. Als leerkracht is het niet altijd gemakkelijk om met deze (bijkomende) moeilijkheden om te gaan. In deze les leggen we het huidige vreemde talenonderwijs onder de loep en duiden we op de specifieke moeilijkheden die leerlingen met dyslexie hierbij ervaren. Op die manier wordt het kernprobleem dat dyslectici ervaren bij het verwerven van een nieuwe taal duidelijk. Aan de hand van een casus worden deze theoretische inzichten verduidelijkt.

    ]]>

    In de sessie bespreken we concreet de gevolgen van het kernprobleem van dyslectici bij het aanleren van de moderne vreemde taal Engels. We bekijken het klank-tekensysteem van de taal en analyseren de problemen die dyslectici daarbij kunnen ondervinden. Er komen praktische tips en oefeningen aan bod waarbij de deelnemers leren hoe ze dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs kunnen ondersteunen bij het verwerven van de taal.

    <![CDATA[Orthodidactiek van vreemde talen: Engels]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/341http://www.code.thomasmore.be/kalender/341In de sessie bespreken we concreet de gevolgen van het kernprobleem van dyslectici bij het aanleren van de moderne vreemde taal Engels. We bekijken het klank-tekensysteem van de taal en analyseren de problemen die dyslectici daarbij kunnen ondervinden. Er komen praktische tips en oefeningen aan bod waarbij de deelnemers leren hoe ze dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs kunnen ondersteunen bij het verwerven van de taal.

    ]]>

    In de sessie bespreken we concreet de gevolgen van het kernprobleem van dyslectici bij het aanleren van de moderne vreemde taal Frans. We bekijken het klank-tekensysteem van de taal en analyseren de problemen die dyslectici daarbij kunnen ondervinden. Er komen praktische tips en oefeningen aan bod waarbij de deelnemers leren hoe ze dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs kunnen ondersteunen bij het verwerven van de taal.

    <![CDATA[Orthodidactiek van vreemde talen: Frans ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/342http://www.code.thomasmore.be/kalender/342In de sessie bespreken we concreet de gevolgen van het kernprobleem van dyslectici bij het aanleren van de moderne vreemde taal Frans. We bekijken het klank-tekensysteem van de taal en analyseren de problemen die dyslectici daarbij kunnen ondervinden. Er komen praktische tips en oefeningen aan bod waarbij de deelnemers leren hoe ze dyslectische leerlingen in het secundair onderwijs kunnen ondersteunen bij het verwerven van de taal.

    ]]>

    In de huidige maatschappij heersen verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Heb je als leerkracht een invloed op de taalontwikkeling van de thuistaal van je leerlingen? Leerkrachten worden hier dagelijks mee geconfronteerd. Het is dan ook belangrijk dat je als leerkracht inzicht in de meertalige taalontwikkeling hebt om deze vragen te kunnen beantwoorden. Tijdens deze vorming laten we je daarom aan de hand van stellingen kritisch nadenken over meertalig opvoeden. Aansluitend geven we meer achtergrondinformatie en tips om alle talen te stimuleren. Hier beperken we ons niet alleen tot de klassituatie, maar reiken we ook tips en adviezen aan die je als leerkracht kan meegeven aan ouders. Aandacht voor de taalstimulering van alle talen waarmee de leerling in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. Deze tips worden geconcretiseerd aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    <![CDATA[Meertalige taalontwikkeling]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/343http://www.code.thomasmore.be/kalender/343In de huidige maatschappij heersen verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Heb je als leerkracht een invloed op de taalontwikkeling van de thuistaal van je leerlingen? Leerkrachten worden hier dagelijks mee geconfronteerd. Het is dan ook belangrijk dat je als leerkracht inzicht in de meertalige taalontwikkeling hebt om deze vragen te kunnen beantwoorden. Tijdens deze vorming laten we je daarom aan de hand van stellingen kritisch nadenken over meertalig opvoeden. Aansluitend geven we meer achtergrondinformatie en tips om alle talen te stimuleren. Hier beperken we ons niet alleen tot de klassituatie, maar reiken we ook tips en adviezen aan die je als leerkracht kan meegeven aan ouders. Aandacht voor de taalstimulering van alle talen waarmee de leerling in contact komt, vormt hierbij een belangrijke pijler. Deze tips worden geconcretiseerd aan de hand van videomateriaal en praktijkvoorbeelden.

    ]]>

    De diagnostiek van ADHD in de volwassenheid vormt in vele opzichten een grotere uitdaging dan de diagnostiek bij kinderen: huidige classificatiesystemen focussen voornamelijk op het symptoombeeld in de kindertijd en zijn niet volledig inzetbaar bij volwassenen, vanaf de adolescentie wordt comorbiditeit bij ADHD eerder regel dan uitzondering en stelt bijgevolg bijzondere eisen aan de differentiaaldiagnostiek, bevraging van het netwerk van volwassenen is minder gestandaardiseerd en meer beladen, enz. Tijdens deze studiedag focussen we ten eerste op de eigenheid van ADHD in de volwassenheid en de consequente implicaties voor diagnostiek. Ten tweede gaan we in op de screening en categorische diagnostiek van ADHD in de volwassenheid. We staan stil bij centrale aspecten als te bevragen domeinen van functioneren, gebruik van valied en betrouwbaar instrumentarium (ter inzage aanwezig tijdens de studiedag), omgaan met lage informantenovereenkomst, … en we maken gebruik van casusmateriaal. Aansluitend en steunend op de VAD-richtlijn suggeren we de noodzakelijke aanpassingen van deze procedure bij patiënten met een verslavingsprobleem. Dr. Frieda Matthys levert de meest recente wetenschappelijke inzichten hierrond aan.Tenslotte staan we stil bij de sterkte-zwakteanalyse van de cliënt in functie van het uitwerken van een ondersteunings- en behandelingsadvies op maat.

    <![CDATA[Diagnostiek van ADHD bij patiënten met en zonder een verslavingsprobleem]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/344http://www.code.thomasmore.be/kalender/344De diagnostiek van ADHD in de volwassenheid vormt in vele opzichten een grotere uitdaging dan de diagnostiek bij kinderen: huidige classificatiesystemen focussen voornamelijk op het symptoombeeld in de kindertijd en zijn niet volledig inzetbaar bij volwassenen, vanaf de adolescentie wordt comorbiditeit bij ADHD eerder regel dan uitzondering en stelt bijgevolg bijzondere eisen aan de differentiaaldiagnostiek, bevraging van het netwerk van volwassenen is minder gestandaardiseerd en meer beladen, enz. Tijdens deze studiedag focussen we ten eerste op de eigenheid van ADHD in de volwassenheid en de consequente implicaties voor diagnostiek. Ten tweede gaan we in op de screening en categorische diagnostiek van ADHD in de volwassenheid. We staan stil bij centrale aspecten als te bevragen domeinen van functioneren, gebruik van valied en betrouwbaar instrumentarium (ter inzage aanwezig tijdens de studiedag), omgaan met lage informantenovereenkomst, … en we maken gebruik van casusmateriaal. Aansluitend en steunend op de VAD-richtlijn suggeren we de noodzakelijke aanpassingen van deze procedure bij patiënten met een verslavingsprobleem. Dr. Frieda Matthys levert de meest recente wetenschappelijke inzichten hierrond aan.Tenslotte staan we stil bij de sterkte-zwakteanalyse van de cliënt in functie van het uitwerken van een ondersteunings- en behandelingsadvies op maat.

    ]]>

    Voor intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen proberen hulpverleners vaak de (anders)talige invloed uit te schakelen door te kiezen voor een non-verbale intelligentietest. Is het uitschakelen van taal binnen intelligentieonderzoek echter zinvol en is het überhaupt mogelijk?  Een antwoord op basis van het CHC-model en de procedure van het “geoptimaliseerd IQ” ontwikkeld in Vlaanderen leiden tot een duidelijke sterkte-zwakteanalyse van het kind. Daarnaast kan het bijdragen tot advies en interventies op maat bij allochtone kinderen.

    <![CDATA[Intelligentieonderzoek bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/345http://www.code.thomasmore.be/kalender/345Voor intelligentieonderzoek bij allochtone kinderen proberen hulpverleners vaak de (anders)talige invloed uit te schakelen door te kiezen voor een non-verbale intelligentietest. Is het uitschakelen van taal binnen intelligentieonderzoek echter zinvol en is het überhaupt mogelijk?  Een antwoord op basis van het CHC-model en de procedure van het “geoptimaliseerd IQ” ontwikkeld in Vlaanderen leiden tot een duidelijke sterkte-zwakteanalyse van het kind. Daarnaast kan het bijdragen tot advies en interventies op maat bij allochtone kinderen.

    ]]>

    Het voorkomen van comorbiditeit tussen ADHD en dyslexie blijkt niet gering te zijn. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de huidige wetenschappelijke inzichten in dyslexie en ADHD. Op basis daarvan bespreken we de (differentiaal)diagnostiek van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. Op basis van een sterkte-zwakteanalyse bespreken we eveneens beknopt aanknopingspunten voor de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en ADHD. In het vervolg van de vorming passen we de opgedane kennis toe. In kleine groepjes bestuderen we een aantal casussen van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. We bespreken intakegegevens en onderzoeksresultaten om van daaruit een differentiaaldiagnose te stellen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel komt hierbij aan bod, alsook het bespreken van individueel aangepaste adviezen voor kinderen en jongeren met dyslexie en/of ADHD.

    <![CDATA[Dyslexie en ADHD: comorbiditeit, diagnostiek en sterkte-zwakteanalyse]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/346http://www.code.thomasmore.be/kalender/346Het voorkomen van comorbiditeit tussen ADHD en dyslexie blijkt niet gering te zijn. Tijdens deze vorming vertrekken we vanuit de huidige wetenschappelijke inzichten in dyslexie en ADHD. Op basis daarvan bespreken we de (differentiaal)diagnostiek van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. Op basis van een sterkte-zwakteanalyse bespreken we eveneens beknopt aanknopingspunten voor de begeleiding van kinderen en jongeren met dyslexie en ADHD. In het vervolg van de vorming passen we de opgedane kennis toe. In kleine groepjes bestuderen we een aantal casussen van kinderen en jongeren met een vermoeden van dyslexie en ADHD. We bespreken intakegegevens en onderzoeksresultaten om van daaruit een differentiaaldiagnose te stellen. Het opstellen van een sterkte-zwakteprofiel komt hierbij aan bod, alsook het bespreken van individueel aangepaste adviezen voor kinderen en jongeren met dyslexie en/of ADHD.

    ]]>

    Tijdens deze lezing wordt dieper ingegaan op de relatie tussen leerstoornissen en ADHD.

    De prevalentie en etiologie van beide stoornissen worden overlopen. In eerste instantie bekijken we beide stoornissen apart, vervolgens wordt de combinatie van beiden onder de loep genomen. De klemtoon ligt daarnaast op de onderkennende en indicerende diagnostiek in het geval van (vermoeden van) comorbiditeit van een leerstoornis en ADHD. Tenslotte gaan we dieper in op advies en behandeling bij van een comorbide problematiek.

    <![CDATA[Comorbiditeit leerstoornissen en ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/347http://www.code.thomasmore.be/kalender/347Tijdens deze lezing wordt dieper ingegaan op de relatie tussen leerstoornissen en ADHD.

    De prevalentie en etiologie van beide stoornissen worden overlopen. In eerste instantie bekijken we beide stoornissen apart, vervolgens wordt de combinatie van beiden onder de loep genomen. De klemtoon ligt daarnaast op de onderkennende en indicerende diagnostiek in het geval van (vermoeden van) comorbiditeit van een leerstoornis en ADHD. Tenslotte gaan we dieper in op advies en behandeling bij van een comorbide problematiek.

    ]]>

    In deze sessie wordt gefocust op het wetenschappelijk kader van dyscalculie. Om dyscalculie te begrijpen is het echter cruciaal om zicht te krijgen op de typische rekenontwikkeling en de verschillende rekenvaardigheden die daarin verworven dienen te worden. Dit komt aan bod in het eerste deel van de sessie. In het tweede deel bespreken we de definitie(s), criteria en kenmerken van dyscalculie en staan we kort stil bij een aantal comorbide stoornissen, de prevalentie van dyscalculie en de controverse rond subtypes van dyscalculie. Tot slot wordt de wetenschappelijke stand van zaken rond mogelijke oorzaken van dyscalculie besproken. Deze kennis en inzichten vormen de basis voor een wetenschappelijk verantwoorde diagnostiek van dyscalculie.

    <![CDATA[Wetenschappelijk kader van dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/348http://www.code.thomasmore.be/kalender/348In deze sessie wordt gefocust op het wetenschappelijk kader van dyscalculie. Om dyscalculie te begrijpen is het echter cruciaal om zicht te krijgen op de typische rekenontwikkeling en de verschillende rekenvaardigheden die daarin verworven dienen te worden. Dit komt aan bod in het eerste deel van de sessie. In het tweede deel bespreken we de definitie(s), criteria en kenmerken van dyscalculie en staan we kort stil bij een aantal comorbide stoornissen, de prevalentie van dyscalculie en de controverse rond subtypes van dyscalculie. Tot slot wordt de wetenschappelijke stand van zaken rond mogelijke oorzaken van dyscalculie besproken. Deze kennis en inzichten vormen de basis voor een wetenschappelijk verantwoorde diagnostiek van dyscalculie.

    ]]>

    Ontwikkelingsdysfasie en dyslexie zijn twee verschillende stoornissen die ook heel wat kenmerken gemeenschappelijk hebben. Bovendien komen ze vaak samen voor. Dit bemoeilijkt de differentiaaldiagnostiek tussen beide stoornissen. In deze vorming bespreken we welke factoren de overlap kunnen veroorzaken en welke vaardigheden bij kinderen met ontwikkelingsdysfasie al op kleuterleeftijd risicofactoren zijn voor lees- en spellingproblemen. Van hieruit wordt dieper ingegaan op aandachtspunten bij de differentiaaldiagnostiek, zowel bij kinderen als jongeren, aan de hand van concrete oefeningen. Tot slot bekijken we de implicaties voor advies, therapie en hulpmiddelen.

    <![CDATA[Comorbiditeiten: dyslexie en ontwikkelingsdysfasie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/349http://www.code.thomasmore.be/kalender/349Ontwikkelingsdysfasie en dyslexie zijn twee verschillende stoornissen die ook heel wat kenmerken gemeenschappelijk hebben. Bovendien komen ze vaak samen voor. Dit bemoeilijkt de differentiaaldiagnostiek tussen beide stoornissen. In deze vorming bespreken we welke factoren de overlap kunnen veroorzaken en welke vaardigheden bij kinderen met ontwikkelingsdysfasie al op kleuterleeftijd risicofactoren zijn voor lees- en spellingproblemen. Van hieruit wordt dieper ingegaan op aandachtspunten bij de differentiaaldiagnostiek, zowel bij kinderen als jongeren, aan de hand van concrete oefeningen. Tot slot bekijken we de implicaties voor advies, therapie en hulpmiddelen.

    ]]>

    Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe verloopt een meertalige taalontwikkeling? Wat zijn belangrijke voorwaarden voor een goede meertalige taalontwikkeling? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Hoe kan men omgaan met meertaligheid in de klas? Welke problemen kunnen opduiken? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    <![CDATA[Meertaligheid en ouders begeleiden]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/350http://www.code.thomasmore.be/kalender/350Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe verloopt een meertalige taalontwikkeling? Wat zijn belangrijke voorwaarden voor een goede meertalige taalontwikkeling? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Hoe kan men omgaan met meertaligheid in de klas? Welke problemen kunnen opduiken? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    ]]>

    De Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (ADHD) is met een prevalentie van 3 tot 5% een van de meest voorkomende ontwikkelingsstoornissen. Hoewel ADHD voornamelijk bekend staat als een stoornis die bij kinderen voorkomt, blijkt de diagnose en bijkomende beperkingen bij meer dan de helft van de kinderen ook in de volwassenheid aanwezig.

    Met de komst van de DSM-5 (APA, 2013) zijn er een aantal veranderingen in de diagnostiek van ADHD die we kritisch bekijken.

    Tijdens twee bijeenkomsten bekijken we -interactief- ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief. We bespreken het specifieke symptoomprofiel voor kindertijd, adolescentie en volwassenheid met uitgebreide aandacht voor geslachtsverschillen en comorbiditeiten. Verder gaan we de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van deze drie ontwikkelingsfasen: Welke disciplines dienen een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valide? Wat is de plaats van neuropsychologisch onderzoek?

    Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    Aan de hand van casusmateriaal wordt de koppeling gemaakt tussen theorie en praktijk.

    <![CDATA[ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/351http://www.code.thomasmore.be/kalender/351De Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (ADHD) is met een prevalentie van 3 tot 5% een van de meest voorkomende ontwikkelingsstoornissen. Hoewel ADHD voornamelijk bekend staat als een stoornis die bij kinderen voorkomt, blijkt de diagnose en bijkomende beperkingen bij meer dan de helft van de kinderen ook in de volwassenheid aanwezig.

    Met de komst van de DSM-5 (APA, 2013) zijn er een aantal veranderingen in de diagnostiek van ADHD die we kritisch bekijken.

    Tijdens twee bijeenkomsten bekijken we -interactief- ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief. We bespreken het specifieke symptoomprofiel voor kindertijd, adolescentie en volwassenheid met uitgebreide aandacht voor geslachtsverschillen en comorbiditeiten. Verder gaan we de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van deze drie ontwikkelingsfasen: Welke disciplines dienen een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valide? Wat is de plaats van neuropsychologisch onderzoek?

    Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    Aan de hand van casusmateriaal wordt de koppeling gemaakt tussen theorie en praktijk.

    ]]>

    De Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (ADHD) is met een prevalentie van 3 tot 5% een van de meest voorkomende ontwikkelingsstoornissen. Hoewel ADHD voornamelijk bekend staat als een stoornis die bij kinderen voorkomt, blijkt de diagnose en bijkomende beperkingen bij meer dan de helft van de kinderen ook in de volwassenheid aanwezig.

    Met de komst van de DSM-5 (APA, 2013) zijn er een aantal veranderingen in de diagnostiek van ADHD die we kritisch bekijken.

    Tijdens twee bijeenkomsten bekijken we -interactief- ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief. We bespreken het specifieke symptoomprofiel voor kindertijd, adolescentie en volwassenheid met uitgebreide aandacht voor geslachtsverschillen en comorbiditeiten. Verder gaan we de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van deze drie ontwikkelingsfasen: Welke disciplines dienen een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valide? Wat is de plaats van neuropsychologisch onderzoek?

    Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    Aan de hand van casusmateriaal wordt de koppeling gemaakt tussen theorie en praktijk.

    <![CDATA[ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/352http://www.code.thomasmore.be/kalender/352De Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (ADHD) is met een prevalentie van 3 tot 5% een van de meest voorkomende ontwikkelingsstoornissen. Hoewel ADHD voornamelijk bekend staat als een stoornis die bij kinderen voorkomt, blijkt de diagnose en bijkomende beperkingen bij meer dan de helft van de kinderen ook in de volwassenheid aanwezig.

    Met de komst van de DSM-5 (APA, 2013) zijn er een aantal veranderingen in de diagnostiek van ADHD die we kritisch bekijken.

    Tijdens twee bijeenkomsten bekijken we -interactief- ADHD vanuit een ontwikkelingsperspectief. We bespreken het specifieke symptoomprofiel voor kindertijd, adolescentie en volwassenheid met uitgebreide aandacht voor geslachtsverschillen en comorbiditeiten. Verder gaan we de implicaties hiervan na voor de diagnostiek. We zoeken naar de meest geschikte en verantwoorde diagnostische procedure tijdens elk van deze drie ontwikkelingsfasen: Welke disciplines dienen een plaats te krijgen in de diagnostiek? Welke aspecten van het functioneren dienen aan bod te komen tijdens de intake-fase? Welke vragenlijsten en interviews zijn betrouwbaar en valide? Wat is de plaats van neuropsychologisch onderzoek?

    Een dergelijke grondige analyse wil een (wetenschappelijk) gefundeerde diagnostiek van ADHD doorheen de levensloop garanderen.

    Aan de hand van casusmateriaal wordt de koppeling gemaakt tussen theorie en praktijk.

    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 30.08.2013.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Studiewijzer:

    • 11/09/2013
    • 18/09/2013
    • 25/09/2013
    • 02/10/2013
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/353http://www.code.thomasmore.be/kalender/353In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Studiewijzer is bedoeld voor studenten die hun studievaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studiewijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.  Inschrijven is mogelijk tot 30.08.2013.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Studiewijzer:

    • 11/09/2013
    • 18/09/2013
    • 25/09/2013
    • 02/10/2013
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Studiewijzer:

    • 11/09/2013
    • 18/09/2013
    • 25/09/2013
    • 02/10/2013

    Schrijfwijzer:

    • 09/10/2013
    • 16/10/2013
    • 23/10/2013
    • 30/10/2013
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Studiewijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/354http://www.code.thomasmore.be/kalender/354In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijf- en studievaardigheden willen verbeteren.

     

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Studiewijzer

    We gaan na wat jouw specifieke moeilijkheden zijn op het vlak van begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad op te maken. Je leert verschillende hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) te gebruiken om de leesmoeilijkheden te compenseren, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag. Je oefent met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus), nadat we samen de strategieën hebben ingeoefend op voorbeeldteksten. Tijdens deze sessies bekijken we ook je studieplanning. De studiewijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Studie- en Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

     

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Studiewijzer:

    • 11/09/2013
    • 18/09/2013
    • 25/09/2013
    • 02/10/2013

    Schrijfwijzer:

    • 09/10/2013
    • 16/10/2013
    • 23/10/2013
    • 30/10/2013
    ]]>

    In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Schrijfwijzer:

    • 9/10/2013
    • 16/10/2013
    • 23/10/2013
    • 30/10/2013
    <![CDATA[Wijzer op weg voor studenten met dyslexie (secundair onderwijs). Zelfwijzer + Schrijfwijzer.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/355http://www.code.thomasmore.be/kalender/355In het schooljaar 2013-2014 worden workshops voor studenten met dyslexie van het secundair onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit vorig jaar werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Dit programma bestaat uit Zelfwijzer, Studiewijzer en Schrijfwijzer. De combinatie van de workshops Zelfwijzer en Schrijfwijzer is bedoeld voor studenten die hun schrijfvaardigheden willen verbeteren.

    • Zelfwijzer

    Dit is een workshop die je inzicht vergroot in wat dyslexie is en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en zwakkere vaardigheden in kaart als vertrekpunt voor de aanpak van je studiemethode. Zelfwijzer bestaat uit één sessie van 2 uur.

    • Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op dat alle stappen omvat die je moet doorlopen bij het schrijven van bijvoorbeeld papers en verslagen. We leren hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spelling- en zinsbouwfouten en oefenen dit bij je eigen taken. Je leert  in deze workshops ook hulpmiddelen (bv. woordvoorspeller) te gebruiken. Tijdens deze sessies bekijken we eveneens hoe je hierbij een planning kan opstellen. De schrijfwijzer bestaat uit 4 sessies van telkens 2 uur.

     

     

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Dragon Naturally Speaking, WoDy) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    We voorzien ook nog opvolgsessies vóór en na de examens. Indien je hierin interesse hebt, spreken we samen een geschikt moment af.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs.

    De sessies gaan door op woensdagnamiddag van 14.30u tot 16.30u:

    Zelfwijzer:

    • 04/09/2013

    Schrijfwijzer:

    • 9/10/2013
    • 16/10/2013
    • 23/10/2013
    • 30/10/2013
    ]]>

    In deze vorming komen de kenmerken, prevalentie en verklaringsmodellen van ADHD aan bod. Er wordt ingegaan op de evolutie van ADHD-kenmerken doorheen de levensloop, van de kindertijd tot de volwassenheid. We bespreken de gevolgen die de stoornis kan hebben voor de persoon en de omgeving, alsook het samengaan van ADHD met verschillende andere stoornissen. We gaan in op de effectiviteit van verschillende vormen van begeleiding. Daarnaast bieden we ook concrete handvaten bij het omgaan met jongeren en volwassenen met ADHD. Verder gaan we de opgedane kennis en tips praktisch inoefenen, eventueel aan de hand van een casus die op voorhand wordt aangebracht door de instelling.

    <![CDATA[ADHD bij jongeren en jongvolwassenen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/356http://www.code.thomasmore.be/kalender/356In deze vorming komen de kenmerken, prevalentie en verklaringsmodellen van ADHD aan bod. Er wordt ingegaan op de evolutie van ADHD-kenmerken doorheen de levensloop, van de kindertijd tot de volwassenheid. We bespreken de gevolgen die de stoornis kan hebben voor de persoon en de omgeving, alsook het samengaan van ADHD met verschillende andere stoornissen. We gaan in op de effectiviteit van verschillende vormen van begeleiding. Daarnaast bieden we ook concrete handvaten bij het omgaan met jongeren en volwassenen met ADHD. Verder gaan we de opgedane kennis en tips praktisch inoefenen, eventueel aan de hand van een casus die op voorhand wordt aangebracht door de instelling.

    ]]>

    Tijdens deze vormingsavond overlopen we de klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden bij leerlingen met dyscalculie in het secundair onderwijs. De ondersteuning van deze leerlingen kan op verschillende niveaus gebeuren: op schoolniveau, klasniveau en individueel niveau. Deze vorming zoomt in op de ondersteuning en begeleiding in klasverband: welke bijzondere maatregelen kan je als leerkracht toekennen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Kan je deze maatregelen ook inzetten bij andere leerlingen? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, maar dat brengt heel wat praktische beslommeringen met zich mee. We bekijken daarom hoe het toekennen van maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van deze faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

     

    <![CDATA[Omgaan met dyscalculie in het secundair onderwijs: adviezen voor leerkrachten]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/357http://www.code.thomasmore.be/kalender/357

    Tijdens deze vormingsavond overlopen we de klinische manifestaties en bijkomende moeilijkheden bij leerlingen met dyscalculie in het secundair onderwijs. De ondersteuning van deze leerlingen kan op verschillende niveaus gebeuren: op schoolniveau, klasniveau en individueel niveau. Deze vorming zoomt in op de ondersteuning en begeleiding in klasverband: welke bijzondere maatregelen kan je als leerkracht toekennen en is het toekennen van die maatregelen steeds noodzakelijk? Kan je deze maatregelen ook inzetten bij andere leerlingen? Wat is het wettelijk kader rond het toekennen van deze faciliteiten? Idealiter worden de maatregelen individueel aangepast, maar dat brengt heel wat praktische beslommeringen met zich mee. We bekijken daarom hoe het toekennen van maatregelen op maat kan gebeuren, zodat het implementeren van deze faciliteiten zowel voor leerlingen als voor leerkrachten een haalbare kaart is.

     

    ]]>

    De vorming kadert binnen een inspiratiedag rond taal van het Algemeen onderwijsbeleid van de stad Antwerpen. Tijdens deze inspiratiesessie krijg je inzicht in het normale ontwikkelingsverloop van meertalige taalverwerving en de verschillende vormen van meertaligheid. We staan ook stil bij een aantal courante misvattingen over meertalig opvoeden. Deze inzichten helpen je om realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van meertalige kinderen. Doorheen de sessie hanteren we een interactieve werkvorm met ruimte voor vragen vanuit het publiek.

    <![CDATA[Taalontwikkeling van het meertalige kind]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/358http://www.code.thomasmore.be/kalender/358De vorming kadert binnen een inspiratiedag rond taal van het Algemeen onderwijsbeleid van de stad Antwerpen. Tijdens deze inspiratiesessie krijg je inzicht in het normale ontwikkelingsverloop van meertalige taalverwerving en de verschillende vormen van meertaligheid. We staan ook stil bij een aantal courante misvattingen over meertalig opvoeden. Deze inzichten helpen je om realistische verwachtingen te stellen ten aanzien van meertalige kinderen. Doorheen de sessie hanteren we een interactieve werkvorm met ruimte voor vragen vanuit het publiek.

    ]]>

    We starten met een bespreking van de kenmerken van tweedetaalverwerving. Welke fouten kan je verwachten bij het aanleren van een nieuwe taal en hoe beïnvloeden de talen elkaar? We besteden hierbij bijzondere aandacht aan de ontwikkeling van lezen en schrijven in het Nederlands. We schetsen het algemeen kader van meertalige diagnostiek en mogelijke valkuilen aan de hand van casusmateriaal. We sluiten af met enkele adviezen voor het stimuleren van de taalontwikkeling en het begeleiden van jongeren met leer- en/of taalontwikkelingsstoornissen.

    <![CDATA[Taal- en leerstoornissen in meertalige context]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/359http://www.code.thomasmore.be/kalender/359We starten met een bespreking van de kenmerken van tweedetaalverwerving. Welke fouten kan je verwachten bij het aanleren van een nieuwe taal en hoe beïnvloeden de talen elkaar? We besteden hierbij bijzondere aandacht aan de ontwikkeling van lezen en schrijven in het Nederlands. We schetsen het algemeen kader van meertalige diagnostiek en mogelijke valkuilen aan de hand van casusmateriaal. We sluiten af met enkele adviezen voor het stimuleren van de taalontwikkeling en het begeleiden van jongeren met leer- en/of taalontwikkelingsstoornissen.

    ]]>

    We starten met een algemene bespreking van de taalontwikkeling, zowel in een eentalige als in een meertalige context. De verschillende vormen van meertaligheid komen aan bod alsook de kenmerken van de taalontwikkeling. Waarin verschilt een eentalige taalontwikkeling van een meertalige taalontwikkeling? Welke fouten kan je verwachten bij het aanleren van een nieuwe taal (successief) en hoe beïnvloeden de talen elkaar? We besteden hierbij ruim de aandacht aan zowel de gesproken taal als de geschreven taal. De doelgroep van leerlingen met dyslexie krijgt gedurende de vorming bijzondere aandacht. Het uiteindelijke doel van de vorming is als leerkracht adviezen te kunnen formuleren op maat van de individuele leerling in de begeleiding en ondersteuning van de taalontwikkeling. Hiervoor werken we aan de hand van concrete voorbeelden, geven we praktische tips mee en illustreren we mogelijke hulpmiddelen.

    <![CDATA[Taalontwikkeling in een meertalige context]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/360http://www.code.thomasmore.be/kalender/360We starten met een algemene bespreking van de taalontwikkeling, zowel in een eentalige als in een meertalige context. De verschillende vormen van meertaligheid komen aan bod alsook de kenmerken van de taalontwikkeling. Waarin verschilt een eentalige taalontwikkeling van een meertalige taalontwikkeling? Welke fouten kan je verwachten bij het aanleren van een nieuwe taal (successief) en hoe beïnvloeden de talen elkaar? We besteden hierbij ruim de aandacht aan zowel de gesproken taal als de geschreven taal. De doelgroep van leerlingen met dyslexie krijgt gedurende de vorming bijzondere aandacht. Het uiteindelijke doel van de vorming is als leerkracht adviezen te kunnen formuleren op maat van de individuele leerling in de begeleiding en ondersteuning van de taalontwikkeling. Hiervoor werken we aan de hand van concrete voorbeelden, geven we praktische tips mee en illustreren we mogelijke hulpmiddelen.

    ]]>

    WIJZER OP WEG is een begeleidingsprogramma waarbij de hulpverlener jongvolwassenen met leerproblemen op korte termijn een stap verder brengt op het vlak van inzicht in eigen sterktes en zwaktes en op het vlak van de studievaardigheden begrijpend lezen en studeren, schrijven en planning. Dit kan zowel aan de hand van groepsworkshops als individuele begeleiding. Het programma werd ontwikkeld op basis van literatuuronderzoek en eigen onderzoek naar werkzame aspecten in de begeleiding van jongvolwassenen met dyslexie. De begeleiding vertrekt vanuit de specifieke noden van de jongere, op maat werken is ingebouwd. Net omdat het programma vertrekt vanuit deze noden is het tevens
    inzetbaar voor alle jongeren met moeilijkheden op het vlak van studerend lezen, planning en schrijfvaardigheid.
    Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het werken met ondersteunende software is geïntegreerd, maar men kan ook aan de slag zonder software. Het eindpunt van de begeleiding is het uitwerken van een individueel studieplan als houvast voor de jongvolwassene. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongvolwassenen leren denken over hun studiestrategieën, zodat ze deze ook onafhankelijk van de begeleider kunnen toepassen.
    In deze workshop maakt u kennis met de algemene principes en uitgangspunten van het begeleidingsprogramma. We focussen op het aspect psycho-educatie en laten u aan de hand van concreet materiaal ervaren hoe de invulling van het programma vertrekt vanuit het inzicht in de eigen sterktes en zwaktes.

    <![CDATA[Wijzer op weg: Begeleidingsprogramma voor jongvolwassenen met leerproblemen. ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/361http://www.code.thomasmore.be/kalender/361WIJZER OP WEG is een begeleidingsprogramma waarbij de hulpverlener jongvolwassenen met leerproblemen op korte termijn een stap verder brengt op het vlak van inzicht in eigen sterktes en zwaktes en op het vlak van de studievaardigheden begrijpend lezen en studeren, schrijven en planning. Dit kan zowel aan de hand van groepsworkshops als individuele begeleiding. Het programma werd ontwikkeld op basis van literatuuronderzoek en eigen onderzoek naar werkzame aspecten in de begeleiding van jongvolwassenen met dyslexie. De begeleiding vertrekt vanuit de specifieke noden van de jongere, op maat werken is ingebouwd. Net omdat het programma vertrekt vanuit deze noden is het tevens
    inzetbaar voor alle jongeren met moeilijkheden op het vlak van studerend lezen, planning en schrijfvaardigheid.
    Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het werken met ondersteunende software is geïntegreerd, maar men kan ook aan de slag zonder software. Het eindpunt van de begeleiding is het uitwerken van een individueel studieplan als houvast voor de jongvolwassene. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongvolwassenen leren denken over hun studiestrategieën, zodat ze deze ook onafhankelijk van de begeleider kunnen toepassen.
    In deze workshop maakt u kennis met de algemene principes en uitgangspunten van het begeleidingsprogramma. We focussen op het aspect psycho-educatie en laten u aan de hand van concreet materiaal ervaren hoe de invulling van het programma vertrekt vanuit het inzicht in de eigen sterktes en zwaktes.

    ]]>

    Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support. The ultimate goal of this research is the development of an evidence-based support program. The first study focused on the experiences of young adults with dyslexia and their network. To this aim, young adults with dyslexia, their parents, tutors and therapists took part in a semi-structured interview about the impact of dyslexia, effective and ineffective aspects of therapy and support, and experienced needs.
     

    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was administered to 102 young adults with dyslexia (higher education). The results revealed quite some effective (e.g. access to a contact person at school, tutoring) and ineffective (e.g. lack of communication, no evaluation of accommodations) aspects of support. The results also showed that, although the ‘core’ difficulties match those observed in the literature, other difficulties (e.g. reading comprehension) turned out to be more prominent in the experiences of the young adults.

    We discuss the results of both studies and the implementation in a support program for young adults with dyslexia. The program starts from the perceived needs of the young adult and integrates psycho-education with the implementation of compensatory strategies and tools into the individual study method.

    <![CDATA[Effective support and coaching of young adults with dyslexia: Results of a qualitative and quantitative study.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/362http://www.code.thomasmore.be/kalender/362Young adults with dyslexia struggle with specific problems in their studies. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on this target group and little attention has been paid to the broader context. The present study aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support. The ultimate goal of this research is the development of an evidence-based support program. The first study focused on the experiences of young adults with dyslexia and their network. To this aim, young adults with dyslexia, their parents, tutors and therapists took part in a semi-structured interview about the impact of dyslexia, effective and ineffective aspects of therapy and support, and experienced needs.
     

    In a second study, we aimed to quantify these findings: what works for most young adults? A questionnaire was administered to 102 young adults with dyslexia (higher education). The results revealed quite some effective (e.g. access to a contact person at school, tutoring) and ineffective (e.g. lack of communication, no evaluation of accommodations) aspects of support. The results also showed that, although the ‘core’ difficulties match those observed in the literature, other difficulties (e.g. reading comprehension) turned out to be more prominent in the experiences of the young adults.

    We discuss the results of both studies and the implementation in a support program for young adults with dyslexia. The program starts from the perceived needs of the young adult and integrates psycho-education with the implementation of compensatory strategies and tools into the individual study method.

    ]]>

    Jongvolwassenen met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden en hebben daarom nood aan specifieke ondersteuning. In onderzoek gaat weinig aandacht uit naar deze doelgroep en naar de context van de jongere. We presenteren kwalitatief en kwantitatief onderzoek waarin heel wat werkzame (bv. aanwezigheid van een contactpersoon op school, begeleiding gefocust op studeren) en niet-werkzame (bv. gebrek aan communicatie, gebrek aan evaluatie van faciliteiten) aspecten van begeleiding aan het licht kwamen, vanuit het standpunt van de jongvolwassenen en hun omgeving. We staan stil bij deze aspecten en bekijken de implementatie ervan binnen de context van evidence-based begeleiding. We bespreken tevens de resultaten van eigen onderzoek naar de effectiviteit van het begeleidingsprogramma ‘Wijzer op Weg’, ontwikkeld op basis van de verkregen inzichten.

    <![CDATA[Wat werkt (niet) in de ondersteuning en begeleiding van jongvolwassenen met dyslexie?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/363http://www.code.thomasmore.be/kalender/363Jongvolwassenen met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden en hebben daarom nood aan specifieke ondersteuning. In onderzoek gaat weinig aandacht uit naar deze doelgroep en naar de context van de jongere. We presenteren kwalitatief en kwantitatief onderzoek waarin heel wat werkzame (bv. aanwezigheid van een contactpersoon op school, begeleiding gefocust op studeren) en niet-werkzame (bv. gebrek aan communicatie, gebrek aan evaluatie van faciliteiten) aspecten van begeleiding aan het licht kwamen, vanuit het standpunt van de jongvolwassenen en hun omgeving. We staan stil bij deze aspecten en bekijken de implementatie ervan binnen de context van evidence-based begeleiding. We bespreken tevens de resultaten van eigen onderzoek naar de effectiviteit van het begeleidingsprogramma ‘Wijzer op Weg’, ontwikkeld op basis van de verkregen inzichten.

    ]]>

    Jongeren met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden. Ze hebben daarom nood aan een gerichte en individueel aangepaste ondersteuning. Wijzer op Weg is een begeleidingsprogramma dat werd ontwikkeld op basis van inzichten uit kwalitatief en kwantitatief onderzoek. De effectiviteit van dit programma werd intussen aangetoond bij 41 studenten met dyslexie uit het hoger onderwijs. We staan stil bij de werkzame principes van deze begeleiding en we gaan na welke inzichten we kunnen meenemen naar de praktijk.

    <![CDATA[Wijzer op Weg. Studeren & dyslexie. Een effectief begeleidingsprogramma voor jongeren met dyslexie. ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/364http://www.code.thomasmore.be/kalender/364Jongeren met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden. Ze hebben daarom nood aan een gerichte en individueel aangepaste ondersteuning. Wijzer op Weg is een begeleidingsprogramma dat werd ontwikkeld op basis van inzichten uit kwalitatief en kwantitatief onderzoek. De effectiviteit van dit programma werd intussen aangetoond bij 41 studenten met dyslexie uit het hoger onderwijs. We staan stil bij de werkzame principes van deze begeleiding en we gaan na welke inzichten we kunnen meenemen naar de praktijk.

    ]]>

    Tijdens het LAB Meer-TaalInZicht laten we de deelnemers enkele moeilijkheden ervaren die optreden in de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen. Aan de hand van videomateriaal in het Nederlands, Frans of Hebreeuws voeren de deelnemers enkele praktische oefeningen uit. Ze zullen onder meer de taalvaardigheid van de kinderen in de verschillende talen beoordelen. Hieruit zal blijken dat het onderzoeken van elke taal die het kind leert, noodzakelijk is om tot een juiste diagnose te komen.

    <![CDATA[Taalproblemen opsporen bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/366http://www.code.thomasmore.be/kalender/366Tijdens het LAB Meer-TaalInZicht laten we de deelnemers enkele moeilijkheden ervaren die optreden in de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen. Aan de hand van videomateriaal in het Nederlands, Frans of Hebreeuws voeren de deelnemers enkele praktische oefeningen uit. Ze zullen onder meer de taalvaardigheid van de kinderen in de verschillende talen beoordelen. Hieruit zal blijken dat het onderzoeken van elke taal die het kind leert, noodzakelijk is om tot een juiste diagnose te komen.

    ]]>

    Tijdens de workshop gaan we in op de vraag hoe het nu precies gesteld is met de schrijfvaardigheid van studenten. We lichten in dit kader kort enkele onderzoeksresultaten uit een studie naar de taalvaardigheid van instromende bachelorstudenten toe (Peters, Van Houtven & El Morabit, 2010), maar benaderen het onderwerp ook ruimer. Uit de behoefteanalyse van het OOF-project ‘Schrijfvaardig in het hoger onderwijs: naar krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs voor instromende bachelorstudenten’ bleek namelijk dat opleidingen (en docenten) er vaak niet (helemaal) in slagen om schriftelijke taken op een krachtige manier in de opleiding te integreren. We bekijken aan welke voorwaarden krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs moet voldoen en hoe we deze voorwaarden in de praktijk vorm kunnen geven. Aan de hand van concrete voorbeelden en casussen bespreken we een aantal mogelijkheden zoals talige interventies in zaakvakken, het organiseren van schrijfworkshops, het gebruik van checklists voor studenten en docenten en peerfeedback. We gaan ook aan de slag met instructies van schrijfopdrachten uit de opleiding. We analyseren de instructies kritisch en proberen samen duidelijke, eenvormige en volledige opdrachtomschrijvingen te ontwikkelen.

    <![CDATA[Schrijfvaardig in het hoger onderwijs. Krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs ontwikkelen voor (instromende) bachelorstudenten.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/367http://www.code.thomasmore.be/kalender/367Tijdens de workshop gaan we in op de vraag hoe het nu precies gesteld is met de schrijfvaardigheid van studenten. We lichten in dit kader kort enkele onderzoeksresultaten uit een studie naar de taalvaardigheid van instromende bachelorstudenten toe (Peters, Van Houtven & El Morabit, 2010), maar benaderen het onderwerp ook ruimer. Uit de behoefteanalyse van het OOF-project ‘Schrijfvaardig in het hoger onderwijs: naar krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs voor instromende bachelorstudenten’ bleek namelijk dat opleidingen (en docenten) er vaak niet (helemaal) in slagen om schriftelijke taken op een krachtige manier in de opleiding te integreren. We bekijken aan welke voorwaarden krachtig schrijfvaardigheidsonderwijs moet voldoen en hoe we deze voorwaarden in de praktijk vorm kunnen geven. Aan de hand van concrete voorbeelden en casussen bespreken we een aantal mogelijkheden zoals talige interventies in zaakvakken, het organiseren van schrijfworkshops, het gebruik van checklists voor studenten en docenten en peerfeedback. We gaan ook aan de slag met instructies van schrijfopdrachten uit de opleiding. We analyseren de instructies kritisch en proberen samen duidelijke, eenvormige en volledige opdrachtomschrijvingen te ontwikkelen.

    ]]>

    Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    Let op! Hier schrijf je je enkel in voor dag 1. Voor beide dagen kan je je inschrijven via de kalenderlink op 06/02/2014 "Dag 1 én 2". Voor inschrijvingen voor twee dagen geldt een korting.

    <![CDATA[Symposium Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking (dag 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/368http://www.code.thomasmore.be/kalender/368Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    Let op! Hier schrijf je je enkel in voor dag 1. Voor beide dagen kan je je inschrijven via de kalenderlink op 06/02/2014 "Dag 1 én 2". Voor inschrijvingen voor twee dagen geldt een korting.

    ]]>

    Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    <![CDATA[Symposium Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking (dag 1 én 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/369http://www.code.thomasmore.be/kalender/369Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    ]]>

    Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    Let op! Hier schrijf je je enkel in voor dag 2. Voor beide dagen kan je je inschrijven via de kalenderlink op 06/02/2014 "Dag 1 én 2". Voor inschrijvingen voor twee dagen geldt een korting.

    <![CDATA[Symposium Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking (dag 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/370http://www.code.thomasmore.be/kalender/370Code organiseert op donderdag 6 februari en vrijdag 7 februari 2014 het tweedaagse symposium ‘Blik op onbeperkt! Jongvolwassenen voorbij hun functiebeperking. Dit symposium focust op de inclusie van jongvolwassenen met een functiebeperking in het onderwijs, de arbeidsmarkt en het dagelijkse leven. Er wordt vertrokken vanuit een wetenschappelijk kader om praktische tips voor het werkveld te formuleren.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    Let op! Hier schrijf je je enkel in voor dag 2. Voor beide dagen kan je je inschrijven via de kalenderlink op 06/02/2014 "Dag 1 én 2". Voor inschrijvingen voor twee dagen geldt een korting.

    ]]>

    Een juiste diagnostiek van taalproblemen bij meertalige kinderen is niet evident. Onlangs formuleerde het RIZIV dan ook enkele richtlijnen waaraan een dergelijk diagnostisch onderzoek moet voldoen. Cruciaal binnen de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen is het betrekken van alle talen die het kind spreekt. De Vlaamse Vereniging voor Logopedisten ondersteunt deze visie evenzeer.

    Het symposium Meertalig, minder talig? belicht de recentste richtlijnen voor diagnostiek van taalproblemen bij meertalige kinderen. Het richt zich tot hulpverleners die beroepshalve in contact komen met meertalige kinderen. Vanuit een wetenschappelijk kader formuleren we tal van praktische tips voor de praktijk. Doorheen de dag komen zowel wetenschappelijke onderzoekers als mensen vanuit de praktijk aan het woord.

    Speciale aandacht gaat uit naar de resultaten van het project Meer-Taal In Zicht, een onderzoeksproject uitgevoerd door Code, expertisecentrum van Thomas More, met de steun van het Federaal Impulsfonds voor het Migrantenbeleid. De doelstelling van het project is het ontwikkelen van een online opleiding voor tolken zodat zij logopedisten kunnen ondersteunen in taalanalyses in vreemde talen.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    <![CDATA[Symposium Meertalig, minder talig? Aan de slag met het nieuwe protocol voor taaldiagnostiek bij meertalige kinderen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/371http://www.code.thomasmore.be/kalender/371Een juiste diagnostiek van taalproblemen bij meertalige kinderen is niet evident. Onlangs formuleerde het RIZIV dan ook enkele richtlijnen waaraan een dergelijk diagnostisch onderzoek moet voldoen. Cruciaal binnen de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen is het betrekken van alle talen die het kind spreekt. De Vlaamse Vereniging voor Logopedisten ondersteunt deze visie evenzeer.

    Het symposium Meertalig, minder talig? belicht de recentste richtlijnen voor diagnostiek van taalproblemen bij meertalige kinderen. Het richt zich tot hulpverleners die beroepshalve in contact komen met meertalige kinderen. Vanuit een wetenschappelijk kader formuleren we tal van praktische tips voor de praktijk. Doorheen de dag komen zowel wetenschappelijke onderzoekers als mensen vanuit de praktijk aan het woord.

    Speciale aandacht gaat uit naar de resultaten van het project Meer-Taal In Zicht, een onderzoeksproject uitgevoerd door Code, expertisecentrum van Thomas More, met de steun van het Federaal Impulsfonds voor het Migrantenbeleid. De doelstelling van het project is het ontwikkelen van een online opleiding voor tolken zodat zij logopedisten kunnen ondersteunen in taalanalyses in vreemde talen.

    Het volledige programma van het symposium kan je via deze link raadplegen.

    ]]>

    De diagnose dyslexie wordt niet zomaar gesteld. Er moet aan verschillende criteria worden voldaan. We vertellen je hoe dit in de praktijk gebeurt en demonstreren een computergestuurde dyslexietest. Je krijgt ook de kans om een deel van deze test af te leggen. We gaan ook in op een aantal vaak gehoorde misvattingen over dyslexie, zoals bv. “het omwisselen van letters is een typische dyslexiefout”. Vervolgens tonen we je welke software er bestaat ter ondersteuning van kinderen, jongeren en volwassenen met dyslexie. Je kan zelf ook even aan de slag met voorleessoftware (“tekst naar spraak”) en dicteersoftware (“spraak naar tekst”).   

    <![CDATA[Dag van de wetenschap: Hoe bepaalt men of iemand dyslexie heeft en welke ondersteunende software bestaat er?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/372http://www.code.thomasmore.be/kalender/372De diagnose dyslexie wordt niet zomaar gesteld. Er moet aan verschillende criteria worden voldaan. We vertellen je hoe dit in de praktijk gebeurt en demonstreren een computergestuurde dyslexietest. Je krijgt ook de kans om een deel van deze test af te leggen. We gaan ook in op een aantal vaak gehoorde misvattingen over dyslexie, zoals bv. “het omwisselen van letters is een typische dyslexiefout”. Vervolgens tonen we je welke software er bestaat ter ondersteuning van kinderen, jongeren en volwassenen met dyslexie. Je kan zelf ook even aan de slag met voorleessoftware (“tekst naar spraak”) en dicteersoftware (“spraak naar tekst”).   

    ]]>

    In onze multiculturele samenleving is het een grote troef om veel talen te kennen. Aan de hand van een spel kan je zelf ervaren hoe het voelt om anderstalig te zijn. We staan stil bij de vraag hoe we  best omgaan met meertalige kinderen en jongeren.  We laten je ook zelf een taalanalyse doen samen met een tolk om na te gaan of een meertalig kind met taalmoeilijkheden ook echt een taalstoornis heeft.

    <![CDATA[Dag van de wetenschap: Meertaligheid is een troef! Maar hoe gaan we er het best mee om en wat als er taalmoeilijkheden ontstaan?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/373http://www.code.thomasmore.be/kalender/373In onze multiculturele samenleving is het een grote troef om veel talen te kennen. Aan de hand van een spel kan je zelf ervaren hoe het voelt om anderstalig te zijn. We staan stil bij de vraag hoe we  best omgaan met meertalige kinderen en jongeren.  We laten je ook zelf een taalanalyse doen samen met een tolk om na te gaan of een meertalig kind met taalmoeilijkheden ook echt een taalstoornis heeft.

    ]]>

    Wat wil je later worden? Geen gemakkelijke vraag, al zeker niet voor jongeren met een autismespectrumstoornis (ASS). Leer meer over de problemen die jongeren met ASS ervaren bij het maken van een studie- of beroepskeuze. Ontdek KompASS, een handig werkinstrument om hen hierin te ondersteunen, met o.a. linken naar nuttige websites, waar iedereen verschillende beroepen en studierichtingen kan ontdekken. Ontdek hoe goed jij jezelf kent en welke beroepen jij interessant vindt, een eerste belangrijke stap in het maken van een goede studie- en beroepskeuze.

    <![CDATA[Dag van de wetenschap: Later word ik … ? Welke moeilijkheden ervaren jongeren met autismespectrumstoornissen in hun studie- en beroepskeuze en hoe kunnen we hen hierin ondersteunen?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/374http://www.code.thomasmore.be/kalender/374Wat wil je later worden? Geen gemakkelijke vraag, al zeker niet voor jongeren met een autismespectrumstoornis (ASS). Leer meer over de problemen die jongeren met ASS ervaren bij het maken van een studie- of beroepskeuze. Ontdek KompASS, een handig werkinstrument om hen hierin te ondersteunen, met o.a. linken naar nuttige websites, waar iedereen verschillende beroepen en studierichtingen kan ontdekken. Ontdek hoe goed jij jezelf kent en welke beroepen jij interessant vindt, een eerste belangrijke stap in het maken van een goede studie- en beroepskeuze.

    ]]>

    Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe verloopt een meertalige taalontwikkeling? Wat zijn belangrijke voorwaarden voor een goede meertalige taalontwikkeling? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Hoe kan men omgaan met meertaligheid in de klas? Welke problemen kunnen opduiken? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    <![CDATA[Meertaligheid en ouders begeleiden]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/375http://www.code.thomasmore.be/kalender/375Steeds meer kinderen worden meertalig opgevoed. Hoe verloopt een meertalige taalontwikkeling? Wat zijn belangrijke voorwaarden voor een goede meertalige taalontwikkeling? Welke tips kunnen aan ouders meegegeven worden? Hoe kan men omgaan met meertaligheid in de klas? Welke problemen kunnen opduiken? Deze vragen worden besproken en bediscussieerd.

    ]]>

    De begeleiding van jongvolwassenen met een functiebeperking in het Vlaamse onderwijs evolueerde de laatste decennia positief waardoor zij steeds vaker doorstromen naar het hoger onderwijs. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten in het hoger onderwijs een functiebeperking, waarvan de grootste groep een diagnose ADHD, autismespectrumstoornis (ASS), dyscalculie of dyslexie kreeg. Ondanks een toegenomen begeleidingsaanbod (Universeel Ontwerp (i.e. Universal Design), onderwijs- en examenfaciliteiten) liggen de slaagkansen van deze groep in het hoger onderwijs nog steeds (te) laag. In deze studiedag gaan we na hoe we het onderwijsaanbod beter kunnen afstemmen op de individuele noden van deze jongvolwassenen, als aanvulling op een ruimer begeleidingsaanbod in de gezondheidszorg.

    Ten eerste staan we stil bij de mogelijke functiebeperkingen waarmee jongvolwassenen met ADHD, autismespectrumstoornis (ASS), dyslexie of dyscalculie geconfronteerd worden (binnen en buiten het onderwijs). Immers, doorheen de ontwikkeling is er een duidelijke symptoomevolutie bij deze stoornissen merkbaar waardoor een diversiteit aan uitingsvormen van de stoornis naar voren komt. Ten tweede gaan we zowel in op de voordelen van (correct gebruik van) het Universeel Ontwerp  als op de geïndividualiseerde selectie van onderwijs- en examenfaciliteiten. Hiertoe schetsen we de de relevante persoons- en omgevingsgebonden parameters (bv. de aard van de stoornis, de opleidingsspecifieke competenties, objectieve en subjectief ervaren effectiviteit). Tenslotte plaatsen we de selectie en implementatie van onderwijs- en examenfaciliteiten binnen een plan van geïntegreerde zorg voor de diverse problematieken.

    Naast een uiteenzetting over de theoretische aspecten van de studiedag zullen we eveneens werken met casusmateriaal die de deelnemers zal aanzetten tot het reflecteren over aandachtspunten voor de implementatie van het Universeel Ontwerp en de selectie en implementatie van faciliteiten die aangeboden zullen worden op basis van de individuele noden van de jongvolwassene met ADHD, ASS, dyslexie en/of dyscalculie.

    <![CDATA[Ondersteuning van jongvolwassenen met ADHD, ASS, dyscalculie en dyslexie in het onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/376http://www.code.thomasmore.be/kalender/376De begeleiding van jongvolwassenen met een functiebeperking in het Vlaamse onderwijs evolueerde de laatste decennia positief waardoor zij steeds vaker doorstromen naar het hoger onderwijs. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten in het hoger onderwijs een functiebeperking, waarvan de grootste groep een diagnose ADHD, autismespectrumstoornis (ASS), dyscalculie of dyslexie kreeg. Ondanks een toegenomen begeleidingsaanbod (Universeel Ontwerp (i.e. Universal Design), onderwijs- en examenfaciliteiten) liggen de slaagkansen van deze groep in het hoger onderwijs nog steeds (te) laag. In deze studiedag gaan we na hoe we het onderwijsaanbod beter kunnen afstemmen op de individuele noden van deze jongvolwassenen, als aanvulling op een ruimer begeleidingsaanbod in de gezondheidszorg.

    Ten eerste staan we stil bij de mogelijke functiebeperkingen waarmee jongvolwassenen met ADHD, autismespectrumstoornis (ASS), dyslexie of dyscalculie geconfronteerd worden (binnen en buiten het onderwijs). Immers, doorheen de ontwikkeling is er een duidelijke symptoomevolutie bij deze stoornissen merkbaar waardoor een diversiteit aan uitingsvormen van de stoornis naar voren komt. Ten tweede gaan we zowel in op de voordelen van (correct gebruik van) het Universeel Ontwerp  als op de geïndividualiseerde selectie van onderwijs- en examenfaciliteiten. Hiertoe schetsen we de de relevante persoons- en omgevingsgebonden parameters (bv. de aard van de stoornis, de opleidingsspecifieke competenties, objectieve en subjectief ervaren effectiviteit). Tenslotte plaatsen we de selectie en implementatie van onderwijs- en examenfaciliteiten binnen een plan van geïntegreerde zorg voor de diverse problematieken.

    Naast een uiteenzetting over de theoretische aspecten van de studiedag zullen we eveneens werken met casusmateriaal die de deelnemers zal aanzetten tot het reflecteren over aandachtspunten voor de implementatie van het Universeel Ontwerp en de selectie en implementatie van faciliteiten die aangeboden zullen worden op basis van de individuele noden van de jongvolwassene met ADHD, ASS, dyslexie en/of dyscalculie.

    ]]>

    De vorming start met de theoretische basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). De verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden worden belicht. We overlopen welke testmaterialen bruikbaar zijn en welke subtests in dit model ingepast kunnen worden om tot een cognitief vaardigheidsprofiel te komen. Hierbij wordt gewerkt met de bestaande werkbrochure. We bekijken hoe deze batterij aangepast en/of uitgebreid kan worden specifiek voor meertaligen en hoe het CHC-model een meerwaarde kan zijn binnen de diagnostiek van leerstoornissen. We overlopen hoe de resultaten geïnterpreteerd kunnen worden en hoe vanuit het CHC-model een sterkte-zwakteanalyse opgesteld kan worden. Het uiteindelijke doel is het koppelen van concrete adviezen aan de sterkte-zwakteanalyse vanuit een handelingsgericht werkkader. Hierbij wordt gewerkt met casusmateriaal.

     

    <![CDATA[Het CHC-model: toepassing bij meertaligen en leerstoornissen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/377http://www.code.thomasmore.be/kalender/377De vorming start met de theoretische basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). De verschillende brede en nauwe cognitieve vaardigheden worden belicht. We overlopen welke testmaterialen bruikbaar zijn en welke subtests in dit model ingepast kunnen worden om tot een cognitief vaardigheidsprofiel te komen. Hierbij wordt gewerkt met de bestaande werkbrochure. We bekijken hoe deze batterij aangepast en/of uitgebreid kan worden specifiek voor meertaligen en hoe het CHC-model een meerwaarde kan zijn binnen de diagnostiek van leerstoornissen. We overlopen hoe de resultaten geïnterpreteerd kunnen worden en hoe vanuit het CHC-model een sterkte-zwakteanalyse opgesteld kan worden. Het uiteindelijke doel is het koppelen van concrete adviezen aan de sterkte-zwakteanalyse vanuit een handelingsgericht werkkader. Hierbij wordt gewerkt met casusmateriaal.

     

    ]]>

    In het eerste deel geven we een introductie in het theoretisch kader van autismespectrumstoornissen (ASS), waarbij we het klinisch beeld van ASS schetsen en bespreken op welke signalen je kunt letten om ASS te herkennen. Vanuit enkele belangrijke verklaringsmodellen krijgen we een beter inzicht in het perspectief van de jongere met ASS en gaan we in op de moeilijkheden die jongeren met ASS ervaren in het secundair onderwijs. We eindigen met concrete tips rond aanpak en begeleiding.

     

    In een tweede deel bespreken we analoog het klinisch beeld van ADHD en schetsen we op welke signalen je kunt letten om ADHD op te merken. Door problemen op het vlak van aandacht en concentratie en/of op het vlak van hyperactiviteit/impulsiviteit, botsen jongeren met ADHD op een aantal specifieke moeilijkheden in het secundair onderwijs. Hier gaan we in dit deel dieper op in. We geven eveneens concrete tips rond aanpak en begeleiding mee.

     

    <![CDATA[ADHD en ASS in het secundair onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/378http://www.code.thomasmore.be/kalender/378In het eerste deel geven we een introductie in het theoretisch kader van autismespectrumstoornissen (ASS), waarbij we het klinisch beeld van ASS schetsen en bespreken op welke signalen je kunt letten om ASS te herkennen. Vanuit enkele belangrijke verklaringsmodellen krijgen we een beter inzicht in het perspectief van de jongere met ASS en gaan we in op de moeilijkheden die jongeren met ASS ervaren in het secundair onderwijs. We eindigen met concrete tips rond aanpak en begeleiding.

     

    In een tweede deel bespreken we analoog het klinisch beeld van ADHD en schetsen we op welke signalen je kunt letten om ADHD op te merken. Door problemen op het vlak van aandacht en concentratie en/of op het vlak van hyperactiviteit/impulsiviteit, botsen jongeren met ADHD op een aantal specifieke moeilijkheden in het secundair onderwijs. Hier gaan we in dit deel dieper op in. We geven eveneens concrete tips rond aanpak en begeleiding mee.

     

    ]]>

    Tijdens deze sessie doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden volgens de principes van de handelingsgerichte diagnostiek. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkt-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie als dan niet kunnen stelen. Dit doen we aan de hand van een aantal casussen.

    <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie bij kinderen en jongvolwassenen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/379http://www.code.thomasmore.be/kalender/379Tijdens deze sessie doorlopen we de diagnostische cyclus bij kinderen en jongeren met lees- en spellingmoeilijkheden volgens de principes van de handelingsgerichte diagnostiek. We brengen hierbij de nieuwste ontwikkelingen in de wetenschap en in het diagnostische testinstrumentarium in kaart. Je krijgt een state of the art van de meest aangewezen onderzoeksinstrumenten voor de diagnostiek van dyslexie, zowel bij kinderen en jongeren van het lager en secundair onderwijs. Op basis van een casus wordt de volledige diagnostische procedure toegelicht en leer je een sterkt-zwakteprofiel opstellen. Dit profiel leent zich uitstekend om adviezen op maat te formuleren en om de begeleiding af te stemmen op de specifieke noden van het kind of de jongere. We bespreken in welke situaties we de diagnose dyslexie als dan niet kunnen stelen. Dit doen we aan de hand van een aantal casussen.

    ]]>
    <![CDATA[Studeren met ADHD en ASS]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/380http://www.code.thomasmore.be/kalender/380<![CDATA[Planning- en organisatietraining voor studenten met ADHD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/381http://www.code.thomasmore.be/kalender/381

    Jongvolwassenen met een autismespectrumstoornis in het hoger onderwijs

    Dorien Jansen, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen

    Katja Petry, onderzoekseenheid Gezins- en Orthopedagogiek, KU Leuven

    Wim Tops, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen

    Dieter Baeyens, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen en Onderzoekseenheid Klinische Psychologie/Gezins- en Orthopedagogiek, KU Leuven

    Theoretische kader

    Naast studenten met dyslexie, dyscalculie en ADHD stromen ook steeds meer studenten met een autismespectrumstoornis door naar het hoger onderwijs (Jaarverslag Studentenvoorzieningen KU Leuven, 2010). Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, hebben deze studenten nood aan een aangepaste begeleiding en onderwijsfaciliteiten. We zien echter dat die in de huidige onderwijscontext de onderwijs- en examenfaciliteiten vaak ontoereikend zijn.

     

    Onderzoeksdoel

    Enerzijds willen we de functiebeperking van jongvolwassenen met ASS in kaart brengen aan de hand van het ‘International Classification of Functioning, disability and health (ICF) van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) (ICF; WHO, 2001). Anderzijds willen we onderzoeken wat deze functiebeperkingen voor jongvolwassenen met ASS betekenen in de onderwijscontext. We willen met andere woorden onderzoeken welke problemen jongvolwassenen met ASS ondervinden tijdens hun studies en hoe deze problemen aangepakt kunnen worden in deze context.

     

    Onderzoeksmethode

    In een eerste stap van het Facilio-project, gesteund door het OnderwijsOntwikkelingsFonds (OOF), werd een literatuuronderzoek uitgevoerd om de functiebeperking van studenten hoger onderwijs met ASS in kaart te brengen aan de hand van het ICF-kader. Dit kader is een classificatiesysteem waarmee het WHO een gemeenschappelijke taal wil ontwikkelen voor het beschrijven van iemands functioneren. Dit kader omvat vijf hoofdcomponenten, namelijk functies en anatomische eigenschappen, activiteiten, participatie, externe factoren, en persoonlijke factoren, die alle in wisselwerking staan met elkaar. In de literatuurstudie maakten we gebruik van verschillende reviewartikels rond jongvolwassenen met ASS met als doel het functioneren van deze personen zo nauwkeurig en uitgebreid mogelijk in kaart te brengen.

    Na de invulling van dit kader, trachten we de bevindingen te vertalen naar de onderwijscontext.Deze vertaalslag gebeurde initieel opnieuw op basis van een literatuuronderzoek. In deze literatuurstudie werd nagegaan welke onderwijsfaciliteiten kunnen ingezet worden voor studenten met ASS. Daarna werd een expertmeeting georganiseerd waarin zowel inhoudelijke als functionele experts deze eerste vertaalslag kritisch evalueerden en aanvulden.

    Een derde stap is de inventarisatie van deze faciliteiten in de huidige onderwijscontext. Deze inventarisatie zal gebeuren op basis van een vragenlijstonderzoek bij studenten met ASS en de studentenbegeleiders. Hierin wordt verder gepeild naar de huidige tendensen met betrekking tot het inzetten van faciliteiten in het hoger onderwijs.

     

    Resultaten en conclusies

    Op basis van de literatuurstudies en de expertmeeting kunnen we concluderen dat studenten met ASS allerlei problemen ondervinden in de onderwijscontext. Deze problemen en beperkingen laten zich over het algemeen vertalen in een aantal faciliteiten die toepasbaar zijn in het hoger onderwijs om deze studenten met ASS betere kansen te bieden in het beëindigen van hun opleiding.De gegevens en resultaten van de derde stap van dit project, de inventarisatie van faciliteiten, worden in de bijdrage toegevoegd.

     

    Wetenschappelijk betekenis

    Studenten hoger onderwijs met ASS ondervinden in het hoger onderwijs allerlei problemen  en beperkingen. Verder studeren is voor studenten met ASS dan ook een grote uitdaging. De vertaalslag die in deze studie gemaakt werd voor deze studenten met ASS kan een perspectief bieden voor verder onderzoek naar de effectiviteit van deze faciliteiten voor deze studenten.

     

    Referenties

    Katholieke Universiteit Leuven. (2011). Jaarverslag studentenvoorzieningen 2010. KU Leuven: Leuven.

    Vlaamse Onderwijsraad (2009). Handleiding registratie studenten met een functiebeperking en bijbehorende formulieren. DOI: http://www.vlor.be/sites/www.vlor.be/files/adies/rho-end002-0809.pdf.

    World Health Organization. (2001). International Cliassification of Functioning, Disability and Health (ICF). Geneva: Author.

    <![CDATA[Jongvolwassenen met een autismespectrumstoornis in het hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/382http://www.code.thomasmore.be/kalender/382Jongvolwassenen met een autismespectrumstoornis in het hoger onderwijs

    Dorien Jansen, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen

    Katja Petry, onderzoekseenheid Gezins- en Orthopedagogiek, KU Leuven

    Wim Tops, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen

    Dieter Baeyens, Expertisecentrum Code, Thomas More Antwerpen en Onderzoekseenheid Klinische Psychologie/Gezins- en Orthopedagogiek, KU Leuven

    Theoretische kader

    Naast studenten met dyslexie, dyscalculie en ADHD stromen ook steeds meer studenten met een autismespectrumstoornis door naar het hoger onderwijs (Jaarverslag Studentenvoorzieningen KU Leuven, 2010). Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, hebben deze studenten nood aan een aangepaste begeleiding en onderwijsfaciliteiten. We zien echter dat die in de huidige onderwijscontext de onderwijs- en examenfaciliteiten vaak ontoereikend zijn.

     

    Onderzoeksdoel

    Enerzijds willen we de functiebeperking van jongvolwassenen met ASS in kaart brengen aan de hand van het ‘International Classification of Functioning, disability and health (ICF) van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) (ICF; WHO, 2001). Anderzijds willen we onderzoeken wat deze functiebeperkingen voor jongvolwassenen met ASS betekenen in de onderwijscontext. We willen met andere woorden onderzoeken welke problemen jongvolwassenen met ASS ondervinden tijdens hun studies en hoe deze problemen aangepakt kunnen worden in deze context.

     

    Onderzoeksmethode

    In een eerste stap van het Facilio-project, gesteund door het OnderwijsOntwikkelingsFonds (OOF), werd een literatuuronderzoek uitgevoerd om de functiebeperking van studenten hoger onderwijs met ASS in kaart te brengen aan de hand van het ICF-kader. Dit kader is een classificatiesysteem waarmee het WHO een gemeenschappelijke taal wil ontwikkelen voor het beschrijven van iemands functioneren. Dit kader omvat vijf hoofdcomponenten, namelijk functies en anatomische eigenschappen, activiteiten, participatie, externe factoren, en persoonlijke factoren, die alle in wisselwerking staan met elkaar. In de literatuurstudie maakten we gebruik van verschillende reviewartikels rond jongvolwassenen met ASS met als doel het functioneren van deze personen zo nauwkeurig en uitgebreid mogelijk in kaart te brengen.

    Na de invulling van dit kader, trachten we de bevindingen te vertalen naar de onderwijscontext.Deze vertaalslag gebeurde initieel opnieuw op basis van een literatuuronderzoek. In deze literatuurstudie werd nagegaan welke onderwijsfaciliteiten kunnen ingezet worden voor studenten met ASS. Daarna werd een expertmeeting georganiseerd waarin zowel inhoudelijke als functionele experts deze eerste vertaalslag kritisch evalueerden en aanvulden.

    Een derde stap is de inventarisatie van deze faciliteiten in de huidige onderwijscontext. Deze inventarisatie zal gebeuren op basis van een vragenlijstonderzoek bij studenten met ASS en de studentenbegeleiders. Hierin wordt verder gepeild naar de huidige tendensen met betrekking tot het inzetten van faciliteiten in het hoger onderwijs.

     

    Resultaten en conclusies

    Op basis van de literatuurstudies en de expertmeeting kunnen we concluderen dat studenten met ASS allerlei problemen ondervinden in de onderwijscontext. Deze problemen en beperkingen laten zich over het algemeen vertalen in een aantal faciliteiten die toepasbaar zijn in het hoger onderwijs om deze studenten met ASS betere kansen te bieden in het beëindigen van hun opleiding.De gegevens en resultaten van de derde stap van dit project, de inventarisatie van faciliteiten, worden in de bijdrage toegevoegd.

     

    Wetenschappelijk betekenis

    Studenten hoger onderwijs met ASS ondervinden in het hoger onderwijs allerlei problemen  en beperkingen. Verder studeren is voor studenten met ASS dan ook een grote uitdaging. De vertaalslag die in deze studie gemaakt werd voor deze studenten met ASS kan een perspectief bieden voor verder onderzoek naar de effectiviteit van deze faciliteiten voor deze studenten.

     

    Referenties

    Katholieke Universiteit Leuven. (2011). Jaarverslag studentenvoorzieningen 2010. KU Leuven: Leuven.

    Vlaamse Onderwijsraad (2009). Handleiding registratie studenten met een functiebeperking en bijbehorende formulieren. DOI: http://www.vlor.be/sites/www.vlor.be/files/adies/rho-end002-0809.pdf.

    World Health Organization. (2001). International Cliassification of Functioning, Disability and Health (ICF). Geneva: Author.

    ]]>

     

    Accommodations in higher education for young adults with ADHD and ASD

    Dorien Jansen, Expertisecentre Code, Thomas More Antwerp, Belgium

    Dieter Baeyens, Expertisecentre Code, Thomas More Antwerp, Belgium & Group Parenting and Special Education, KU Leuven, Belgium

    Katja Petry, Group Parenting and Special Education, KU Leuven, Belgium

    Background

    At least 2% of the students in higher education register with a disability (Vickers, 2010). Students with a diagnosis of Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) or Autism Spectrum Disorder (ASD) form two of the largest groups of these students. These students are characterized by higher levels of drop-out and lower success rates compared with typically developing controls (Daley & Birchwood, 2009; Levy & Perry, 2011). It seems that the current accommodations offered to these groups of students are insufficient (Flemish Education Council, 2009). To successfully pass higher education, these students need individualized accommodations that will increase their opportunities.

     

    Research question

    In this study, we examined which functional and participation problems students with ADHD or ASD experience in higher education. Further, we explored how the restrictive influence of the environment, from which these problems arise, can be managed by installing accommodations.

     

    Method

    Supported by OOF, we executed a literature study to map the functional and participation problems of young adults with ADHD and ASD using the International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF; WHO, 2007) and to list the accommodations that are linked to the disabilities of the students. This overview of accommodations was discussed and completed at a meeting with Flemish academical and clinical experts in ADHD and ASD. Secondly, we constructed questionnaires to determine the current situation in the schools for higher education in Flanders. In these questionnaires we measured how students and student mentors perceived the disabilities of students with ADHD and ASD, as well as the implementation of existing accommodations and their perceived effectiveness.

     

    Results en conclusion

    Data collection will be completed in April 2013. This study will result in a list of accommodations which are shown to be effective and are associated with specific ICF problem clusters in students with ADHD and ASD in higher education.

    <![CDATA[Accomodations in higher education for young adults with ADHD and ASD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/383http://www.code.thomasmore.be/kalender/383 

    Accommodations in higher education for young adults with ADHD and ASD

    Dorien Jansen, Expertisecentre Code, Thomas More Antwerp, Belgium

    Dieter Baeyens, Expertisecentre Code, Thomas More Antwerp, Belgium & Group Parenting and Special Education, KU Leuven, Belgium

    Katja Petry, Group Parenting and Special Education, KU Leuven, Belgium

    Background

    At least 2% of the students in higher education register with a disability (Vickers, 2010). Students with a diagnosis of Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) or Autism Spectrum Disorder (ASD) form two of the largest groups of these students. These students are characterized by higher levels of drop-out and lower success rates compared with typically developing controls (Daley & Birchwood, 2009; Levy & Perry, 2011). It seems that the current accommodations offered to these groups of students are insufficient (Flemish Education Council, 2009). To successfully pass higher education, these students need individualized accommodations that will increase their opportunities.

     

    Research question

    In this study, we examined which functional and participation problems students with ADHD or ASD experience in higher education. Further, we explored how the restrictive influence of the environment, from which these problems arise, can be managed by installing accommodations.

     

    Method

    Supported by OOF, we executed a literature study to map the functional and participation problems of young adults with ADHD and ASD using the International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF; WHO, 2007) and to list the accommodations that are linked to the disabilities of the students. This overview of accommodations was discussed and completed at a meeting with Flemish academical and clinical experts in ADHD and ASD. Secondly, we constructed questionnaires to determine the current situation in the schools for higher education in Flanders. In these questionnaires we measured how students and student mentors perceived the disabilities of students with ADHD and ASD, as well as the implementation of existing accommodations and their perceived effectiveness.

     

    Results en conclusion

    Data collection will be completed in April 2013. This study will result in a list of accommodations which are shown to be effective and are associated with specific ICF problem clusters in students with ADHD and ASD in higher education.

    ]]>

    Onderwijs- en examenfaciliteiten voor studenten met ASS

    Dorien Jansen, Dieter Baeyens & Katja Petry

    Achtergrond:

    Hoewel steeds meer studenten met een functiebeperking doorstromen naar het hoger onderwijs, schieten in de huidige onderwijscontext standaard onderwijs- en examenfaciliteiten vaak tekort. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten een functiebeperking. Eén van de grootste groepen van studenten met een functiebeperking zijn de studenten met een diagnose ASS. Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, heeft deze groep van studenten nood aan geïndividualiseerde aanpassingen die de participatie kunnen verhogen.

     

    Doelstellingen:

    Met deze studie willen we enerzijds de problemen van studenten met ASS in het hoger onderwijs oplijsten aan de hand van het International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF). Anderzijds maakten we op basis van deze oplijsting van functie-uitval een vertaalslag naar wat deze problemen kunnen betekenen in het onderwijs en welke effectieve, redelijke aanpassingen kunnen geboden worden aan de studenten om de negatieve invloed van deze functie-uitval te reduceren.

     

    Methode:

    Allereerst werd in het Facilio-project, gesteund door het onderwijsontwikkelingsfonds (OOF), een literatuurstudie uitgevoerd om de problematiek van jongvolwassenen met ASS aan de hand van het ICF-kader en de faciliteiten die gekoppeld kunnen worden aan deze functie-uitval in kaart te brengen. Deze faciliteiten uit de literatuurstudie werden aangevuld met output afkomstig van expertmeetings rond deze vertaalslag van functie-uitval naar het onderwijs. Hier waren zowel theoretische als praktijkgerichte experts aanwezig. Nadien werd een vragenlijstonderzoek opgezet om de huidige situatie te bekijken aan de hogescholen. In deze vragenlijst wordt gepeild naar de implementatie van bestaande faciliteiten en hoe studenten en studentenbegeleiders de functie-uitval van studenten met ASS ervaren. Tot slot werd aan dit vragenlijstonderzoek diepte-interviews gekoppeld om de effectiviteit van de faciliteiten te bespreken en mogelijke andere redelijke aanpassingen te exploreren.

     

    Resultaten:

    De dataverzameling wordt afgerond in mei 2013. Deze studie zal resulteren in een lijst van effectief ervaren faciliteiten die gebruikt kunnen worden voor studenten met een autismespectrumstoornis.

     

    Besluiten:

    Mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten voor studenten met ASS zullen net als de ervaren effectiviteit en de implementatie van deze faciliteiten besproken worden in deze bijdrage.

    <![CDATA[Onderwijs- en examenfaciliteiten voor studenten hoger onderwijs met ASS]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/384http://www.code.thomasmore.be/kalender/384Onderwijs- en examenfaciliteiten voor studenten met ASS

    Dorien Jansen, Dieter Baeyens & Katja Petry

    Achtergrond:

    Hoewel steeds meer studenten met een functiebeperking doorstromen naar het hoger onderwijs, schieten in de huidige onderwijscontext standaard onderwijs- en examenfaciliteiten vaak tekort. Momenteel heeft minimaal 2% van de studenten een functiebeperking. Eén van de grootste groepen van studenten met een functiebeperking zijn de studenten met een diagnose ASS. Om het hoger onderwijs succesvol te doorlopen, heeft deze groep van studenten nood aan geïndividualiseerde aanpassingen die de participatie kunnen verhogen.

     

    Doelstellingen:

    Met deze studie willen we enerzijds de problemen van studenten met ASS in het hoger onderwijs oplijsten aan de hand van het International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF). Anderzijds maakten we op basis van deze oplijsting van functie-uitval een vertaalslag naar wat deze problemen kunnen betekenen in het onderwijs en welke effectieve, redelijke aanpassingen kunnen geboden worden aan de studenten om de negatieve invloed van deze functie-uitval te reduceren.

     

    Methode:

    Allereerst werd in het Facilio-project, gesteund door het onderwijsontwikkelingsfonds (OOF), een literatuurstudie uitgevoerd om de problematiek van jongvolwassenen met ASS aan de hand van het ICF-kader en de faciliteiten die gekoppeld kunnen worden aan deze functie-uitval in kaart te brengen. Deze faciliteiten uit de literatuurstudie werden aangevuld met output afkomstig van expertmeetings rond deze vertaalslag van functie-uitval naar het onderwijs. Hier waren zowel theoretische als praktijkgerichte experts aanwezig. Nadien werd een vragenlijstonderzoek opgezet om de huidige situatie te bekijken aan de hogescholen. In deze vragenlijst wordt gepeild naar de implementatie van bestaande faciliteiten en hoe studenten en studentenbegeleiders de functie-uitval van studenten met ASS ervaren. Tot slot werd aan dit vragenlijstonderzoek diepte-interviews gekoppeld om de effectiviteit van de faciliteiten te bespreken en mogelijke andere redelijke aanpassingen te exploreren.

     

    Resultaten:

    De dataverzameling wordt afgerond in mei 2013. Deze studie zal resulteren in een lijst van effectief ervaren faciliteiten die gebruikt kunnen worden voor studenten met een autismespectrumstoornis.

     

    Besluiten:

    Mogelijke onderwijs- en examenfaciliteiten voor studenten met ASS zullen net als de ervaren effectiviteit en de implementatie van deze faciliteiten besproken worden in deze bijdrage.

    ]]>

    Leerkrachten stellen zich vaak vragen rond het effectief omgaan met dyslexie op school en in de klas. Met deze vorming beogen we antwoorden te bieden op de concrete vragen die ons vooraf werden voorgelegd door de leerkrachten van GIB Brasschaat.

    Om op deze vragen in te aan starten we in het eerste deel van de vorming (08u45-09u45) met de definiëring van dyslexie, de gebruikte terminologie (bv. dyslexie/dysorthografie) en het onderscheid met andere stoornissen (bv. dyscalculie). We gaan hierbij ook dieper in op welke moeilijkheden/fouten leerkrachten in het secundair onderwijs (niet) mogen verwachen bij leerlingen met dyslexie. Hierbij besteden we in het bijzonder aandacht aan de moeilijkheden die optreden bij het leren van moderne vreemde talen. We eindigen met suggesties voor het uitbouwen van het dyslexiebeleid op school. Welke maatregelen zijn effectief en hoe implementeer je die? We besluiten de vorming met een vragenrond (10u15-10u45).

    <![CDATA[Aan de slag met dyslexie op school]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/385http://www.code.thomasmore.be/kalender/385Leerkrachten stellen zich vaak vragen rond het effectief omgaan met dyslexie op school en in de klas. Met deze vorming beogen we antwoorden te bieden op de concrete vragen die ons vooraf werden voorgelegd door de leerkrachten van GIB Brasschaat.

    Om op deze vragen in te aan starten we in het eerste deel van de vorming (08u45-09u45) met de definiëring van dyslexie, de gebruikte terminologie (bv. dyslexie/dysorthografie) en het onderscheid met andere stoornissen (bv. dyscalculie). We gaan hierbij ook dieper in op welke moeilijkheden/fouten leerkrachten in het secundair onderwijs (niet) mogen verwachen bij leerlingen met dyslexie. Hierbij besteden we in het bijzonder aandacht aan de moeilijkheden die optreden bij het leren van moderne vreemde talen. We eindigen met suggesties voor het uitbouwen van het dyslexiebeleid op school. Welke maatregelen zijn effectief en hoe implementeer je die? We besluiten de vorming met een vragenrond (10u15-10u45).

    ]]>

    Recent wetenschappelijk onderzoek toont aan dat er nog heel wat barrières zjin bij het gebruik van ICT in het onderwijs, meer bepaald bij ondersteunende software voor lezen, schrijven en studeren. Kennis van de ondersteuningsmogelijkheden en de implementatie van deze software binnen de eigen schoolcontext met begeleiding van zowel leerkrachten als de leerlingen zelf blijft nog vaak te beperkt. Graag reiken we naast de demonstraties van de softwareprogramma's Sprint Plus en Kurzweil 3000 hiervoor handvatten aan.

     

     

    <![CDATA[Werken met Sprint Plus en Kurzweil 3000]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/386http://www.code.thomasmore.be/kalender/386Recent wetenschappelijk onderzoek toont aan dat er nog heel wat barrières zjin bij het gebruik van ICT in het onderwijs, meer bepaald bij ondersteunende software voor lezen, schrijven en studeren. Kennis van de ondersteuningsmogelijkheden en de implementatie van deze software binnen de eigen schoolcontext met begeleiding van zowel leerkrachten als de leerlingen zelf blijft nog vaak te beperkt. Graag reiken we naast de demonstraties van de softwareprogramma's Sprint Plus en Kurzweil 3000 hiervoor handvatten aan.

     

     

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    <![CDATA[Opsporen van leesproblemen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/387http://www.code.thomasmore.be/kalender/387Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    <![CDATA[Opsporen van leesproblemen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/388http://www.code.thomasmore.be/kalender/388Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    ]]>

    In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    <![CDATA[Cursisten als ouder in een meertalige situatie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/389http://www.code.thomasmore.be/kalender/389In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    <![CDATA[Opsporen van leesproblemen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/390http://www.code.thomasmore.be/kalender/390Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    ]]>

    In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    <![CDATA[Cursisten als ouder in een meertalige situatie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/391http://www.code.thomasmore.be/kalender/391In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    <![CDATA[Opsporen van leesproblemen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/392http://www.code.thomasmore.be/kalender/392Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    <![CDATA[Leesproblemen opsporen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/393http://www.code.thomasmore.be/kalender/393Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    ]]>

    Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    (begin- en einduur kan nog veranderen)

    <![CDATA[Opsporen van leesproblemen bij volwassen tweedetaalverwervers]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/394http://www.code.thomasmore.be/kalender/394Sommige cursisten die Nederlands leren in centra voor volwassenenonderwijs ervaren moeite met lezen. Bij een aantal cursisten rijst na verloop van tijd een vermoeden van dyslexie. Deze leerstoornis komt immers in alle talen voor. Maar hoe detecteer je dyslexie bij meer- of anderstalige volwassenen? Hoe bepaal je het verschil tussen een hardnekkig leesprobleem en leesmoeilijkheden ten gevolge van een nog onvoldoende ontwikkelde taalvaardigheid? Op deze vragen gaan we dieper in. We starten hierbij vanuit een kort wetenschappelijk kader over dyslexie en hebben ook aandacht voor signalen van dyslexie in de klas.

    (begin- en einduur kan nog veranderen)

    ]]>

    Jongeren met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden. Ze hebben daarom nood aan een gerichte en individueel aangepaste ondersteuning. Wijzer op Weg is een begeleidingsprogramma dat werd ontwikkeld op basis van inzichten uit kwalitatief en kwantitatief onderzoek. De effectiviteit van dit programma werd intussen aangetoond bij 41 studenten met dyslexie uit het hoger onderwijs. We staan stil bij de werkzame principes van deze begeleiding en we gaan na welke inzichten we kunnen meenemen naar de praktijk.

    <![CDATA[Deuren openen voor jongvolwassenen met dyslexie: een wetenschappelijk onderbouwd coachingprogramma]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/395http://www.code.thomasmore.be/kalender/395Jongeren met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden. Ze hebben daarom nood aan een gerichte en individueel aangepaste ondersteuning. Wijzer op Weg is een begeleidingsprogramma dat werd ontwikkeld op basis van inzichten uit kwalitatief en kwantitatief onderzoek. De effectiviteit van dit programma werd intussen aangetoond bij 41 studenten met dyslexie uit het hoger onderwijs. We staan stil bij de werkzame principes van deze begeleiding en we gaan na welke inzichten we kunnen meenemen naar de praktijk.

    ]]>

    Achtergrond
    Jongvolwassenen met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden en hebben daarom nood aan specifieke ondersteuning. In onderzoek gaat weinig aandacht uit naar deze doelgroep en naar de context van de jongvolwassene. De huidige studie brengt werkzame en niet-werkzame aspecten van ondersteuning en begeleiding in kaart, vanuit het standpunt van de jongvolwassenen en andere betrokkenen, met als einddoel de ontwikkeling van een onderbouwd begeleidingsprogramma.
    Methode
    Een eerste studie focust op de ervaringen van de doelgroep. Jongvolwassenen met dyslexie, ouders, studiebegeleiders en hulpverleners namen deel aan een semi-gestructureerd interview over de impact van de leerstoornis, werkzame en niet-werkzame aspecten van begeleiding en ondersteuning en noden op deze vlakken.
    In een tweede studie werden deze bevindingen gekwantificeerd door middel van een online vragenlijst.
    Resultaten
    De resultaten van beide studies brachten heel wat werkzame (bv. aanwezigheid van een contactpersoon op school, begeleiding gefocust op studeren) en niet-werkzame (bv. gebrek aan communicatie, gebrek aan evaluatie van faciliteiten) aspecten van begeleiding aan het licht. We staan stil bij deze aspecten en bespreken de implementatie ervan in het begeleidingsprogramma.
    Conclusie
    De bevindingen wijzen op het belang van een geïntegreerde aanpak waarbij aandacht uitgaat naar psycho-educatie en de integratie van compensatiestrategieën en hulpmiddelen in de eigen studiemethode.

    <![CDATA[Wat werkt (niet) in de ondersteuning en begeleiding van jongvolwassenen met dyslexie? Resultaten van een kwalitatief en kwantitatief onderzoek.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/396http://www.code.thomasmore.be/kalender/396Achtergrond
    Jongvolwassenen met dyslexie worden geconfronteerd met specifieke moeilijkheden en hebben daarom nood aan specifieke ondersteuning. In onderzoek gaat weinig aandacht uit naar deze doelgroep en naar de context van de jongvolwassene. De huidige studie brengt werkzame en niet-werkzame aspecten van ondersteuning en begeleiding in kaart, vanuit het standpunt van de jongvolwassenen en andere betrokkenen, met als einddoel de ontwikkeling van een onderbouwd begeleidingsprogramma.
    Methode
    Een eerste studie focust op de ervaringen van de doelgroep. Jongvolwassenen met dyslexie, ouders, studiebegeleiders en hulpverleners namen deel aan een semi-gestructureerd interview over de impact van de leerstoornis, werkzame en niet-werkzame aspecten van begeleiding en ondersteuning en noden op deze vlakken.
    In een tweede studie werden deze bevindingen gekwantificeerd door middel van een online vragenlijst.
    Resultaten
    De resultaten van beide studies brachten heel wat werkzame (bv. aanwezigheid van een contactpersoon op school, begeleiding gefocust op studeren) en niet-werkzame (bv. gebrek aan communicatie, gebrek aan evaluatie van faciliteiten) aspecten van begeleiding aan het licht. We staan stil bij deze aspecten en bespreken de implementatie ervan in het begeleidingsprogramma.
    Conclusie
    De bevindingen wijzen op het belang van een geïntegreerde aanpak waarbij aandacht uitgaat naar psycho-educatie en de integratie van compensatiestrategieën en hulpmiddelen in de eigen studiemethode.

    ]]>

    Ondanks voortschrijdend inzicht in effectief behandelen van kinderen en jongeren met dyslexie, blijven misverstanden de dagelijkse praktijk doorkruisen. In deze bijdrage stellen we enkele discussiepunten aan de orde en tonen we hoe we interventies, gericht op het opbouwen van woordspecifieke kennis, kunnen versterken. Tot slot illustreren we aan de hand van onderzoek bij jongeren het belang van een aanpak op maat die rekening houdt met concrete noden en ervaren moeilijkheden.

    <![CDATA[Deuren openen voor jongvolwassenen met dyslexie: Een onderbouwd coachingprogramma]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/397http://www.code.thomasmore.be/kalender/397Ondanks voortschrijdend inzicht in effectief behandelen van kinderen en jongeren met dyslexie, blijven misverstanden de dagelijkse praktijk doorkruisen. In deze bijdrage stellen we enkele discussiepunten aan de orde en tonen we hoe we interventies, gericht op het opbouwen van woordspecifieke kennis, kunnen versterken. Tot slot illustreren we aan de hand van onderzoek bij jongeren het belang van een aanpak op maat die rekening houdt met concrete noden en ervaren moeilijkheden.

    ]]>

    Because arithmetical difficulties are not always recognized during elementary school, the field needs diagnostic tools for (young) adults. The number of instruments available for this population is nevertheless scarce and for the existing instruments norms for (young) adults are often lacking. Moreover, time pressure is a crucial factor in the diagnostics of dyscalculia in that age group. To give directions to the support of young adults with dyscalculia, teachers and therapists also need to have a clear picture of the weak and strong arithmetical abilities. To that aim, an overall picture of the different arithmetical abilities is necessary.

    We present the Arithmetical Skills Profile, a diagnostic tool that consists of two major parts. The first part offers a profound investigation of the basic arithmetical abilities (arithmetical fact knowledge, procedural knowledge and performance, conceptual knowledge and the integration of these topics). The second part aims at detailed and individualized recommendations by analyzing daily life skills related to arithmetic, and possible ways of compensation.

    The results of a first study, in a restricted sample (n=140), showed a significant difference (F(1, 110) = 6.18, p<.05) between the scores of participants without and with dyscalculia (or a history of interventions for arithmetical difficulties, n=15). In a second study, part of the instrument was used to screen the arithmetic skills of 77 first-year students nursing. Results showed that the nursing students scored significantly lower on the items measuring procedural skills, compared to a group of 6th graders (secondary education).

    In a third study, we gathered data from a large sample of 6th graders (secondary education) to obtain a reference group (n=411 until now). Findings about the validity (using criteria such as having a dyscalculia diagnosis or not) and (test-retest) reliability of the instrument will be presented.

    <![CDATA[Dyscalculia in young adulthood: The Arithmetical Skills Profile as a starting point for support]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/398http://www.code.thomasmore.be/kalender/398Because arithmetical difficulties are not always recognized during elementary school, the field needs diagnostic tools for (young) adults. The number of instruments available for this population is nevertheless scarce and for the existing instruments norms for (young) adults are often lacking. Moreover, time pressure is a crucial factor in the diagnostics of dyscalculia in that age group. To give directions to the support of young adults with dyscalculia, teachers and therapists also need to have a clear picture of the weak and strong arithmetical abilities. To that aim, an overall picture of the different arithmetical abilities is necessary.

    We present the Arithmetical Skills Profile, a diagnostic tool that consists of two major parts. The first part offers a profound investigation of the basic arithmetical abilities (arithmetical fact knowledge, procedural knowledge and performance, conceptual knowledge and the integration of these topics). The second part aims at detailed and individualized recommendations by analyzing daily life skills related to arithmetic, and possible ways of compensation.

    The results of a first study, in a restricted sample (n=140), showed a significant difference (F(1, 110) = 6.18, p<.05) between the scores of participants without and with dyscalculia (or a history of interventions for arithmetical difficulties, n=15). In a second study, part of the instrument was used to screen the arithmetic skills of 77 first-year students nursing. Results showed that the nursing students scored significantly lower on the items measuring procedural skills, compared to a group of 6th graders (secondary education).

    In a third study, we gathered data from a large sample of 6th graders (secondary education) to obtain a reference group (n=411 until now). Findings about the validity (using criteria such as having a dyscalculia diagnosis or not) and (test-retest) reliability of the instrument will be presented.

    ]]>

    Young adults with dyslexia struggle with specific problems during their studies. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on the target group of young adults and little attention has been paid to the broader context. The present studies aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support in higher education. The ultimate goal of this research was the development of an evidence-based support program.

    The first study focused on the experiences of young adults with dyslexia and their network. To this end, young adults with dyslexia, their parents, tutors and therapists took part in a semi-structured interview on the impact of dyslexia, effective and ineffective aspects of support, and experienced needs.

    A second study, quantified these findings: what works for most young adults? A questionnaire was administered to 102 students with dyslexia.
    In a third study we examined the effectiveness of this support program by means of a pretest-posttest design with a waiting list control group. Participants were 41 students with dyslexia.

    The results of Study 1 and 2 revealed effective (e.g. a contact person at school) and ineffective (e.g. no evaluation of accommodations) aspects of support. The results also showed that, although the ‘core’ difficulties match those observed in the literature, other difficulties (e.g. reading comprehension) turned out to be more prominent in the experiences of the participants. We discuss the implementation of the results of Study 1 and 2 in a support and coaching program. The program starts from the perceived needs of the student and integrates psycho-education with the implementation of compensatory strategies and tools into the individual study method. The results in Study 3 show the effectiveness of the support program: the experimental group reported an increased effectiveness of strategies and tools and a reduced impact of dyslexia.

    <![CDATA[Effective support and coaching of young adults with dyslexia: Results of a qualitative and quantitative study]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/399http://www.code.thomasmore.be/kalender/399Young adults with dyslexia struggle with specific problems during their studies. They therefore need specific types of support. Only few studies focus on the target group of young adults and little attention has been paid to the broader context. The present studies aimed to get an overview of the effective and ineffective aspects of support in higher education. The ultimate goal of this research was the development of an evidence-based support program.

    The first study focused on the experiences of young adults with dyslexia and their network. To this end, young adults with dyslexia, their parents, tutors and therapists took part in a semi-structured interview on the impact of dyslexia, effective and ineffective aspects of support, and experienced needs.

    A second study, quantified these findings: what works for most young adults? A questionnaire was administered to 102 students with dyslexia.
    In a third study we examined the effectiveness of this support program by means of a pretest-posttest design with a waiting list control group. Participants were 41 students with dyslexia.

    The results of Study 1 and 2 revealed effective (e.g. a contact person at school) and ineffective (e.g. no evaluation of accommodations) aspects of support. The results also showed that, although the ‘core’ difficulties match those observed in the literature, other difficulties (e.g. reading comprehension) turned out to be more prominent in the experiences of the participants. We discuss the implementation of the results of Study 1 and 2 in a support and coaching program. The program starts from the perceived needs of the student and integrates psycho-education with the implementation of compensatory strategies and tools into the individual study method. The results in Study 3 show the effectiveness of the support program: the experimental group reported an increased effectiveness of strategies and tools and a reduced impact of dyslexia.

    ]]>

    Meer info en inschrijven:

    http://193.191.150.41/nieuwsbrief/2014-02-25/OV_2014-02-25_NI_02_Sprint-en-Kurzweil.pdf

    <![CDATA[Sprint & Kurzweil]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/400http://www.code.thomasmore.be/kalender/400Meer info en inschrijven:

    http://193.191.150.41/nieuwsbrief/2014-02-25/OV_2014-02-25_NI_02_Sprint-en-Kurzweil.pdf

    ]]>

    Meer info en nischrijven:

    http://193.191.150.41/nieuwsbrief/2014-02-25/OV_2014-02-25_NI_02_Sprint-en-Kurzweil.pdf

    <![CDATA[Sprint & Kurzweil]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/401http://www.code.thomasmore.be/kalender/401Meer info en nischrijven:

    http://193.191.150.41/nieuwsbrief/2014-02-25/OV_2014-02-25_NI_02_Sprint-en-Kurzweil.pdf

    ]]>

    In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    <![CDATA[Cursisten als ouder in een meertalige situatie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/402http://www.code.thomasmore.be/kalender/402In deze workshop krijgen docenten aan de hand van stellingen inzicht in het normale taalontwikkelingsverloop bij meertaligen. We focussen ons hierbij voornamelijk op de mondelinge taalbeheersing. We staan tevens stil bij de verschillende vormen van meertaligheid.

    In de huidige maatschappij heersen bovendien verschillende misvattingen en vooroordelen over meertalig opvoeden: Is het beter om thuis Nederlands te praten met je kind in functie van de schoolse ontwikkeling? Is het te belastend voor een kind om meerdere talen tegelijk te leren? Is het verontrustend als een meertalig kind de verschillende talen door elkaar gebruikt? Cursisten die ouder zijn van meertalige kinderen ervaren eveneens deze bezorgdheden. Zij zien hun lesgever als degene die hierover meer raad kan geven. Daarom krijgen docenten in deze workshop een aantal tips en adviezen die ze aan hun cursisten kunnen meegeven. Er is tevens ruimte voorzien om bijkomende vragen te stellen over dit onderwerp.

    ]]>

    Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis dan wel of ze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands.

    Tijdens deze studiedag omschrijven we een holistische aanpak waarin meertalige kinderen op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht. We bieden praktische handvatten aan waarmee de deelnemers actief aan de slag kunnen gaan. De uitwerking gebeurt aan de hand van een aantal casussen.

    We kiezen bij dit alles voor een interactieve werkvorm.

    <![CDATA[Dyslexie bij meertaligheid: een diagnostische leidraad]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/403http://www.code.thomasmore.be/kalender/403Anderstalige kinderen botsen in hun schoolloopbaan vaak op specifieke moeilijkheden bij het leren lezen en spellen. De belangrijkste vraag in de diagnostiek van dyslexie bij meertalige kinderen is of de lees- en spellingmoeilijkheden het gevolg zijn van een leerstoornis dan wel of ze eerder te wijten zijn aan een onvoldoende taalbeheersing van het Nederlands.

    Tijdens deze studiedag omschrijven we een holistische aanpak waarin meertalige kinderen op een verantwoorde manier kunnen worden onderzocht. We bieden praktische handvatten aan waarmee de deelnemers actief aan de slag kunnen gaan. De uitwerking gebeurt aan de hand van een aantal casussen.

    We kiezen bij dit alles voor een interactieve werkvorm.

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    De planning van de sessies vind je hier:

    • sessie 1: vrijdag 14 november 2014 (09u30-12u30)
    • sessie 2: vrijdag 21 november 2014 (09u30-12u30)
    • sessie 3: vrijdag 21 november 2014 (13u30-16u30)
    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (reeks 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/404http://www.code.thomasmore.be/kalender/404Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    De planning van de sessies vind je hier:

    • sessie 1: vrijdag 14 november 2014 (09u30-12u30)
    • sessie 2: vrijdag 21 november 2014 (09u30-12u30)
    • sessie 3: vrijdag 21 november 2014 (13u30-16u30)
    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/405http://www.code.thomasmore.be/kalender/405Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/406http://www.code.thomasmore.be/kalender/406Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/407http://www.code.thomasmore.be/kalender/407Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    De data van de geplande sessies vind je hier:

    • sessie 1: dinsdag 17 maart 2015 (09u30-12u30)
    • sessie 2: dinsdag 24 maart 2015 (09u30-12u30)
    • sessie 3: dinsdag 24 maart 2015 (13u30-16u30)
    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (reeks 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/408http://www.code.thomasmore.be/kalender/408Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    De data van de geplande sessies vind je hier:

    • sessie 1: dinsdag 17 maart 2015 (09u30-12u30)
    • sessie 2: dinsdag 24 maart 2015 (09u30-12u30)
    • sessie 3: dinsdag 24 maart 2015 (13u30-16u30)
    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie 2)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/409http://www.code.thomasmore.be/kalender/409Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie3)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/410http://www.code.thomasmore.be/kalender/410Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    <![CDATA[Wijzer op weg. Studeren & dyslexie (sessie1)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/411http://www.code.thomasmore.be/kalender/411Code ontwikkelde het evidence-based begeleidingsprogramma Wijzer op weg. Studeren & dyslexie voor jongeren uit het secundair en hoger onderwijs. Met dit programma begeleid je de jongeren op korte termijn naar inzicht in de eigen sterktes en zwaktes, en stimuleer je hun zelfstandigheid op het vlak van begrijpend lezen en studeren, schrijfvaardigheid en planning.

    Wijzer op weg is een voorgestructureerd programma met concreet materiaal in de vorm van een werkmap, waarmee je op maat van de jongere kan werken. Het programma besteedt veel aandacht aan de transfer van de aangeleerde strategieën naar het eigen studiemateriaal. Het gebruik van ondersteunende software is geïntegreerd in het pakket, maar je kan ook zonder aan de slag. De grote meerwaarde van dit programma ligt in de focus op metacognitie: de jongeren leren nadenken over hun studiestrategieën. Net om die reden is het programma ook bruikbaar voor jongeren die al begeleiding kregen. Het eindpunt van de begeleiding is de uitwerking van een individueel studieplan als leidraad.Tijdens deze sessies maken we je vertrouwd met de uitgangspunten en materialen van Wijzer op weg. We richten ons in sessie 1 op de zelfwijzer (psycho-educatie) en tijdwijzer (planning), in sessie 2 op de studiewijzer (begrijpend lezen en studeren) en in sessie 3 op de schrijfwijzer (schrijfvaardigheid). Meer informatie over Wijzer op weg vind je hier

    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Studiewijzer: 14/10/2014 - 21/10/2014 - 04/11/2014 - 18/11/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 1 : doelgericht werken aan studievaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/412http://www.code.thomasmore.be/kalender/412In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Studiewijzer: 14/10/2014 - 21/10/2014 - 04/11/2014 - 18/11/2014
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Schrijfwijzer: 25/11/2014 - 02/12/2014 - 09/12/2014 - 16/12/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 2 : doelgericht werken aan schrijfvaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/413http://www.code.thomasmore.be/kalender/413In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Schrijfwijzer: 25/11/2014 - 02/12/2014 - 09/12/2014 - 16/12/2014
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Studiewijzer: 14/10/2014 - 21/10/2014 - 04/11/2014 - 18/11/2014
    • Schrijfwijzer: 25/11/2014 - 02/12/2014 - 09/12/2014 - 16/12/2014

     

    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 3 : doelgericht werken aan studie- en schrijfvaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/414http://www.code.thomasmore.be/kalender/414In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op dinsdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 07/10/2014
    • Studiewijzer: 14/10/2014 - 21/10/2014 - 04/11/2014 - 18/11/2014
    • Schrijfwijzer: 25/11/2014 - 02/12/2014 - 09/12/2014 - 16/12/2014

     

    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Studiewijzer: 05/03/2015 - 12/03/2015 - 19/03/2015 - 02/04/2015
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 1 : doelgericht werken aan studievaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/415http://www.code.thomasmore.be/kalender/415In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Studiewijzer: 05/03/2015 - 12/03/2015 - 19/03/2015 - 02/04/2015
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Schrijfwijzer: 23/04/2015 - 30/04/2015 - 07/05/2015 - 21/05/2015
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 2 : doelgericht werken aan schrijfvaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/416http://www.code.thomasmore.be/kalender/416In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Schrijfwijzer: 23/04/2015 - 30/04/2015 - 07/05/2015 - 21/05/2015
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Studiewijzer: 05/03/2015 - 12/03/2015 - 19/03/2015 - 02/04/2015
    • Schrijfwijzer: 23/04/2015 - 30/04/2015 - 07/05/2015 - 21/05/2015
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 3 : doelgericht werken aan studie- en schrijfvaardigheden (hoger onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/417http://www.code.thomasmore.be/kalender/417In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op donderdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 26/02/2015
    • Studiewijzer: 05/03/2015 - 12/03/2015 - 19/03/2015 - 02/04/2015
    • Schrijfwijzer: 23/04/2015 - 30/04/2015 - 07/05/2015 - 21/05/2015
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 03/09/2014
    • Studiewijzer: 10/09/2014 - 17/09/2014 - 24/09/2014 - 01/10/2014
    <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 1 : doelgericht werken aan studievaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/418http://www.code.thomasmore.be/kalender/418In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 03/09/2014
    • Studiewijzer: 10/09/2014 - 17/09/2014 - 24/09/2014 - 01/10/2014
    ]]>

    In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

    Deel 1: Zelfwijzer

    Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

    Deel 2: Tijdwijzer

    Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

    Deel 3: Studiewijzer

    In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

    Deel 4: Schrijfwijzer

    We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

    Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

    In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

    Praktische informatie

    De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

    Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

    • Zelfwijzer: 03/09/2014
    • Schrijfwijzer: 08/10/2014 - 15/10/2014 - 22/10/2014 - 05/11/2014
      <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 2 : doelgericht werken aan schrijfvaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/419http://www.code.thomasmore.be/kalender/419In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

      Deel 1: Zelfwijzer

      Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

      Deel 2: Tijdwijzer

      Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

      Deel 3: Studiewijzer

      In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

      Deel 4: Schrijfwijzer

      We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

      Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

      In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

      Praktische informatie

      De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

      Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

      • Zelfwijzer: 03/09/2014
      • Schrijfwijzer: 08/10/2014 - 15/10/2014 - 22/10/2014 - 05/11/2014
        ]]>

        In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 03/09/2014
        • Studiewijzer: 10/09/2014 - 17/09/2014 - 24/09/2014 - 01/10/2014
        • Schrijfwijzer: 08/10/2014 - 15/10/2014 - 22/10/2014 - 05/11/2014
        <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 3 : doelgericht werken aan studie- en schrijfvaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/420http://www.code.thomasmore.be/kalender/420In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 03/09/2014
        • Studiewijzer: 10/09/2014 - 17/09/2014 - 24/09/2014 - 01/10/2014
        • Schrijfwijzer: 08/10/2014 - 15/10/2014 - 22/10/2014 - 05/11/2014
        ]]>

        In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Studiewijzer: 14/01/2015 - 21/01/2015 - 28/01/2015 - 11/02/2015
        <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 1 : doelgericht werken aan studievaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/421http://www.code.thomasmore.be/kalender/421In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Studiewijzer: 14/01/2015 - 21/01/2015 - 28/01/2015 - 11/02/2015
        ]]>

        In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Schrijfwijzer: 25/02/2015 - 04/03/2015 - 11/03/2015 - 18/03/2015
        <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 2: doelgericht werken aan schrijfvaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/422http://www.code.thomasmore.be/kalender/422In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Schrijfwijzer: 25/02/2015 - 04/03/2015 - 11/03/2015 - 18/03/2015
        ]]>

        In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Studiewijzer: 14/01/2015 - 21/01/2015 - 28/01/2015 - 11/02/2015
        • Schrijfwijzer: 25/02/2015 - 04/03/2015 - 11/03/2015 - 18/03/2015
        <![CDATA[Wijzer op weg TRAJECT 3: doelgericht werken aan studie- en schrijfvaardigheden (secundair onderwijs)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/423http://www.code.thomasmore.be/kalender/423In het academiejaar 2014-2015 worden workshops voor studenten met dyslexie van het hoger onderwijs georganiseerd. Dit begeleidingsprogramma, waarvan de effectiviteit twee jaar geleden werd onderzocht, heet Wijzer op weg. Studeren & dyslexie. Meer informatie over het onderzoeksproject vindt u hier.

        Deel 1: Zelfwijzer

        Met Zelfwijzer vergroot je je inzicht in dyslexie en wat het voor jou betekent. Je brengt je eigen sterke en minder sterke punten in kaart als vertrekpunt voor je studiemethode.

        Deel 2: Tijdwijzer

        Tijdens deze sessie leer je een persoonlijke, concrete, realistische en flexibele studie- en schrijfplanning opstellen, zowel op korte als op lange termijn.

        Deel 3: Studiewijzer

        In deze sessies gaan we na wat bij jou juist moeilijk loopt tijdens het begrijpend lezen en studeren. Van daaruit vertrekken we om een individueel studiepad uit te werken. Je leert welke hulpmiddelen (bv. voorleessoftware) er bestaan en hoe je die inzet. We oefenen de strategieën kort in op voorbeeldteksten. Daarna oefen je uitgebreid met je eigen studiemateriaal (bv. een moeilijke cursus).

        Deel 4: Schrijfwijzer

        We stellen samen een individueel schrijfpad op. Dit bevat alle stappen die je doorloopt bij het schrijven van  papers of verslagen. Je leert hoe je een gestructureerde tekst kan opstellen met minder spellings- en zinsbouwfouten en je oefent dit op je eigen taken. Ook hier leer je hulpmiddelen (bv. woordvoorspellers) gebruiken. 

        Door in contact te komen met andere studenten met dyslexie leer je ook van elkaar: het uitwisselen van tips betekent voor jou als student een grote meerwaarde.

        In zowel Studiewijzer als Schrijfwijzer is het gebruik van technologische hulpmiddelen (zoals bv. Kurzweil 3000, Sprint Plus, Wody of Dragon) geïntegreerd. Je leert werken met de hulpmiddelen van jouw keuze, maar je kan ook zonder hulpmiddelen aan de slag.

        Praktische informatie

        De workshops gaan door in kleine groepen van minimum drie en maximum zes deelnemers en vinden plaats in de lokalen van Code, Jozef De Bomstraat 11, Antwerpen of op locatie op vraag van studie- en studentenbegeleidingsdiensten. De prijs per sessie bedraagt 50 euro; materialen zijn inbegrepen in de prijs. Vraag eventueel na bij je studiebegeleidingsdienst of de mogelijkheid bestaat dat zij bijdragen in de kostprijs.

        Je kan de sessies volgen  op woensdagnamiddag van 14-16u:

        • Zelfwijzer: 07/01/2015
        • Studiewijzer: 14/01/2015 - 21/01/2015 - 28/01/2015 - 11/02/2015
        • Schrijfwijzer: 25/02/2015 - 04/03/2015 - 11/03/2015 - 18/03/2015
        ]]>

        Tijdens deze infoavond gaan we in op vragen waarmee je als (jong)volwassene met ADHD of waarmee mensen uit je omgeving kunnen worstelen. Bijvoorbeeld: hoe ontstaat ADHD? Wat zijn de kenmerken in de volwassenheid? Hoe verschilt het van ADHD in de kindertijd? Wat kan ik er zelf aan doen en hoe kunnen anderen mij hierbij helpen? 

        <![CDATA[Infoavond: ADHD in de (jong)volwassenheid]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/424http://www.code.thomasmore.be/kalender/424Tijdens deze infoavond gaan we in op vragen waarmee je als (jong)volwassene met ADHD of waarmee mensen uit je omgeving kunnen worstelen. Bijvoorbeeld: hoe ontstaat ADHD? Wat zijn de kenmerken in de volwassenheid? Hoe verschilt het van ADHD in de kindertijd? Wat kan ik er zelf aan doen en hoe kunnen anderen mij hierbij helpen? 

        ]]>

        Dyscalculie roept bij ouders, leerkrachten en kinderen vaak vragen op. Bijvoorbeeld: Wat zijn precies de kenmerken van dyscalculie? Hoe ontstaat het? Hoe ga je er mee om en waar kan je best rekening mee houden?

         

        <![CDATA[Infoavond: Dyscalculie? Daar had ik niet op gerekend! (GEANNULEERD)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/425http://www.code.thomasmore.be/kalender/425Dyscalculie roept bij ouders, leerkrachten en kinderen vaak vragen op. Bijvoorbeeld: Wat zijn precies de kenmerken van dyscalculie? Hoe ontstaat het? Hoe ga je er mee om en waar kan je best rekening mee houden?

         

        ]]>

        Deze infosessie is opgebouwd rond vragen waarmee je kan worstelen als je in aanraking komt met dyslexie. Bijvoorbeeld: Wat zijn de kenmerken van dyslexie bij kinderen en hoe kunnen deze evolueren in de (jong)volwassenheid? Hoe ontstaat dyslexie? Op welke manier ga je er best mee om?

        <![CDATA[Infoavond: Dyslexie, en dan? GEANNULEERD]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/426http://www.code.thomasmore.be/kalender/426Deze infosessie is opgebouwd rond vragen waarmee je kan worstelen als je in aanraking komt met dyslexie. Bijvoorbeeld: Wat zijn de kenmerken van dyslexie bij kinderen en hoe kunnen deze evolueren in de (jong)volwassenheid? Hoe ontstaat dyslexie? Op welke manier ga je er best mee om?

        ]]>

        Als je je kind meertalig wil opvoeden heb je soms twijfels. Je stelt je bijvoorbeeld de vraag of je kind een taalachterstand heeft omwille van een meertalige opvoeding. Het is daarom belangrijk dat je inzicht krijgt in het verloop van een meertalige taalontwikkeling. Aan de hand van een aantal stellingen en heersende misvattingen over meertaligheid kom je te weten wat de normale en specifieke kenmerken hiervan zijn. 

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        <![CDATA[Infoavond: Ik wil mijn kind meertalig opvoeden. Maar hoe doe ik dat?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/427http://www.code.thomasmore.be/kalender/427Als je je kind meertalig wil opvoeden heb je soms twijfels. Je stelt je bijvoorbeeld de vraag of je kind een taalachterstand heeft omwille van een meertalige opvoeding. Het is daarom belangrijk dat je inzicht krijgt in het verloop van een meertalige taalontwikkeling. Aan de hand van een aantal stellingen en heersende misvattingen over meertaligheid kom je te weten wat de normale en specifieke kenmerken hiervan zijn. 

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        ]]>

        Als ouder krijg je vaak te horen dat je de taalontwikkeling van je kind moet stimuleren, maar hoe pak je dit nu concreet aan wanneer je kind meertalig is? Hoe kan je zowel het Nederlands als de thuistaal voldoende aan bod laten komen? Tijdens deze infosessie leer je hoe je samen met je kind kan spelen, hoe je verhalen kan vertellen, hoe je interactief kan voorlezen, hoe je de televisie best inzet om taal te leren en hoe je jouw kind kan ondersteunen bij de schoolse taken.  

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        <![CDATA[Infoavond: Ik wil mijn kind meertalig opvoeden. Maar hoe doe ik dat?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/428http://www.code.thomasmore.be/kalender/428Als ouder krijg je vaak te horen dat je de taalontwikkeling van je kind moet stimuleren, maar hoe pak je dit nu concreet aan wanneer je kind meertalig is? Hoe kan je zowel het Nederlands als de thuistaal voldoende aan bod laten komen? Tijdens deze infosessie leer je hoe je samen met je kind kan spelen, hoe je verhalen kan vertellen, hoe je interactief kan voorlezen, hoe je de televisie best inzet om taal te leren en hoe je jouw kind kan ondersteunen bij de schoolse taken.  

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        ]]>

        Ouders, leerkrachten en kinderen met ontwikkelingsdysfasie worstelen regelmatig met vragen. Bijvoorbeeld: Wat zijn de kenmerken van ontwikkelingsdysfasie? Hoe ontstaat het precies? Wat kunnen de gevolgen zijn voor het dagelijkse leven en tijdens het studeren voor een kind en hoe evolueert dit bij het ouder worden? Wat gedaan met ontwikkelingsdysfasie bij kinderen die meertalig worden opgevoed? Deze infoavond biedt antwoorden op je vragen.

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        <![CDATA[Infoavond: Ontwikkelingsdysfasie: de mondelinge taal in de war. ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/429http://www.code.thomasmore.be/kalender/429Ouders, leerkrachten en kinderen met ontwikkelingsdysfasie worstelen regelmatig met vragen. Bijvoorbeeld: Wat zijn de kenmerken van ontwikkelingsdysfasie? Hoe ontstaat het precies? Wat kunnen de gevolgen zijn voor het dagelijkse leven en tijdens het studeren voor een kind en hoe evolueert dit bij het ouder worden? Wat gedaan met ontwikkelingsdysfasie bij kinderen die meertalig worden opgevoed? Deze infoavond biedt antwoorden op je vragen.

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 2).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/430http://www.code.thomasmore.be/kalender/430Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds oktober 2014 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 8 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2014. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD.]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/431http://www.code.thomasmore.be/kalender/431Inhoud

        Sinds oktober 2014 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 8 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2014. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 3).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/434http://www.code.thomasmore.be/kalender/434Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

         Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 4).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/436http://www.code.thomasmore.be/kalender/436 Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 5).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/437http://www.code.thomasmore.be/kalender/437Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 1).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/438http://www.code.thomasmore.be/kalender/438Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 6).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/439http://www.code.thomasmore.be/kalender/439Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

         Inhoud

        Sinds oktober 2014 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 7).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/440http://www.code.thomasmore.be/kalender/440 Inhoud

        Sinds oktober 2014 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 8).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/441http://www.code.thomasmore.be/kalender/441Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 9).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/442http://www.code.thomasmore.be/kalender/442Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2014. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 10).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/443http://www.code.thomasmore.be/kalender/443Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2014. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 11).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/444http://www.code.thomasmore.be/kalender/444Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Zowel kinderen als jongeren uit het secundair onderwijs kunnen lees- en spellingmoeilijkheden ervaren. De moeilijkheden waar deze twee doelgroepen tegenaan botsen en ook hun hulpvraag verschilt veelal. Een aangepaste, handelingsgerichte diagnostiek is daarom noodzakelijk.

        Het wettelijke kader en de nieuwe limitatieve lijst van het RIZIV (met ingang vanaf 1 januari 2015) (her)definiëren in grote mate de keuze van de gebruikte onderzoeksinstrumenten en stellen (nieuwe) normen voor verslaggeving voorop. Het verslag met adviezen op maat is bovendien een eerste en essentiële stap in de verdere begeleiding van het kind en de jongere thuis en op school.

        Tijdens deze vorming doorloop je de diagnostische cyclus voor beide doelgroepen (kinderen en jongeren), van de aanmeldingsfase tot het formuleren van adviezen op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je leert betrouwbare en valide testinstrumenten selecteren en een gemotiveerd logopedisch onderzoeksverslag opstellen in overeenstemming met de nieuwe richtlijnen opgelegd door het RIZIV voor zowel de zorgverzekeraar als de ouders en de school. Je krijgt de kans om ervaringen uit te wisselen met de andere deelnemers en de spreker tijdens praktische toepassingen. Op basis van intakegegevens en onderzoeksresultaten leer je in kleine groepen een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren bij een casus.

        <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyslexie bij kinderen en jongeren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/445http://www.code.thomasmore.be/kalender/445Zowel kinderen als jongeren uit het secundair onderwijs kunnen lees- en spellingmoeilijkheden ervaren. De moeilijkheden waar deze twee doelgroepen tegenaan botsen en ook hun hulpvraag verschilt veelal. Een aangepaste, handelingsgerichte diagnostiek is daarom noodzakelijk.

        Het wettelijke kader en de nieuwe limitatieve lijst van het RIZIV (met ingang vanaf 1 januari 2015) (her)definiëren in grote mate de keuze van de gebruikte onderzoeksinstrumenten en stellen (nieuwe) normen voor verslaggeving voorop. Het verslag met adviezen op maat is bovendien een eerste en essentiële stap in de verdere begeleiding van het kind en de jongere thuis en op school.

        Tijdens deze vorming doorloop je de diagnostische cyclus voor beide doelgroepen (kinderen en jongeren), van de aanmeldingsfase tot het formuleren van adviezen op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je leert betrouwbare en valide testinstrumenten selecteren en een gemotiveerd logopedisch onderzoeksverslag opstellen in overeenstemming met de nieuwe richtlijnen opgelegd door het RIZIV voor zowel de zorgverzekeraar als de ouders en de school. Je krijgt de kans om ervaringen uit te wisselen met de andere deelnemers en de spreker tijdens praktische toepassingen. Op basis van intakegegevens en onderzoeksresultaten leer je in kleine groepen een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren bij een casus.

        ]]>

        Zowel kinderen als jongeren uit het secundair onderwijs kunnen rekenmoeilijkheden ervaren. De moeilijkheden waar deze twee doelgroepen tegenaan botsen en ook hun hulpvraag verschilt veelal. Een aangepaste, handelingsgerichte diagnostiek is daarom noodzakelijk.

        Het wettelijke kader en de nieuwe limitatieve lijst van het RIZIV (met ingang vanaf 1 januari 2015) (her)definiëren in grote mate de keuze van de gebruikte onderzoeksinstrumenten en stellen (nieuwe) normen voor verslaggeving voorop. Het verslag met adviezen op maat is bovendien een eerste en essentiële stap in de verdere begeleiding van het kind en de jongere thuis en op school.

        Tijdens deze vorming doorloop je de diagnostische cyclus voor beide doelgroepen (kinderen en jongeren), van de aanmeldingsfase tot het formuleren van adviezen op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je leert betrouwbare en valide testinstrumenten selecteren en een gemotiveerd logopedisch onderzoeksverslag opstellen in overeenstemming met de nieuwe richtlijnen opgelegd door het RIZIV voor zowel de zorgverzekeraar als de ouders en de school. Je krijgt de kans om ervaringen uit te wisselen met de andere deelnemers en de spreker tijdens praktische toepassingen. Op basis van intakegegevens en onderzoeksresultaten leer je in kleine groepen een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren bij een casus.

        <![CDATA[Handelingsgerichte diagnostiek van dyscalculie bij kinderen en jongeren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/446http://www.code.thomasmore.be/kalender/446Zowel kinderen als jongeren uit het secundair onderwijs kunnen rekenmoeilijkheden ervaren. De moeilijkheden waar deze twee doelgroepen tegenaan botsen en ook hun hulpvraag verschilt veelal. Een aangepaste, handelingsgerichte diagnostiek is daarom noodzakelijk.

        Het wettelijke kader en de nieuwe limitatieve lijst van het RIZIV (met ingang vanaf 1 januari 2015) (her)definiëren in grote mate de keuze van de gebruikte onderzoeksinstrumenten en stellen (nieuwe) normen voor verslaggeving voorop. Het verslag met adviezen op maat is bovendien een eerste en essentiële stap in de verdere begeleiding van het kind en de jongere thuis en op school.

        Tijdens deze vorming doorloop je de diagnostische cyclus voor beide doelgroepen (kinderen en jongeren), van de aanmeldingsfase tot het formuleren van adviezen op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je leert betrouwbare en valide testinstrumenten selecteren en een gemotiveerd logopedisch onderzoeksverslag opstellen in overeenstemming met de nieuwe richtlijnen opgelegd door het RIZIV voor zowel de zorgverzekeraar als de ouders en de school. Je krijgt de kans om ervaringen uit te wisselen met de andere deelnemers en de spreker tijdens praktische toepassingen. Op basis van intakegegevens en onderzoeksresultaten leer je in kleine groepen een sterkte-zwakteprofiel opstellen en individueel aangepaste adviezen formuleren bij een casus.

        ]]>

        ADHD kent potentieel een levenslang verloop. De prevalentie van ADHD in de (jong)volwassenheid wordt geschat op één tot vijf procent. Toch zijn het bestaan en de geassocieerde moeilijkheden van ADHD in deze leeftijdscategorie (18+) weinig gekend en groeien pas recent de (wetenschappelijke) inzichten rond een verantwoorde diagnostiek en begeleiding bij deze doelgroep. In de nieuwe versie van de DSM (DSM-5) heeft men getracht om de criteria van de diagnose beter te laten aansluiten bij de hulpverlening voor volwassenen.

        Tijdens deze vorming leer je de symptomen van ADHD doorheen de levensloop kennen en de mogelijke impact op de verschillende levensdomeinen. Je doorloopt de diagnostische cyclus van de aanmeldingsfase tot het formuleren van advies op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je krijgt daarbij aangrijpingspunten voor een betrouwbare en valide diagnostiek en een gerationaliseerde adviesverlening. Je maakt kennis met de aanpassingen van de criteria in DSM-5. De meest gebruikte (screenings)vragenlijsten en diagnostische interviews voor zowel de classificerende als de differentiaaldiagnostiek van ADHD komen aan bod. Je krijgt verder een overzicht van internationale richtlijnen rond de classificerende diagnostiek van ADHD en weet na deze vorming op welke manier informatie verzameld dient te worden om de DSM-criteria te kunnen aftoetsen. Ook het belang en de plaats van intelligentie- en neuropsychologisch onderzoek in de classificerende diagnostiek van ADHD komt aan bod. In deze vorming ga je actief aan de slag met casusmateriaal. Je formuleert mogelijke adviezen en maatregelen, gebaseerd op een individuele sterkte-zwakte analyse.

        <![CDATA[Diagnostiek van ADHD bij (jong)volwassenen]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/447http://www.code.thomasmore.be/kalender/447ADHD kent potentieel een levenslang verloop. De prevalentie van ADHD in de (jong)volwassenheid wordt geschat op één tot vijf procent. Toch zijn het bestaan en de geassocieerde moeilijkheden van ADHD in deze leeftijdscategorie (18+) weinig gekend en groeien pas recent de (wetenschappelijke) inzichten rond een verantwoorde diagnostiek en begeleiding bij deze doelgroep. In de nieuwe versie van de DSM (DSM-5) heeft men getracht om de criteria van de diagnose beter te laten aansluiten bij de hulpverlening voor volwassenen.

        Tijdens deze vorming leer je de symptomen van ADHD doorheen de levensloop kennen en de mogelijke impact op de verschillende levensdomeinen. Je doorloopt de diagnostische cyclus van de aanmeldingsfase tot het formuleren van advies op maat op basis van een sterkte-zwakteprofiel. Je krijgt daarbij aangrijpingspunten voor een betrouwbare en valide diagnostiek en een gerationaliseerde adviesverlening. Je maakt kennis met de aanpassingen van de criteria in DSM-5. De meest gebruikte (screenings)vragenlijsten en diagnostische interviews voor zowel de classificerende als de differentiaaldiagnostiek van ADHD komen aan bod. Je krijgt verder een overzicht van internationale richtlijnen rond de classificerende diagnostiek van ADHD en weet na deze vorming op welke manier informatie verzameld dient te worden om de DSM-criteria te kunnen aftoetsen. Ook het belang en de plaats van intelligentie- en neuropsychologisch onderzoek in de classificerende diagnostiek van ADHD komt aan bod. In deze vorming ga je actief aan de slag met casusmateriaal. Je formuleert mogelijke adviezen en maatregelen, gebaseerd op een individuele sterkte-zwakte analyse.

        ]]>

        Er zijn heel wat kinderen en jongeren die in een meertalige context leven en opgevoed worden. Wanneer we bij meertaligen een algemene intelligentietest afnemen, blijkt dat zij vaak lager scoren dan eentaligen. Taalbeheersing heeft immers een invloed op het begrip van en de prestaties op verscheidene intelligentie(sub)tests. Om tot een faire beoordeling te komen van de intelligentie, moeten de testen dus zo taal- en cultuuronafhankelijk mogelijk zijn.

        We starten de vorming met een overzicht van de verschillende testmogelijkheden. Zo bespreken we de voor- en nadelen van algemene en non-verbale intelligentietests, alsook de huidige testbatterij voor intelligentieonderzoek op basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). Enerzijds leer je hoe je deze batterij kan aanpassen en/of kan uitbreiden specifiek voor meertaligen door de talige en culturele component te verkleinen. Anderzijds maak je kennis met de mogelijkheid om een geoptimaliseerd IQ te berekenen en na te gaan hoe groot de talige invloed op de testresultaten is. Met beide systemen trachten we het belang van faire diagnostiek bij meertaligen aan te tonen. Naast de testkeuze draagt ook de manier van afname bij tot een faire diagnostiek bij meertaligen en kan het nodig zijn de test zelf aan te passen. Je krijgt voorbeelden van het gebruik van testmodificaties met als doel je een beter beeld te kunnen vormen van het cognitief functioneren van een meertalig kind.

        Tijdens deze vorming ervaar je de cruciale rol van het intelligentieonderzoek binnen het volledige diagnostische traject van meertalige kinderen met leer- en/of taalmoeilijkheden. Aan de hand van casusmateriaal wordt het duidelijk dat de resultaten van het intelligentieonderzoek niet enkel een differentiaaldiagnostische waarde hebben, maar ook bijdragen bij aan de sterkte-zwakteanalyse, van waaruit je zelf concrete adviezen leert formuleren.

        <![CDATA[Intelligentieonderzoek bij meertalige kinderen en jongeren]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/448http://www.code.thomasmore.be/kalender/448Er zijn heel wat kinderen en jongeren die in een meertalige context leven en opgevoed worden. Wanneer we bij meertaligen een algemene intelligentietest afnemen, blijkt dat zij vaak lager scoren dan eentaligen. Taalbeheersing heeft immers een invloed op het begrip van en de prestaties op verscheidene intelligentie(sub)tests. Om tot een faire beoordeling te komen van de intelligentie, moeten de testen dus zo taal- en cultuuronafhankelijk mogelijk zijn.

        We starten de vorming met een overzicht van de verschillende testmogelijkheden. Zo bespreken we de voor- en nadelen van algemene en non-verbale intelligentietests, alsook de huidige testbatterij voor intelligentieonderzoek op basis van het Catell-Horn-Carroll-model (CHC-model). Enerzijds leer je hoe je deze batterij kan aanpassen en/of kan uitbreiden specifiek voor meertaligen door de talige en culturele component te verkleinen. Anderzijds maak je kennis met de mogelijkheid om een geoptimaliseerd IQ te berekenen en na te gaan hoe groot de talige invloed op de testresultaten is. Met beide systemen trachten we het belang van faire diagnostiek bij meertaligen aan te tonen. Naast de testkeuze draagt ook de manier van afname bij tot een faire diagnostiek bij meertaligen en kan het nodig zijn de test zelf aan te passen. Je krijgt voorbeelden van het gebruik van testmodificaties met als doel je een beter beeld te kunnen vormen van het cognitief functioneren van een meertalig kind.

        Tijdens deze vorming ervaar je de cruciale rol van het intelligentieonderzoek binnen het volledige diagnostische traject van meertalige kinderen met leer- en/of taalmoeilijkheden. Aan de hand van casusmateriaal wordt het duidelijk dat de resultaten van het intelligentieonderzoek niet enkel een differentiaaldiagnostische waarde hebben, maar ook bijdragen bij aan de sterkte-zwakteanalyse, van waaruit je zelf concrete adviezen leert formuleren.

        ]]>

        Recente wetenschappelijke inzichten in de (a)typische rekenontwikkeling zijn de bouwstenen van onderbouwde diagnostiek en begeleiding van kinderen en jongeren met dyscalculie. Inzicht in de meest recente wetenschappelijke bevindingen is dus essentieel om nieuwe evoluties in de praktijk van diagnostiek en begeleiding te begrijpen en implementeren.

        In deze vorming krijg je allereerst een schets van de typische rekenontwikkeling. Inzicht hierin is noodzakelijk om de moeilijkheden die kinderen en jongeren met dyscalculie ervaren te begrijpen.

        Vervolgens mag je een antwoord verwachten op de volgende vragen: Over welke definitie van dyscalculie bestaat een consensus? Wat zijn de recente wetenschappelijke bevindingen rond de impact van dyscalculie op kinderen en jongvolwassenen? Bestaat er eensgezindheid over de oorzaken van dyscalculie en wat kan je in de praktijk aanvangen met de resultaten uit het onderzoek naar oorzaken?

        Het kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor meer verdiepende en praktische vormingen rond de diagnostiek en begeleiding van dyscalculie.

        <![CDATA[Recente wetenschappelijke inzichten in dyscalculie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/449http://www.code.thomasmore.be/kalender/449Recente wetenschappelijke inzichten in de (a)typische rekenontwikkeling zijn de bouwstenen van onderbouwde diagnostiek en begeleiding van kinderen en jongeren met dyscalculie. Inzicht in de meest recente wetenschappelijke bevindingen is dus essentieel om nieuwe evoluties in de praktijk van diagnostiek en begeleiding te begrijpen en implementeren.

        In deze vorming krijg je allereerst een schets van de typische rekenontwikkeling. Inzicht hierin is noodzakelijk om de moeilijkheden die kinderen en jongeren met dyscalculie ervaren te begrijpen.

        Vervolgens mag je een antwoord verwachten op de volgende vragen: Over welke definitie van dyscalculie bestaat een consensus? Wat zijn de recente wetenschappelijke bevindingen rond de impact van dyscalculie op kinderen en jongvolwassenen? Bestaat er eensgezindheid over de oorzaken van dyscalculie en wat kan je in de praktijk aanvangen met de resultaten uit het onderzoek naar oorzaken?

        Het kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor meer verdiepende en praktische vormingen rond de diagnostiek en begeleiding van dyscalculie.

        ]]>

        Het wetenschappelijk onderzoek naar dyslexie staat niet stil, maar wat weten we nu eigenlijk en hoe moet je vanuit de praktijk omgaan met deze inzichten? Deze vorming geeft je een overzicht van de meest recente wetenschappelijke inzichten in dyslexie, wat essentieel is om nieuwe evoluties in de praktijk te begrijpen en naar waarde te schatten.

        Wat leert de wetenschap ons vandaag over een goede omschrijving van dyslexie en de uitingen van dyslexie bij kinderen en jongeren? Is er vandaag al een consensus over de oorza(a)k(en) van dyslexie? Antwoorden op deze en een heleboel andere wetenschappelijk vragen mag je verwachten tijdens deze vorming. Hoe kan je nu met de veelheid aan inzichten omgaan en welke implicaties hebben ze voor de praktijk? We belichten de relatie tussen dyslexie en andere leer- of ontwikkelingsstoornissen. Vanuit inzichten in de normale lees- en spellingsontwikkeling, verdiep je je in wat je kan doen om achterstanden in lezen en spellen zoveel mogelijk te vermijden en ken je de aanknopingspunten voor preventie. Het kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor de verdiepende en praktische vormingen rond de diagnostiek en begeleiding van dyslexie.

        <![CDATA[Recente wetenschappelijke inzichten in dyslexie]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/450http://www.code.thomasmore.be/kalender/450Het wetenschappelijk onderzoek naar dyslexie staat niet stil, maar wat weten we nu eigenlijk en hoe moet je vanuit de praktijk omgaan met deze inzichten? Deze vorming geeft je een overzicht van de meest recente wetenschappelijke inzichten in dyslexie, wat essentieel is om nieuwe evoluties in de praktijk te begrijpen en naar waarde te schatten.

        Wat leert de wetenschap ons vandaag over een goede omschrijving van dyslexie en de uitingen van dyslexie bij kinderen en jongeren? Is er vandaag al een consensus over de oorza(a)k(en) van dyslexie? Antwoorden op deze en een heleboel andere wetenschappelijk vragen mag je verwachten tijdens deze vorming. Hoe kan je nu met de veelheid aan inzichten omgaan en welke implicaties hebben ze voor de praktijk? We belichten de relatie tussen dyslexie en andere leer- of ontwikkelingsstoornissen. Vanuit inzichten in de normale lees- en spellingsontwikkeling, verdiep je je in wat je kan doen om achterstanden in lezen en spellen zoveel mogelijk te vermijden en ken je de aanknopingspunten voor preventie. Het kader dat je tijdens deze vorming krijgt aangereikt, biedt een ideaal vertrekpunt voor de verdiepende en praktische vormingen rond de diagnostiek en begeleiding van dyslexie.

        ]]>

        Veel secundaire scholen werken al geruime tijd intensief aan een talenbeleid. Ook in het hoger onderwijs zijn er de laatste jaren heel wat initiatieven genomen op het vlak van talenbeleid. Maar kennen we elkaars initiatieven en ervaringen wel voldoende? Met het oog op een betere aansluiting tussen deze twee onderwijsniveaus focust deze vorming, gericht op mensen uit het secundair onderwijs, zich op de verwachtingen en vereisten van het hoger onderwijs op het vlak van de taalvaardigheid van studenten.

        In een reeks van drie sessies, gespreid over het schooljaar 2014-2015, maken je kennis met talenbeleidsinitiatieven uit het hoger onderwijs en recent praktijkgericht (wetenschappelijk) onderzoek rond talenbeleid, zowel in secundair als in hoger onderwijs.

        Gastsprekers reiken je aan de hand van praktijkvoorbeelden de meest recente inzichten aan in veelgebruikte methodieken zoals ‘taalontwikkelend lesgeven’, ‘peer review’, ‘writing to learn’, ‘werken met kijkwijzers’. We kiezen voor deze sessies bovendien voor een interactieve aanpak: er wordt voldoende ruimte voor uitwisseling van ervaringen en expertise voorzien.

        Sessie 1: Schrijven @ hoger onderwijs

        Hoe kunnen we onze leerlingen voorbereiden op de specifieke schrijftaken in het hoger onderwijs? Om onderzoeksrapporten, reflectieverslagen of groepspapers met succes te schrijven zijn ‘hogere-orde-taalvaardigheden’ zoals structureren, onderbouwen, kritisch reflecteren, analyseren en synthetiseren essentieel. Welke methodieken zijn succesvol voor het trainen en stimuleren van deze vaardigheden?

        Sessie 2: Lezen en luisteren @ hoger onderwijs

        In het hoger onderwijs zijn lezen en luisteren belangrijke vaardigheden: studenten moeten omvangrijke syllabi doorworstelen, wetenschappelijke artikels zelfstandig verwerken, de gedachtegang in een lezing van een gastspreker volgen, de hoofdgedachte in een lange uiteenzetting van een docent achterhalen, argumenten in een discussie vergelijken, enz. Welke tools kunnen we hun aanreiken om deze belangrijke (deel)vaardigheden onder de knie te krijgen?

        Sessie 3: Woordenschat @ hoger onderwijs

        Van studenten uit het hoger onderwijs wordt verwacht dat zij het academisch Nederlands beheersen. Hoe kan je de uitbreiding van de professionele en wetenschappelijke woordenschat ondersteunen? Welke methodieken kan je gebruiken om leerlingen woordleerstrategieën en -attitudes bij te brengen?

         

         

        <![CDATA[Talenbeleid op kruissnelheid: bruggen bouwen tussen secundair en hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/451http://www.code.thomasmore.be/kalender/451Veel secundaire scholen werken al geruime tijd intensief aan een talenbeleid. Ook in het hoger onderwijs zijn er de laatste jaren heel wat initiatieven genomen op het vlak van talenbeleid. Maar kennen we elkaars initiatieven en ervaringen wel voldoende? Met het oog op een betere aansluiting tussen deze twee onderwijsniveaus focust deze vorming, gericht op mensen uit het secundair onderwijs, zich op de verwachtingen en vereisten van het hoger onderwijs op het vlak van de taalvaardigheid van studenten.

        In een reeks van drie sessies, gespreid over het schooljaar 2014-2015, maken je kennis met talenbeleidsinitiatieven uit het hoger onderwijs en recent praktijkgericht (wetenschappelijk) onderzoek rond talenbeleid, zowel in secundair als in hoger onderwijs.

        Gastsprekers reiken je aan de hand van praktijkvoorbeelden de meest recente inzichten aan in veelgebruikte methodieken zoals ‘taalontwikkelend lesgeven’, ‘peer review’, ‘writing to learn’, ‘werken met kijkwijzers’. We kiezen voor deze sessies bovendien voor een interactieve aanpak: er wordt voldoende ruimte voor uitwisseling van ervaringen en expertise voorzien.

        Sessie 1: Schrijven @ hoger onderwijs

        Hoe kunnen we onze leerlingen voorbereiden op de specifieke schrijftaken in het hoger onderwijs? Om onderzoeksrapporten, reflectieverslagen of groepspapers met succes te schrijven zijn ‘hogere-orde-taalvaardigheden’ zoals structureren, onderbouwen, kritisch reflecteren, analyseren en synthetiseren essentieel. Welke methodieken zijn succesvol voor het trainen en stimuleren van deze vaardigheden?

        Sessie 2: Lezen en luisteren @ hoger onderwijs

        In het hoger onderwijs zijn lezen en luisteren belangrijke vaardigheden: studenten moeten omvangrijke syllabi doorworstelen, wetenschappelijke artikels zelfstandig verwerken, de gedachtegang in een lezing van een gastspreker volgen, de hoofdgedachte in een lange uiteenzetting van een docent achterhalen, argumenten in een discussie vergelijken, enz. Welke tools kunnen we hun aanreiken om deze belangrijke (deel)vaardigheden onder de knie te krijgen?

        Sessie 3: Woordenschat @ hoger onderwijs

        Van studenten uit het hoger onderwijs wordt verwacht dat zij het academisch Nederlands beheersen. Hoe kan je de uitbreiding van de professionele en wetenschappelijke woordenschat ondersteunen? Welke methodieken kan je gebruiken om leerlingen woordleerstrategieën en -attitudes bij te brengen?

         

         

        ]]>

        Het proces van leren lezen en spellen moet van jongs af een goede start nemen. Maar hoe kan je aanvankelijk lezen en spellen versterken? Hoe kan je die basis in het eerste leerjaar, en voordien al, goed leggen? We kaderen leren lezen en spellen binnen het hele taaldomein en staan stil bij effectieve instructieprincipes. Je weet na deze vorming wat de kernelementen zijn van het leesproces en het systematisch automatiseren van teken-klankkoppelingen en woorden. De aanbevelingen rond begrijpend lezen vertrekken vanuit het idee dat lezen met begrip een basishouding is. Tips en tools voor leesbevordering en leesbeleid op school sluiten de vorming af. We vertalen inzichten vanuit wetenschappelijk onderzoek en gaan in op implicaties voor de dagelijkse (klas)praktijk. Concrete voorbeelden illustreren het geheel.

        TIP: In de namiddag organiseert de opleiding logopedie en audiologie van Thomas More de vorming  'Vloeiend leren lezen: voortgezet lezen effectief aanpakken voortgezet lezen (dr. Anneke Smits)

         

         

        <![CDATA[“Leren lezen is zoveel meer”: aanvankelijk lezen en spellen effectief aanpakken]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/453http://www.code.thomasmore.be/kalender/453Het proces van leren lezen en spellen moet van jongs af een goede start nemen. Maar hoe kan je aanvankelijk lezen en spellen versterken? Hoe kan je die basis in het eerste leerjaar, en voordien al, goed leggen? We kaderen leren lezen en spellen binnen het hele taaldomein en staan stil bij effectieve instructieprincipes. Je weet na deze vorming wat de kernelementen zijn van het leesproces en het systematisch automatiseren van teken-klankkoppelingen en woorden. De aanbevelingen rond begrijpend lezen vertrekken vanuit het idee dat lezen met begrip een basishouding is. Tips en tools voor leesbevordering en leesbeleid op school sluiten de vorming af. We vertalen inzichten vanuit wetenschappelijk onderzoek en gaan in op implicaties voor de dagelijkse (klas)praktijk. Concrete voorbeelden illustreren het geheel.

        TIP: In de namiddag organiseert de opleiding logopedie en audiologie van Thomas More de vorming  'Vloeiend leren lezen: voortgezet lezen effectief aanpakken voortgezet lezen (dr. Anneke Smits)

         

         

        ]]>

        Met name in de lagere school bestaat een klas uit een verscheidenheid aan leerlingen, allemaal met hun eigen specifieke sterke en minder sterke vaardigheden. Zo kan de ene leerling uitblinken in rekenen, maar moeite hebben om deel te nemen aan groepstaken. Een andere leerling kan dan weer fenomenale spreekbeurten geven, maar een opstel schrijven lukt minder vlot. Door de grote diversiteit in de klas is het voor leerkrachten niet altijd evident om in te spelen  op de eigenheid en noden van alle leerlingen.

        In deze vorming reiken we je vanuit het kader van het universeel ontwerp voor leren (UDL) manieren aan om in te spelen op deze diversiteit. Dit ontwerp biedt een denkkader om alle leerlingen gelijke leerkansen te bieden, rekening houdend met de draagkracht van leerkrachten. We bekijken wat je op klasniveau kan doen opdat alle leerlingen betrokken zijn bij de leerstof en de leerstof kunnen opnemen en verwerken. Hiernaast gaan we dieper in op specifieke moeilijkheden die leerlingen kunnen ondervinden in het lager onderwijs (met focus op dyslexie, dyscalculie, ADHD, autismespectrumstoornissen en taalstoornissen) en we bekijken hoe hierop kan worden ingegaan binnen het universeel ontwerp. Je zal maar een toets moeten maken in een klas waar je afgeleid wordt door talloze prikkels. Of je moet een taak maken, maar je weet niet goed wat er van je verwacht wordt. Voor sommige leerlingen zijn aanpassingen op klasniveau nog onvoldoende afgestemd op hun individuele pedagogische of didactische noden en kunnen individuele maatregelen toch noodzakelijk zijn. We bespreken daarom ook mogelijke individuele aanpassingen die de leerkracht in de klas, op een haalbare manier, kan toepassen. We staan eveneens stil bij de mogelijkheden wanneer blijkt dat er toch bijkomende hulp wenselijk is. In deze vorming gaan we interactief aan de slag en werken we aan de hand van de ervaringen van de deelnemers in de klaspraktijk.

        <![CDATA[Kunnen (universele) maatregelen tegemoet komen aan de noden van alle leerlingen uit de lagere school?]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/454http://www.code.thomasmore.be/kalender/454Met name in de lagere school bestaat een klas uit een verscheidenheid aan leerlingen, allemaal met hun eigen specifieke sterke en minder sterke vaardigheden. Zo kan de ene leerling uitblinken in rekenen, maar moeite hebben om deel te nemen aan groepstaken. Een andere leerling kan dan weer fenomenale spreekbeurten geven, maar een opstel schrijven lukt minder vlot. Door de grote diversiteit in de klas is het voor leerkrachten niet altijd evident om in te spelen  op de eigenheid en noden van alle leerlingen.

        In deze vorming reiken we je vanuit het kader van het universeel ontwerp voor leren (UDL) manieren aan om in te spelen op deze diversiteit. Dit ontwerp biedt een denkkader om alle leerlingen gelijke leerkansen te bieden, rekening houdend met de draagkracht van leerkrachten. We bekijken wat je op klasniveau kan doen opdat alle leerlingen betrokken zijn bij de leerstof en de leerstof kunnen opnemen en verwerken. Hiernaast gaan we dieper in op specifieke moeilijkheden die leerlingen kunnen ondervinden in het lager onderwijs (met focus op dyslexie, dyscalculie, ADHD, autismespectrumstoornissen en taalstoornissen) en we bekijken hoe hierop kan worden ingegaan binnen het universeel ontwerp. Je zal maar een toets moeten maken in een klas waar je afgeleid wordt door talloze prikkels. Of je moet een taak maken, maar je weet niet goed wat er van je verwacht wordt. Voor sommige leerlingen zijn aanpassingen op klasniveau nog onvoldoende afgestemd op hun individuele pedagogische of didactische noden en kunnen individuele maatregelen toch noodzakelijk zijn. We bespreken daarom ook mogelijke individuele aanpassingen die de leerkracht in de klas, op een haalbare manier, kan toepassen. We staan eveneens stil bij de mogelijkheden wanneer blijkt dat er toch bijkomende hulp wenselijk is. In deze vorming gaan we interactief aan de slag en werken we aan de hand van de ervaringen van de deelnemers in de klaspraktijk.

        ]]>

        In onze toenemende multiculturele maatschappij staan scholen voor grote uitdagingen. Veel meertalige kinderen krijgen minder goede opleidingskansen omwille van een beperkte Nederlandse taalvaardigheid. Hoe kan je de taalontwikkeling van meertalige kinderen al vanaf de kleuterschool zo goed mogelijk stimuleren? Een rijk taalaanbod en een positieve houding ten opzichte van alle talen zowel thuis als op school zijn essentiële voorwaarden voor meertalige kleuters om hun talen goed te ontwikkelen. Via talensensibiliserende klas- en schoolactiviteiten kan je kleuters op een speelse manier in contact laten komen met andere talen en culturen. Dit vergroot hun positieve houding ten aanzien van alle talen en culturen. Maar ook taalstimulering is essentieel, zowel in de klas als thuis. Hoe pak je dit aan? Hoe betrek je ouders bij de klasactiviteiten en hoe stimuleer je hen om ook een rijk taalaanbod thuis te geven?

        Code en de Lerarenopleiding Kleuteronderwijs van Thomas More ontwikkelden met steun van het Federaal Impulsfonds voor het Migrantenbeleid (FIM)  trajecten voor leerkrachten en ouders van meertalige kinderen (Talenrijk). Het traject ondersteunt leerkrachten om talensensibiliserende en taalstimulerende activiteiten uit te voeren in de kleuterklas; het begeleidt ouders om een rijk taalaanbod in de thuistaal aan te bieden en hun betrokkenheid op school te verhogen.

        In deze vorming maak je kennis met deze trajecten voor kleuter- en zorgleerkrachten én de rol van de kleuter- en zorgleerkracht in het traject voor ouders. De vorming wil je achtergrondkennis over meertaligheid en talensensibilisering verhogen. Daarnaast willen we je aan de hand van concrete voorbeelden en materialen begeleiden om talensensibiliserend en taalstimulerend te werken in de klas en krijg je tips mee voor (extra) ondersteuning op school. Hierbij komen ook de ervaringen van kleuter-/zorgleerkrachten en ouders aan bod. We bespreken ten slotte hoe je als kleuter- en zorgleerkracht de ouderbetrokkenheid van meertalige ouders in de kleuterklas kan verhogen en advies kan geven aan ouders van meertalige kleuters.
         

        <![CDATA[Meertaligheid in de kleuterklas: Hoe de taalontwikkeling stimuleren? (Talenrijk)]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/455http://www.code.thomasmore.be/kalender/455In onze toenemende multiculturele maatschappij staan scholen voor grote uitdagingen. Veel meertalige kinderen krijgen minder goede opleidingskansen omwille van een beperkte Nederlandse taalvaardigheid. Hoe kan je de taalontwikkeling van meertalige kinderen al vanaf de kleuterschool zo goed mogelijk stimuleren? Een rijk taalaanbod en een positieve houding ten opzichte van alle talen zowel thuis als op school zijn essentiële voorwaarden voor meertalige kleuters om hun talen goed te ontwikkelen. Via talensensibiliserende klas- en schoolactiviteiten kan je kleuters op een speelse manier in contact laten komen met andere talen en culturen. Dit vergroot hun positieve houding ten aanzien van alle talen en culturen. Maar ook taalstimulering is essentieel, zowel in de klas als thuis. Hoe pak je dit aan? Hoe betrek je ouders bij de klasactiviteiten en hoe stimuleer je hen om ook een rijk taalaanbod thuis te geven?

        Code en de Lerarenopleiding Kleuteronderwijs van Thomas More ontwikkelden met steun van het Federaal Impulsfonds voor het Migrantenbeleid (FIM)  trajecten voor leerkrachten en ouders van meertalige kinderen (Talenrijk). Het traject ondersteunt leerkrachten om talensensibiliserende en taalstimulerende activiteiten uit te voeren in de kleuterklas; het begeleidt ouders om een rijk taalaanbod in de thuistaal aan te bieden en hun betrokkenheid op school te verhogen.

        In deze vorming maak je kennis met deze trajecten voor kleuter- en zorgleerkrachten én de rol van de kleuter- en zorgleerkracht in het traject voor ouders. De vorming wil je achtergrondkennis over meertaligheid en talensensibilisering verhogen. Daarnaast willen we je aan de hand van concrete voorbeelden en materialen begeleiden om talensensibiliserend en taalstimulerend te werken in de klas en krijg je tips mee voor (extra) ondersteuning op school. Hierbij komen ook de ervaringen van kleuter-/zorgleerkrachten en ouders aan bod. We bespreken ten slotte hoe je als kleuter- en zorgleerkracht de ouderbetrokkenheid van meertalige ouders in de kleuterklas kan verhogen en advies kan geven aan ouders van meertalige kleuters.
         

        ]]>

        Studeren met ADHD en ASS: (g)een evidentie?

        Studeren in het secundair en hoger onderwijs vormt een hele uitdaging, zeker voor jongeren met ADHD en ASS. Je zal maar een examen moeten afleggen in een lokaal waar je afgeleid wordt door talloze prikkels. Of je moet een opdracht maken, maar je weet niet goed wat er van je verwacht wordt. Met welke specifieke moeilijkheden worden jongeren met ADHD en ASS in het onderwijs geconfronteerd? Tijdens deze vorming willen we je hier in eerste instantie een beter zicht op geven.

        Vervolgens gaan we dieper in op hoe algemene aanpassingen (universeel ontwerp) tegemoet kunnen komen aan bepaalde specifieke moeilijkheden en welke faciliteiten er bestaan voor studenten met ADHD en ASS. Een goed afgestemde ondersteuning en begeleiding kan de slaagkansen van deze jongeren aanzienlijk verhogen. Ten slotte stellen we je twee specifieke begeleidingsprogramma’s voor: een planning- en organisatietraining voor jongeren met ADHD en een studie- en beroepskeuzeprogramma voor jongeren met ASS.

        Begeleidingsprogramma’s

        Planning- en organisatietraining voor jongeren met ADHD

        Een zeer zinvolle interventie bij leerlingen en studenten met ADHD is het versterken van hun planning- en organisatievaardigheden. Je maakt kennis met de individuele training die in Code wordt aangeboden voor jongeren met ADHD. Met deze training leer je jongeren hoe ze hun dagelijks leven en hun studies beter kunnen plannen en organiseren. De verschillende stappen van de training worden toegelicht en je krijgt praktische tips die je in je eigen setting kan toepassen. Meer informatie over de training vind je alvast hier.

        Studie- en beroepskeuzeprogramma voor jongeren met ASS (KompASS)

        Bij jongeren met ASS ligt één van de grootste moeilijkheden bij het maken van een studie- en/of beroepskeuze. Om jongeren met ASS hierin te ondersteunen, stellen we je KompASS voor, een studie- en beroepskeuzeprogramma dat Code ontwikkelde en gratis ter beschikking stelt om jongeren met ASS beter te begeleiden in het maken van een studie- en beroepskeuze. Dit werkinstrument is gericht op leerlingen uit de laatste graad van het secundair onderwijs die een studie- of beroepskeuze voorbereiden, alsook op studenten die reeds gestart zijn in het hoger onderwijs maar een heroriëntering wensen. Meer informatie over KompASS vind je hier.

        <![CDATA[Studeren met ADHD en ASS in het secundair en hoger onderwijs]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/456http://www.code.thomasmore.be/kalender/456Studeren met ADHD en ASS: (g)een evidentie?

        Studeren in het secundair en hoger onderwijs vormt een hele uitdaging, zeker voor jongeren met ADHD en ASS. Je zal maar een examen moeten afleggen in een lokaal waar je afgeleid wordt door talloze prikkels. Of je moet een opdracht maken, maar je weet niet goed wat er van je verwacht wordt. Met welke specifieke moeilijkheden worden jongeren met ADHD en ASS in het onderwijs geconfronteerd? Tijdens deze vorming willen we je hier in eerste instantie een beter zicht op geven.

        Vervolgens gaan we dieper in op hoe algemene aanpassingen (universeel ontwerp) tegemoet kunnen komen aan bepaalde specifieke moeilijkheden en welke faciliteiten er bestaan voor studenten met ADHD en ASS. Een goed afgestemde ondersteuning en begeleiding kan de slaagkansen van deze jongeren aanzienlijk verhogen. Ten slotte stellen we je twee specifieke begeleidingsprogramma’s voor: een planning- en organisatietraining voor jongeren met ADHD en een studie- en beroepskeuzeprogramma voor jongeren met ASS.

        Begeleidingsprogramma’s

        Planning- en organisatietraining voor jongeren met ADHD

        Een zeer zinvolle interventie bij leerlingen en studenten met ADHD is het versterken van hun planning- en organisatievaardigheden. Je maakt kennis met de individuele training die in Code wordt aangeboden voor jongeren met ADHD. Met deze training leer je jongeren hoe ze hun dagelijks leven en hun studies beter kunnen plannen en organiseren. De verschillende stappen van de training worden toegelicht en je krijgt praktische tips die je in je eigen setting kan toepassen. Meer informatie over de training vind je alvast hier.

        Studie- en beroepskeuzeprogramma voor jongeren met ASS (KompASS)

        Bij jongeren met ASS ligt één van de grootste moeilijkheden bij het maken van een studie- en/of beroepskeuze. Om jongeren met ASS hierin te ondersteunen, stellen we je KompASS voor, een studie- en beroepskeuzeprogramma dat Code ontwikkelde en gratis ter beschikking stelt om jongeren met ASS beter te begeleiden in het maken van een studie- en beroepskeuze. Dit werkinstrument is gericht op leerlingen uit de laatste graad van het secundair onderwijs die een studie- of beroepskeuze voorbereiden, alsook op studenten die reeds gestart zijn in het hoger onderwijs maar een heroriëntering wensen. Meer informatie over KompASS vind je hier.

        ]]>

        Een onderbouwde meertalige diagnostiek is cruciaal om als hulpverlener te kunnen discrimineren tussen meertalige kinderen die een taalachterstand vertonen in het Nederlands en meertalige kinderen met een taalstoornis.

        Tijdens deze vorming ervaar je het belang van een multidisciplinaire aanpak in de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen met aandacht voor álle talen die het kind spreekt. We bekijken hoe je van hulpvraag tot en met advies-op-maat optimaal rekening kan houden met de meertalige en culturele context van het kind. Het cognitief vaardigheidsprofiel op basis van het Cattell-Horn-Carroll (CHC)-model gebruiken we als startpunt binnen de onderzoeksfase. We bespreken de beperkte waarde van klassieke taaltests en laten je van hieruit kennismaken met enkele belangrijke alternatieve onderzoeksmethoden binnen het taalonderzoek. Ook leer je hoe je taalanalisten kan inzetten voor de analyse van taalstalen in elk van de talen van het kind en hoe je een sociaal tolk kan inschakelen tijdens de gesprekken.

        Vertrekkend vanuit deze ‘state-of-the-art’ maken we deze meertalige diagnostiek werkbaar in de praktijk aan de hand van casusmateriaal. Ten slotte maken we tijdens deze vorming ook ruimte om ervaringen met andere deelnemers en de sprekers uit te wisselen.

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        <![CDATA[Handelingsgerichte taaldiagnostiek bij meertalige kinderen ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/457http://www.code.thomasmore.be/kalender/457Een onderbouwde meertalige diagnostiek is cruciaal om als hulpverlener te kunnen discrimineren tussen meertalige kinderen die een taalachterstand vertonen in het Nederlands en meertalige kinderen met een taalstoornis.

        Tijdens deze vorming ervaar je het belang van een multidisciplinaire aanpak in de taaldiagnostiek bij meertalige kinderen met aandacht voor álle talen die het kind spreekt. We bekijken hoe je van hulpvraag tot en met advies-op-maat optimaal rekening kan houden met de meertalige en culturele context van het kind. Het cognitief vaardigheidsprofiel op basis van het Cattell-Horn-Carroll (CHC)-model gebruiken we als startpunt binnen de onderzoeksfase. We bespreken de beperkte waarde van klassieke taaltests en laten je van hieruit kennismaken met enkele belangrijke alternatieve onderzoeksmethoden binnen het taalonderzoek. Ook leer je hoe je taalanalisten kan inzetten voor de analyse van taalstalen in elk van de talen van het kind en hoe je een sociaal tolk kan inschakelen tijdens de gesprekken.

        Vertrekkend vanuit deze ‘state-of-the-art’ maken we deze meertalige diagnostiek werkbaar in de praktijk aan de hand van casusmateriaal. Ten slotte maken we tijdens deze vorming ook ruimte om ervaringen met andere deelnemers en de sprekers uit te wisselen.

        Deze actie wordt uitgevoerd met de steun van de Europese Commissie via de GRUNDTVIG-actie van het Europese Een Leven Lang Leren Programma.

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 12).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/458http://www.code.thomasmore.be/kalender/458Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start opjanuari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 13).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/459http://www.code.thomasmore.be/kalender/459Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

        ]]>

        Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

         

        <![CDATA[Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD (sessie 13).]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/460http://www.code.thomasmore.be/kalender/460Inhoud

        Sinds 2013 wordt binnen Code groepstherapie aangeboden voor volwassenen met ADHD. Deze groepstherapie is gebaseerd op het boek 'Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD. Aandacht voor executieve disfuncties.' Met de groepstherapie richten we ons specifiek op problemen die volwassenen met ADHD ervaren bij timemanagement, organisatie en planning. Daarnaast gaan we in op de emoties en gedachten die de aanpak van bovenstaande moeilijkheden kunnen belemmeren. Omwille van het belang van onderlinge steun en aanmoediging, wordt de therapie in groep aangeboden. We baseren ons op het behandelprogramma van Prof. Mary V. Solanto waarvan de positieve effecten reeds werden aangetoond (voor meer informatie, zie Bewerking "Cognitieve gedragstherapie voor volwassenen met ADHD"). Voor een folder van de groepstherapie, klik hier.

        Praktische informatie

        De groepstherapie bestaat uit 12 à 14 sessies die telkens 2 uur duren. De eerste groep gaat van start op 1 oktober 2014. De sessies van deze groep vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18.30u tot 20.30u.

        Een tweede groep gaat van start op januari 2015. Deze sessies vinden wekelijks plaats op woensdagavond van 18u30 tot 20u30. Een groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Voor meer informatie of deelname aan de training kan je terecht bij lotte.vandyck@thomasmore.be

         

        ]]>

        Code en KU Leuven organiseren begin 2015 twee studienamiddagen over ADHD in de (jong)volwassenheid. Telkens vier vooraanstaande Vlaamse en Nederlandse sprekers brengen nieuwe en inzichtgevende perspectieven vanuit wetenschap én praktijk op diagnostiek, begeleiding en behandeling van ADHD in de (jong)volwassenheid:

        Programma woensdag 21/01/2015 te Antwerpen

        Thema: Perspectieven op diagnostiek
        mevr. Gil Borms, dhr. Dominique Walschaerts & mevr. Lotte Van Dyck

        • 13u30-14u15: Diagnostiek vanuit een contextueel perspectief door mevr. Gil Borms (UPC Kortenberg)
        • 14u15-15u10: Differentiaaldiagnostiek en comorbiditeit door dhr. Dominique Walschaerts (UPC Kortenberg & Code)
        • 15u10-15u30: Koffiepauze
        • 15u30-16u30: Plaats van de sterkte-zwakteanalyse in de diagnostiek door Mevr. Lotte Van Dyck (Code)

        Dit gezamenlijke initiatief komt er naar aanleiding van het boek “(Jong)volwassenen met ADHD: Perspectieven op diagnostiek, behandeling en begeleiding vanuit wetenschap en praktijk” (publicatie in oktober 2014). De redactie van het boek was in handen van Dieter Baeyens, Steven Stes, Dominique Walschaerts en Lotte van Dyck.

        Programma dinsdag 10/02/2015 te Leuven (klik hier)

        Thema: Perspectieven op behandeling en begeleiding
        dr. Patrick De Zeeuw, prof. dr. Saskia van der Oord, prof. dr. Dieter Baeyens en mevr. Mieke Vermeulen.

        Meer informatie over beide studienamiddagen vind je hier terug.

        <![CDATA[Studienamiddag 'ADHD in de (jong)volwassenheid: perspectieven op diagnostiek en behandeling vanuit wetenschap en praktijk' ]]>http://www.code.thomasmore.be/kalender/461http://www.code.thomasmore.be/kalender/461Code en KU Leuven organiseren begin 2015 twee studienamiddagen over ADHD in de (jong)volwassenheid. Telkens vier vooraanstaande Vlaamse en Nederlandse sprekers brengen nieuwe en inzichtgevende perspectieven vanuit wetenschap én praktijk op diagnostiek, begeleiding en behandeling van ADHD in de (jong)volwassenheid:

        Programma woensdag 21/01/2015 te Antwerpen

        Thema: Perspectieven op diagnostiek
        mevr. Gil Borms, dhr. Dominique Walschaerts & mevr. Lotte Van Dyck

        • 13u30-14u15: Diagnostiek vanuit een contextueel perspectief door mevr. Gil Borms (UPC Kortenberg)
        • 14u15-15u10: Differentiaaldiagnostiek en comorbiditeit door dhr. Dominique Walschaerts (UPC Kortenberg & Code)
        • 15u10-15u30: Koffiepauze
        • 15u30-16u30: Plaats van de sterkte-zwakteanalyse in de diagnostiek door Mevr. Lotte Van Dyck (Code)

        Dit gezamenlijke initiatief komt er naar aanleiding van het boek “(Jong)volwassenen met ADHD: Perspectieven op diagnostiek, behandeling en begeleiding vanuit wetenschap en praktijk” (publicatie in oktober 2014). De redactie van het boek was in handen van Dieter Baeyens, Steven Stes, Dominique Walschaerts en Lotte van Dyck.

        Programma dinsdag 10/02/2015 te Leuven (klik hier)

        Thema: Perspectieven op behandeling en begeleiding
        dr. Patrick De Zeeuw, prof. dr. Saskia van der Oord, prof. dr. Dieter Baeyens en mevr. Mieke Vermeulen.

        Meer informatie over beide studienamiddagen vind je hier terug.

        ]]>

        Code en KU Leuven organiseren begin 2015 twee studienamiddagen over ADHD in de (jong)volwassenheid. Telkens vier vooraanstaande Vlaamse en Nederlandse sprekers brengen nieuwe en inzichtgevende perspectieven vanuit wetenschap én praktijk op diagnostiek, begeleiding en behandeling van ADHD in de (jong)volwassenheid:

        Programma woensdag 10/02/2015 te Leuven

        Thema: Perspectieven op behandeling en begeleiding
        dr. Patrick De Zeeuw, prof. dr. Saskia van der Oord, prof. dr. Dieter Baeyens en mevr. Mieke Vermeulen

        • 13u30-14u10: Behandelen & neurobiologische inzichten door dr. Patrick De Zeeuw (UMC Utrecht)
        • 14u10-15u00: Behandelen & psychosociale interventies door prof. dr. Saskia van der Oord (KU Leuven & Universiteit van Amsterdam)
        • 15u00-15u10: Koffiepauze
        • 15u10-15u50: Begeleiden & onderwijs door prof. dr. Dieter Baeyens (KU Leuven)
        • 15u50-16u30: Begeleiden & tewerkstelling door mevr. Mieke Vermeulen (UPC Kortenberg)

        Dit gezamenlijke initiatief komt er naar aanleiding van het boek “(Jong)volwassenen met ADHD: Perspectieven op diagnostiek, behandeling en begeleiding vanuit wetenschap en prakt